De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Daarom

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Daarom

8 minuten leestijd

De HEERE is goed en recht; daarom zal Hij de zondaars onderwijzen in de weg.Psalm 25 : 8

Bovenstaande tekstwoorden zullen u niet onbekend zijn. En zeker niet de eerste vier woorden: 'De HEERE is goed'.
In allerlei toonaarden wordt dat in de Bijbel gezegd en in verschillende psalmen worden we opgeroepen om de HEERE daarvoor te loven; dat Hij goed is. In de kerk zingen we er van, dat Zijn goedheid verspreid is op al Zijn werken. Of, dat Zijn goedheid hemelhoog is.
En zo zijn er nog veel meer versregels te noemen, waarin er van de goedheid van de HEERE onze God getuigd wordt.
Eén tekst wil ik nog noemen uit Psalm 86, waar David door de Heilige Geest zegt: 'Want Gij, Heere, zijt goed en gaarne vergevende, en van grote goedertierenheid voor allen, die U aanroepen'. Leest u die tekst nog maar een keer, met aandacht. Spelt u de woorden één voor één. Let u vooral op dat woordje 'en'. Heere, Gij zijt goed en… gaarne vergevende en… van grote goedertierenheid. Voor allen, die U aanroepen. Ja, allen. Daar word je toch stil van, nietwaar? Dat is toch niet te begrijpen en nog minder onder woorden te brengen dat de HEERE zó is, zó goed? En dat voor mensen die niet alleen somtijds uit zwakheid in zonden vallen, maar die alleen maar kunnen zeggen: 'Zo Gij, HEERE, de ongerechtigheden gadeslaat, Heere, wie zal bestaan?'
Nou, wanhoop niet, want de HEERE is goed en… gaarne vergevende.
Mag ik u eens vragen, bent u daar wel eens verwonderd over, dat de HEERE goed is? Ziet u dat ook van tijd tot tijd; de goedheid van de HEERE in uw leven; en in het leven van uw man of vrouw of kinderen?
Gaat u van zoveel goedheid, dag in dag uit, weleens door de knieën? Zegt u het de dichter, voor het aangezicht van de HEERE, wel eens van harte na: 'HEERE, u bent ontzaglijk goed voor ons?' Of is dat bij u anders. Hebt u er vragen bij. Gelooft u het niet dat de HEERE goed is.
Zijn er dan mensen die dat niet geloven? Jazeker, ik denk bijvoorbeeld aan Asaf in Psalm 73. Die had er een tijd lang ook zijn twijfels over of de HEERE nou wel zo goed was. Pas toen hij in het heiligdom was ingegaan, toen stemde hij er van harte mee in. Daar begint hij ook zijn psalm mee, om te betuigen: 'Immers is God Israël goed'. Want, dat zult u wel begrijpen, dat hoort bij elkaar.
Zeggen dat de HEERE goed is, houdt tegelijk in, dat alles wat de HEERE doet, ook goed is. Zeggen dat de HEERE goed is, betekent dat u er ook van harte mee instemt dat de HEERE recht is in al Zijn weg en werk.
Zo lezen we dat in de tekst: 'De HEERE is goed en… recht'.
En dat woord 'recht' wil zeggen, de HEERE gaat rechte wegen. En rechtvaardige wegen. Er is niets in alles wat de HEERE doet, wat uit Zijn Vaderlijke hand ons toekomt, wat verkeerd, oneffen of krom is.
Ook dan wanneer wij het niet begrijpen. Ook dan wanneer het 'schijnbaar' kromme wegen zijn.
Denkt u dat Abraham er iets van begrepen heeft, toen hij van de Heere de opdracht kreeg om zijn zoon, zijn enige, die hij liefhad, Izak, te gaan offeren op één van de bergen van Moria?
Was dat, wat de HEERE hem opdroeg, niet in strijd met alles? Met de belofte van een nageslacht en wel een nageslacht waaruit de beloofde Zaligmaker geboren zou worden? Met het gebod, gij zult niet doden? En toch dacht Abraham, in die drie dagen dat hij met zijn geliefde Izak op reis was naar het altaar, niet één keer: 'Dit zijn kromme wegen van de HEERE. Dit is niet goed wat de HEERE doet. Ik ga terug. Dit kan ik niet meemaken'.
Nee, niets van dat alles. Abraham geloofde het, dat de HEERE goed en recht is. En hij gehoorzaamde. In kinderlijk vertrouwen. En in dat vertrouwen wordt hij genoemd, de vader der gelovigen.
Zijn wij in dat vertrouwen ook kinderen van Abraham en dochters van Sara, die de Heere ook getrouw heeft geacht?
Want dat wil de HEERE. Dat wij dat geloven. Dat wij vertrouwen, dat de HEERE goed en recht is. Dat wij Zijn Woord vertrouwen en er aan gehoorzamen.
Dat is het tweede deel van de tekst.
Daar lezen we dat wonderlijke 'daarom', wat als opschrift boven deze meditatie staat.
Vindt u dat ook een onbegrijpelijk 'daarom'? Je zou dat toch heel anders verwachten. Je zou denken dat er stond: De HEERE is goed en recht; daarom zal Hij de zondaars doen naar hun zonden en vergelden naar hun ongerechtigheden'. Of dat er zou staan: 'De HEERE is goed en recht, daarom zal Hij de zondaars die de brede weg bewandelen, hun eigen gekozen weg laten gaan'. Of dat er zou staan: 'De HEERE is goed en recht, daarom zal Hij de zondaars die Zijn Verbond niet houden, die Zijn inzettingen niet betrachten, die niet in een Godvruchtig leven wandelen, overgeven aan de begeerten van hun eigen hart?'
En zo kunt u nog vele andere redenen noemen, wat er op dat 'daarom' zou kunnen volgen. Wat de HEERE goed en recht zou kunnen zeggen en doen. Hij doet het niet. Hij handelt nooit met ons naar onze zonden. Hij is het, die ons Zijne vriendschap biedt.
Wat mogen we daarin zien de grootheid van Zijn goedheid. Wat mogen we daarin horen hoe barmhartig en genadig de HEERE is. Wat mogen we daarin opmerken dat de HEERE goed is en dat in liefde is. In liefde tot ons behoud genegen.
Nou daarom. Daarom zal Hij de zondaars onderwijzen in de weg. Daar is de HEERE al mee begonnen in het Paradijs, toen het eerste mensenpaar al bevende tot Hem kwam en daar is de HEERE mee doorgegaan tot de dag van heden, met het onderwijzen in de weg.
Nee, niet rechtstreeks, niet door een stem uit de hemel, of door een engel, of een visioen, maar door Zijn dienst.
Door mensen die de HEERE daartoe in Zijn dienst roept. Allerlei mensen, van een apostel tot een moeder. Die Hij zegent en bekwaam maakt met de Heilige Geest. Om de zondaars te onderwijzen in de weg. En wilt u dat gewoon nemen zoals het er staat, dat woord 'zondaars?' Dat zijn geen vrome zondaars en geen uitverkoren zondaars of ontdekte zondaars, of welke soort zondaars er nog meer zijn. Er staat zondaars en daar valt u ook onder. Daar hoort u ook bij.
Weet u wie daar ook bij hoort?
Uw zoon of dochter die zich van de kerk en van de dienst van God heeft afgekeerd.
Uw kind dat aan de drugs verslaafd is.
Uw geliefden, waar u duizend zorgen over heeft.
Of uw man die het allemaal zo goed weet en het niet doet.
Begint het 'daarom' van de tekst nu nog meer voor u te spreken?
Of weet u niet hoe het zou moeten. Hoe de HEERE die afgedwaalde zondaars op de brede weg, zou kunnen onderwijzen in de weg.
Zou de HEERE dat niet weten? Zou de HEERE geen middel hebben? Weet u, we zijn gedoopt in de naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest.
Uw kind waarschijnlijk ook. Ga er mee tot die Vader die van 'alle goed' wil verzorgen. Hij is goed. En al wat u ontbreekt; vraagt het.
Zijn goedheid kent in 't gans heelal geen perk.
Daarom zal Hij zondaars onderwijzen in de weg. En die weg, daar is nog veel van te zeggen. Die weg, dat is de weg ten leven. Dat is de weg van Gods heil.
Samengevat is het de Heere Jezus. Hij zegt het: 'Ik ben de Weg'. En Hij roept om Hem te volgen op de weg naar het eeuwig zalig leven.
Let er wel op en zeker in deze tijd, dat er niet staat: 'een weg'. Ook de Heere Jezus zegt niet: 'Ik ben een Weg'. Nee, Hij onderwijst zondaars in 'de weg'. En de Heere Jezus is 'de Weg'. Voor alle zondaars. Zowel voor joden als Palestijnen, voor Groningers en Zeeuwen. Hij is de enige Weg tot behoud.
En de HEERE onderwijst de zondaars in de weg, opdat zij die weg ook zullen gaan. Opdat zij hun treden zetten in het spoor. Opdat zij die weg gaan, ziende op de Overste Leidsman en de Voleinder van het geloof, Jezus. Hij heeft gezegd: 'Wie Mij volgt zal in de duisternis niet wandelen, maar het licht des levens hebben'. En in het volgen van Hem, in het gelovig volgen, in het luisteren en gehoorzamen, zullen we er ook steeds meer in onderwezen worden dat de goedheid van de Heere zo groot is, dat we daar nooit te groot van kunnen denken.
Want God, de Heere, zó goed, zó mild,
is 't allen tijd een zon en schild.
Hij zal genade en ere geven.
Hij zal hun 't goede niet in nood
onthouden, zelfs niet in de dood,
die in oprechtheid voor Hem leven.
Welzalig, Heere, die op U bouwt,
en zich geheel aan U vertrouwt.

T. Cammeraat, Krabbendijke

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 oktober 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Daarom

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 oktober 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's