De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Aankondigingen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Aankondigingen

4 minuten leestijd

H. van Arkel e.a., Vrij onderwijs, De politieke actualiteit en de onderwijsvrijheid, uitgave Marnix van St. Aldegonde Stichting, Postbus 302, 8070 AH Nunspeet, 83 blz., ƒ 12,90.
"Het geven van onderwijs is vrij.' Dat is volgens artikel 23 van de Nederlandse Grondwet de kern van de bekende onderwijsvrijheid. Deze vrijheid van onderwijs staat de laatste tijd echter voortdurend onderdruk. Ontwikkelingen in de samenleving, nieuwe wet- en regelgeving en overheidsbemoeienis in het algemeen geven keer op keer aanleiding tot bezorgdheid over de mate waarin het onderwijs inderdaad "vrij" is. Is de vrijheid van onderwijs van artikel 23 een rastig bezit of een bedreigd grondrecht?
De studiegroep Onderwijs van de Marnix van St. Aldegonde Stichting heeft zich met deze vraag intensief beziggehouden. Daartoe heeft men een studie opgezet naar de effecten die een aantal ontwikkelingen in wetgeving en beleid heeft of kan hebben voor de vrijheid van onderwijs. Na een inleidend hoofdstuk over de omvang en inhoud van de onderwijsvrijheid en de RPF-visie op onderwijs, volgt in hoofdstuk 2 een beschouwing over "Onderwijs, opvoeding en identiteit". Daarin wordt onder meer aangegeven op welke wijze de identiteit van het onderwijs tot uiting komt in grondslag, mensbeeld, maatschappijvisie, de omgang met elkaar, de doelstellingen, de godsdienstige vorming, het personeel en de leerstof.
In hoofdstuk 3 wordt – na een overzicht van de belangrijkste maatschappelijke ontwikkelingen ten aanzien van het onderwijs – de relatie tussen politiek en onderwijs nader onderzocht. Daarbij is gekozen voor enkele aspecten: het historisch aspect, het sociologisch aspect, het economisch aspect, het aspect van de politieke manipulatie, het technologisch/bedrijfsmatig aspect, het religieuze aspect en het aspect van Europa.
De spits van het boekje ligt in het vierde en laatste hoofdstuk, waarin een confrontatie plaatsvindt tussen de vrijheid van onderwijs en enkele actuele politieke thema's. Achtereenvolgens worden behandeld: openbaar en bijzonder onderwijs, bekostiging, schaalvergroting, medezeggenschap, basisvorming, arbeidsbemiddeling, anti-discriminatiewetgeving, Europa.'
Sattareh Farman Farmaian in samenwerking met Dona Munker, Dochter van Perzië, uitgave Unieboek (Standaard), 416 pag., ƒ 39,90.
In de jaren '20 en '30 groeit Sattareh, dochter van een eens machtige en vermogende Sjazdeh of prins, op in Teheran, in een harem te midden van talloze vrouwen, kinderen en dienaren. Als jong meisje trekt zij in oorlogstijd naar Amerika, waar zij zich als eerste Iraanse studente inschrijft aan de Universiteit van Zuid-Californië. Zij wil de achterstand en de armoede van haar volk bestrijden, en keert naar Iran terug om er de Teheraanse School voor Maatschappelijk Werkers te stichten. Meer dan twintig jaar streden Sattareh, haar maatschappelijk werkers en haar studenten tegen ziekte, armoede en overbevolking. Dit bezorgde haar grote faam, maar kort na de val van de sjah werd zij wegens haar contrarevolutionaire activiteiten gearresteerd en belandt zij in het hoofdkwartier van ayatollah Khomeini.
Sattareh Farman Farmaian emigreerde in 1979 naar de V.S. Hier zet zij haar werk als maatschappelijk werkster voort. Zij woont in Los Angeles.
Dr. G. Puchinger, Landvoogd en minister, uitgave J.J. Groen & Zn., 318 pag., ƒ 42,50.
'In dit boek beschrijft de auteur in grote trekken de belangrijkste personen en momenten van de laatste veertig jaren van onze koloniale geschiedenis. Met name de relaties tussen de in Den Haag zetelende minister van koloniën en de gouverneur-generaal van Nederlands Oost-Indië te Buitenzorg en de gouverneur van Suriname te Paramaribo beheersen de beeldvorming.
Naast de officiële briefwisseling, die via hoge ambtenaren liep, schreven landvoogd en minister elkaar regelmatig particuliere brieven, waarin zij wederzijds openhartig hun mening gaven over het koloniaal beleid, waarvoor zij verantwoordelijk waren. Ook de invloed die koningin Wilhelmina soms uitoefende kreeg een plaats in deze intensief gevoerde briefwisseling.
De lezer wordt in het historisch proces van die jaren geplaatst, en krijgt enig inzicht in de moeilijke beslissingen waarvoor landvoogd en minister keer op keer geplaatst werden.
Dr. G. Puchinger was hoofd van het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands protestatisme (1800-heden) te Amsterdam, en heeft vele publikaties over de twintigste eeuwse politieke geschiedenis op zijn naam staan (o.a. over Kuyper, Colijn, Drees, Gerbrandy, Schermerhorn, J. Zijlstra en Van Agt).'

J. van der Graaf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Aankondigingen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juli 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's