Sexualiteit en pastoraat (2)
Het eigene van het pastoraat
Wat wordt er nu van een pastor verwacht als zijn hulp wordt ingeroepen inzake een probleem op sexueel gebied?
Het lijkt me van belang dat zowel door het gemeentelid als door de pastor beseft wordt dat de pastor niet de deskundige op dit gebied is. De pastor is geen arts, geen psycholoog, geen maatschappelijk werker. Gemeenteleden die van hun pastor deskundige oplossingen verwachten, overvragen hem. Pastores die zichzelf die rol toebedelen, overschatten zichzelf. Daar is niemand mee gediend. Integendeel, daar komen alleen maar brokken van.
Dit gezegd zijnde kan het wel zo zijn dat de 'oudere' pastor vanuit een rijpe levenservaring heeft geleerd hoe mensen in elkaar zitten. Dat kan hem van pas komen. Maar dan nog is het aan te bevelen heel terughoudend met adviezen op dit terrein te zijn. Laat de pastor zich er ook voor wachten bij konflikten die de sexualiteit raken te gaan oordelen (denk aan echtscheiding). Wie zegt dat de informatie die tot oordelen moet leiden volledig is? Wie zegt dat er geen subjectiviteit in het spel is? Ook van de kant van de pastor. Laten we voorzichtig zijn.
Ook al dient de pastor zich te verdiepen in het probleem, bijvoorbeeld door te lezen wat deskundigen daarover schrijven, dan nog moet hij op zijn eigen stoel blijven zitten: die van de pastor.
Maar wat is dan het eigene van het pastoraat inzake sexualiteit? Voor zover ik het zie gaat het er in de eerste plaats om dat het gemeentelid zijn verhaal kwijt kan. Dat hij zijn problemen kan delen met iemand die hij vertrouwt. Daaraan is grote behoefte. Het praten lucht op! Geeft ruimte. Daarom is taak nummer één van de pastor: luisteren. En dan weer luisteren. Luisteren als één en al oor zijn. Als openstaan voor de ander. Het gaat niet zozeer om het probleem, als wel om de persoon die het probleem heeft. Luisteren is maar niet je mond houden en ondertussen zelf verborgen aktiviteiten ontwikkelen om de ander van repliek te dienen. Zodat die ander zich begrepen voelt. Aangemoedigd wordt verder te vertellen. Diepere lagen aan te boren. Dan gebeurt soms het wonderlijke dat al pratende, al vertellende, openingen gaan oplichten voor het gemeentelid. Openingen die hijzelf ontdekt. De luisterende pastor fungeert als een soort spiegel, waarin het gemeentelid leert zichzelf te bezien. Dan heeft de pastor soms het gevoel dat de ander niets aan hem heeft, terwijl de ander juist zo heel veel aan de pastor heeft.
Toch is hiermee niet alles gezegd. Allereerst is het luisteren van de pastor een luisteren van eigen orde. Gespitst als hij is op de relatie met God. Maar ten tweede mag het luisteren naar elkaar nooit los staan van het luisteren naar het Woord. De pastor is gezondene. Hij heeft niet zijn eigen woord, maar hèt Woord te laten spreken. Dat is kenmerkend voor het pastoraat ter onderscheiding van andere vormen van hulpverlening.
Op een gegeven moment dient het Woord aan het woord te komen. Dat is niet zo eenvoudig. Zeker niet als het gaat om de sexualiteit. Niet dat de Bijbel daarover zwijgt. We zagen dat juist het tegendeel het geval is. Maar het Woord laten spreken is maar niet een losse tekst uit de Bijbel aanhalen en die vervolgens toepassen op de situatie waarin het gemeentelid zich bevindt. Dan doen we zowel tekort aan het Woord als aan het probleem van het gemeentelid. De pastor wordt dan trouwens al heel gauw buitenstaander, die een tekst als oplossing aanreikt. Gods Woord is geen tekstenboek, maar een Boek waarin God spreekt, waarin Hij Zich openbaart in zijn beloften en geboden. Samen als pastor en gemeentelid zich begeven in het krachtenveld van het Woord door de Geest, dat is luisteren naar het Woord. Alleen zo kan in het verband met het geheel van de Bijbelse boodschap de bedoeling van de enkele tekst ontdekt worden. Zo kan het Woord corrigerend, vermanend, verootmoedigend, maar ook richtinggevend en bemoedigend opklinken in de pastorale situatie.
Dan proeft het gemeentelid dat de pastor een vertrouwenspersoon is, bij wie men die weerbarstige problematiek van de sexualiteit terecht kan. Een persoon die boven zichzelf uitwijst naar Gods geboden en beloften, een persoon die met een stuk fijngevoeligheid en een zekere levenswijsheid de ander tot steun wil zijn. Zo kunnen de drie wortels van het pastoraat, namelijk de biecht (het belijden van zonden), de tucht en de onderlinge troost (v.d. Velden) ook in het pastoraat inzake sexualiteit een plaats krijgen. Ik onderstreep hierbij de verplichting van de pastor tot geheimhouding. Die heeft hij als ambtsdrager. Hij heeft dat beloofd bij zijn ambtsaanvaarding. Het gemeentelid moet er van op aan kunnen dat zijn problemen bij de pastor absoluut veilig zijn. En ook als de pastor geen ambtsdrager is – want ook gemeenteleden hebben pastorale zorg voor elkaar – dan nog is de geheimhouding een absolute voorwaarde. Deze is kenmerkend voor de wijze waarop men in de christelijke gemeente met elkaar omgaat.
Vanuit de eigen aard van het pastoraat inzake sexualiteit dient de pastor indien nodig te verwijzen naar professionele hulpverleningsinstanties .
Het is ook goed dat de professionele hulpverlener en de pastor kontakt met elkaar hebben. Alles met goedvinden van het gemeentelid.
Is het gemeentelid 'in handen van' de professionele hulpverlener, dan betekent dat niet dat de pastor nu geen taak meer heeft. Juist omdat het pastoraat een geheel eigen doelstelling heeft, blijft die taak. Te meer wanneer de professionele hulpverlener zich niet laat leiden door bijbelse waarden en normen.
Collectief en individueel pastoraat
De wijze waarop het pastoraat gestalte kan krijgen is afhankelijk van enkele factoren. Het maakt bijvoorbeeld verschil of het onderwerp waar aandacht voor gevraagd wordt erg gevoelig ligt of meer van algemene aard is. Gevoelige onderwerpen dienen in de privésfeer te blijven, andere kunnen in een bredere aanpak een plaats krijgen. Globaal gesproken zie ik dan twee lijnen in de pastorale aanpak oplichten: een meer collectieve aanpak en een meer individuele aanpak.
Bij de collectieve aanpak gaat het er om dat er in het algemeen een bijbelse weg wordt gewezen inzake de plaats van de sexualiteit in ons leven. Ik denk bijvoorbeeld aan bezinning op de verhouding sexualiteit en huwelijk. Ook denk ik aan informatie over maatschappelijke ontwikkelingen op het terrein van de sexualiteit.
Dit collectieve pastoraat kan op verschillende manieren beoefend worden.
Allereerst in de prediking. Langs deze weg bereiken we de gemeente in zijn onderlinge relaties en geledingen. De prediking is het hart van het gemeenteleven. Vanuit de verkondiging van het heil dient ook de levensheiliging in de prediking aan de orde te komen. Daarin heeft ook de sexualiteit een plaats. Dat kan gebeuren bij de behandeling van het zevende gebod. In de catechismuspreek. Daarnaast kan het aan de orde komen, telkens wanneer er vanuit het tekstgedeelte voor de prediking aanleiding toe is of omdat de omstandigheden ertoe aanleiding geven. Laten we niet denken dat de prediking zich niet leent voor pastoraat inzake sexualiteit. De Schrift zwijgt er niet over en laten wij niet wijzer zijn dan de Schrift. De duivel doet hier liever het zwijgen toe om er zelf mee aan de haal te gaan. Uiteraard dient er met bijzondere voorzichtigheid over de materie gesproken te worden vanuit het Woord. De woorden dienen gewikt en gewogen te worden en op hun konsekwenties doordacht te zijn. Bovendien ligt het gevaar van moralisme op de loer. Dan wordt de Bijbel een wetboek van wat niet mag en wel mag, waar we onbekeerd bij kunnen blijven. We kunnen er zelfs voor gaan zitten en horen nimmer het woord van Nathan: 'Gij zijt die man'. Pastoraat rondom sexualiteit in de prediking is het meest gediend met het aanreiken van bijbelse grondlijnen. Ik denk aan het doel van het man/vrouw-zijn, zoals God dat op het oog had in de schepping. Ik denk aan wat de Bijbel zegt over de wijze waarop jongens en meisjes met elkaar omgaan. Ook kan een doorlichting van het moderne levensgevoel een plaats krijgen. Ik denk aan het hedonisme, dat hoogtij viert, de verlaging van mensen tot lustobjecten, bijvoorbeeld in de media (erotische programma's) en via 06-telefoonnummers. Maar ook dient de prediking ontdekkend te zijn. De konkrete zonden dienen aangewezen te worden, alsook de boodschap van vergeving, nieuw begin, bemoediging, aansporing tot volharding in moeilijke situaties. Denk aan de voorbede.
Een andere vorm van collectief pastoraat inzake sexualiteit kan in de catechese gevonden worden. Daar zijn de jongeren onder elkaar bijeen in die wonderlijke ruimte van de gemeente. De catechese biedt een uitstekend middel om jongeren behulpzaam te zijn bij het zoeken en vinden van een weg temidden van 'de chaos rondom de eros' in de wereld waarin zij opgroeien. In een leergesprek, waarin we samen luisteren naar het Woord en naar elkaar, gaat de Bijbel open en ontdekken we welke normen en waarden naar ons toekomen. Het is belangrijk om open te staan voor de vragen van de jongeren. Pastoraat in de catechese is aandacht hebben voor hun ervaringswereld.
De leeftijd speelt hierbij een grote rol. In jongere groepen, waarin we te maken hebben met catechisanten die nogal eens met zichzelf overhoop liggen, is het natuurlijk niet zo eenvoudig om met elkaar over sexualiteit in gesprek te zijn. In een aantal gevallen wordt er thuis ook nooit over gesproken. Daarom kan in dit geval dit pastoraat het beste indirekt verricht worden. Niet persoonlijk-confronterend. We moeten ook rekening houden met allerlei persoonlijke ervaringen van de catechisanten, die op één of andere manier de sexualiteit raken. Bijvoorbeeld dat iemand ontdekt dat hij homofiel is. Wat een verwarring, angst en onzekerheid kan dat teweeg brengen. Hoe moet je je dan gedragen als dit punt ter sprake komt op de catechisatie? Een soortgelijke behoedzaamheid is ook geboden als het gaat om zaken als echtscheiding, incest, enz. Wat zijn jongeren hierin kwetsbaar.
In oudere groepen, waar vaste relatievormen ontstaan, is het goed een eerlijk gesprek over de plaats van de sexualiteit in de verkeringstijd, het samen op vakantie gaan. Jongeren zijn op een leeftijd dat zij een eigen weg leren gaan. Het wordt menens, ook inzake de sexualiteit.
Ik wijs ook op de betekenis van gesprekskringen, daarbij vooral denkend aan huwelijkscatechese. We zien deze vorm van catechese gelukkig steeds meer opkomen. Het gaat er dan om dat in een groepje jonge mensen die verloofd zijn en/of pas getrouwd zijn pastorale begeleiding wordt geboden door middel van een open gesprek over praktische onderwerpen die hun relatie raken. Thema's, die besproken worden kunnen zijn: wat zegt de Bijbel over het huwelijk? Welke uitgangspunten zijn belangrijk bij gezinsvorming? Wat staat er in het huwelijksformulier dat in de trouwdienst wordt gelezen? Wat betekent de trouwbelofte? Het is een goede zaak dat deze vorm van pastoraat steeds meer aandacht krijgt. Helaas is er nog maar weinig gespreksmateriaal, zoals van L.M. Vreugdenhil (Ik beloof je trouw).
Bij collectief pastoraat denk ik tenslotte aan de mogelijkheden die het kerkblad biedt. Daarin kan voorlichting geboden worden om de meningsvorming te bevorderen. Het geschrevene kan aanleiding zijn tot gesprek in de gezinnen. Ik denk aan een onderwerp als huwen of samenwonen. Ook kan er op gewezen worden dat men met zijn problemen op sexueel terrein bij de pastor terecht kan. Laat er op dit punt sprake zijn van een aanmoedigingsbeleid. Ook kan informatie over hulpverleningsinstanties worden gegeven.
Verwijs ook eens naar goede lectuur, zoals het boekje van mevr. A.B.F. Hoek-van Kooten Trouw en teder (Kampen 1991).
W. Verboom, Hierden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 september 1993
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 september 1993
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's