De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

7 minuten leestijd

Een lezer gaf nog enige nadere informatie m.b.t. het stukje dat in deze rubriek werd opgenomen in het nr. van 11 februari 'Toen gebeurde er een wonder' en zond daarbij een envelop met eerstedagafstempeling van een postzegel, die over dit gebeuren werd uitgegeven.

'Het troepentransportschip "Dorchester" vertrok midden januari 1943 van New York naar Engeland. Voor de geestelijke verzorging van de troepen gingen 4 geestelijken mee (2 protestantse, één rooms-katholieke en één rabbi).
Op de avond van de 2e februari 1943 werd duidelijk dat het koonvooi waarin de "Dorchester" meevoer, gevolgd werd door Duitse duikboten. Op 3 februari om ongeveer 01.00 uur werd het schip getroffen door een torpedo en begon te zinken.
Bij het verlaten van het schip bleek dat niet alle militairen een zwemvest aan hadden. De vier geestelijken stonden toen hun zwemvest af, hoewel zij daartoe volgens de militaire regels niet verplicht waren en gingen zelf met het schip ten onder.'


In deze rubriek namen we in het nummer van 11 februari ook (zonder commentaar) een stuk op uit Medisch Contact, waarin dr. C. Spreeuwenberg het Nederlands Artsen Verbond vergeleek met de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk. Drs. J.H. ten Hove, huisarts te Katwijk, schreef in Medisch Contact onder de titel 'Oncollegiaal' het volgende:

'Wie de schoen past, trekke hem aan, dacht ik bij het lezen van het hoofdredactioneel commentaar van dr. C. Spreeuwenberg onder de kop: "Vita Humana: oncollegiaal en onfatsoenlijk" (MC nr 60/1992, blz. 1467). Het Nederlands Artsen Verbond (NAV) zou met zijn jongste extra editie van Vita Humana de medische beroepsgroep in diskrediet hebben gebracht. Het was mij niet opgevallen. Reden om de gewraakte NAV-krant nogmaals op te slaan en tot de conclusie te komen dat slechts vanuit diverse wetenschappelijke invalshoeken het belang wordt onderstreept van een "waardevaste" medische ethiek.
Inderdaad, die ethiek staat heel goed omschreven in de Artsenbrief die op 5 december 1941 aan Seyss-lnquart is overhandigd: "Een overtuiging, namelijk deze, dat het ambt van geneesheer, gedragen als het is door eigen hoge morele en geestelijke normen, vrij behoort te blijven van politieke inmenging. Hoeveel ook in de loop der tijden veranderde in de opvatting en maatschappijen der volkeren, de arts bleef onaangevochten de behoeder van een heilig kleinood: de eerbied voor het leven, de barmhartigheid jegens de zieke mens. In de erkenning van deze taak is van oudsher tot heden het beroep van de geneesheer steeds geweest een ambt van vertrouwen, een priesterlijk ambt. De arts zelf, in het besef van de kleinheid van zijn kennis tegenover de grootheid van het mysterie van het leven, lijden en sterven, kan voor zijn verantwoordelijke werk de nodige geestkracht alleen behouden, zo lang hij zijn beroep mag blijven voelen als een roeping van Godswege, zijn plicht als door eeuwige, bovenmenselijke wetten omschreven."
Deze Artsenbrief, die een heel goed beeld geeft van de spanning die er gaat ontstaan als de politiek zich wel met de hoge roeping van de arts meent te moeten bemoeien, is zonder enig commentaar afgedrukt in Vita Humana.
Spreeuwenberg lijkt de tekst niet te hebben gelezen, hij zag slechts het verband met de Duitse bezetter en typeerde dat als "wel de grootste slag onder de gordel". Zoiets doet het goed bij iedereen die de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog kent, en wie kent die niet?
Toch is het een puur emotioneel geladen tegenargument. Als wij, net als die 4.261 collega's die toen tekenden, zouden staan voor de zaak waarvoor zij stonden (een ambtsuitoefening, vrij van welke politiek dan ook), lieten we die ons ook anno 1992/1993 niet ontnemen onder andere politieke inmenging. De hedendaagse "democratische" ondermijning van onze beroepsethiek en -plicht wordt niet als bedreiging gezien, maar als een legitimatie.
Vraag: wat is voor ons het belangrijkst, de zaak zelve of diegene die ons deze afpakt? Is het werkelijk een groot verschil of onze beroepsethiek dooreen geweldenaar van buitenaf of door een uithollingsproces van binnenuit wordt afgepakt?
Spreeuwenberg gaat het echter al lang niet meer om de zaak zelve. Hij heeft het over collega's die "uit barmhartigheid" levens beëindigen. Laat hij nu eens eerlijk wezen! Zou hij vandaag de dag de Artsenbrief uit 1941, met volledige instemming van de tekst, nog mede hebben ondertekend?
"Gebonden als wij ons weten aan de eed, of de plechtige belofte, waarmede wij ons ambt hebben aanvaard, gevoelen wij ons verplicht u te verklaren, dat wij trouw zullen blijven aan de hoge normen, waarop sinds mensenheugenis ons beroep heeft gerust en dat wij in de uitoefening van ons beroep nimmer andere overwegingen zullen kunnen laten gelden dan zulke, welke gerechtvaardigd zijn door ons geweten, ons plichtsbesef en onze wetenschap." Staat Spreeuwenberg nog achter deze slotwoorden? Of laat hij zich toch leiden door "andere overwegingen"? Is zijn commentaar daarom zo'n overmatige reactie geworden? Past hem inderdaad die schoen?
De KNMG is wel verdraagzaam ten opzichte van het NAV, andersom het NAV niet ten opzichte van de KNMG, zo probeert Spreeuwenberg. Verdraagzaam is men al gauw, als men zijn eigen gang kan gaan! De hoed afnemen en zijn eigen weg vervolgen. Dat kan respect heten, maar liefde is het niet Is dat genoeg om echt collegiaal te zijn? Premier Lubbers zei bij de laatste Algemene Beschouwingen in de Tweede Kamertegen alle fractievoorzitters, die vroegen om meer aandacht voor waarden en normen: "Het elkaar ook bij wetgeving en regelgeving aanspreken op waarden en normen heeft in zichzelf iets vormends". Ik denk, dat het NAV met de extra editie van Vita Humana niets anders heeft bedoeld. Daarmee worden geen collegiale en fatsoensnormen overschreden. Het is niet meer en niet minder dan "kastijdende liefde".
Collega Spreeuwenberg, schoonzoon van een predikant die een stelling wijdde aan de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk, zal deze taal nog wel verstaan!'


Van tijd tot tijd meldde de penningmeester van de Gereformeerde Bond de opbrengst van 'de busjes uit Hazerswoude'. De familie Van Pijlen zorgde voor deze busjes. Aan deze behartigenswaardige activiteit, die bijna het hele 'leven' van de G.B. zelf heeft geduurd, is een einde gekomen. Het bestuur van de afd. van de G.B. te Hazerswoude zond het volgende schrijven naar de leden:

'In onze gemeente wordt sinds vele jaren geld ingezameld voor het studiefonds van de Gereformeerde Bond. Dit gebeurde o.a. met busjes die aan huis werden aangeboden. Een traditie van ruim 80 jaar. Het doel was het ook wel waard. Uit het studiefonds worden studenten, die een theologische opleiding volgen, gesteund wanneer ze financieel niet in staat waren hun studiekosten zelf volledig te betalen.
Hoewel het werk van het studiefonds ook in deze tijd voortgang mag vinden, hebben we besloten het innen van gelden via de busjes te beëindigen. Wilt u het studiefonds blijven steunen dan kunt u dit doen door uw bijdrage te storten op postrekening 138421 t.n.v. de penningmeester van de Geref. Bond te Ridderkerk. Ook in de collecte die voor dit doel jaarlijks in de kerk wordt gehouden, kunt u uw bijdrage doen.
Het is ons een behoefte u, langs deze weg, onze hartelijke dank te betuigen voor de bijdragen die u gaf bij de maandelijkse rondgang door onze collectaaten. De Heere zegene het werk dat door het studiefonds wordt gedaan. Moge mede daardoor nog meerdere getrouwe arbeiders in de wijngaard des Heeren worden uitgestoten, opdat er mede door hun arbeid nog toegebracht worden tot de gemeente die zalig wordt'

J. van der Graaf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 februari 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 februari 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's