De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

9 minuten leestijd

Uit een boekje van Gerry Velema-Drent, 'Wie droogt mijn tranen?', 'twee ex-prostituees vertellen hun verhaal' (Tot Heil des Volks), één van de vele aangrijpende passages, onder het hoofdje 'Een knaak, een kind':

'"Ik ging eens met een vriendin en vier jongens uit. Samen met een auto weg", vertelde Sarina. "Ik was toen dertien jaar. Of ik was voorgelicht? Ja, door de meiden van school.
Terwijl mijn vriendin met haar vriendje een eindje ging wandelen bleef ik met die jongens alleen achter. Toen hebben ze me gepakt en ik ben tot drie keer toe verkracht. Wat een ellende. Het was precies zoals de meiden me hadden verteld: de eerste keer doet pijn! Toen we thuiskwamen gaf één van die jongens me een knaak. Eerst begreep ik niet waarom ik geld van hem kreeg, maar later wel… Mijn eerste sekservaring werd betaald met een knaak. Misschien werd hij juist door dit geld strafbaar? Ach, wat kon het mij schelen, het geld niet en de pijn niet. Het hoorde er kennelijk allemaal bij? Wist ik veel. Ik had zoiets van: dit was het dus en nu verder. Dat je zwanger kon worden, of een ziekte kon oplopen, dat wist ik allemaal niet. Ze vertellen je echt niet alles."
Als jong meisje viel Sarina op oudere mannen. Hoe ze het klaar speelde is haar zelf nog een raadsel. Zo werd ze regelmatig van huis opgehaald door een arts met een mooie auto. "Het was heel stoer natuurlijk. Dat hij getrouwd was zei mij niets. Ik ben een tijdje met hem bevriend geweest, daarna kwam een andere man in beeld. Hij nam mij mee naar z'n huis. Het was een belangrijk man uit ons dorp. Z'n vrouw was niet thuis dus ik kon blijven slapen. Mens, ik voelde me gewoon een prinses, zo'n mooi bed had die man. Maar van die ene keer was het wel gelijk "bingo"! Ik werd zwanger. Toen ik bij hem kwam om het hem te vertellen, was zijn reactie: 'Kind, neem wat haarlemmerolie!' Van de één kreeg ik een knaak, van de ander een kind. En verder: 'Red je maar…' "
"Ik was pas vijftien toen ik zwanger werd. Aan niemand durfde ik het te vertellen. Uiteindelijk heb ik het mijn moeder verteld. Het enige advies dat zij wist te bedenken was: 'Probeer het "los" te krijgen'. Ik heb wat toeren uitgehaald om een miskraam op te wekken, maar het gebeurde niet. De eerste zeven maanden heb ik geprobeerd zo slank mogelijk te blijven. Ik wist dat ik het kind niet wilde houden. Ik was geen moeder… Daarom ben ik naar de Raad van Jeugd en Gezin gegaan. Ik heb daar geregeld dat ik na de bevalling afstand zou doen van mijn kind. Ik kon bevallen in een tehuis voor ongehuwde moeders. Toen ik het niet langer verborgen kon houden, ben ik van huis weggegaan. In dit tehuis waren allemaal vrouwen die ongehuwd zwanger waren. Wat een bevrijding om gewoon dik te mogen zijn. Ik groeide dus als kool die laatste weken.
Ondertussen had de familie thuis een soort bespreking over wat er met mij en het kind moest gebeuren. Iedereen vond het een schande voor de familie. Alleen mijn opa zei dat niet! Opa zei, Goddank: Niets gaat weg! Sarina niet en het kind ook niet. Haal haar weer op en het kind blijft in de familie! Opa heeft de bevalling betaald en het Leger des Heils hielp mee bij de inrichting van een babykamer. Wonderlijk, maar ik heb alles gekregen. Het was voorjaar 1965 toen mijn zoon geboren werd: ik was net zestien geworden. Een zoon, dat is een geluk bij een ongeluk geweest, want pa aanvaardde hem als zijn eigen zoon. Pa kwam me ook direct na de bevalling opzoeken. Mijn ouders werden voogd en toeziend voogd. Pa was zo trots en dat is altijd zo gebleven, gelukkig maar voor m'n zoon."'


In een themanummer van 'Bloknoot' ('christelijk literair tijdschrift') over C.E. van Koetsveld (1807-1892), de schrijver o.a. van 'Depastorie van Mastland', waarmee hij literair naam maakte, de volgende twee passages:

• 'Hoe lezers over zijn stukken dachten blijkt uit de volgende citaten. Professor W.A. van Hengel wilde Van Koetsveld aansporen het beroep naar Den Haag in 1848 aan te nemen en schreef: "Door uwe schriften hebt gij u eenen naam gemaakt boven vele anderen. Hapert het u aan geld om in deze hof plaats te leven? Uw brein kan u verscheiden honderden in een jaar opleveren. Het populaire, dat gij schrijft, is overal getrokken, en als gij dominé in 's Hage zij(t), zal het vijftig percent rijzen. […] En voor uwe poëzij zal uw proza opgang maken. Ergo is mijn denkbeld, dat gij in 's Hage komen moet."
Bernard ter Haar schreef in 1853 een gedicht bij een portret van Van Koetsveld:

Ziet daar den man, zóó rijk in schaars vereende gaven,
Den Christen-Redenaar, die door zijn Woord en schrift.
Op 't Evangelie wijst als hoogste Hemelgift.
En lijdende vertroost en kranken weet te laven.
Ons afgeschaduwd door de trouwe leekenstift! –
Van Koetsveld! Blijve Uw beeld diep in ons hart begraven –
Nog dieper blijve Uw woord ons in de ziel gegrift!

Van Koetsveld zelf oordeelde als volgt over zijn schrijfwerk: "Als eenmaal de schrijf jeukte iemand is aangewaaid, wordt het eene lastige ziekte en steekt men (op zijn plat Hollandsch gezegd) ligt overal den neus in ". Aan J.P. de Keijser schreef hij: "Ik kan U de verzekering geven dat ik de werken van Van Koetsveld nooit lees, of 't moest vi coactus" (door geweld gedwongen, v.d.G.) bij een herdruk".

• Van Koetsveld en J.J.L. ten Kate hebben het samen goed kunnen vinden. Zij deelden elkaars visie op de grote kindervriend, de "kroon der schepping" van wie Ten Kate in zijn dichtwerk De Schepping schreef.

Gij, tusschen kinderen
Ter-neer-gezeten.
Wie der profeten
Komt U nabij?

Jezus' heilswerk kan van velerlei zijde belicht worden, maar het welsprekendst was Hij toch, zittend temidden van kinderen. Het is een verwijzing naar Marcus 9 vers 35v., waar de discipelen geïntroduceerd worden als mensen druk bezig met discussies over de meest eervolle posities en daartegenover Jezus getoond wordt als de grote kindervriend. Het zal in de negentiende eeuw minder moeilijk zijn geweest om Hem zo te ontdekken en te horen dan nu het geval zou zijn. De maatschappij was nog niet ontkerstend. Godsdienstige verbeeldingskracht kon gestimuleerd worden. Hij was nabij, zelfs midden onder ons en opende de ogen. Voor Zichzelf én voor hen die in onze wereld weinig meetellen.
Van Koetsvelds eigen omgang met kinderen werd hierdoor bepaald. Hij stelde zich niet afstandelijk op. Als er verschil was tussen verteller en luisteraartjes betrof dit geen aanmatigende houding "van boven af". Hieronymus van Alphen had zich nog wél zo opgesteld: "Zie hier, lieve wichtjens…" Van Koetsvelds collega Th. van Spall sprak in zijn preken voor De Kinderkerk de jonge gemeente aan met: "Mijne waarden". Bij Van Koetsveld ontbrak deze deftigheid, een predikant moest naar zijn mening niet op een verhoging staan. Van de preekstoel moeten we naar de praatstoel: "Wanneer zal men toch eens weder van dien houten dop, – waarde spreker uit komt kijken als het kieken uit de halve eyerschaal of de vlinder uit zijn pop, – tot de vrije spreekplaats van Chrysostomus terug keeren?" De kinderen moeten gehoord worden. Van Koetsveld heeft eens in een kerkdienst de ouderen gevraagd te denken aan de "kleine majesteiten" en dus wat zachter te zingen.'


Hervormingsdag 1993

1. Verheugt u, christenen, tesaam
Laat ons van vreugde springen
en zegenen Gods grote Naam
laat ons de Heer' bezingen,
die ons zo machtig heeft bevrijd,
die voor der mensen zaligheid
de hoogste prijs betaalde.

2. De duivel had mij in zijn macht,
de dood stond mij voor ogen;
de schulden hebben dag en nacht
zwaar op mijn ziel gewogen.
Steeds dieper zonk ik in 't moeras
omdat ik niets dan zonde was
in ijdelheid geboren.

3. Mijn werken brachten mij geen baat
hun grond was boos begeren;
mijn vrije wil was niets dan haat
tegen de wil des Heeren.
Zo raakte ik in angst en nood
in wanhoop erger dan de dood,
ter helle moest ik varen.

4. Toen zag God in de eeuwigheid
mijn mateloze ellende
en haastte Zich, te rechter tijd
mij arme, hulp te zenden.
Mijn Vader, want Hij wendde mij
Zijn hart vol liefde toe, ja Hij
liet het zich 't liefste kosten.

5. Hij sprak tot Zijn geliefde Zoon
„Ik kan 't niet langer lijden;
nu is het tijd, verlaat Mijn troon
en stel U aan zijn zijde;
sta voor hem in als bondgenoot,
verdelg de zonde en de dood
en laat hem met U leven".

6. De Zoon deed naar Zijn Vaders wens
en uit een aardse moeder
geboren, zoals ieder mens
werd Hij mij tot een broeder.
Zo nam Hij mijn gedaante aan
om Satans eigenwaan te slaan,
hem in een val te lokken.

7. Hij sprak tot mij: „Zie het is nu
de kentering der tijden.
Ik heb mijn leven veil voor u,
Ik zelf zal voor u strijden.
Want Ik ben de uwe, gij zijt Mijn,
en waar Ik ben, daar zult gij zijn,
geen vijand zal ons scheiden.

8. De vijand zal Mij 't hartebloed,
het leven zelfs ontroven, –
't is u ten goede, en daar moet
gij rotsvast In geloven.
Mijn leven overwint de dood,
Mijn onschuld delgt uw schulden groot,
en zo zijt gij behouden.

9. „En keer Ik tot Mijn Vader weer
en laat u in dit leven,
Ik ben uw God, Ik ben uw Heer',
Ik zal Mijn Geest u geven,
De Geest die u zal troosten en
u openbaren wie Ik ben,
u in de waarheid leiden".

10. „Wat Ik gedaan heb en geleerd,
zult gij ook doen en leren
opdat Mijn Vader wordt geëerd,
Zijn rijk zal triomferen;
en loop niet 's werelds wijsheid na,
dat niet uw schat verloren ga, –
laat u door Mij gezeggen".

Martin Luther overgenomen uit 'De Hervormde vrouw'.

J. van der Graaf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 oktober 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 oktober 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's