De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Theologiebeoefening in gereformeerde zin (1)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Theologiebeoefening in gereformeerde zin (1)

8 minuten leestijd

Het is altijd goed voor het begin van een reis de kaart te raadplegen. Wij kunnen dan weten waar ons doel precies ligt en langs welke wegen wij daar hopen te komen. Bij het begin van de theologische studie zal zich een verwarrende veelheid van vakken en studieaanwijzingen opdringen.
Er komen bijbelse vakken aan de orde, kerkgeschiedenis, dogmatiek, predikkunde en zo vele andere nog meer. Er komt een andere visie van leven, een nieuwe wijze van studeren, wij wagen het zelfs te zeggen: er komt een andere manier van leven. Het gevaar is dan groot, dat wij de weg kwijt raken en volkomen verdwalen.

Het is daarom goed aan de aanvang van zulk een studie de vraag te stellen: wat is theologie studeren in gereformeerde zin? Met andere woorden: het verdient aanbeveling een overzicht te geven in de theologie in haar geheel en in het onderling verband van al haar delen. Vragen die daarbij aan de orde komen, zijn deze: Wat is de theologie? Is er een wetenschap? Welke betekenis heeft voor haar de Heilige Schrift?
Wat is haar doel en waarde? Welke vakken behoren er wel bij en welke niet? Deze vragen worden gewoonlijk beantwoord in de encyclopedie der theologie. Die doet ons de eenheid van het geheel zien en de plaats van elk deel in het geheel. Die encyclopedie is de autokaart van de theologie. Ze bevordert een goede reis en een behouden aankomst aan het doel. Geheel in miniatuur, in microformaat willen wij voor vandaag dat werk ook eens doen. Wij geven een overzicht van de theologie.


De naam theologie geeft ons de richting aan, waarin wij hebben te zoeken om te bepalen wat theologie is. Deze naam is afkomstig uit het Grieks. Hij werd al gebruikt bij heidense schrijvers. Theologen waren voor de Grieken dichters en wijsgeren, die onderricht gaven ovr de goden en theologie was dan hun gedicht of leer over de goden. Op heidense manier dacht men aan goden, in het meervoud dus. Maar dit ligt in het woord als zodanig niet opgesloten en zo kon het zonder bezwaar in de christelijke wereld worden overgenomen voor de leer aangaande de enige waarachtige God.

In het gebruik van de naam vinden wij dan een zekere ontwikkeling. Aanvankelijk is hij beperkt tot de leer van de godheid van Christus en van de Drieëenheid. Dan denken wij daarbij aan dàt deel van de geloofsleer, dat handelt over Gods wezen. Wij onderscheiden daar theologie als leer over de Schepper, ter afbakening van anthropologic, en christologie en pneumatologie. Op de duur evenwel werd theologie beschouwd als een systematisch geheel van een zeker aantal vakken, die zich groeperen om bijbel, kerk, dogma en tucht.
De naam theologie betekent kennis of leer aangaande God. In vroeger tijd heeft men zich daaraan gehouden bij de bepaling van wat de theologie naar haar wezen is. Langzamerhand kwam er een beschouwing op die meer nadruk legde op het godsdienstig bewustzijn en leven van de mens. Wij kunnen het ook anders zeggen: er ontstond een controverse tussen een theocentrische theologie en een anthropocentrische theologie. Bij de eerste beschouwing is God onderwerp. Bij de tweede beschouwing gaat het meer om wat de mens ervaart van de uitstraling van God.

Willen wij theologie theologie laten blijven, dan moeten wij handhaven, dat het centraal gaat, niet om het godsdienstig denken en leven van de christen of van de christenheid en ook niet zonder meer om wat in de Heilige Schrift objectief is gegeven, maar om de meest eigenlijke zin van de levende God zelf. Theologie is voor ons naar haar wezen de wetenschappelijke kennis van de enige en waarachtige God. Deze kennis is met de Heilige Schrift op het allemauwst verbonden. God heeft zich in de Schrift juist zo geopenbaard, dat wij Hem daardoor kunnen kennen. Zonder kennis van de Heilige Schrift is er van zuivere theologie geen sprake. Zo komen wij tot deze omschrijving van de theologie, dat er is kennis van God, zoals Hij Zich aan ons heeft geopenbaard in de Heilige Schrift. Intussen mogen wij nog verder gaan: door Zijn openbaring in de Heilige Schrift roept God in deze wereld mensen tot het geloof in Hem, en door dit geloof verbindt Hij die mensen aan Hem en aan elkander. Zo brengt Hij door de werking van Zijn Woord in deze wereld een kerk tot stand, een gemeenschap, die in haar bestaan, haar denken en haar leven zich op Hem moet richten. Met de kennis van God zoals Hij zich in de Heilige Schrift heeft geopenbaard, is dan ook weer ten nauwste verbonden de kennis van Hem, zoals Hij Zijn Woord tot heerschappij bracht en brengt in de kerk. Houden wij daarmee rekening, dan mogen wij zeggen: de theologie is kennis van God, zoals Hij Zich in de Heilige Schrift als Zijn Woord heeft geopenbaard en zoals Hij dat Woord tot heerschappij bracht en brengt in Zijn kerk.

Is theologie nu een wetenschap? Het antwoord op deze vraag hangt af van de opvatting van wat wetenschap is. Wij gaan er nu van uit dat wetenschap die geestelijke activiteit van de mens is, waardoor hij een systematische kennis zoekt te verkrijgen aangaande het wezen en bestaan, de oorsprong en de bestemming van al wat is. Men kan ook zeggen: aangaande het dat, en het hoe, het waarom en het waartoe van al wat bestaat. Dan hoort ook de theologie bij de wetenschap. Want dat God bestaat, staat voor ons onomstotelijk vast. Ja, terwijl alles, wat niet-God is, in zijn bestaan geheel van God afhankelijk is, is God de Grote, de Absolute. Z'n bestaan is een zuiver geestelijke bestaan, maar alleen een oppervlakkig denken kan aan het geestelijke minder realiteit toekennen dan aan het niet-geestelijke.

En wanneer wij het kenmerkende van de wetenschap zien in het systematische van het onderzoek en van het kennen, dan kunnen wij ook in dit opzicht het wetenschappelijk karakter van de theologie ten volle handhaven. Want God eist van ons in zijn liefde, dat wij Hem liefhebben met heel ons hart, met heel onze ziel en ook met geheel ons verstand. Naarmate wij nu Hem meer in Zijn Woord en werk leren kennen, naar die mate komen wij dieper onder de indruk daarvan, dat Hij niet een God van verzoening is, maar dat er in alles wat Hem aangaat, eenheid en orde is. Wie nadenkt over wat God van Zichzelf en Zijn werken in de Heilige Schrift aan ons heeft geopenbaard, die wordt als vanzelf gedrongen naar samenhang te zoeken. Wat leert Hij ons van zijn goddelijk wezen, van de verhoudingen van de drie goddelijke personen, van de band tussen Hem en Zijn schepping, van Zijn verhouding in het bijzonder tot de mens? Niemand zal zijn ideaal stellen in een mediteren en fantaseren in het wilde weg. In onze geest leeft het verlangen naar kennen in een ordelijke samenhang en het gelovig kennen van God is hiervan niet uitgesloten.

God heeft ons Zichzelf geopenbaard in de Heilige Schrift. Dat is het materiaal, ons geschonken tot nader onderzoek. Wij moeten telkens weer tot die bron komen om meer van God te weten te komen. Nu is de Schrift zeer rijk aan inhoud. Eén mens alleen kan de Schrift niet uitputten. Gelukkig heeft God velerlei gaven aan mensen gegeven van inzicht en onderzoek. Wanneer deze gaven zich nu richten op een onderzoeken en kennen in ordelijke samenhang, dan kortten wij tot theologie. Zo is theologie voor ons de systematische kennis van God, zoals Hij Zich in de Heilige Schrift heeft geopenbaard en zoals Hij dat Woord tot heerschappij bracht en brengt in Zijn kerk. Wij vatten er dan ook onder samen het onderzoek om tot die kennis te komen.

Doet zich, wanneer wij de theologie opvatten, niet het gevaar voor, dat de mens God aan zich zou willen onderwerpen, en over Hem denkt te kunnen beschikken? Hem wil vangen in onze denkschema's? Dit groot gevaar dringt inderdaad levensgroot. Maar al is dat gevaar aanwezig, daarmee is het zoeken van wetenschappelijke kennis van God niet verbroken en veroordeeld. Het misbruik heft het goede gebruik nooit op. Bij het nadenken over Gods wezen en werk kunnen wij op allerlei wegen van menselijke hoogmoed en dwaasheid verdwalen. Maar dat doet niets af van Gods eis, dat wij Hem zullen liefhebben ook met geheel ons verstand.

Hebben wij iemand waarachtig lief, dan verlangen we Hem te kennen. Dit kennen is méér dan alleen veel van hem weten. Maar het sluit ook het weten in. Het is juist het weten, het innerlijk verstaan van de liefde, waardoor het kennen voor ons zo grote waarde heeft. De waarachtige liefde dringt ons van Hem hoe langer hoe rijker te leren kennen. En het feit, dat Hij Zich aan ons heeft geopenbaard in een boek, dat vraagt van taalkundig, historisch en ander onderzoek, doet ons zeggen: laten wij onderzoeken, zoveel wij kunnen, maar laten wij het doen met de volle liefde van ons hart, en laat het ons in alles te doen zijn om Hem, die tot ons spreekt, opdat wij Hem kennen.

Van dit laatste punt uit kunnen wij nu nog allerlei lijnen trekken naar het begrip openbaring, naar het geloof en naar de kerk – aspecten die volledigheidshalve zeker aan de orde zouden moeten komen. In het bestek van heden is het evenwel beter beperking toe te passen opdat de volheid de duidelijkheid niet zal schaden. Wij laten dan deze zaken rusten om naar het tweede deel over te gaan.

A. van Brummelen, Huizen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 september 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Theologiebeoefening in gereformeerde zin (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 september 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's