Kleine Synode en het rapport van de werkgroep Kerkelijk Gesprek
Achtergrond
In 1988 kwam het, op initiatief van ds. J. Monteban en ir. J. van der Graaf, tot oprichting van de werkgroep Kerkelijk Gesprek van de Raad van Deputaten Samen op Weg. Het gesprek in de volle breedte van de Nederlandse Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken in Nederland moest op gang gebracht worden om de geestelijke reikwijdte van de staat der hereniging te toetsen. De pluraliteit in de huidige situatie zou in de werkgroep getoetst moeten worden aan het belijden van de kerk der eeuwen.
In 1991 werd de opdracht toegespitst op de problemen uit de zgn. knelpuntennota. De pluraliteit komt immers het meest tot uitdrukking als het gaat over belijden/belijdenis, doopleden/geboorteleden en volkskerk/vaderlandse kerk. De deelnemers aan het gesprek kwamen uit de breedte van de drie S.o.W.-kerken.
Er werd een rapport opgesteld; en dit rapport stond ter bespreking op de agenda van de zgn. Kleine Synode die jl. 25 september in Ermelo werd gehouden.
Bespreking
Ds. B. Wallet (NHK) introduceerde het rapport en sprak van de luisteroefeningen die de werkgroep gemaakt heeft en die geleid heeft tot een wezenlijke ontmoeting. Wanneer het rapport de kerken wordt ingezonden hoopt zij, dat het in de plaatselijke gemeenten met zegen gebruikt zal worden in de ontmoetingen die daar plaats moeten vinden.
In de bespreking ter kleine synode viel het op dat de sprekers/spreeksters van gereformeerde huize niet enthousiast waren over het rapport.
Het zou veel te moeilijk zijn en voor gewone mensen – voor wie het toch bedoeld is – niet te lezen. Er zou een woordenboek bijgevoegd moeten worden om de al te theologische formuleringen te verklaren.
Ds. A. Hekman (GKN) vroeg naar de concrete invulling van de pastorale bearbeiding van de zgn. geboorteleden; en hij had grote moeite met de term 'vaderlandse kerk'. Wie is nu toch de wettige voortzetting van de kerk, zoals ze hier in den lande is ontstaan? Zo'n vraag is toch niet te beantwoorden?! Het gaat er om of we S.o.W. zien als de Heilige Geest. En daarop is toch volmondig ja te zeggen. Verder bepleitte hij de pluraliteit in het proces.
Oud. B. van Bokhoven (NHK) sprak zijn waardering uit over het rapport. Wel vond hij het te vroeg, aangezien er nog talrijke gemeenten zijn die de komende jaren nog geen samenspreking zullen hebben; en hij vond het te laat, aangezien er in het ontwerp-kerkorde al beslissingen genomen zijn.
Verder merkte hij op dat het voortgaand belijden der kerk niet op gespannen voet, laat staan in tegenspraak mag zijn met het voortgaand belijden der kerk. De Heilige Schrift, waarop onze belijdenis gegrond is en moet zijn, spreekt zichzelf immers niet tegen!
Ook de gretigheid waarmee prof. dr. C. Graafland geciteerd wordt stelde hij in het verband van S.o.W. niet juist. Om de gemoederen rustig te houden zag hij af van citaten uit het in druk verschenen referaat gehouden op de predikantenconferentie van de Gereformeerde Bond in januari 1993.
Ds. Y.C. de Groot (NHK) vond het een prima stuk. Dat t.a.v. het belijden der kerk na een enkele zin de reformatorische belijdenisgeschriften ter sprake gebracht worden achtte hij niet juist. In de eeuwen daarvoor is de kerk ook een belijdende kerk geweest. Hij zag meer ruimte en voelde voor meer ruimte tussen de Heilige Schrift en de reformatorische belijdenisgeschriften. Wat betreft de continuïteit van de kerk i.v.m. het spreken over de vaderlandse kerk, zag hij die niet zozeer gelegen in een organisatievorm, maar in de bediening van Woord en sacramenten, in het bestaan van de lerende, vierende en dienende gemeente.
Ouderling Vos (ELK) vond het weliswaar een gedegen nota, maar ze staat buiten de wereld van alledag. We kunnen er niets mee, aldus de lutheraan.
De kloven die er zijn, zijn cultuurkloven. Daar liggen de problemen, die om bezinning vragen. Ds. Wallet is echter van mening dat het om meer gaat dan sociologische verschillen.
Ouderling Van Dommelen (GKN) liet weten dat de kerkeraad in Breda geen ondertekening meer vraagt van de Leerregels van Dordt. Niemand leest ze, niemand kent ze. Ook de hele problematiek rondom het begrip 'vaderlandse kerk' sprak hem niet aan.
Dr. J. Hoek (NHK) was dankbaar voor de nota die op tafel ligt. Er is tijdens de gesprekken in de werkgroep dieper gepeild dan in een synode mogelijk is. Het is van groot belang, zo merkte hij op, dat we proberen te ontdekken wat er achter de woorden van de ander zit. Dat is de weg die we in de toekomst, wanneer op plaatselijk niveau de gesprekken zullen plaatsvinden, moeten gaan. Wat de moeilijkheidsgraad betreft, pleitte hij voor een opwaardering van de handreiking die t.b.v. de bespreking van de nota gemaakt is door het centrum voor educatie NHK. Ook ouderling Drost (NHK) had hier reeds een pleidooi voor gevoerd.
Mevr. Gerritsen (namens de Waalse classis) vond de nota goed voor de verzameling oud-papier. Het spreekt totaal niet aan.
Dr. K. Blei (NHK) vroeg naar de relatie tussen de 3 reformatorische belijdenisgeschriften en de oecumenische belijdenissen. Ten aanzien van de paragraaf over de geboorteleden vroeg hij zich af of je op dezelfe wijze in de geloofsgemeenschap van vandaag geboren wordt als dat je vroeger onder Israël geboren werd.
Ook miste hij in de notitie 'vaderlandse kerk' het punt van de verhouding tussen vaderlandse kerk en katholieke kerk.
Prof. dr. M. den Dulk (NHK) verscheen achter het spreekgestoelte met plaatsvervangende schaamte. Emotioneel tekende hij verzet aan tegen de mogelijke verzending van de notitie naar de gemeenten.
De vragen die in het rapport naar voren komen, zijn niet de vragen waar het de kerk om moet gaan. Het zijn trouwens ook niet de vragen die in de breedte van de kerk leven. Ze leven in dat deel van de kerk dat bang is te verzuipen. Maar waar wordt de noodkreet vertolkt, het S.O.S. vernomen omdat de wereld verzuipt. Aldus de woorden van de professor.
Hij vond het stuk verder erg zwaarwichtig. De twijfel wordt niet serieus genomen. En in het spreken over de vaderlandse kerk zag hij een jongleren boven de afgrond van het nationalisme. Al ben je in Urk geboren, dan zal het het Ur(k) der Chaldeeën moeten worden waaruit je moet trekken.
De praeses van de generale synode van de NHK dr. G.H. van de Graaf, wees er nog eens op dat het rapport gezien moet worden in samenhang met de knelpuntennota. Voor een bepaalde sector van de kerk zijn de vragen die aan de orde gesteld zijn van groot belang. En de nota heeft als doelgroep die gemeenten, die er helemaal geen trek in hebben om met elkaar te spreken in het kader van S.o.W.
Weerwoord
Prof. dr. M. Brinkman (GKN) ging in op de gemaakte opmerking t.a.v. belijden en belijdenisgeschriften. Hij gaf toe dat het stuk niet gemakkelijk is, maar hij vroeg zich nogal geëmotioneerd af hoe het zover gekomen is dat gereformeerden deze taal niet meer verstaan. Referaten van zijn ouders, die hij onlangs nog gelezen had, bevatten citaten van Kuyper en Bavinck. Die las de vorige generatie dus zonder problemen. En nu zeggen de gereformeerden van dit stuk dat het moeilijk is, haast niet te lezen. Terwijl het gaat over het profiel van de kerk. Ten aanzien van belijden en belijdenisgeschriften moet de vraag gesteld worden: waar staat of valt je leven mee?
Brinkman sprak over zijn ontdekking van de waarde van het gereformeerd belijden en de belijdenis tijdens een lezing van H.A. Obermann.
De belijdenisgeschriften dragen de lucht van de brandstapels aan zich.
Hebben we dat wel geroken?
Brinkman stelde vervolgens de vergadering de ontdekkende vraag: waarom zwarte Zuidafrikaanse christenen opzoek naar het erfgoed van Calvijn, naar parels uit de calvinistische traditie, Nederland links lieten liggen en in Noord-Amerika terecht kwamen.
Het verleden heb je nodig, zo maande de gereformeerde professor en wekte op tot gebed om de verlichting van de Heilige Geest om te verstaan wat de vaderen beleden hebben. Ook hij sprak van schaamte over de klimaatsverandering vooral in zijn eigen kerk, waarin hij zich rekent bij hen die links van het midden staan.
Ds. B. Wallet ging in op de gemaakte opmerkingen over de notitie over de geboorteleden. Het Verbond gaat vooraf aan de Kerk, zo betoogde hij. Het gaat niet om de grenzen van het Verbond, maar om de Schenker. Het is waar, de grenzen zijn in de NHK steeds meer opgerekt. Het hebben van geboorteleden heeft te maken met het zicht op de trouw van God. Er is verwondering over Gods aanwezigheid… door de geslachten heen.
In de werkgroep bleek dat ook de gereformeerden meer en meer kwamen te zitten met het probleem van de geboorteleden.
Het 'toezien op' moet gewijzigd worden in het 'omzien naar'.
Drs. H. de Leede (NHK) ging tenslotte in op de opmerkingen die de notitie aangaande de vaderlandse kerk betroffen.
Hij merkte op dat men, hoewel dit probleem bij velen niet leeft, toch daarover communicatie moet zoeken. Het is werkelijk van belang voor de toekomst in zake het S.o.W.-proces.
Het gaat om de relatie God en de geschiedenis. Het gaat om traditie en gevoelen(s). Het gaat om de continuïteit van Gods handelen in de geschiedenis. Dit leeft blijkbaar minder in de GKN. Het is toch van belang.
En tegelijk is van belang te ontdekken welke weg God nu in onze cultuur gaat. De indaling van de Heilige Geest in onze cultuur, de inculturatie te ontdekken is van essentieel belang.
Verder merkte De Leede op dat de belijdenis van de vaderen ons (ver)bindt en ons ook zo nodig corrigeert.
Op de opmerking van prof. Den Dulk over het spreken over de vaderlandse kerk reageerde De Leede met te zeggen dat het gevaar voor nationalisme ons er niet van mag weerhouden om vanuit eigen bedding de dialoog met anderen aan te gaan.
Besluit
Toen het op stemmen aankwam bleken 20 voor en 6 tegen. Zodat het rapport van de werkgroep kerkelijk gesprek weliswaar met de handreiking, en een toevoeving t.a.v. de pluraliteit op het punt van het belijden en nog wat verbeteringen in de tekst de kerken zullen worden ingezonden om het gesprek op plaatselijk niveau te bevorderen.
Verootmoediging en gebed om de Heilige Geest is nodig om open en eerlijk te zeggen, nogeens te zeggen wat reeds lang gezegd is. Dat het ons niet gaat om bijkomstigheden maar om het kerk-zijn naar Schrift en Belijdenis.
Is het rapport te vroeg? Is het rapport te laat…?
Het woord is aan de plaatselijk gemeenten.
A. Baas, Ermelo
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1993
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1993
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's