De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Om van het Licht te getuigen!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Om van het Licht te getuigen!

8 minuten leestijd

'Deze kwam tot een getuigenis om van het Licht te getuigen…(Johannes 1 : 6-8)

Johannes, de adelaar onder de evangelisten, neemt ons mee in een hoge en verre vlucht. In den beginne was het Woord… Een hooggestemd loflied op Christus Jezus, het eeuwige Licht, bestemd voor mensen en voor hun zaligheid!
Alleen… de mensen hebben dit niet begrepen. Het Leven verdacht en veracht; de duisternis liever (gehad) dan het Licht. Valt daarmee de nacht voorgoed? Nee. God dank!
Het Licht schijnt in de duisternis, ja komt in levenden lijve in deze donkere wereld, verloren in schuld om de nacht der zonde te laten verdwijnen. Want de genade zal heersen.
Dat wonder mag en moet betuigd worden. Het wil gehoord en geloofd worden. Vandaar dat de evangelist het verhaal van de herschepping gaat vertellen: Heilsgeschiedenis! God zendt ten dienste van het Licht een getuige: 'Er was een mens van God gezonden, wiens naam was Johannes'.
Wie goed luistert, onderkent een tegenstelling. Het Woord – van eeuwigheid tot eeuwigheid! En een mens 'werd', zoals er letterlijk staat. Hij was er tevoren niet. Op zijn komst was helemaal niet meer gerekend (Luc. 1). Dat deze mens werd, is een Godswonder. Het is werkelijk geschied en een (heils)feit. Een 'mens', evenals een andere priesterzoon: Ezechiël, een mensenkind. Een gróót man is deze mens geweest. Onder die van vrouwen geboren is niemand groter dan hij. Een bijzonder kind, jazeker, maar wel een mens van vlees en bloed, een zwak mens met zijn hoogten en diepten, met zijn vraag: Zijt Gij Degene Die komen zou, of…?'
Naast alle genade en eer een zondaar evenals alle andere gezondenen. Gij nu, o Mijn schapen, schapen Mijner weide, gij zijt mensen, maar Ik ben uw God! Wie dat persoonlijk verstaat, zal Gòds kracht roemen in onze zwakheid volbracht en leren ontdekken, dat Zijn genade genoeg is. Van God gezonden als mens. Daarmee valt alle accent op de Zender Die verkiest en roept! De oorsprong van alle optreden van Gods dienaren ligt in Zijn welbehagen. Om U te dienen met Uw heilsplannen, om Uw opdrachten gewillig en met vreugde uit te voeren. In dit speciale geval om voorloper, heraut van de Messias te zijn.
De positie, die Johannes inneemt, is uniek. En toch staat hij in een lange rij van profeten. Van allen door wier dienst God Zijn heil bekend maakt. God had rechtstreeks kunnen spreken, of louter van engelen gebruik kunnen maken. Maar Hij wil mensen inschakelen die tot hun levenslange verwondering God alleen als hun Heere en God hebben. De schat in een aarden vat hebben, opdat de uitnemendheid der kracht van God is! Namens God mogen zij op- en aantreden. De woorden Gods spreken. Als ambassadeurs bidden van Godswege.
Beseft u terdege met Wie u in gezondenen te maken hebt?! Wee, wie Zijn gezanten niet serieus neemt en hen verwerpt. Die verwerpt Mij, met alle gevolgen vandien! Intussen zegt de naam van de gezonden mens voldoende: Johannes. God is genadig. Hij bewijst ontferming. Het stempelt zijn boodschap en optreden. Het typeert ook de tijd die met zijn zending is aangebroken als de tijd van Gods barmhartigheid. Nu is het de welaangename tijd, de dag der zaligheid! De inhoud van de Adventsprediking is: De HEERE is genadig! Die blijde boodschap moet overgebracht worden. Dat is even hoopvol en zinvol: Bij de HEERE is veel verlossing! Er is gratie voor duisterlingen. Genade overvloeiende voor de grootste der zondaren (Bunyan). Leest u ook maar de inzet van de Dordtse Leerregels ten aanzien van Gods goedertierenheid, die verkondigers van de zeer blijde Boodschap zendt. (DL 1, 3).
Johannes trad in het openbaar op. Deze 'kwam'. Waarmee en waarvoor? Wel 'tot een getuigenis'. Dat is een plechtige, een indringende, een waarheidsgetrouwe verklaring, die rechtsgeldigheid heeft. Die wil gehoord en aanvaard worden. Zoals een getuige voor de rechtbank in een proces. Het is geen fantasie of eigen visie. Het is Evangelie. Johannes komt om van het Licht te getuigen, d.w.z. om het voor de Heere Jezus op te nemen tegen allen die Hem miskennen. Zijn eer en plaats ontzeggen. In het rechtsgeding dat gaande is tussen God en Zijn wereld, staat Johannes helemaal aan de kant van de Heere! Hij stelt met recht en reden dat Jezus wèl het unieke Licht der wereld is en dat in Hem leven is. Johannes laat Zijn heerlijkheid uitkomen. Het hele bestaan van deze mens gaat in dat getuigen op. Vindt u het vreemd? Heeft het Licht dit getuigenis nodig? Wanneer de zon opgaat in de natuur, hoef je dat toch niet te bewijzen? Het zonlicht getuigt voor zichzelf. Inderdaad. Op zich heeft Jezus het getuigenis van Johannes niet nodig. Maar Hij verschijnt in het vlees. Zijn heerlijkheid verbergt zich daarin. Behalve dat is er, erger nog, getuigenis nodig vanwege onze zonde en verblinding. Wij zien het Licht niet. Wij zitten in de duisternis met ogen die zich moedwillig voor het Licht gesloten hebben. In de houdgreep van de vorst der duisternis. God en Zijn heil waren ongewenst. De noodsituatie van Israël in Johannes' dagen wijst het uit. Wat een genade van God, dat Hij de nieuwe dag laat aankondigen. De Zon van het heil, van de gerechtigheid laat opgaan. Het Licht is reddend verschenen! Het volk in duisternis zal een groot Licht zien.
Wat een heerlijke taak om van het Licht te getuigen. God de Vader heeft deze getuige van Zijn Christus uitgezonden, opdat allen de door Hem aangeboden zaligheid des te eer(der) zouden aannemen. (Calvijn)
Deze getuige is dus tevens aangesteld om onzentwil. Met goddelijk gezag bekleed. Hij kwam tot een getuigenis om van het Licht te getuigen. En ieder weet, dat Johannes wat hem van de hemel is geopenbaard, heeft doorgegeven. Hij heeft Jezus aangewezen als het Lam van God! En ik heb gezien en getuigd dat Deze de Zoon van God is' (vs. 34, 36).
Déze kwam tot een getuigenis… Johannes. Maar hij niet alleen. Het is nog altijd aan de orde om getuige van het Licht te zijn. Om Jezus Christus aan te prijzen. Voor Hem uit- en op te komen! Bent u, jij zo'n getuige van het Licht? Doet u een goed woord voor de Heere Jezus, waar u maar kunt en komt? Spreekt u thuis en buitenshuis groot van Hem?
Kijk, dan weet u over Wie u het hebt. Dan hebt u Christus leren kennen en volgen. Bent u gegrepen door Hem en uit de duisternis getrokken tot en in Zijn wonderbaar licht?! Wie dat mag weten, kan niet nalaten te spreken wat hij of zij gezien en gehoord heeft!
Aan het getuigenis vol van Jezus en van liefde voor Hem verleent de Geest Zijn goedkeuring en kracht. En het raakt anderen, hoe dan ook. Het gaat er immers om, dat zij worden meegenomen naar de Lichtbron. De bedoeling van het getuigenis is: 'Opdat zij allen door hem geloven zouden'. Het getuigenis wordt met het oog op het geloof in Christus afgelegd. Het geloof wordt er door opgewekt. Daar heeft de Geest de hand in. Het geloof hecht zich aan het getuigenis van Jezus! Het getuigenis wil wèrven. Opdat hij een kerk voor Christus bereiden mocht, merkt Calvijn op. Het getuigenis vraagt geloof (zie ook 20 : 31) Het eist geloof!
Het is al te dwaas, ja gruwelijk als niet aangenomen wordt wat van Godswege gezegd wordt. Dan verklaar je namelijk overduidelijk dat je niet tot het Licht wilt komen. Je wilt in het donker blijven met je boze werken. Dat neemt God nooit. Hij straft het af in de buitenste duisternis.
Het getuigenis van het Licht stelt u en jou voor de beslissende keuze.
Maar… is het geloof niet Gods werk, Gods gave? Wis en waarachtig. Maar die wetenschap wil ons bij de Heere brengen en houden. Hij draagt er zorg voor dat het Licht uw duister overwint. Zodat ook u het Licht opgaat! Wie het weet, mag het mee betuigen.
En dat is niet beperkt tot een kleine kring. Er staat: opdat zij allen door hem geloven zouden. Johannes heeft het héle volk als volk van Gods Verbond aangesproken. Van hoog tot laag. Zonder onderscheid met bevel tot bekering en geloof.
Allen moeten tot het Licht komen om behouden te worden. Het Evangelie gaat àllen aan, in àlle tijden en onder àlle volken (1 : 29, 3; 15-17). Een heilige verplichting om het getuigenis te doen horen en het te aanvaarden.
Het Licht Zelf ìs doorgebroken. Door het duister van de vloek en de dood heen in het licht, in het eeuwige leven, in de vreugde van het Rijk. Na Golgotha is het Pasen. De HEERE is het Die ons Licht gegeven heeft. Wat een reden tot blijdschap.
En Hij Die volstrekt de Meerdere van Johannes is, verschijnt in Zijn Woord aan ons. Om Zich aan ons te kennen te geven, om Zich mee te delen. Voor het eerst en opnieuw (2 Cor. 4). Wie Hem in Zijn heerlijkheid, vol van genade en waarheid mag zien, is in Adventsdagen te vinden aan Zijn voeten en onder Zijn rechterhand! (Openb. 1 : 17). Die wil trouwens nergens anders en liever wezen dan bij Hem Die het Licht der wereld is.
Zeg eens eerlijk: Geldt dat ook van u, jou en mij?
Dus wordt des HEEREN volk geleid
door het Licht dat nu ontstoken is
tot kennis van de zaligheid…

P. Koeman, Bilthoven

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 december 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Om van het Licht te getuigen!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 december 1993

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's