Een vergeten volk (2)
In het vorige artikel hebt u kunnen lezen waarom de HGJB in het komende voorjaar aandacht geeft aan de situatie van een 'vergeten volk', de Karen (spreek uit Karèn) in Burma en Thailand. Wij doen dit onder het motto 'De roep van de Karen'.
Tot wie roepen de Karen? Wat roepen zij? Waartoe roepen zij ons op?
Doorgeven
In het vorige artikel schreven we dat de HGJB via de vluchtelingenorganisatie ZOA hoorde over de Karen. Sindsdien hebben we uitgebreid kennis genomen van hun situatie. Twee van ons hebben hen bezocht en zelf uit hun eigen mond gehoord wat er gebeurde in Burma en waarom zij moesten vluchten. Zij drongen er bij ons vooral op aan om te vertellen over hun situatie, opdat men in Nederland zal weten hoe groot het leed en het onrecht is dat daarginds in de berglanden van Burma gebeurt.
Vanwege dit leed en dit onrecht kunnen we niet anders dan hun verhaal verder te vertellen. We hebben in artikelen, folders, klankbeelden en allerlei werkmateriaal hun verhaal vastgelegd voor onze jeugd. We hebben hun daarin ook verteld hoe de christenen onder de Karen de Bijbel lezen en daaruit hoop putten. Hun roep is vooral een roep tot de Here.
Deze verhalen worden in de komende weken verder verteld aan de kinderen en de jongeren. Zodat zij op hun beurt de verhalen weer kunnen doorgeven aan hun ouders en aan alle volwassenen in de gemeente. Opdat ieder in de gemeente het zal weten, dat er daarginds in Burma en Thailand wordt geleden en …wordt gebeden tot God dat Hij ons project zal zegenen. Op deze manier kunnen we als gemeente samen 'groeien in dienstbetoon'.
Geld
Bij een HGJB-project behoort ook altijd een financiële actie. Ditmaal willen we samen, indien enigszins mogelijk, een bedrag van 500.000 gulden bij elkaar brengen. Dit geld wordt voor het grootste deel besteed voor de eerste levensbehoeften van de gevluchte Karen in Thailand. Er is rijst nodig voor ongeveer 50.000 mensen. Daarnaast zijn er dekens nodig en muskietennetten. Voor de kinderen pakketjes met schoolbehoeften. Voor het evangelisatiewerk van de Karen Baptist Union Bijbels, liedbundels en prentenbijbels in de Karen-taal.
En ook hier geldt weer: laat het als gemeente niet bij de jeugd blijven. Zij hebben hierin de steun van alle gemeenteleden nodig.
Prediking en voorbede
Thailand is ver weg en de noden van de Karen zijn vele. Wat wij kunnen doen met ons geld, is maar beperkt. Dat weten de Karen ook en dus vroegen zij ons om ook vooral voor hen te bidden. Daarom is een belangrijk onderdeel van het project-materiaal een lijst met personen en zaken waarvoor de kinderen en de jongeren kunnen bidden gedurende dit project. Samen op de club, of op de catechisatie. En ook thuis, persoonlijk en in het gezin. Vanaf deze plaats willen we ook een beroep doen op de predikanten en kerkeraden om de jeugd en de gemeente hierin voor te gaan.
Voor de predikanten stelt de HGJB een preekschets beschikbaar over Johannes 6, één van de bijbelgedeelten die centraal staan in ons project. Wat zou het goed zijn als er vanuit de eredienst en vanuit het midden van de gemeente een vurig gebed zou opgaan voor de vluchtelingen; voor de Karen daarginds, en voor alle andere ontheemden in deze wereld.
Als we zien naar het onrecht dat deze mensen wordt aangedaan door het militaire regime van Burma en we verdiepen ons in de achtergronden daarvan, dan beseffen we hoe onmachtig wij zijn hieraan iets te veranderen. Maar we geloven dat God op het gebed wonderen doet. Hij is machtiger dan alle aardse machten.
En als we zien naar ons eigen hart en we zien scherp toe, dan beseffen we ook hoe vaak we ons eigen belang voorop zetten en daarna pas geneigd zijn te denken aan mensen die niet in staat zijn om zelf voldoende voor hun belangen op te komen en die daarom behoren tot de verschoppelingen, mede door ons…
Dan is er ook reden genoeg om te bidden om bekering van ons liefdeloze hart. En is Hij het niet alleen, Die door Zijn Geest de harten van mensen kan veranderen? Laten we ook vooral daarom bidden.
Opkomen voor
Veel onrecht gebeurt er in deze wereld omdat de bedrijvers daarvan er wel voor zorgen dat ze het in stilte kunnen doen. Zo ook in Burma. Het land is niet toegankelijk voor waarnemers van buiten. Wat we weten is voor het grootste deel afkomstig van de vluchtelingen. Vermoed wordt dat daarom de situatie onder de minderheidsvolken nog veel slechter is dan we nu weten. Doordat de wereld het niet weet, kan het onrecht voortgaan. Daarom is het goed dat wat bekend is, ook mee bekend wordt. In recente rapporten heeft Amnesty International de schending van de mensenrechten aangetoond. En de V.N. heeft het regime in Burma (Myanmar) opgeroepen om zich te houden aan de internationaal erkende regels hiervoor.
Mensenrechten. Soms denken wij wel eens: een mens heeft geen rechten. Die heeft hij in Gods oog verbeurd. Maar we weten ook dat het hier gaat om wat mensen mensen aandoen. Daarbij klinkt vooral de vraag: dragen machthebbers eraan bij dat Gods bedoelingen met hun onderdanen worden verwezenlijkt, nl. dat zij tot hun recht komen?
Waar leven en gezondheid moedwillig in groot gevaar worden gebracht door brute militaire macht, daar is sprake van schending van de mensenrechten, d.w.z. van een openlijke minachting van mensen, van Gods schepselen, van Hem Zelf dus.
Ook al zijn wij in Gods ogen zondaars, dan geeft dit feit aan geen enkel mens het recht om de ander te vertrappen.
In het HGJB-project reiken wij ook een concrete mogelijkheid aan om onze verontrusting over de behandeling van met name de kinderen in de oorlogsgebieden in Burma duidelijk te maken aan het Burmese militaire regime. Dit kan door middel van een briefkaart, die is gevoegd bij de projectnummers van TijdSchrift en Spirit. De kaart is ook los verkrijgbaar. Zodat die machthebbers weten dat hun onrecht bekend is. En wij weten uit vele andere situaties dat zulke schrijfacties hebben geleid tot verandering in het lot van de betrokkenen.
Levensstijl
Eén van de dingen die ons opvielen bij ons bezoek aan de Karen-vluchtelingen was hun dankbaarheid. Eén van de leiders van de vluchtelingenkampen zei: 'God helpt ons op wonderlijke wijze. Want hoewel we arm zijn, hebben we nog elke dag voedsel. Dat is een wonder! Zonder God was er niemand geweest die ons wilde helpen.' En bij hun dankbaarheid paste wonderwel hun bereidheid om het weinige dat zij ontvangen hebben te delen met de ander: nieuwe vluchtelingen werden gastvrij opgenomen in het kamp. Dan maar een beetje minder voor ieder.
Ook dit willen we doorgeven aan elkaar hier in Nederland. De roep van de Karen is daarom een oproep tot ons: laten we eens stilstaan bij alles waarmee God ons iedere dag opnieuw zegent. Bij onze grote overvloed. Die mag toch geen reden zijn om de dankbaarheid te vergeten? Ofte vergeten om ook echt te delen en dus genoegen te nemen met een soberder bestaan? Zouden niet juist de bereidheid tot delen en het bewust afzien van luxe de voornaamste kenmerken moeten zijn van ons christelijk leven, onze levensstijl, ónze christelijke weg.
Maar, zijn wij hierin werkelijk 'weg-wijs'? Misschien wil God deze lijdende mensen daarginds ver weg wel gebruiken om ons iets duidelijker te laten zien wat 'christelijke levensstijl' betekent.
Dick Schaap, Bilthoven
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 januari 1994
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 januari 1994
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's