Verkiezingscampagne een teken aan de wand
Het is in alle tijden al zo geweest, dat tijdens verkiezingscampagnes de politieke tegenstander zo zwart mogelijk wordt afgeschilderd. Recent gaven we in de rubriek Globaal Bekeken een voorbeeld uit de oude Romeinse tijd, toen de broer van Cicero (Quintus Cicero) campagne maakte. Van de tegenstanders moesten 'schandalen onthuld worden', 'al naar gelang hun karakter'.
Intussen heet onze samenleving een democratische samenleving, waarin verscheidenheid van (politieke) visies door de kiezer, overeenkomstig de 'rechten van de mens', tot gelding moet worden gebracht. Wie echter de verkiezingscampagne, die we op dit moment in dit land beleefd hebben, op zich laat inwerken (ik schrijf nu: maandag 2 mei) kan niet anders dan constateren, dat we met onze democratie op een beschamend dieptepunt zijn aangekomen. Het gaat in de praktijk van de campagne al lang niet meer om programs van beginselen of uitgangspunten, waarachter een overtuig(en)de visie steekt. Zulke programs althans hebben zich als zodanig niet of nauwelijks kunnen profileren in de nu gevoerde campagne. Het was alles méér of minder grijs wat de klok sloeg, waarbij de één de ander met procentjes méér (inkomen) of minder (bezuinigingen of lasten) trachtte te overtroeven.
Maar intussen was het meest beschamende, dat personen met elkaar over de straat rolden en wel niet in het minst (oftewel vooràl) binnen het volksdeel, dat ook vandaag geacht wordt te staan voor christelijke normen en waarden. Maar ook in het algemeen werden persoonlijke aantijgingen bepalend in de campagne. Dat daarbij zelfs de gehandicapte centraal kwam te staan in de ruzies was een dieptepunt op zich.
In toenemende mate zijn de smaakmakers achter de media, met name achter het blauwe scherm, de grote brengers of krakers van politieke boodschappen geworden. We zijn in dit land zelfs al zover gekomen, dat het medium televisie tot rechtbank is verheven. Dat komt ervan wanneer alles via de media 'open en bloot' wordt gebracht. 'Open en bloot' was ooit een aanduiding voor lichamelijk naakt. Nu is deze kwalificatie al helemaal toepasbaar op geestelijk naakt. In pep-talks van allerlei soort worden mensen vandaag geestelijk tot op de draad uitgekleed. In deze bedenkelijke traditie nu moet ook de politicus eraan geloven.
Men kan hier terecht tegenwerpen, dat de politicus op zich betrouwbaar moet zijn – zeker, zeker! – maar moet dat via de media (zelfs bij wijze van suggestieve programma's) worden uitgemaakt?
Tegen het geweld van de media, door welke 'mannetjes' die ook 'gemaakt' worden, is nauwelijks iemand opgewassen. Maken en breken is een kleine kunst geworden. Wie het medium bezit, bezit macht.
Men mag zich afvragen of op deze wijze het echte politieke program nog kansen krijgt. Intussen leeft het volk bij wat op het scherm verschijnt. Via het scherm krijgt het volk brood en spelen. Vandaag krijgt het er politieke sensatie bij. De partijen kunnen elkáár al nauwelijks meer uitleggen waar nu vandaag ècht hun verschillen liggen met betrekking tot de sociaal-economische paragraaf in het bijzonder maar ook met, betrekking tot hun zicht op de maatschappelijke problemen in het algeméén.
Ten aanzien van waarden en normen zijn er best nog (graduele) verschillen, maar het is maar de vraag of die nog echt uit de verf komen, althans naar het volk als gehéél toe, op de wijze waarop nu campagne wordt gevoerd.
In ieder geval worden de verkiezingen, zoals het nu toegaat, mede gestempeld door de sensatie, door de pikanterie en verder ook door de opiniepeilingen, die dagelijks mensen op een bepaald been (moeten) zetten.
Is het wonder dat ons land zo langzamerhand een zo grote hoeveelheid zwevende kiezers telt, dat grote verrassingen bij de verkiezingen zelf niet alleen niet uitgesloten zijn maar zelfs inbegrepen zijn.
De media dragen intussen in hoge mate bij aan de fragmentatie, het poppetjes-spel van de politiek.
Op het moment, dat dit blad verschijnt, is de uitslag van de verkiezingen wel bekend maar nauwelijks meer interressant. Daarvoor ontbreekt in ons politiek bestel zo langzamerhand teveel een levende ziel, waarbij alleen de democratie wel kan varen.
We zijn het Evangele aan het kwijt raken in onze samenleving, ook in het politieke gebeuren. Wat dageraad zal de democratie dan nog hebben? Mèt het verlies aan waarden en normen zijn we de genormeerde democratie zelf om zeep aan het helpen. De kiezer, die nog een politiek hart heeft, wordt er niet vrolijker van. Het land wordt er niet beter van. Beginselpolitiek is in de marge terecht gekomen.
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 mei 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 mei 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's