Torenspitsen-gemeenteflitsen
WAPENVELD
Het dorp Wapenveld, gelegen op de noordoost Veluwe viert dit jaar zijn 150-jarig bestaan.
Voor de Reformatie vormde de buurtschap Wapenveld een onderdeel van het kerspel Heerde. Deze indeling bleef ook na de Reformatie gehandhaafd. De inwoners van Wapenveld kerkten in de Hervormde Kerk van Heerde. Hieraan herinnert nog de naam Wapenvelder Kerkweg, de weg waarlangs 's zondags de mensen te voet naar Heerde gingen om daar de diensten te kunnen bijwonen.
Toen in juni 1841 het kerkgebouw van Heerde werd verbouwd, werd besloten om de hervormde gemeente van Heerde, in de gelegenheid te stellen om voor enige tijd hun zondagse godsdienstoefeningen te houden in de openbare school van Wapenveld onder leiding van de weleerwaarde zeergeleerde heer N. T. van Meurs, kandidaat tot de H. Dienst bij het Provinciaal Kerkbestuur van Zuid-Holland, toen woonachtig te Heerde, waar zijn vader burgemeester was.
Als we even het notulenboek van de Hervormde Kerk mogen citeren, lezen we 'het groot gemak en de talrijke opkomst deden al spoedig het verlangen naar een eigen kerk en leraar ontstaan. Sommigen verenigden zich om te beproeven dit doel te bereiken. Men begon een vrijwillige intekening, die alhier en in de nabijgelegen omtrek ruim tweeduizend guldens opbragt. De Kerkvoogden van Heerde gaven vrijwillig uit hunnen fondsen eene som van vijfduizend guldens en behalve de gunstige medewerking van de Kerkeraad te Heerde om het verzoek bij Z.M. den Koning te ondersteunen, ontvingen de inwoners dezer buurtschap later een gift van driehonderd guldens van onzen voormaligen Koning (Willem I), toen graaf van Nassau.'
Het verzoek om een afzonderlijke hervormde gemeente te vormen en een eigen leraar te mogen hebben, werd door Koning Willem II ingewilligd, onder voorwaarde dat de hervormde ingezetenen zelf een kerk en pastorie bouwden en er fondsen tot onderhoud aanwezig waren. Vervolgens werd op 21 mei 1842 een schrijven ontvangen van de Minister van Staat, belast met de Generale Direktie van de zaken der Hervormde Kerk enz., waarin werd goedgevonden dat de Kandidaat N. T. van Meurs werd benoemd tot hulpprediker van de predikant A. van Marle te Heerde en zulks speciaal ten behoeve der hervormden in Wapenveld, onder genot van een toelage uit 's lands kas van ƒ 200,– per jaar of ƒ 50,– per kwartaal, en zulks totdat de Buurtschap Wapenveld van een eigen predikant zou kunnen worden voorzien.
Men begon hierna spoedig met het bouwen van een kerk en pastorie en het stichten van een eigen hervormde gemeente in Wapenveld begon dan ook steeds vastere vormen aan te nemen.
Dit stichten van een eigen hervormde gemeente in Wapenveld hield tevens in dat, zoals blijkt uit een schrijven van 15 februari 1843 van de burgemeester van Heerde, Wapenveld bij Koninklijk Besluit tot dorp werd verheven.
Op 7 mei 1843 brak de heugelijke dag aan dat het eigen voltooide kerkgebouw van de nieuw gestichte hervormde gemeente Wapenveld door de consulent ds. A. van Marle te Heerde plechtig werd ingewijd. Wij citeren opnieuw de notulen: Deze plechtigheid die 'met harmonij-muziek' geopend, begeleid en gesloten werd, werd door een talrijke, ook van elders opgekomen schare bijgewoond'. Ds. Van Marle sprak hierbij een feestrede uit naar aanleiding van Psalm 27 : 4: 'Een ding heb ik van den Heere begeerd, dat zal ik zoeken: dat ik al de dagen mijns levens mocht wonen in het huis des Heeren, om de liefelijkheid des Heeren te aanschouwen en te onderzoeken in Zijn tempel'.
Dan kreeg ruim een maand later, op 18 juni 1843, de hervormde gemeente zijn eerste eigen predikant. Op deze dag werd ds. N. T. van Meurs tot predikant bevestigd door consulent ds. A van Marle van Heerde.
In 1858 werd een uitgave gedaan van ƒ 300,– voor de aanschaf van een orgel, welk orgel in 1871 werd verfraaid door het te voorzien van een sprekend front voor de prijs van ƒ 160,–.
Tevens werd een organist aangesteld, die hiervoor een salaris ontving van ƒ 60,– per jaar, waarvoor hij tevens dienst moest doen als voorlezer en koster.
Op 10 december 1882 werd een nieuw kerkgebouw ingewijd door de oud-predikant van Wapenveld, de emeritus-predikant ds. N. T. van Meurs, die als thema voor de preek koos Psalm 84 : 11: 'Want één dag in Uw voorhoven is beter dan duizend elders; ik koos liever aan den dorpel in het huis mijns Gods te wezen dan lang te wonen in de tenten der goddeloosheid'.
In deze tijd waren er verschillende problemen, zoals blijkt uit een schrijven aan de hervormde gemeente van Heerde d.d. 19 juli 1883, waarin de kerkeraad van Wapenveld meedeelt dat zij volkomen instemt met hun verzoek aan de Raad der Gemeente Heerde om de kermis bij gelegenheid van de veemarkten te Heerde af te schaffen.
Verder rees er in 1902 het probleem van het toelaten aan het Heilig Avondmaal van degenen die zondagsarbeid verrichtten. Het ging hier met name om degenen, die de bruggen moesten bedienen van het kanaal Dieren-Apeldoorn-Hattem. Er werd besloten om in samenwerking met de andere kerkeraden een request te zenden aan H. M. de Koningin of aan de minister om op zondag de vaart op dit kanaal te doen stremmen, temeer omdat op zondag slechts 4 of 5 schippers passeerden.
In 1899 bleek dat het orgel, dat dateerde uit 1858, versleten was. De firma Proper uit Kampen leverde een nieuw orgel voor de prijs van ƒ 1.000,–. Dit orgel bevatte in eerste instantie 7 registers, terwijl hier later nog 1 register aan werd toegevoegd. Er werd tevens een orgelpomper benoemd. Hij kreeg hiervoor een vergoeding van ƒ 6,– per jaar. In deze tijd bleek dat het in 1882 gebouwde kerkgebouw te klein werd en in 1911 werd de kerk uitgebreid, waarbij tevens werd besloten om tot verhuur van de zitplaatsen over te gaan, welke verhuur jaarlijks plaatsvond op 2e Kerstdag, waarbij de gemoederen nogal eens hoog opliepen.
In 1962 kwam de toestand van het kerkgebouw opnieuw ter sprake. Toen bleek dat sommige balken die in de muur rustten, totaal vergaan waren. Van de zijde van de burgerlijke gemeente werd er dan ook bericht ontvangen, dat op korte termijn verbetering aan het kerkgebouw moest worden aangebracht, aangezien het niet verantwoord was om een en ander uit te stellen.
Na lang wikken en wegen werd toen besloten over te gaan tot de bouw van een nieuwe kerk, welke kerk, met 5 nevenruimten, op 16 juni 1967 werd ingewijd door ds. G. den Duyn met de woorden van Psalm 84:2: 'Hoe liefelijk zijn Uwe woningen o Heere der heirscharen'. Het orgel uit de oude kerk werd naar dit nieuwe kerkgebouw overgebracht.
In 1905 kwam de bouw van een torentje ter sprake.
De bouw van de toren ging door, terwijl door een gemeentelid een luidklok werd geschonken. In 1934 bleek dit torentje in een dermate slechte toestand te verkeren dat nieuwbouw van een toren dringend noodzakelijk was. Er werd een beroep op alle inwoners van Wapenveld gedaan om in de bouwkosten bij te dragen, omdat men vond dat een toren een algemeen belang was. De toren kwam er inderdaad en de luidklok werd in deze toren gehangen.
In de oorlogsjaren werd deze klok echter door de Duitse bezetter in beslag genomen. In 1947 werd er een aktie gevoerd door de jeugd van de Hervormde Kerk voor een nieuwe luidklok. Op deze klok werd de volgende spreuk vermeld: 'Bid en werk met vreugd en vlijt; Denk aan tijd en eeuwigheid'.
Bij de bouw van de nieuwe kerk, ingewijd in 1967, werd door de dameskrans 'Hanna' een tweede luidklok aangeboden met de inscripde: 'Komt, prijst den Heere'.
Een zwarte bladzijde in het 150 jaar hervormde kerkelijke leven in Wapenveld is dat er in 1967 een buitengewone wijkgemeente werd gesticht. Deze gemeente 'De Kandelaar' is inmiddels volledig zelfstandig geworden en functioneert naast de hierboven omschreven gemeente aan de Kerkstraat.
Het dorp Wapenveld mocht dit jaar dankzij het sdchten van de hervormde gemeente zijn 150-jarig bestaan herdenken. Ook de hervormde gemeente wilde dit niet ongemerkt laten voorbijgaan en op zondag 2 mei werd een herdenkingsdienst gehouden, waarin oud-predikant van Wapenveld ds. C. van Sliedregt, voorging.
Hij koos dezelfde tekst als ds. Van Marle bij de inwijding van het eerste kerkgebouw op 7 mei 1843, nl. Psalm 27 : 4. De hervormde gemeente aan de Kerkstraat die momenteel ruim 2600 belijdende-, doop- en geboorteleden kent, mag met dankbaarheid terugzien op 150 jaar kerkelijk leven, waarin God Zijn trouw dag in dag uit grotelijks betoond heeft.
De gemeente is op dit moment vakant, maar zij mag in biddend opzien geloven en vertrouwen dat God op Zijn tijd en Zijn wijze in deze vakature zal voorzien.
'Komt, prijst den Heere'.
F. Nitrauw
oud-president-kerkvoogd van de hervormde gemeente Wapenveld
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 maart 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 maart 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's