Kan de boer nog terug naar de 'Bijbel'?
Uit het verhaal van dhr. Verduyn blijkt niet dat het kan. Een teleurstellend en leeg verhaal en juist daardoor sprekend op een wijze, die dhr. Verduyn niet bedoeld zal hebben. Aangekondigd als een principiële stellingname van een bonderboer in deze tijd, blijkt het slechts een historisch overzicht. Ja, wel komt er een ander principe tevoorschijn, nl. winstmaken, zorgen voor rendement, dat in de eerste plaats, meegaan met je tijd, dat economisch principe voert de boventoon.
Wat wordt gepresenteerd als de bespreking van de ecologische landbouw, blijkt een meewarig schouderophalen over een vorm van landbouw, die in de marge van de normale landbouw en dankzij deze, kennelijk hier en daar bedreven wordt, doch waar weinig woorden over vuil gemaakt dienen te worden. Het verhaal van Verduyn is een successtory, en dat moet vooral blijken. Natuurlijk zal hij zijn best gedaan hebben, doch om te stellen dat hij in de polder kon komen alleen omdat hij zo'n 'goede' (naar welke maatstaven beoordeeld, wereldse of bijbelse) boer was, is te veel eer. Hij had het geluk weg te moeten voor stadsuitbreiding en daardoor in de eerste plaats kwam hij in aanmerking voor de polder.
Verduyn gaat de uitdaging niet aan om zowel de normale als de ecologische landbouw te toetsen aan bijbelse normen, met name eens tegen het licht te houden van het sabbatsjaar. Kennelijk heeft hij deze uitdaging niet eens zien liggen. Neen, ecologische landbouw is maar niets, brengt armoede met zich, minder agrobusiness, minder export, meer werkloosheid, slecht voor de economie. En bovendien slechte produkten, ziekten. De normale landbouw dat is veel beter. Akkoord, hier en daar wat doorgeschoten, hier en daar wat bijsturen eventueel, niet te veel, dat belemmert de goede boerenondernemers in hun expansie en creativiteit. Waar is de rechtzinnige bonder, die ons zou laten meebeleven, hoe hij die principes in zijn werk tot uiting brengt? Waar is die mens die als christen, als kind van God in de eerste plaats zijn Schepper wil dienen elke dag, op de plaats waar Deze hem stelde en daar elke dag vraagt: 'Heere wat wilt Gij dat ik doen zal, hoe kan het aan Uw doel beantwoorden, hoe hebt Gij het gewild, welke aanwijzingen geeft Gij mij vanuit Uw Woord'. Verduyn zwijgt. Rendement heeft zijn aardse vader gezegd, dat in de eerste plaats. Stuitend is de passage over het sabbatsjaar. Verduyn heeft iedere zondag sabbatsjaar, dat is beter dan eens in de zeven jaar. Doch Verduyn, howel hij op zondag kennelijk niet op het land werkt, oogst iedere zondag 2x, misschien wel 3x. Hij melkt zijn dieren en dat levert melk op van ƒ 0,80 per kg. Bij de goede boer Verduyn met zijn 100 tonner koeien zal dat lekker doortikken. Verduyn levert dus niets in. Het kost hem dus niets. Waar is de vraag of God bedoeld heeft koeien zo vol te drukken met krachtvoer dat zij zoveel melk geven. Waar is de vraag mag dit. Waar is de worsteling in het verhaal van Verduyn als kind van God met de geest van de tijd; de wereld, in het beleven van zijn geloof iedere dag opnieuw. Het zijn 'in de wereld', doch niet 'van de wereld'.
Daar bespeur ik niets van. De redacteur rept van een spanningsveld, doch bij Verduyn is dat niet te bespeuren. Hij is gewoon een moderne ondernemer. Goedkoop is het om ecologische landbouw als niet beter voor het land af te doen, omdat er ecologische boeren zijn, die de zondagsrust niet eerbiedigen. Hoeveel 'normale' boeren in de polder en elders doen dat ook niet meer. Waar het om gaat is de uitgangspunten van de ecologische en de normale landbouw te toetsen aan bijbelse normen. En dat kon wel eens slecht uitvallen voor de normale landbouw. Het is toch wel in-droevig, dat er wel land braak gelegd wordt, omdat dat aan subsidie meer oplevert, dan met normale oogst uit de opbrengst behaald kan worden. Dan kan er wel 'sabbatsrust' voor het land zijn, niet als het geld kost doch in de bijbel aanwijzingen zijn, dat het goed voor het land is het rust te geven. Ook land moet weer opladen. Verduyn komt naar voren als een normale eigentijdse ondernemer, die slechts daarin van een niet-christen onderscheidt, dat hij nog wat aan de zondag doet. Dat is het enige verschil, verder wereldgelijkvormig. Gebruik maken en uitgaan van wereldse noties. En de bijbel zegt ons dat in de wereld de duivel heerst en dat zijn wetten van een geheel andere orde zijn dan Gods inzettingen. Is dat niet de grote armoede van wat zich nog laat voorstaan als christelijk, dat er geen of hoegenaamd geen onderscheid is tussen de wereldling en ons, zich christenen noemen.
Wij zijn zo wereldgelijkvormig geworden. Ook voor ons geldt blijkbaar dat we meer op de wereldse wetten van rendement en economie vertrouwen dan op God. Wij zijn een huis, dat bewoond is. In ons huist of de geest van de tijd, de wereld, of we zijn 'wederom' geboren. En dan zijn we 'geheel anders', dan zijn we in Christus een nieuwe schepping. En dat komt er dan ook uit.
Wij kunnen geen twee heren dienen. Het is of God en wat wilt Gij dat ik doen zal, we zijn Zijn beelddragers, of we zijn ten diepste alleen maar geïnteresseerd in wat het opbrengt, wat hebben we er van winst van, wat brengt het mij. Wat is het rendement. Dat is ons begeren. En dan komen we weer bij het paradijs, waar we uit moesten vanwege ons begeren, het zelf doen, het in eigen hand nemen, het op ons zelfvertrouwen.
En dat is juist wat God ons wil afleren. Hij wil dat we op Hem vertrouwen. Een sabbatsjaar. Vertrouwen dat ook in een jaar van 'braaklegging' Hij ons voedt. Manna was er slechts voor een dag. En daarin zullen wij ons van de wereld onderscheiden, dat wij op God vertrouwen en in Zijn wetten wandelen. Dat wij Zijn beelddragers zijn, gelijkvormig aan Christus, Wiens lust het was te doen de wil des Vaders, dat dat onze lust zal zijn. Dan zoeken wij Gods eer en het heil van de naaste, dan vragen wij ons af: Wat heeft God bedoeld in deze. Dan beseffen we, dat de ruimte die wij ons toeëigenen ten koste van de naaste gaat, die ruimte per definitie niet meer voor die naaste beschikbaar is. Dan is het niet wat kan, doch wat mag of juist wat mag niet, omdat het ten koste van de naaste gaat en die heeft het meer nodig dan ik. Dat zal de wereld ook zien, zoals dat ook bij de eerste christengemeente. Neen dat is niet gemakkelijk. Dat kost strijd en brengt smaad. Maar onze Heiland heeft dat ons voorspeld, ze hebben Mij gehaat, ze zullen het ook Zijn navolgers doen, niet de napraters. Dan mag Verduyn de tractor kopen die hij nodig heeft, doch dan kan het wel zijn bijv. dat hij zijn melkquotum volmelkt met 100 koeien van 8000 kg i.p.v. met 80 koeien met 10.000 kg, dan strooit hij eerder 200 dan 350 kg zuivere N. per ha en vertrouwt hij toch voldoende voer te hebben. Dan wordt zijn beweidingsplan anders. Dan gaan we anders met vakantie. Dan kopen we anders een auto, dan gaan we anders om met geld en bedrijf. Dan zijn we beelddragers en dan is aan ons te zien 'ze zijn met Jezus geweest'. Dan zijn we leesbare brieven. Dan wordt de voorsmaak hier reeds geproefd. Soli Deo Gloria.
G. van Diest, Ermelo
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1994
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1994
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's