De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het Licht van Pasen voor de volkeren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Licht van Pasen voor de volkeren

De Knecht des Heeren

8 minuten leestijd

'De Knecht des Heeren, het licht der volken', zo luidt het opschrift boven Jesaja 49. Wie is die Knecht des Heeren? Vanuit vers drie zou men zeggen, dat het Israël is. 'Gij zijt Mijn Knecht, Israël, door Wie Ik verheerlijkt zal worden'. Maar in vers 5 heet het, dat Hij Jacob terug zal brengen en dat Israël Zich niet zal laten verzamelen.
In de meeste Bijbelcommentaren wordt hier een knoop doorgehakt:
'De bedoeling is: deze Knecht vertegenwoordigt het (ware) Israël, de eigenlijke bedoeling van God met Zijn volk' (Tekst voor tekst).
Calvijn zegt, dat het hier niet slechts over één mens gaat maar over heel het volk en voegt dan toe: 'deze passage behoort niet tot de persoon van Christus beperkt te worden en ook niet tot Israël alleen'. Christus wordt in het middelpunt gevat, zegt hij. Hij omvat alle kinderen van God.


De vraag is dan verder wèl hoe het volk Israël zich nieuwtestamentisch verhoudt tot 'het ware volk Gods'.
Hoe dit ook zij, in vers 6 van Jesaja 49 gaat het over de Knecht des Heeren, die dienstbaar is aan Israël en de volkeren.
'Het is te gering dat Gij Mij een Knecht zoudt zijn om op te richten de stammen van Jacob, en om terug te brengen de bewaarden in Israël; Ik heb U ook gegeven tot een Licht der heidenen, om Mijn heil te zijn tot aan het einde der aarde'.

Laten ook wij hier een knoop doorhakken en vooral en luide de paasklok luiden.
Christus is het die gekomen is tot herstèl van Israël!
En Christus is het die wereldwijd het licht ontsteekt onder de volkeren.
In Hem komen Kerk en Israël samen. Ze komen samen in de kring van het Licht, dat met Pasen in volle heerlijkheid verscheen.

Licht en duisternis
Het door Christus aangebrachte Licht is 'heilbrengend', zegt Calvijn. Wereldwijd heilbrengend dus!
In den beginne sprak de Schepper: 'Daar zij Licht'. En elke dag beleven we de zonsopgang als opgang van het licht. De nieuwe dag breekt aan!
Zo is op paasmorgen de èchte nieuwe Dag aan het Licht gekomen, hèt Licht dat de duisternis verdrijft.

Hoe vaak wordt zo in de Schrift niet het Licht van de verrezen Christus gesteld tegenover onze duisternis, tegenover duisternis in het hart en duisternis in de wereld, onder de volkeren?
'Het volk dat in duisternis zat, heeft een groot licht gezien' (Matth. 4 : 16)
'En het Licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet begrepen'. (Joh. 1 : 5).
'Want God die gezegd heeft, dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is Degene die in onze harten geschenen heeft, om te geven verlichting van de kennis van de heerlijkheid Gods in het aangezicht van Jezus Christus.' (2 Kor. 4 : 6)


Op de paasmorgen trad Christus in een kleed van licht uit het duister van de dood tevoorschijn.
Van toen af zou blijken, dat het te gering was voor de Knecht des Heeren om alleen maar herstel te brengen voor Israël. Zijn licht zou wereldwijd stralen. Dat licht zou niet stralen doordat Hij in hoogst éígen persóón de landen zou gaan doorreizen en zo volk of volkeren achter Zich aan zou krijgen. Hij zou Zijn stem ook zelfs niet verheffen op de straten. (Jes. 42 : 2)
Slechts in de gedaante van een Wóórd, van een Boek zou hèt Licht verder schijnen.
Hij Zelf ging heen. Maar hij liet de Goede Boodschap, het Evangelie achter.
En de Geest zou dat Woord gaan influisteren in mensenharten. Dezelfde Geest zou, op verborgen, op onnavolgbare wijze licht brengen dáár, waar diepe duisternis is: in knelsituaties van het persoonlijke leven, alsook in het brede leven van de volkeren.

Gezonden
Met Pinksteren zou het allemaal vòlle werkelijkheid gaan worden.
Toen doorbrak de Geest de grenzen van Israël.
Toen kwam de Knecht des Heeren metterdáád heilbrengend naar de volkeren.
Maar géén Pinksteren zònder Pasen!
Met Pasen werd het immers al helemáál licht. Kruis en Opstanding zijn dan ook het centrum van de geschiedenis.
Met Pasen werd duidelijk, dat de Knecht des Heeren ook bij màchte zou zijn om heilbrengend, lichtbrengend naar de volkeren te gaan. Wie de macht van de dood overwint, moet immers ook bij machte zijn om de diepste duisternis te overwinnen. Die kan ook ècht licht ontsteken in de duisternissen van de wereld. Of men het gelóven wil of niet.


Nu ben ik echter ook weer terug waar ik begon. Wie is de Knecht des Heeren? Calvijn zegt (zeiden we al), dat we de Knecht des Heeren ook niet moeten bepèrken tot Christus. De kerk, als Lichaam van Christus, is immers helemaal betrokken in de missio Dei, de zending van Godswege.
'Want Hij heeft zijn Woord aan de Kerk toevertrouwd, opdat het door haar dienst over de ganse wereld verspreid zal worden' (Calvijn).
De boodschap aangaande de Opstanding is door de discipelen, zijnde oog- en oorgetuigen, wereldkundig gemaakt. Zij hebben, onder verlichting van de Heilige Geest, sámen met Paulus als een ontijdig geborene, het ongehoorde nieuws van de lichamelijke verrijzenis van Christus te Boek mogen stellen. En beginnende van Jeruzalem is het heil in de wereld, tot in ons land toe, geproclameerd: De Heere is waarlijk opgestaan! Ook wij hebben het nieuws vanuit Jeruzalem, omdat de apostelen eropuit trokken!
Het Licht is zo ook in de wereld vèrder gedragen, door de kerk als draagster van het licht, als hoedster van het geheimenis; vèrder gedragen naar de volkeren toe. Zo geschiedt het ook nog vandaag. Totdat Christus wederkomt!


De enige legitimatie voor wat de kerk te zeggen heeft in de wereld is het Feit, dat Jezus lééft. En dat Hij het is, die de grenzen van Israël, in de Persoon van de Geest doorbrak, om Gods heil te verkondigen tot aan de einden der aarde.
Een kerk die geen zendingskerk is, een gemeente, die geen zendingsgemeente is, is niet gemeente van Christus in de volle betekenis van het Woord. Zou de gemeente niet zèlf, vanwege de wereldwijde roeping van de Knecht des Heeren, lichtbrengend moeten zijn naar de volkeren? Hier krijgt alle provincialisme de doodsteek.
De boodschap van Pasen zal uitgedragen worden. Het is te gering voor de Knecht des Heeren om binnen de grenzen van Israël opgesloten te zijn. Het heil moet naar de wereld toe. In dat heilbrengende werk is de kerk helemaal betrokken.


Israël ziet zichzèlf ook als gezonden drager van het licht, boodschapper van gerechtigheid.
Wanneer de nieuwtestamentische gemeente, oftewel de Kerk van Jezus Christus, echter pretendeert kennis te dragen van het vòlle licht, dat op de paasmorgen verscheen, dan is zij ook gesteld als lichtdrager in de wereld, om zo voluit getuigenis te geven aangaande de gerechtigheid. Want de gerechtigheid, in het hart van mensen uitgewerkt en in de wereld uitgestraald, heeft in het Paaslicht haar grond. Zo niet, dan zal de kerk Israël niet tot jaloersheid verwekken.

Wereldwijd
'Waarom woeden de heidenen en bedenken de volken ijdelheid?' vraagt de psalmist (Psalm 2). Zo'n Schriftwoord komt in alle ernst op ons af wanneer we ook vandáág de situatie in de wereld bezien. De volkeren bedenken ijdelheid: in de brandhaarden van oorlog en geweld, van honger en ontrechting, van revolte en machtsmisbruik. Hoe zal het licht in de deplorabele situaties in de wereld óóit nog schijnen?
'Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, de berg Mijner heiligheid', zo lezen we, moedgevend!, verder in deze psalm. Maar ook: 'Eis van Mij en Ik zal de heidenen geven tot uw erfdeel, en de einden der aarde tot Uw bezitting.'
Sion en de heidenen, sámen en afzònderlijk, in één messiaanse psalm! Met dan overigens wèl de oproep 'Kus de Zoon, opdat Hij niet toorne…'


Met Pasen worden we eraan herinnerd, dat de heerschappij van Christus wereldwijd zal zijn: Israël èn de heidenen vallen onder Zijn bewind en zullen ervaren – vroeg of laat – de heerlijkheid van Zijn Licht. Of ze zullen gedwongen knielen!
Christus zàl verheerlijkt worden onder de volkeren. Dat zal dan híér, dan dáár tot uitdrukking komen.
Het komt tot uitdrukking wanneer in de duisternis van een zondaarshart het paaslicht opgaat.
Het komt tot uitdrukking wanneer opnieuw volken met het Evangelie worden bereikt. En als de gànse wereld – zijn vandaag de landen in Azië, met name China, de laatste? – met het licht is bereikt, keert het ook terug naar Israël.


Maar het kòmt goed!
'Wat ook de satan samen met alle goddelozen beraamt, Gods macht zal zegevieren, zodat Christus glorieus zal triomferen, en Gods Majesteit in Zijn Evangelie straalt en schittert' (Calvijn).
Wanneer het duister is in ons hart of om ons heen, slaan we het boek Jesaja open. Jesaja ziet altijd Licht.
De Knecht des Heeren staat er garant voor, dat Hij méér volkeren dan Israël – hoewel óók Israël! – bestralen wil. Alle volken staan onder Zijn regering en heerschappij. De Knecht des Heeren, het Licht der volkeren! Dat is de Paasboodschap!

v. d. G.

[Tekst foto's: Ingang kerkhof Hernhutters te Hernnhutt]

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1994

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Het Licht van Pasen voor de volkeren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1994

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's