De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

6 minuten leestijd

'Elders preken is voor predikanten echt geen vetpot', aldus het opschrift van een artikel in de (vrijg.) 'Gereformeerde Kerkbode' voor Groningen, Friesland en Drenthe. Hier volgt een passage, gevolgd door een vrijgemaakte 'toepassing', die we buiten beschouwing laten:

'"Erg generaliserend en ongenuanceerd", noemt de Bedumer predikant H. W. Ophoff (65) de opvattingen van z'n collega F. J. Bijzet, zoals die vorige week donderdag (24-3-'94) in het ND werden gepresenteerd. Daarin stelde de predikant het "bijverdienen" aan de orde. "Daaruit zou je kunnen afleiden dat er nogal wat te verdienen valt voor predikanten die bijvoorbeeld maar eenmaal per zondag in de eigen gemeente hoeven voorgaan. Daarvan is in de praktijk geen sprake." Bovendien zou het volgens de Bedumer predikant tot zeer ongewenste situaties kunnen leiden indien de kerken de weg op zouden gaan die dominee Bijzet lijkt voor te staan, namelijk liefdediensten laten verrichten door predikanten van elders die naast hun eigen diensten nog ruimte over hebben. Dat is in gemeenten waar meerdere predikanten werkzaam zijn vaak het geval. Dominee Ophoff geeft een schets van z'n eigen ervaring op dit punt "Zelf preek ik driemaal per zondag. Dat zijn grofweg 50 preekbeurten elders. Ga maar uit van gemiddeld ƒ 50,– per preekbeurt, dan heb je het over ƒ 2500,– per jaar. Uitgaande van het 50% belastingtarief, want alles wordt opgegeven, zowel door de predikanten als door de kerken, dan blijft daar ƒ 1250,– van over. Voor dat bedrag heb je dan wel 50 zondagen een aantal uren extra je gezin in de steek moeten laten. Bovendien, het verrichten van liefdediensten, afgedacht van bijzondere omstandigheden, zou kunnen leiden tot ongewenste situaties. Kleine gemeenten zouden dan mogelijk langer vacant willen blijven… uit financiële overwegingen."'


Hier volgt wel een 'impliciete' toepassing, overgenomen uit De Wachter Sions van de hand van L. M. P. Scholten, waarin hij aanknoopt bij prof. dr. W. van 't Spijker in De Wekker:

'In het weekblad van de Christelijke Gereformeerde Kerken, "De Wekker", schreef prof. dr. W. van 't Spijker dezer dagen het volgende:
"Wie de preekbeurten in de verschillende kerkbodes bekijkt, ontkomt niet aan de indruk dat de rustdag een drukke dag is voor de verkondigers van het evangelie. Telt men alle kilometers bij elkaar die op de eerste dag van de week worden gemaakt, dan is het zonder meer een respectabel getal. De Afsluitdijk over naar Friesland, dat is al gauw 40 of 50 kilometer. Een beetje haast om op tijd op de preekstoel te staan, dat levert al spoedig meer dan 120 kilometer per uur. Soms nog iets sneller om maar met gedragen stem te kunnen lezen: Gedenk de sabbatdag dat ge die heiligt… Vooral een gedragen stem. De gemeente moet niet weten dat de snelheidsgrens werd overschreden. Er zijn kerken die niet zonder zulke preekbeurten kunnen. Ze zijn klein en ze zijn aangewezen op hulp van gastpredikanten. Maar er is al met al wél iets veranderd. Het is onmogelijk om op deze manier gebruik te maken van de middelen die de autoindustrie biedt en niet tegelijk een innerlijke verandering door te maken, die beslist niet in het voordeel van prediker en gemeente is. Trouwens het hele leven is vol van tegenstrijdigheden op dit punt."
Prof. Van 't Spijker gaat dan vertellen over iemand die de laatste tijd veel kerkdiensten in verschillende kerken bezocht en daarbij een ervaring opdeed die hij als volgt beschrijft:
"De mensen zitten onder een stevige preek, die ze graag horen, hoe dan ook. Ze komen buiten, en knippen met een apparaat, zodat de auto ('"een mooie Mercedes'", zei ze) de deuren opent Het is onmogelijk dat daar de dingen niet haaks op elkaar komen te staan. Binnen in de kerk zo stevig ouderwets als het maar kan. Nog maar net buiten, of men is van alle gemakken voorzien. De laatste snufjes worden gretig gebruikt. Zou een mens daarbij niet een beetje anders worden van inslag, van mentaliteit? En klopt het allemaal dan nog wel? Staat het geloof dan niet haaks op de werkelijkheid? We praten soms over het moderne levensgevoel en doen dan alsof het niets met onze eigen mensen en wensen te maken heeft. Vergissen we ons misschien ook? En zitten de zaken wellicht ook gecompliceerder in elkaar dan we denken? We zingen: Hier wordt de rust geschonken. We vragen niet hoeveel onrust er aan vooraf is gegaan, hoeveel gejaag, hoeveel spanning. We jakkeren naar de preekstoel, dwingen ons tot rust, en jakkeren naar huis. En we denken ook nog dat het allemaal zegen is. Zoekplaatje: Waar zit de fout eigenlijk? En als we de fout gevonden hebben, kunnen we er dan nog iets aan doen?"
Men lette goed op wat prof. Van 't Spijker te berde brengt. Hij schrijft niet dat hij erop tegen is, dat predikanten op de rustdag van de ene plaats naar de andere rijden. Hij is er ook niet op tegen, dat mensen met een Mercedes of welke andere auto ook naar de kerk gaan. Maar wel legt hij de vinger op een wonde plek. De predikbeurtenlijsten in het RD openbaren wekelijks waartoe sommige predikanten op zondag in staat zijn. Ze moeten wel ongeveer per vliegtuig van de ene plaats naar de andere gaan. Want als ze (wat we toch wel aannemen) zich per auto voortbewegen, moeten ze langs de grote autowegen rossen met snelheden die hun grote bekeuringen kunnen kosten. Hoe zou zo'n predikant zich voelen, wanneer hij zo op Gods dag door de politie wordt aangehouden? En zelfs dan kunnen de kerkdiensten vaak onmogelijk langer duren dan hooguit vijf kwartier. (…)'
Ook hier laten we de toepassing (vanuit de Gereformeerden Gemeenten in Ned.) achterwege.
Onze eigen toepassing (v.d.G.) is: zouden we niet eens eigentijds moeten gaan nadenken over de sabbatsreize?


De Bond tegen het Vloeken verstrekte in haar Nieuwsbriefde volgende informatie over 'Brieven aan Vara, VPRO, Het Beste en de Jaarbeurs':

'In de afgelopen periode schreven de Bond en zijn donateurs weer brieven aan diverse media, naar aanleiding van het misbruik van Gods Naam of anderszins profane uitingen. Concreet ging het hierbij onder meer om de Vara, de Vpro, Het Beste en de Jaarbeurs.
De Vara werd aangeschreven vanwege een programma van presentator Jack Spijkerman, die daarin regelmatig vloekt. De organisatie meldde in reaktie hierop, dat men hem er op had gewezen. Verder meende men er niets aan te kunnen doen. De Vpro stelde naar aanleiding van de brief van de Bond, dat zij volhardt in haar "scabreuze" taalgebruik, zoals de omroep het zelf omschrijft. Wat de omroep zelf betreft is de discussie daarmee gesloten...
Het Beste stelde zich heel anders op. In een reaktie op een brief van een donateur, die daarin wees op misplaatste "grappen" over de hemel, schreef het blad hem, dat hij de redaktie "aan het denken heeft gezet". Tevens beloofde men in de toekomst zorgvuldiger te werk te gaan. Een soortgelijke reaktie kwam van de Jaarbeurs, nadat de Bond had geklaagd over een profane uiting in een uitnodiging voor een symposium.'

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1994

De Waarheidsvriend | 21 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1994

De Waarheidsvriend | 21 Pagina's