De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

6 minuten leestijd

'Jacht in Nederland', aldus de titel van 'de Nederlandse niet jager informatiekrant over de plezierjacht', een uitgave van de Dierenbescherming. Hier volgt een stukje over 'Het dialect van de jager".

'Jagers leven in een gesloten wereldje van eigen rituelen en een heel bijzonder taalgebruik. In besloten kring genieten ze van kruidenbitter, hoorngeschal en jachttableau. Ze houden zich waar mogelijk aan de spelregels van hun "Weidmansheil". Ze kennen regels vanuit welke houding of positie je dieren moet schieten en hoe je met gedode dieren "weidelijk" moet omgaan. Zo wordt een haas direct na zijn dood "gepekeld", dat wil zeggen dat de schotwond en de aars worden ingesmeerd met de urine van de haas, om te voorkomen dat de "aasvlieg" toeslaat.
Overigens spreken jagers niet graag over "doden " en "aanschieten". Alleen stropers "doden" dieren. Die ren bloeden niet maar "zweten". Jagers vinden het prachtig om het "zweetspoor" van een door hen "ziekgeschoten" dier te volgen.
Wie meer wil weten over termen als "hoogzit", "wondbed", "bouw- en banjerjacht", "reeënfiep" en "hazeklager" zou eens een boekje over de jacht uit de bibliotheek moeten halen. Er gaat een wereld voor u open.
Een nieuw eufemisme is het begrip "oogstjacht". Oogstjacht is niets meer of minder dan plezierjacht, maar omdat jagers inmiddels begrijpen dat dieren voor de lol schieten maatschappelijk onacceptabel is, heeft men een nieuwe term geïntroduceerd. Jagers zijn meesters in het bedenken van versluierende taal. Dit geeft aan dat ze weten dat hun bezigheden deze sluiers nodig hebben!'


Uit een bij de krant, gevoegde brochure 'Opsporing verzocht: Het procesverbaal' enkele passages over de vos.

• Hoe gevaarlijk is de vos?
'De vos is de grootste in het wild levende predator in Nederland en daarmee de grootste concurrent van de Nederlandse jager. Toch heeft een vos per dag maar ongeveer 500 gram voedsel nodig. Het grootste deel van zijn menu bestaat uit vlees: muizen, konijn, hazen en vogels. Daarnaast eten ze ook eieren van op de grond broedende vogels. Vooral dat laatste wordt als argument aangegrepen om de vos te vervolgen.
Het dier zou een bedreiging vormen voor de vogelstand.
Uit de Nederlandse Jager van 3 augustus 1993: Vossenschade is van een beheersbaar incident tot een structureel probleem geworden. (…) Vooral in natuurterrein waar niet (op vossen) gejaagd mag worden, rijzen de aantallen de pan uit. In streken met hoge aantallen vossen zijn de gevolgen voor de overige fauna duidelijk merkbaar: bodembroeders, hermelijnen, meeuwen, hazen en lepelaars zijn het slachtoffer.
De auteur pleit daarom voor het toelaten van vossejacht in natuurgebieden. Natuurbeschermers zijn daar over het algemeen echter tegen:
Men erkent weliswaar dat lepelaars kwetsbaar zijn voor nestpredatie, maar er zijn in Nederland wel alternatieve gebieden waar de lepelaar kan broeden. Bovendien gaat het prima met de vogels. Negentig procent van de lepelaars in Nederland broedt in speciale beschermingszones, dus niets aan de hand. "Het aantal broedende lepelaars is de laatste tien jaar in Nederland toegenomen", zo eindigt het antwoord. Je mag dus best ergens de lepelaars door vossen laten opvreten, is de conclusie. (…)'

• De vos als kippendief
'Vanwege de schade die de vos op boerenerven zou veroorzaken, is hij misschien wel het slechtst beschermde dier van Nederland. Bijna alle dieren in Nederland genieten enige bescherming doordat er eerst moet worden gekeken naar alternatieve vormen van bestrijding, voordat men ertoe over mag gaan het dier te doden. Maar iedereen mag op zijn eigen terrein een einde maken aan het leven van dit roofdier. En dat terwijl het betrekkelijk makkelijk is om vossen te verjagen, of om overlast te beperken door bijvoorbeeld de eigen kippen te beschermen.
Vossen vergaren graag op gemakkelijke wijze hun maal. Als de ervaring hen leert dat het kippenhok wel eens open blijft staan, zullen ze regelmatig een kijkje komen nemen. Ervaren ze echter dat het hok nooit open is, dan zullen ze niet gauw terugkomen om te gaan zitten watertanden voor die onbereikbare prooi. Johan Wubbe uit het Gelderse Emst woont midden in de bossen. In de directe omgeving van zijn huis ziet hij regelmatig vossen. Toch heeft hij nooit last van de dieren.
Wubbe: "Ik houd al vijftien jaar kippen, maar ik ben er nog nooit één kwijtgeraakt aan een vos. Kwestie van goede behuizing".
Toch wordt de vos ook op de noordelijke Veluwe zwaar vervolgd. Wubbe: "Via-via heb ik gehoord dat één enkele jager hier uit de omgeving in een jaar tijd soms wel zestig tot zeventig vossen doodt. Ik heb in het bos ook wel voerplaatsen gevonden, waar ze die vossen naartoe lokken om ze dan vanuit een hoogzit af te kunnen schieten. Dan gebruiken ze nota bene dode kippen als lokvoer".
Bovendien zijn vossen doodsbang voorbonden. Een hond op het erf is dus een goede manier om het pluimvee te beschermen.
Het is erg twijfelachtig of het zinvol is om vossen die toch nog overlast veroorzaken te doden. Uit onderzoek is gebleken dat jonge vossen, zodra ze groot genoeg zijn om voor zichzelf te zorgen, het territorium van hun ouders moeten verlaten. Zij moeten op zoek naar een eigen gebied. Wanneer er voor zo'n dier geen territorium te vinden is, blijft hij zwerven en blijft hij door spoortgenoten verjaagd worden. Uiteindelijk zal hij door honger en uitputting omkomen. Jagers doen het voorkomen alsof de vos onnodig moet lijden door deze natuurlijke beperking van de vossenpopulatie. Zelfregulatie zou om die reden "onethisch" zijn. Het is echter ook zo dat de vos meer jongen krijgt als er voldoende territorium beschikbaar is, dan wanneer alle territoria al zijn bezet. Bovendien geven de jagers zelf toe, dat hun ingrijpen geen blijvend nut heeft, zoals blijkt uit een citaat uit De Nederlandse Jager van 18 mei 1993: "Zoals Ik heb voorspeld, de oorlog is niet voorbij. Ik weet zeker dat hoewel er nu negen vossen zijn geschoten op een vrij kleine oppervlakte (500 ha) binnenkort weer vossen van de overvloed van de Veluwe en de Utrechte Heuvelrug onze vallei zullen binnenkomen".
Slechts een enkele jager is zo eerlijk om toe te geven dat schadebestrijding als argument voor de jacht op welk dier dan ook er in feite met de haren is bijgesleept: "Je denkt aan schadebestrijding, maar vooral aan jacht. Gewoon jacht, waar je plezier aan mag hebben, veel plezier, gewoon net als je hond. Je denkt aan schadebestrijding, zoekt een excuus, legt uit wat je doet. Zoek eens geen excuus maar geniet en neem de tijd".
Er zijn in de loop der tijden vele manieren bedacht waarop vossen kunnen worden vervolgd. Een van de meest gruwelijke methodes werd beschreven in de Jachtcursus II, zoals die in de jaren zeventig nog werd gegeven. Een citaat:
(…) Voorts zijn vossen verzot op rotte kat. Heeft men toevallig een dode kat op de kop getikt, dan is het 't beste deze 6-8 weken bij een boer in de mestvaalt te begraven. Door de warmteontwikkeling van de mest zal het kadaver sneller tot ontbinding overgaan. Deze kat herbegrave men later ongeveer 15 cm diep, op een plaats omgeven door klemmen. Men kan er 100 procent zeker van zijn de vos t.z.t. gevangen te vinden. (…)'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1994

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1994

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's