De kerk en de vragen rondom arbeid
'Arbeid brengt de Kerk tot leven', zo luidt de titel van een pas verschenen boek van ds. S. U. Zuideman. De titel van dit boek is verwarrend te noemen. De kerk is tot leven gebracht en wordt nog steeds tot leven gebracht door het verzoenend lijden en sterven van onze Heere Jezus Christus. Hier is het hoofdthema echter de arbeid van ons mensen in deze wereld. Dat wil niet zeggen dat het onderwerp daarom niet zo belangrijk is. Integendeel, in de kerk, in het pastoraat, wordt over het algemeen te weinig aandacht geschonken aan de vele vragen rondom arbeid, waarmee de gemeenteleden zo veelvuldig geconfronteerd worden. Dat de schrijver van dit boek dat wel doet is niet zo verwonderlijk. Hij is werkzaam als industriepredikant bij de Stichting Evangelie en Industrie IJmond. Ik kan mij voorstellen dat een 'gewone' dominee zich maar globaal kan bezighouden met alles wat in de maatschappij soms zo actueel aan de orde is. De gemeente vraagt immers op zoveel terreinen zijn aandacht. Bovendien is de verkondiging van het Evangelie van Gods genade zijn belangrijkste opdracht. Dat wil echter niet zeggen dat het leven in deze wereld niet aan de orde moet komen. Wanneer dat in de Bijbel zo veelvuldig gebeurt, dient dat ook in prediking en pastoraat aandacht te hebben. Daarom kunnen we dankbaar zijn voor de catechismusprediking, waarin zoveel zaken aan de orde kunnen komen.
Arbeidspastoraat
Ds. Zuidema heeft zijn boek geschreven met het oog op de discussies die twee jaar geleden zowel in de synodes van de Nederlandse Hervormde Kerk als van de Gereformeerde Kerk gehouden zijn over het arbeidspastoraat. Men was het er over eens, dat er meer moest worden gedaan om de problematiek van de arbeid in de lokale gemeenten op tafel te krijgen. Om daaraan bij te dragen gaat de schrijver, rond de vragen die over en vanuit arbeid zijn te stellen, in op de positie van de mens, die daarmee te maken heeft. Ik denk dat dit geen overbodige zaak is, omdat er ook op dit terrein zo enorm veel is veranderd. In het agrarische tijdperk was de samenleving geconcentreerd in het dorpsgebeuren. Daar vond het totale leven plaats. Er werd gewoond, gewerkt, naar school gegaan en gerecreëerd. Daarbij stond de kerk in het centrum. In het centrum van het totale leven. Of dat altijd zo in de praktijk werd gebracht is een tweede, maar er was wel zicht op.
Wat zijn de tijden anders geworden. Wonen en werken zijn helemaal uit elkaar gegroeid. Vanuit de slaapsteden gaan de mensen, via de files, naar hun werk. Wie weet van de problemen daar? Steeds meer vrouwen weten echt niet precies wat hun man eigenlijk doet. Ouderlingen op huisbezoek zouden er zeker naar moeten vragen. Ze weten het niet vanzelfsprekend, want de gemeenteleden worden geregistreerd op adres en de data van geboorte, huwelijk, belijdenis. Opleiding of baan vallen buiten de belangstelling.
Juist omdat het leven van wonen en werken zozeer uit elkaar is gegroeid, is het nodig dat ook een handreiking wordt gedaan over de vragen rondom arbeid. Verpleegkundigen hebben dat bitter hard nodig, maar zeker ook de mensen die geconfronteerd worden met de steeds toenemende druk om ook zondagswerk normaal te maken. Gelukkig werken in onze achterban organisaties, die bij problemen de helpende hand willen bieden. Ze zijn onmisbaar, maar daarnaast is het begrip en de steun van de kerkelijke gemeente onmisbaar.
Prestatie
Om goed te kunnen helpen is enige kennis van de problematieken die spelen wel nodig. Welnu, daarvoor is het boek van ds. Zuidema zeker geschikt. Het maakt verschillende ontwikkelingen doorzichtiger. Helder vond ik zijn beschrijving van het 'toyotisme'. Inderdaad genoemd naar de Toyota Company in Japan, waar dit systeem het eerste werd toegepast. Toyota is gevestigd op een groot industrieterrein. Toch is het bedrijf zelf niet zo groot. Het is meer een assemblagebedrijf, dat geen voorraden kent. Rondom het bedrijf zijn allerlei toeleveringsbedrijven gevestigd; zelfstandige bedrijven, die in hun produktie en afzet echter volledig van Toyota afhankelijk zijn. Dat heeft grote gevolgen. De concurrentie tussen de toeleveringsbedrijven is moordend. Wie in aanmerking wil komen voor leveranties moet kwalitatief goed materiaal leveren tegen de laagst mogelijk prijs en vaak nog lager. Voor de werknemers betekent dit, dat er continu meer wordt gevraagd dan eigenlijk kan. Dat houdt de druk echter hoog, zo is de redenering, waardoor er maximaal gespresteerd wordt. Wie daarbij uitvalt zal vervangen moeten worden. De noodzaak om tot extreem lage arbeidskosten te komen leidt tot absurde situaties. Het liefst heeft men de mensen zo weinig mogelijk in de eigen gezinnen. Dat kost teveel energie, waarop het bedrijf geen zicht heeft. Binnen het bedrijf wordt dan ook vaak geregeld hoe men de vrije tijd moet inrichten en hoe lang moet worden geslapen.
Bedreigend
Het zal duidelijk zijn dat deze vormen van toyotisme zeer bedreigend zijn. Niet alleen voor de gezinnen, maar ook voor de christelijke gemeente. Enkele cijfers maken dat duidelijk. Het blijkt dat Japanse werknemers vijftig procent meer arbeidsuren maken dan hun Amerikaanse en Europese collega's. Bovendien maken ze nog 350 tot 500 overuren per jaar. Hoeveel tijd blijft er dan nog over voor alles wat te maken heeft met het Brood des Levens?
Dat is Japan, zult u zeggen. Jawel, maar toch sluipt dit systeem ook Nederland binnen. Dagelijks lezen we van het verzelfstandigen van bedrijfsonderdelen, die dan toeleverancier worden van het oorspronkelijke moederbedrijf. Op zich niet verkeerd, maar de gevaren van het toyotisme zijn zo levensgroot, dat we er in de kerk op bedacht dienen te zijn.
Zeker is het een grote verdienste van deze uitgave dat het een aantal gevaarlijke ontwikkelingen ontmaskert. Dat wil niet altijd zeggen, dat de ideeën van ds. Zuidema over arbeid en bijvoorbeeld de rechtvaardige beloning daarvan altijd onze instemming hebben. Zo zegt hij bijvoorbeeld, dat niet de gaven van mensen moeten worden beloond, maar de inzet. De opleiding moet geen aanleiding zijn voor een hogere beloning, zo wordt gesteld. Immers, je wordt vrijgesteld om te studeren met de mogelijkheden die je hebt en dat geeft je dan daarna het recht om veel meer te verdienen dan iemand die geen gaven heeft om te studeren en die allang aan het arbeidsproces deelneemt. Met andere woorden: de inkomensverschillen dienen te worden verkleind. Daarin past ook een pleidooi voor een vorm van basisinkomen. Mijns inziens ontstaan deze gedachten toch uit een te optimistische visie op de mens. Zijn we juist de laatste tijd niet geconfronteerd met beschamend grote aantallen fraudes met sociale verzekeringen? Wanneer iedereen – werkende of niet-werkende – kan beginnen met een basisinkomen van een volksverzekering, zal dan het zwartwerken niet nog veel meer toenemen? Overigens dient hier tegelijk aan te worden toegevoegd, dat ook omkoopschandalen van overheidspersonen en fraudes met subsidies door bedrijven een heel slechte voorbeeldwerking hebben.
Op welke manier arbeid de kerk tot leven brengt laat ik hier verder maar in het midden, maar wie dit geschrift van ds. Zuidema kritisch leest kan er zeker zijn voordeel mee doen. Dat geldt zowel voor pastores en ambtsdragers als voor alle anderen, die bij de vorming van jongere en oudere gemeenteleden betrokken zijn.
L. J. Ruijgrok, Apeldoorn
N.a.v. Ds. S. Zuidema: 'Arbeid brengt de kerk tot leven', uitgave Boekencentrum, Zoetermeer, 164 pag., prijs ƒ 29,50.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 april 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 april 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's