'Is gekruisigd, gestorven, begraven, nedergedaald ter helle'
De Apostolische Geloofsbelijdenis (7)
'Euthanasie' betekent oorspronkelijk (euthanasie): goede dood. Tegenwoordig bedoelt men ermee, dat de dokter aan het lijden van een stervende patiënt een einde maakt. Maar daar heeft de dokter geen recht toe, juridisch niet en bijbels niet. Wie tegen deze 'euthanasie' is, mag wèl pleiten voor een 'goede dood', dat is een sterfbed van een mens, liefdevol verpleegd, pastoraal begeleid, de pijn bestreden. Luister ook – als God het geeft – naar het laatste getuigenis van een koningskind. Ik hoorde eens van een eenvoudige christen, die de laatste adem uitblies met het schriftwoord: 'Vader, in Uw handen beveel ik mijn geest'. Ja, dat was ook het laatste kruiswoord van Jezus. Maar Hij citeerde daarmee een avondpsalm uit Israël, Psalm 31, waarmee de Israëliet elke avond mocht inslapen. Als dàt geen goede dood is!
a. Zijn dood een daad
Het treft ons, dat de Here Jezus bij de kruisiging een verdovend middel weigerde – Hij wilde bewust lijden –, maar bij het sterven om drinken vroeg: Mij dorst. Hij wilde Zijn laatste woorden duidelijk kunnen spreken en kon nu ook echt zeggen: Het is volbracht. Het leed was nu geleden. Het ergste – de Godsverlating achter de zonsverduistering – was nu voorbij. 'Vader! In Uw handen beveel Ik Mijn geest.' En het hoofd buigende gaf Hij de geest. Wij krijgen de indruk, dat de eeuwige dood erger was dan de lichamelijke dood. Dat – je durft het nauwelijks te zeggen – de lichamelijke dood kwam als een bevrijding. Sterker nog: Hij gaf de geest. Zijn dood was een daad. Hij stierf eerder dan de moordenaars naast Hem. Pilatus was er verbaasd over. Zo heeft Jezus' sterven iets… koninklijks.
Maar het is goed dat onze catechismus niet vraagt naar het hoe, maar naar het waarom. 'Waarom heeft Christus Zich tot 'in de dood' moeten vernederen?' Het was al met al toch vernederend. Sterven is altijd iets vernederends. Voor Jezus zeker. Zijn ogen braken… Wèl heeft Hij Zich vernederd, als een daad van Hemzelf. Waarom? 'Vanwege de gerechtigheid-Gods' en 'als betaling voor onze zonden'. Verzoening dus voor voldoening, zegt ons leerboek opnieuw. En ze verwijst daarvoor weer naar de apostel Paulus. Zegt deze niet: nauwelijks zal een vriend voor een vriend sterven, maar Christus is voor ons gestorven toen wij nog zondaars waren. Vijanden worden verzoend door de dood van Gods Zoon.
b. Mijn dood een poort
'Maar waarom moeten wij dan nog sterven?' vraagt de catechismus heel gedurfd. Als Hij toch voor ons gestorven is…? Dan zouden wij toch niet meer behoeven te sterven! Dat is wel consequent doorgedacht. Een orthodox christen is dan gauw geneigd om te antwoorden met het tekstwoord: 'de bezoldiging der zonde is de dood', dat is dus het loon dat de zonde uitbetaalt: de dood. Maar de catechismus zegt dat dat voor christenen niet meer geldt. 'Onze dood is geen betaling van onze zonden, maar alleen een afsterving van de zonden en een doorgang tot het eeuwige leven'. Dood, waar is uw prikkel? Dit is de echte eu-thanasie! Maar dat geldt alleen voor allen die in Christus Jezus zijn. Jezus' leven van mijn leven, Jezus' dood van mijnen dood; Die voor mij U hebt gegeven in de bangste zielenood. Je hoort wel eens dat een kind van God zingend heenging! Maar ook als het door duistere diepten gaat, ook bij aanvechting, of ook in… coma, blijft het waar: 'hetzij dat wij leven, hetzij dat wij sterven, wij zijn des Heeren'. Daarom is het zaak, om vóór het sterven, in dit leven tussen wieg en graf, verzoening te zoeken en te vinden met God. Want wie onverzoend leeft en onverzoend sterft, moet onverzoend God ontmoeten. Dat zal een vreselijke dood zijn. Daarom zegt Hij: 'Ontwaakt, gij die slaapt, en sta op uit de dood, en Christus zal over u lichten'.
c. De doodsteek voor onze lusten
'Wat krijgen wij nog meer voor nut uit de dood van Christus?' 'Dat door Zijn kracht onze oude mens met Hem gekruisigd, gedood en begraven wordt, opdat de boze lusten van het vlees in ons niet meer regeren, maar dat wij onszelf Hem tot een offerande der dankbaarheid opofferen'. Dat is een verrassende wending. Met een ruk trekt ons leerboek ons terug bij het sterfbed vandaan naar het volle leven. Godsdienst is niet pas van belang voor zieken en stervenden. Religie komt niet op uit angst voor de dood. Een dominee is niet pas goed om de begrafenis te leiden. Midden in het leven wil God gediend worden, al was er geen hemel of hel. Midden in het leven, liefst in je jeugd, moet een mens God vrezen. Midden in het leven is bekering en geloof nodig. Midden in het leven wil Christus Middelaar zijn. Midden in het leven wil Zijn kruis functioneren. Hoe? Zó, dat onze oude mens de doodsteek krijgt. Dat eerzucht en hebzucht en geldingsdrang, dat vleselijke lusten en vreselijke driftbuien het niet van ons winnen, omdat ze al aan het kruis gespijkerd zijn. Doodt ze en houdt het ervoor dàt ze dood zijn. Verdring ze niet, want daarmee zijn ze alleen ondergronds geworden. Zie wat het Jezus gekost heeft. En overwin het kwaad door het goede. Zoek goed gezelschap. Lees een goed boek. Kijk naar een goed programma. Doe iets voor een goed doel. Neem mijn leven, laat het. Heer, toegewijd zijn aan Uw eer. Dan krijgen de boze lusten de minste kans.
d. 'Nedergedaald ter hel'
Waarom volgt daar 'nedergedaald ter helle'? Ja, dat staat zo in het Apostolicum. En de oude kerk bedoelde daar toch echt mee, dat Jezus na Zijn dood letterlijk in de hel geweest zou zijn! Men baseerde dat op 1 Petrus 3 : 19, waar staat dat Christus de geesten in de gevangenis gepredikt heeft. Hij zou in de hel Zijn ovenvinning gepredikt hebben. Maar volgens het verband daar gaat het om prediking na Zijn opstanding. Men kan dus beter lezen: nedergedaald in het dodenrijk. Men kan ook met Calvijn en de catechismus kiezen voor een figuurlijke, geestelijke uideg en denken aan 'helse kwelling' aan het kruis. Hier 'ontmythologiseert' Calvijn dus een artikel uit de oud-christelijke kerk. Hij durft! Maar de Schrift staat boven het Apostolicum. Dat mag dus. Zó is de kerk niet gebonden aan de letter van haar belijdenissen. Intussen heeft Calvijn het artikel niet geschrapt. En de winst van de geestelijke uitleg is een grote troost geworden: '…dat ik in mijn hoogste aanvechting verzekerd ben en mij zeer vertroost, dat mijn Heere Jezus Christus door Zijn onuitsprekelijke benauwdheid, smarten, verschrikking en helse kwelling – mij van de helse benauwdheid en pijn verlost heeft'. Je hoopt maar dat iemand dit ook tegen je zegt als het zo ver is.
C. Blenk, Amsterdam
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1994
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1994
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's