De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

6 minuten leestijd

Nico van der Voet: Doorlopend bezoek, over ziek zijn en de omgang met zieken, Boekencentrum, 132 pagina's, prijs ƒ 21,–.
De auteur geeft uitgebreid aan wat ziek-zijn eigenlijk voor de zieke betekent. Wat verandert er als je ziek bent? Welke angsten en zorgen ontstaan er? Welke geloofscrisis kan dit met zich meebrengen? Via een informerend en een stimulerend deel biedt de schrijver gemeenteleden, bezoekdames, ambtsdragers en predikanten een praktische handreiking. Het boek is dus geschreven voor alle mensen die met zieken omgaan. Toch zullen er ook onder de zieken zelf kunnen zijn, die er heel wat van opsteken. Ik denk dan met name aan bepaalde onderdelen van het informerende deel: Ziekte zet het leven op de kop – Angst om te sterven – Houdingen en gevoelens bij de verwerking van het ziek zijn. Ongetwijfeld zal er herkenning zijn. Voor elke hulpverlener is het goed te beseffen wat er zoal in de zieke kan omgaan. Om een enkel ding te noemen: nabijheid wordt afstand – macht wordt machteloosheid – het lichaam wordt een vijand – het bed wordt een gevangenis – wat af moet komen, komt niet af. Indringend vond ik het gedeelte over angst. In het hoofdstuk over 'Ziek zijn in onze tijd' raakt de schrijver het euthanasie-vraagstuk. Duidelijk wordt hoe deze zo verontrustende gedachtegang juist in het huidige denken een vruchtbare voedingsbodem vindt. Ziek zijn en sterven worden immers waar mogelijk uit de leefwereld van de mensen gebannen. Lijden zou zinloos zijn en de dood moeten we als iets wat erbij hoort gewoon aanvaarden. De grote 'berghoogte' van de medische zorg betekent inmiddels koude en eenzaamheid voor de ziel. Het patiënt-zijn heerst over het mens-zijn. De verdienste van dit boek is met name ook daarin gelegen, dat de zieke mens in zijn eigenheid erbij blijft horen. Ook wordt er aandacht gegeven aan de mensen om de zieke heen. De schrijver benadrukt verder de bijbelse visie over ziekte en dood. Beslist leerzaam zijn de aandachtspunten voor pastoraal-emotionele begeleiding. Ik adviseer ambtsdragers en anderen die een gedeelte uit de Bijbel willen voorlezen bladzijde 117 zorgvuldig door te nemen. Wat kort over 'zingen', 'laatste woorden' en 'sterven in geloof' geschreven werd, is veelzeggend. Van de Voet sluit af met 25 adviezen voor het bezoek aan een zieke. Zijn derde advies luidt: 'Maak u vooraf niet druk over wat u tegen de zieke moet zeggen. Hoe meer zorgen u zich daarover maakt, des te meer gaat u tegen het bezoek opzien. U móet niets zeggen. U gaat op bezoek. Dat is: u mag gaan luisteren naar de zieke. U toont uw belangstelling voor hem. Wat u eventueel tegen de zieke zegt als reactie op zijn woorden, mag spontaan uit u opkomen'. En uit wat volgt nog enkele 'snippers': 'Vraag niet: Gaat het een beetje? Dat is een vraag in het voordeel van de bezoeker en in het nadeel van de zieke. Stel open vragen. Ga rustig zitten bij de zieke en doe uw jas uit. Maar weet ook op tijd te gaan! Kom niet aan het bed van een zieke… Zelfs wat we zeggen bij het weggaan is van belang'. De schrijver heeft in deze nieuwe publikatie het bewijs van een groot invoelingsvermogen geleverd. De hier en daar terugkerende beschrijvende opsommingen kunnen daaraan geen afbreuk doen. Van harte aanbevolen, ook bij collega's.
C. van Sliedregt, Nunspeet

Eugen Drewermann, Exegese en dieptepsychologie, wonder, visioen, profetie en gelijkenis, vertaald door Ton van der Stap, Meinema Zoetermeer 1993, 384 blz., prijs ƒ 47,50.
Dit geschrift is het vervolg op Dieptepsychologie en exegese, (1991) van de hand van de Duitse R.K. theoloog Drewermann.
De auteur biedt hierin een uitwerking van zijn visie op exegese en hermeneutiek, vanuit een dieptepsychologische optiek (leer van het onderbewuste). Het gaat hem daarbij om een ineenvloeiing van wat er in de Schrift geschreven staat en wat je zelf als mens van alle tijden gevoelsmatig beleeft.
Deze invalshoek kan niet anders dan botsen op de historisch-kritische methode van Schriftuitleg. Drewermann acht deze methode wel nodig, maar ze schiet te kort. Ze blijft steken in een rationele uiteenrafeling van wat er nu eigenlijk gebeurd is. Daartegenover wil hij het boventijdelijke – geldige in de taal van de eigen ziel tot klinken brengen om het blijvende 'woord' van God in de beelden van de menselijke psyche te vernemen. Bij het lezen van de Bijbel gaat het er om dat je gelijktijdig wordt met het gebeuren in het Bijbelverhaal. Verhalen zijn een verdichting van archetypen. Het gaat daarbij vooral om de verlossing van angstgevoelens door gevoelens van vertrouwen, gewekt door gelukservaringen.
Drewermann bespreekt in dit boek de verschillende literaire vormen in de Bijbel en onderzoekt deze op hun eigen dieptepsychologische inhoud. Eerst komen de wonderverhalen (novellen) aan de orde. Daarin gaat het meest om genezingen, die wat intentie betreft niet afwijken van bijvoorbeeld eenzelfde soort verhalen bij de Sjamanen. Genezing is niet het doorbreken, maar het herstellen van de natuurlijke orde (105). Als voorbeeld bespreekt hij de genezing van de bezetene uit Marcus 5. Daarna volgen de verschijnings- en roepingsverhalen, de visioenen en de profetieën. Profeten hebben Godservaringen, die ten diepste zelfervaringen zijn. Tenslotte komen de gelijkenissen aan de beurt. Het gaat daarin om verbalisatie van gevoelens en sublimatie van driften. Ter voorbeeld dient de gelijkenis van de zaaier (Matth. 13). Het boek eindigt met het geven van regels voor het interpreteren van de woordtraditie in dieptepsychologische zin. Daarna volgen nog: resultaten en antwoorden en vragen.
Het is een boeiend boek geworden, dat Drewermann heeft geschreven. Hij onthult dingen waar je zelf nooit aan gedacht hebt. De lijn naar de psychologische achtergronden van de Bijbelverhalen biedt overeenkomsten met een bevindelijke Schriftuitleg. Toch meen ik dat Drewermann de Schrift geen recht doet. Hierbij gaat het niet zozeer om zijn breken met de historische relevantie van de Schrift, het vervloeien van de grenzen tussen christelijk geloof en heidense godsdiensten, zijn godsbeeld enz. Daar zou ook genoeg over te zeggen zijn. Het gaat me vooral om de vraag of Drewermann de Schrift wel uitlegt naar de bedoeling van de auteurs zelf, van wie we geloven dat zij geïnspireerd zijn door de Heilige Geest. De methode van Drewermann komt me voor veel te lijken op de allegorische Schriftuitleg, die eerst aan inlegkunde doet om vervolgens aan uitlegkunde te doen. Dat kan toch niet de bedoeling van de Schrift zijn.
W. Verboom, Hierden/Harderwijk

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 januari 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 januari 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's