Boekbespreking
Anton Wessels: Kerstening en ontkerstening van Europa, Wisselwerking tussen evangelie en cultuur, Ten Have, Baarn 1994, 271 blz., ƒ 39,50.
De schrijver is hoogleraar in de missiologie en godsdienstwetenschap aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en uit dien hoofde bijzonder geïnteresseerd in het proces van de inculturatie, de 'inheemsing' van het christendom in de onderscheiden culturen. Daartoe gaat hij vooral het verleden na: de confrontatie van het evangelie met (eerst) de typisch Grieks-Romeinse cultuur, voorts op die in de Keltische en de Germaanse. Hoewel hij weet hoezeer de grenzen dier culturen vaak vloeiend zijn, hetzij via wederzijdse beïnvloeding dan wel vanuit invloeden vanuit het verleden, kan men toch op zoek gaan naar wat het specifiek-eigene van de onderscheiden culturen genoemd kan worden, om vervolgens na te gaan wat daarmee door de invloed van het christendom gebeurd is.
Het boek loopt uit op de vraag in hoeverre het verleden een voorbeeldfunctie heeft voor het geseculariseerde heden, waarover de schrijver diep bewogen is. Welke zijn de verbindingen tussen christendom en onze eigen cultuur waarnaar 'missionarissen' op zoek moeten gaan?
Het is een heel informerend en adstruerend boek geworden, dat vanwege de dwarsverbindingen met het christendom die zich in allerlei culturen blijken te openbaren, verrassende doorzichten biedt die vaak een soort schokeffect kunnen opleveren. Wie lijnen wil zien waarlangs het christendom heeft aangesloten in de Griekse, Keltische en Germaanse wereld, kan hier terecht. De schrijver gaat hiervoor vooral illustratief te werk, aan de hand van cultuurelementen of vertegenwoordigers uit de desbetreffende culturen: schrijvers, dichters, bouwers. Een wat meer structurele aanpak zou ons persoonlijk wat meer gelegen hebben.
Een godsdienst is vooral herkenbaar aan zijn symbolen en riten. Grote aandacht valt op het feit hoezeer deze in iedere godsdienst hun eigen identiteit hebben. Ook, hoezeer vele ervan uiterlijke gelijkenis vertonen met die, die ook het christendom kent. Vaak blijken de verhalen van bevrijding en verzoening uit het christendom aan te sluiten bij bestaande godsdiensten, of in een lacune te voorzien. Wat het eigenlijk in het christendom is, blijft o.i. bij deze sterk fenomenologische benadering in het vage, hoewel de breuklijnen met andere culturen en godsdiensten wel worden aangewezen. Nochtans gaat o.i. Jezus bij de schrijver schuil in de verhalen over hem, die weliswaar, ondanks hun mythe- en symbool-karakter, dragers zijn van openbaring, maar dan alleen binnen de ervaring die zich in dit symbool- en mythe-karakter uit. Ligt voor de schrijver het eigene van het christendom niet bovenal in de 'weg' der christenen, in hun gemeenschap, en in hun bewogenheid over de armen, vooral sociaal? In dezen legt de schrijver zijn papieren onvoldoende op tafel. Het woord 'zending' is dan ook o.i. door hem sterk gesocialiseerd. Zoals de heilsfeiten op hun beurt, als symbolen verstaan, 'ontmythologiseerd' dreigen te worden.
S. M., Z.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1994
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1994
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's