De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het Vaticaan en Israël

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Vaticaan en Israël

Rome en Jeruzalem

9 minuten leestijd

'Zoeken naar een speld in een hooiberg is aanzienlijk eenvoudiger dan zoeken naar antipapistische uitingen na 1945 in Nederland, niet omdat het antipapisme zo weinig voorkomt, maar omdat bij een speld in een hooiberg de omvang, vorm en kleur voor iedereen duidelijk zijn.'
'Niet te gauw moet iemand in de hoek van de antipapisten worden gezet als hij een aantal redelijke bezwaren tegen de R.K. Kerk uit'.

Deze beide citaten zijn ontleend aan een recent verschenen boek van Bert Wartena, getiteld Een smeulend vuur. In dat boek wordt bijvoorbeeld de Nederlandse Hervormde Kerk doorgemeten op antipapisme, vooral vanuit het herderlijk schrijven over de Rooms-Katholieke Kerk van 1951. Daarin komen verder breedvoerig de bevindelijk gereformeerden aan de orde, wier verhouding ten opzichte van Rome nu niet direct is gekenmerkt door een hartelijke verbondenheid. En verder passeren stellingnamen uit bredere maatschappelijke verbanden ten opzichte van Rome de revue.
In ieder geval leert dit boek echter, dat het mogelijk is vrijelijk en scherpelijk kritiek te leveren op Rome, zonder daarbij direct tot antipapist te worden bestempeld. Dan namelijk moet er sprake zijn van een bepaald vijandsdenken, vanuit een bepaald vijandsbeeld.
Aan dit nuchtere en tegelijk ontdekkende boek ontleen ik dan ook, hoewel niet alléén, vrijmoedigheid om kritisch tot zeer kritisch te reageren op de 'erkenning' van Israël door het Vaticaan. Op de valreep van 1993 immers hebben Israël en het Vaticaan een 'historische overeenkomst' getekend, die inhoudt, dat vanaf dat moment de staat Israël door het Vaticaan wordt erkend en dat er in de loop van dit jaar volledige diplomatieke betrekkingen tussen Rome en Jeruzalem zullen worden aangeknoopt.

Recht?
In het verleden heb ik er eerder over geschreven, dat ik niet zat te wachten op een erkenning van de staat Israël door het Vaticaan, liever nog door Vaticaanstad. Waar namelijk haalt een kerk het bijbels recht vandaan zich te presenteren als een wereldlijke macht, met – zoals bij Rome het geval is – diplomatieke vertegenwoordiging in 146 landen in de wereld? (slechts in 25 landen bestaan die betrekkingen niet). Zulk een politieke gestalte is niet de bijbelse gestalte van de kerk van Christus, die nimmer voorging ìn en opriep tòt wereldlijke pracht en politieke macht.
Het is nog iets anders, dat de kerk een profetische roeping heeft naar volkeren en overheden toe, dan dat ze door middel van ­diplomatieke kanalen reële machtsinvloed op het politieke gebeuren wil hebben. Meterdáád is die invloed van Rome er intussen in niet geringe mate, en wel in heel stèrke mate dáár, waar de Rooms-Katholieke Kerk een dominante positie heeft. Schrijnende wantoestanden zijn zelfs op deze wijze in stand gehouden. Men denke aan de Latijns Amerikaanse landen, waar de Rooms-Katholieke Kerk het in hoge mate voor het zeggen heeft, al valt hier niet te generaliseren.

De profetische gestalte van de kerk ten opzichte van het politieke gebeuren, nationaal en internationaal, komt eerder tot z'n recht in een ten opzichte van elkaar vrije positie dan via diplomatieke kanalen.
Men behoeft alzo niet door antipapistische gevoelens te worden gedreven om de machtsdrang van Rome in de politiek fundamenteel en ten principale af te wijzen.


Als zodanig zal het mij een zorg zijn of Vaticaanstad Israël diplomatiek wenst te erkennen. Ooit struikelde in Nederland een kabinet op de kwestie van het gezantschap van de paus alhier, al had dit wel een complexer achtergrond dan alleen bij ds. G. H. Kersten voorzat, toen hij in zijn befaamde nacht van 1925 een amendement indiende. Maar in diezelfde lijn ligt het als er ook vandaag nog fundamentele kritiek bestaat op de diplomatieke vertegenwoordigingen van Rome in de hoofdsteden van de wereld.
Overigens heb ik nog nergens gelezen of óók Rome zich zal aansluiten bij de praktijk van de regeringen in de wereld, die namelijk een aantal jaren geleden, onder druk van de Arabische wereld, hun ambassades verplaatsten van Jeruzalem naar Tel Aviv.

Achtergrond
Wie intussen geen vreemdeling is in Jeruzalem weet, dat er inderdaad sprake is van een 'historisch moment', omdat het niet erkennen van Israël door het Vaticaan een diepe, in de historie verzonken kèrkelijke achtergrond had.
Voor Israël staat (helaas) de Rooms-Katholieke Kerk in de wereld model voor hèt christendom. En dan moet zeker gesproken worden van een beschamende geschiedenis. Wat hebben de joden met Rome de eeuwen door al niet meegemaakt?
Joden herinneren zich dan de kruistochten (1096, 1146 en 1190), met slachtingen onder de joden in Duitsland en Engeland. Met het kruis werd hun schedel ingeslagen.
Joden herinneren zich de inquisitie, die niet alleen op eigen 'ketters' maar ook op joden was gericht.
Ze herinneren zich het concilie van Late ranen, om maar één voorbeeld van een kerkelijke vergadering te noemen, waarop bepaald werd, dat joden herkènbaar gekleed moesten gaan.
Joden weten van het verbranden van rabbijnse geschriften op last van pausen.


En wat deze eeuw betreft herinneren we aan de kritiek van de Paus in 1917, toen in Engeland de Belfourverklaring uitkwam, waarbij erkend werd het recht van de joden op 'een nationaal tehuis'; en het het zwijgen van paus Pius XII ten aanzien van de jodenvervolgingen vóór en in de Tweede Wereldoorlog.
In die reeks van historische feiten nu staat voor Israël, dat het Vaticaan wèl de verschillende jonge staten in de naoorlogse jaren in allerlei delen van de wereld erkende, maar niet de eveneens jonge staat Israël, opgericht in 1948. Ingrijpend was het verder, dat in de latere Arabisch-Israëlische oorlogen de paus zich hulde in nevelen van stilzwijgen of in verhulde kritiek op Israël. Nog in 1991 negeerde het Vaticaan Iraks raketten, die op Israël gericht waren. Daarom heeft het nìèt erkennen van de staat Israël door het Vaticaan een diepe achtergrond. In feite speelt hier de diep gewortelde gedachte, dat de kerk in de plaats van Israël is gekomen (de zogeheten substitutieleer). Voor de Rooms-Katholieke Kerk betekende dit – en betekent het tot vandáág – dat zij zèlf in de plaats van Israël is gekomen: Rome in de plaats van Jeruzalem. En dàt nu heeft ingrijpende gevolgen gehad voor de houding van de Rooms-Katholieke Kerk in het Midden-Oosten ten opzichte van Israël. Aangezien religie en politiek in het Midden Oosten namelijk nauw verstrengeld zijn, heeft deze grondhouding van Rome ten opzichte van Israël ertoe geleid, dat in feite, politiek gezien de jaren door Rome méér aansloot bij het groot Arabisch nationalisme dan dat het opkwam voor het recht van Israël, volk, land en staat.

Luchtje
Men mag zich dan ook in gemoede afvragen of de huidige erkenning door het Vaticaan niet een politiek luchtje heeft. Voor Rome zijn, ook na 1948, de 'heilige plaatsen' belangrijker geweest dan Israël. In de overeenkomst, die nu is getekend, komen ook die heilige plaatsen voor.

Ook in deze bepaalt echter Rome naar Israël toe het gezicht van de christenheid. Op gezette tijden bezoeken zogeheten pelgrims bij duizenden die, eveneens zogehéten, heilige plaatsen. Grote houten kruisen torsend, lopen ze door de straten van Jeruzalem, alsof Christus wéér gekruisigd wordt. Dat er ook nog ergens een tuin in Jeruzalem is, met daarbinnen een symbolisch deurtje, waarop staat 'Hij is hier niet. Hij is opgestaan', onttrekt zich aan de aandacht. En dat er in de Schrift slechts sprake is van één, zegge één heilige plaats, namelijk waar de schoenen van de voeten moesten, omdat God er verscheen (in de brandende braamstruik), maakt Rome nauwelijks nog duidelijk in al dat 'heilige' gedoe in Jeruzalems straten.


Maar nu het dan zover is, dat er een overeenkomst tussen het Vaticaan en Israël aanvaard is, moet men ernstig rekening houden met de mogelijkheid, dat het ook nu meer om de heilige plaatsen gaat dan om Israël. Van een fundamentele wijziging in het zicht, dat Rome op Israël heeft, lijkt geen sprake te zijn. Op het Tweede Vaticaans Concilie is weliswaar in bedekte termen enige verzachting gegeven aan de gedachte van de vervangingsleer, maar dat heeft nauwelijks doorgewerkt, zeker niet in de houding van de Rooms-Katholieke Kerk ter plekke jegens Israël. Toen immers werd niet tegelijkertijd besloten tot het aangaan van de diplomatieke betrekkingen met Israël.


Nu in het Midden-Oosten echter de eerste aarzelende stappen zijn gezet op de vredesweg, sluit Rome aan bij de diplomatieke rijen in Israël. Jeruzalem zal in dat proces immers de lastige steen blijken te zijn. Jeruzalem zal de grote twistappel zijn in het vredesoverleg, dat gaande is. Rome heeft dan ook de schijn niet weten te vermijden dat het er nu daarom als de kippen bij wil zijn, vanwege de graankorrels van de heilige plaatsen. Te vrezen is daarom, dat de historische stap, die nu is gezet, in het verlengde ligt van al de gewraakte historische feiten in het verleden.
De nabije toekomst zal leren òf en hóé Rome juist hier ook haar macht zal willen uitoefenen.

Hoop?
Al met al ben ik minder geneigd om de diplomatieke betrekkingen tussen Rome en Jeruzalem zo hoopvol te interpreteren als in sommige commentaren is gebeurd. De Syria Times, een officieel dagblad in Syrië, heeft het besluit van het Vaticaan 'goddeloos' genoemd en het Vaticaan ervan beschuldigd de joden daarmee te 'ontheffen' van hun verantwoordelijkheid voor de dood van Christus. Aan de kruisiging namelijk worden door christenen in de Arabische wereld politieke consequenties verbonden. Vanwege die daad in de geschiedenis horen joden niet (meer) in het land, is een veelgehoorde stelling. Er zal dan ook nog heel wat water door de Jordaan moeten vloeien voordat die gedachte weg is. En of het Vaticaan door de nu gezette stap inderdaad zal bijdragen aan het doen verdwijnen van die gedachte is nog zeer de vraag.


Afgezien van dit alles moet hier tenslotte worden gezegd, dat Israël weten mag en moet, dat er christenen in de wereld zijn, die zich door Rome niet vertegenwoordigd weten in Israël, die zich ook niet door Rome willen laten vertegenwoordigen, maar die zich verder óók niet op dezelfde wijze zullen en willen laten vertegenwoordigen als de kerk van Rome doet. Zij hebben er overigens weet van dat de schuld jegens Israël niet tot de Rooms-Katholieke Kerk beperkt is. Er is echter wel sprake van solidariteit, vanwege een ander zicht op Israël: volk, land en staat. En dit laatste dan weer vanwege de geschiedenis, die we gemeenschappelijk begonnen zijn; en derhalve ook vanwege de belofte en de verwachting. Hier en daar weet men dat in Israël. Maar Rome ligt dichterbij Jeruzalem dan Genève.

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 januari 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Het Vaticaan en Israël

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 januari 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's