Over herdenkingen en een paars kabinet
Een gedenkwaardige week
Al met al was het vorige week een gedenkwaardige week. De laatste week van augustus was immers vooral een week van herdenkingen.
De kring rondom hpt blad 'Het Zoeklicht' gaf aandacht aan het feit, dat 75 jaar geleden Johannes de Heer de bazuin aan de mond zette om kerk en wereld te herinneren aan de wederkomst van Christus en aan de tekenen der tijden, die daaraan voorafgaan. Driekwart eeuw heeft deze stem geklonken en daaraan werd tijdens een jubileumtoogdag aandacht geschonken, nadat personen uit diverse kerkelijke kringen al hun zegje hadden mogen doen in een speciaal nummer van Het Zoeklicht.
De Wekker, orgaan van de Christelijke Gereformeerde Kerken, een uitgave 'ten voordele van de Theologische Universiteit in Apeldoorn', kwam in een speciaal groen jasje uit en droeg als titel: 'Godgeleerd en van God geleerd – 100 jaar theologie in Apeldoorn'. Op het front zegt de redactie:
'Welke betekenis had wat in die honderd jaar omging tegen de achtergrond van de nu al zo lange pelgrimstocht der mensheid, met alle vreugde, verdriet, rampen, onheilen, maatschappelijke opgang en neergang en alle uitingen van godsdienstig leven die daaraan eigen waren en nog altijd eigen zijn? Tegen de achtergrond ook van alle zingevingsvragen die voor zoveel mensen zonder antwoord bleven en die in onze tijd opnieuw heel indringend op mensen toekomen.'
En dan, last but not least, de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) herdachten de Vrijmaking op 11 augustus 1944. Een 'gouden jubileum' dus. We maakten de viering ervan in de hervormde Grote Kerk in Apeldoorn mee. Hoewel we kerkelijk gezien buiten dit gebeuren stonden, werden we innerlijk verkwikt door de warmte, waarmee over trouw aan het Woord en aan de gereformeerde belijdenis werd gesproken. Intussen ging het om een herdenking van wat een nieuwe Reformatie moest zijn. De parallel met de dagen van Luther werd dan ook via de Afscheiding telkens rechtstreeks getrokken.
Zo werd allerwegen herdacht het elan van een stuk christelijk leven in het verleden, door diegenen, die ook vandaag in de sporen van hun vaderen willen gaan. Intussen stond in deze zelfde week echter een paars kabinet aangetreden op het bordes van het koninklijk paleis. En op gezag van prof. dr. H. M. de Lange moeten we aannemen, dat ervan het 25 hoofdige kabinet – ministers en staatssecretarissen – nog twee leden zijn, die het christelijk geloof zijn toegedaan (minister Pronk van ontwikkelingssamenwerking en staatssecretaris Schmitz van justitie). Dat is de erfenis van ons christelijk verleden vandaag, zo overpeinsde ik, toen ik terugreed van Apeldoorn, waar de samenkomst der overgebleven mannenbroeders van weleer plaatsvond.
Stuk gelopen
Vorige week was er ook een bijeenkomst van het Hervormd Evangelisatorisch Beraad. Daar zei ds. P. L. de Jong, hervormd predikant te Rotterdam Delfshaven, met een bekende psalmregel, dat de heidenen zijn gekomen. Hij verwees naar de Umwelt, waarin hij dagelijks leeft, maar zei dit recht-toe recht-aan ook in de richting van het paarse kabinet. Er is moed voor nodig dit zo te zeggen. Want wie wil 'heiden' heten. De a-religieuzen van vandaag zijn op z'n minst beschaafde humanisten. Wie echter de her en der verschijnende levensschetsen van de nieuwe bewinsdslieden leest, moet constateren, dat het nieuw aangetreden kabinet bestaat uit verloren zonen (en dochters) of zonen en dochters vàn verloren zonen en dochters. Dat kàn ook niet anders, wanneer we immers bedenken, dat honderd jaar geleden ons volk nog een gedoopte natie was. Ieder heeft wel een christelijk verleden. De Hervormde Kerk heeft dat verleden vastgelegd in het instituut geboorteleden, omdat het verbond ver reikt.
Grosso modo weet dit kabinet nog wel van de Godsnaam. Oud premier Lubbers wenste de nieuwe premier dan ook bij diens aantreden Gods zegen toe. Ook premier Kok kwam in aanraking met de Naam. De nieuwe premier heeft in zijn Bergambachtse jeugdperiode nog godsdienstles op de openbare school gehad van wijlen ds. J. Lekkerkerker, die daar toen predikant was. Dezer dagen heeft de kerkeraad van de hervormde gemeente van Bergambacht in een brief aan de premier dan ook haar verantwoordelijkheid voor dit voormalige 'lid' willen onderstrepen (zie ook Globaal Bekeken).
Er is gepreekt en getuigd, maar de kerken liepen leeg. Er is getheoretiseerd over de roeping van kerk en christendom ten opzichte van de samenleving, maar één voor één verdwenen de christelijke tekenen en kwamen er anti-christelijke tekenen voor in de plaats.
Abraham Kuyper en diens neocalvinistische nazaten kozen voor de christelijke organisatie, om zó, via de persóónlijke verantwoordelijkheid, het christelijk getuigenis in de samenleving tot gelding te brengen. De heerschappij van Christus zou 'op alle terreinen des levens' in de samenleving worden gesteld. Maar de dijken zijn gebroken. De golven van de secularisatie sloegen daar zelfs naar binnen en het getuigenis verbleekte. De vrijgemaakte organisaties zijn, zwart-wit gezegd, nog zo ongeveer de enige verbanden, die de oude vlam verder dragen. Maar verder staan we voor het uitslijtingsproces van de christelijke organisatie als we deze zien in het licht van de oorspronkelijke bedoelingen. In die algemene malaise deelt ook de christelijke politieke partij. Ze liep misschien vanwege haar compromis-bereidheid wel voorop. Driekwart eeuw christen-democratisch (mee)regeren heeft ook betekend driekwart eeuw meegaan in telkens weer nieuwe compromissen ten aanzien van óók vitale ethische kwesties. Het uiteindelijke resultaat is geweest, dat ons land koploper werd in de wereld als het gaat om tolerantie, zelfs wettelijk vastgelegde tolerantie, inzake ongoddelijke verschijnselen. Het 'modern heidendom' is getolereerd en langzaam maar zeker ook omhelsd.
Van hervormde zijde kwam de apostolaatsbeweging op gang. Niet de christelijke organisatie maar de kerk zèlf zou present zijn op alle terreinen des levens. Hier gold echter hetzelfde. De wereldgerichtheid van de kerk kreeg zijn terugslag in die zin, dat de wereld de kerk binnenkwam. De theologie 'verwereldlijkte' zelfs principieel.
Politiek gezien werd de Doorbraak als Gebot der Stunde (Gebod van het uur) gezien. Al spoedig echter lieten de doorbraakorganisaties nog wel ruimte voor persónen uit christelijke kring, maar niet meer voor hun kenbaar gemaakte christelijke overtuiging. Minister Pronk is nu nog zo ongeveer het rudimentaire overblijfsel van dit doorbraakverleden, waarmee intussen, wat de hoge idealen betreft, radicaal is afgerekend.
De afgelopen jaren is tenslotte – om het beeld compleet te maken – een nieuwe poging tot organisatie van het christelijke leven ondernomen. De reformatorische zuil en de evangelische zuil hebben zich ontwikkeld. In het vorig jaar verschenen rapport over secularisatie in Nederland is echter al de conclusie getrokken, dat deze zullen de samenleving niet meer echt zullen beïnvloeden. Moeten we deze zuilen zien als een laatste (her)groepering van een christelijk volksdeel in Nederland? Maar intussen als een bezegeling van het feit, dat christenen naar de marge van de samenleving zijn gedrongen en dus als een bezegeling van het einde het christelijk verleden van Nederland?
Eerlijk
Als we eerlijk zijn, moeten we zeggen, dat alle pogingen om de samenleving te (her)-kerstenen of om het Evangelie daadwerkelijk gestalte te geven in de moderne samenleving van vandaag op de lange duur zijn mislukt. We zijn nu bij paars aangeland. Ongetwijfeld zal ook dit nieuwe kabinet wel bewindslieden bevatten, die met kennis en kunde hun departement zullen leiden en op verschillende terreinen creativiteit aan de dag zullen leggen. Maar we hebben te maken met een principeloos-kabinet, gevormd door een ideologisch leeg D66 tussen verfletst socialisme en afgevlakt liberalisme. Maar een christelijk aanspreekpunt ontbreekt.
Er is de laatste tijd gevraagd om herwaardering van christelijke nonnen en waarden. Maar waar moeten die politiek en maatschappelijk bezien vandaan komen wanneer in een kabinet het christelijk geloof ontbreekt?
Het wordt tijd dat kerken en christelijke organisaties bij zichzelf te rade gaan, om zich te bezinnen op de vraag wat de kerninhoud van het christelijk getuigenis – Wet en Evangelie – zal zijn in een paarse samenleving, een samenleving van op z'n best nette humanisten. We moeten daarbij overigens niet vergeten, dat de niet-christelijke politiek haar eigen malaise heeft, haar eigen ideologische afkalving. Vorige week (26 augustus) was het óók precies honderd jaar geleden, dat de principieel socialistische SDAP werd opgericht. Trouw zegt ervan:
'Precies honderd jaar na de oprichting van de SDAP, op 26 augustus 1894, zit de Partij van de Arbeid in een kabinet met de aartsvijand, die wel heel andere gedachten heeft over mens en maatschappij. Zal de anti-materialistische traditie van de sociaal democraten overleven in een verbond met de liberalen?'
Wat is dan de roeping van de kerk in de verbleekte samenleving vandaag?
Bezinning
Nu blijkt, dat zoveel schepen van christelijke organisatie of kerkelijk apostolaat, van kerkelijke dienst aan de samenleving of van christelijke politieke actie zijn gestrand, maar ook nu blijkt, dat een religieloze samenleving geen antwoord heeft op de diepste zinvragen van mens en samenlevingsverbanden, is het de kerk zèlf, die de weg van de verootmoediging gaan en wijzen zal.
Honderd jaar 'De Wekker', vijfenzeventig jaar 'Het Zoeklicht', vijftig jaar 'Vrijmaking', ruim veertig jaar hervormd apostolaat hebben de ontkerstening niet gekeerd. De reeks valt uit te breiden. Moeten we niet eerder spreken van oordelen Gods die over onze samenleving gaan? En die oordelen beginnen altijd bij het Huis Gods.
Moeten we als kerken en christenen in Nederland niet in retraite om ons te bepalen bij wat echt nodig is voor mens en samenleving? Terugkeer van de samenleving tot de heilzame waarden van het gebod Gods komt niet zonder waarachtige bekering van de kerk(en).
De samenleving is paars geworden. De kerk is mat geworden. Profeet, sta op? Maar we hebben het profetisch Woord. Daarmee moeten en mogen we het doen, ook in een post-christelijke tijd.
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 september 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 september 1994
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's