De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

5 minuten leestijd

In een nieuw verschenen blad 'Via Culturae' (informatieblad van de Stichting Contact Christelijke Culturen, Ceedrie, te Bennekom) troffen we een bijdrage van H.L. van den Heuvel over 'Kathedralenbouwers van de Middeleeuwen', waarvan we een deel vanwege het cijfermateriaal opnemen:

'In een periode van drie eeuwen heeft er met name in Frankrijk een enorme opleving van de bouwkunde en bouwkunst plaatsgevonden. Er is een ongelooflijke hoeveelheid steen gehouwen en verzet en dat – onderschat dit niet – zonder de hulpmiddelen die wij nu kennen. Verscheidene miljoenen ton steen is uitgehouwen om 80 kathedralen, 500 grote kerken en enkele tienduizenden parochiekerken te bouwen. In die periode heeft men in Frankrijk meer stenen versjouwd dan het Oude Egypte in onverschillig welke periode van zijn geschiedenis (terwijl de Grote Piramide alleen al een inhoud heeft van 2.500.000 m2). De fundamenten van de grote kathedralen liggen tot op een diepte van tien meter onder de grond – dat is het gemiddelde peil van een metrostation in Parijs – en vormen in bepaalde gevallen een reusachtige steenmassa als het zichtbare gedeelte boven de grond.
In de middeleeuwen (daar hebben we het over) was er op ongeveer elke 200 inwoners een kerk. In de steden, die van bescheiden afmeting waren, besloegen deze gebouwen voor het doel (de godsdienstbeoefening) een relatief groot oppervlak. Het is bekend dat in Engelse steden als Norwich, Lincoln en York, plaatsen van 5000 tot 10.000 inwoners, respectievelijk 50, 49 en 41 kerken stonden. Wanneer een stad een grotere kerk wilde bouwen, meestal uit eerzucht, dan stond men ook voor grote problemen. Vaak moesten naburige kerken worden gesloopt en moest men voor ingezetenen, wier huis of bedrijf onteigend werd, nieuwe onderkomens bouwen.
De kathedraal van Amiens, met een oppervlakte van 7.700 m2, kon destijds de gehele bevolking van die stad herbergen. Ongeveer 10.000 mensen konden er dezelfde plechtigheid bijwonen. Vergeleken met onze tijd komt dat hierop neer, dat men in het hart van een miljoenenstad een stadion zou moeten bouwen, dat groot genoeg zou zijn om een miljoen mensen te bevatten. Bedenk daarbij, dat een stadion van 200.000 plaatsen al één van de grootste is.
Ook als we kijken naar de hoogte van schip, van torens en spitsen, zal dat bij ons een groot respect afdwingen ten aanzien van de kennis en kunde van de techniek in die tijd.
In het koor van de kathedraal van Beauvais zouden we een gebouw van 14 etages kunnen bouwen. Het gewelf is inwendig 48 meter hoog. Om de mensen van Chartres, die in de 12e eeuw de spits van hun kathedraal 105 meter hoog brachten, te evenaren, zou een hedendaags gemeentebestuur een wolkenkrabber van 30 verdiepingen moeten bouwen. Om de Straatsburgers de loef af te steken, die hun spits tot 142 meter bouwden, zouden we 40 verdiepingen kunnen bouwen…'


Op D.V. 2 april hoopt drs. G. van den Brink te promoveren aan de theologische faculteit te Utecht op een (Engelstalig) proefschrift waarvan de titel luidt: 'Almachtige God, een studie van het leerstuk der goddelijke almacht'. Promotor is professor dr. V. Brümmer. We feliciteren drs. Van den Brink van harte met de voltooiing van deze studie en wensen hem een goede promotie toe. Van de stellingen bij het proefschrift nemen we de volgende over:

• Een trinitarische uitwerking van de almachtsleer voorkomt enerzijds dat Gods macht misverstaan wordt als tot in het oneinige uitvergrote menselijke macht, en anderzijds dat deze leer vanuit een sentimenteel opgevat liefdesbegrip uitgehold wordt.

• Het besef dat een mensenleven niet per definitie behouden is, maar, ondanks 'het ene doel van God', ook verloren kan gaan, vormt een onopgeefbaar element in de christelijke verkondiging en geloofsleer.
Contra Jan Bonda, Het ene doel van God. Een antwoord op de leer van de eeuwige straf, Baarn 1993, passim.

• De gedachte dat orthodox-gereformeerde theologie niet origineel en daarom niet wetenschappelijk kan zijn moet in haar algemeenheid als onjuist worden bestempeld: het behoort immers tot de uitdagingen waar deze theologie voorstaat op telkens weer nieuwe wijze ook wetenschappelijk te laten zien hoe in de traditie gekozen wegen in een veranderde culturele context relevant blijven, en waarom ze de voorkeur verdienen boven eigentijdse alternatieven.

• Ouderlingen die geen verantwoordelijkheid kunnen dragen voor de prediking van hun predikant omdat deze niet of onvoldoende 'naar Schrift en belijdenis' zou zijn, dienen, zeker wanneer er voldoende gemeenteleden zijn die hen op kunnen volgen, uit eerbied voor het ambt niet hun tijd af te wachten maar hun ambt neer te leggen.

• Gezien de structurele, nauwelijks op een gezonde en sociaal verantwoorde manier eerder ongedaan te maken leesachterstand in de vakliteratuur die jongere onderzoekers nu eenmaal hebben, verdient het overweging aan het behalen van de doctorsgraad een minimumleeftijd van 30 jaar te verbinden.

• Aan de talloze dagelijks terugkerende onlustgevoelens in postkantoren, banken en supermarkten die ontstaan doordat cliënten later in een andere rij aangesloten wachtenden voor zien gaan, kan een einde komen wanneer deze instellingen door de nieuwe wet op de gelijke behandeling zoal niet juridisch dan toch moreel verplicht zullen worden over te gaan op het systeem waarbij gewerkt wordt met slechts één rij wachtenden.

J. van der Graaf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1993

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1993

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's