De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Weg uit de neerwaartse spiraal

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Weg uit de neerwaartse spiraal

Goede dingen in Juda

11 minuten leestijd

Dagelijks worden we opgeschrikt door dood en verderf zaaiende oorlogen of rellen in de wereld. De verschrikking van de dood komt op ons af vanuit de oorlogsgebieden. In het voormalig Joegoslavië komt er maar geen eind aan. Van week tot week wordt in kerkdiensten de hemel bestormd, dat het geweld moge ophouden. De dood is immers verschrikkelijk. Waar gaat het heen met deze wereld?, vragen mensen, die geen vrede kunnen hebben met onvrede, zich verbijsterd af.


Niet minder schokkend kan zijn de manier, waarop moderne mensen met de dood omgaan. In hartje Amsterdam stond een rose doodkist opgesteld, met een rose lijkwagen. Een homo-voorman werd begraven en bracht rondom zijn dood honderden mensen op de been. Artiesten kwamen de dood van deze man luister bijzetten en zorgden zo voor een uitdagend gebeuren, waarmee aandacht voor de homobeweging kracht moest worden bijgezet. Het had iets van een heidens dodenfeest. Hebben mensen, die zo met de dood omgaan, niet elk besef van de verschrikking van de dood en de realiteit van de eeuwigheid verloren?' Het is de mens gezet eenmaal te sterven en daarna het oordeel, zegt de Schrift (Hebr. 9 : 27). De dood is de ontluistering van het leven. Bij elke begrafenis mag er dan ook wel de inkeer zijn: de dood is de bezoldiging van de zonde. Alleen het Evangelie opent perspectief over dood en graf heen.
Een manifestatie als in Amsterdam – of het nu vanuit de homobeweging of vanuit een andersoortige kring van mensen is – maakt ons duidelijk, dat het besef van de ernst van de dood vandaag naar achter wordt gedrongen. De dood wordt gezien als een laatste uitstapje. Het laatste woord is aan artiesten.
Een schokkend gebeuren! Zomaar een voorbeeld van een ontkerstenende samenleving.


Wie vandaag oren en ogen open heeft in onze samenleving, heeft dagelijks wel reden om zich af te vragen waar het heengaat. Hoevelen wankelen niet ten dode. Er is weinig reden voor een optimistisch levensgevoel.

En inmiddels stapelen we ook klacht op klacht over de ingezonkenheid van de kerk. Heeft de kerk nog een boodschap? Zagen we de één voor de ander niet vertrekken, omdat men met Demas de tegenwoordige wereld lief kreeg?
En hoe is het met de overblijvende gemeente?
Wat te denken van een kerkelijke samenkomst, die wordt afgesloten met een islamgebed?
Wat te denken van stadsgemeenten, waar alles getolereerd wordt behalve christocentrisch evangelisatiewerk?
Wat te denken van (wijk)gemeenten, die zienderogen slinken, omdat er geen echte Boodschap meer is?


Terwijl ik deze dingen zo overdacht, stond er een auto voor me met de bekende sticker op de achterruit: 'er is hoop'. Zo'n simpele sticker zet je weer even op het andere been. De tekst is niet alleen goed voor mensen, die niet meer weten en nooit ècht wisten, dat er hoop is, maar ook voor mensen, die er wèl van weten maar er van tijd tot tijd krachtdadig aan herinnerd moeten worden.

Spiraal
Al jaren zijn we als christenen bezig elkaar in een neerwaartse spiraal van denken te ontmoedigen. De thema's kerkverlating, godsverduistering, secularisatie, zijn aan de orde van de dag. Er zijn boeken en conferenties mee gevuld. En we komen niet verder dan de klacht en de analyse. Is dat een weg van hoop?
De Schrift wijst een andere weg. Toen Rehabeam de wet des Heeren verliet – 'en gans Israël met hem' – kwam de profeet Semaja hem zeggen: 'Alzo zegt de Heere: Gij hebt Mij verlaten, daarom heb Ik ook u verlaten' (2 Kron. 12 : 5). Maar toen de koning, samen met andere leiders in Israël, zich metterdaad verootmoedigde, zei de Heere: 'Zij hebben zich verootmoedigd, Ik zal hen niet verderven, maar Ik zal hun in korte tijd ontkoming geven'.
In korte tijd ontkoming, waarom zou het nu niet kunnen? Maar dan eerst verootmoediging!

Goede dingen
Intussen staat er echter ook dat ene, bijna onopvallende tussenzinnetje in dat hoofdstuk: 'ook waren in Juda nog goede dingen' (vs. 12). Welke dat waren staat er niet bij, maar het stáát er wel. Het was niet allemáál niets meer.
Mij dunkt, dat we ons dan ook vandaag te binnen mogen brengen de goede dingen, die er nog zijn. Tel uw zegeningen, één voor één.
'Kijk eens naar het grote aantal jongeren, dat vandaag nog wèl naar de kerk komt', zei me kort geleden een broeder uit onze gemeente. En inderdaad, het is hoopgevend als ze in drommen na de kerkdienst voor de kerk staan. Ze zijn er steevast, ook 's avonds in de tweede dienst.
Ook vandaag gaan in Nederland nog duizenden jongeren tweemaal per zondag naar de kerk. Toen ik dat dezer dagen zei en concretiseerde tegenover iemand uit omroepland leek het, blijkens de reactie, alsof ik uit een andere wereld kwam. Maar intussen, ook vandaag nog dragen duizenden jongeren datgene, wat ze meekrijgen in de kerk, met name wat ze meekrijgen uit het Woord, mee hun leefwereld in van elke dag.
Alle nadruk ligt vandaag op kerkverláters. Maar de kerkblijvers zijn er ook, in niet geringe mate zelfs. En waar jongeren (weer) komen, neemt het aantal soms ook (weer) zienderogen' toe.


Een ànder voorbeeld. In een stadswijk, waar het zo langzamerhand afgelopen leek te zijn met de gemeente, komt van zondag tot zondag nochtans een gemeente samen, niet bestaande uit honderden kerkgangers, maar wel bestaande uit kerkgangers, die gemiddeld een leeftijd hebben, die beduidend onder de middelbare leeftijd ligt. En de onderlinge gemeenschap is hecht.
Gods werk gaat door. Vandaag heet het al gauw triomfantelijkheid wanneer erop gewezen wordt, dat dwars tegen de heersende trend in, er nog gemeenten zijn met trouw in de kerkgang, met een levendig gemeentelijk leven. Ongetwijfeld is er wel eens te triomfantelijk van opgegeven dat daar, waar de zuivere Woordbediening nog is, de schare nog komt. Maar het is zeker geen triomfantelijkheid als gewaagd mag worden van de vruchten des Geestes. De danktoon mag en moet er ook zijn.
God is geen God van duisternis maar van Licht, tegen de achtergrond van oordeel. Na alle publikaties over Godsverduistering verscheen recent dan ook niet ten onrechte een boek over Godsverlichting (prof. dr. W. J. Ouweneel).
Ook vandaag mag ter bemoediging worden gezegd: er zijn nog goede dingen in Juda.
De weg van de neerwaartse spiraal behoeven we niet te gaan.


Nòg één voorbeeld. Een gemeente werd al sinds jaar en dag verscheurd door innerlijke twisten en tegenstellingen, zowel van geestelijke (modalitaire) als van puur beleidsmatige aard. Met de komst van een nieuwe dienaar van het Woord keerden langzaam maar zeker de normale verhoudingen terug. De gemeente bloeide weer op, geestelijk en ook in financieel opzicht. Zulke gemeenten zijn er ook vandaag, gemeenten waar het nog goed is of waar het weer goed is gewòrden. Dat behoeft niet verzwegen te worden. Dat te bedenken is tot bemoediging.

Opwekking
Er wordt vandaag veel gesproken over de noodzaak van opwekking. Er zijn zelfs zogeheten opwekkingskringen of opwekkingsbewegingen. Als we bepaalde bladen moeten geloven zijn er zelfs grote opwekkingen aan de gang of zij staan voor de deur. Soms doet het geforceerd aan en moet men ook vragen waar de blijvende vruchten ervan in onze samenleving te zien zijn.
Soms moet het alles ook opzienbarend toegaan, om de echtheid te benadrukken. Vandaag bijvoorbeeld dient zich de zogeheten 'Toronto zegen' aan, een beweging, die vanuit Toronto en vervolgens via Engeland ook naar Nederland overwaait. Mensen worden – in massale meetings, binnenkort in de IJsselhallen in Kampen – bij het aanhoren van de Boodschap vervuld met de Heilige Geest en vallen allemaal 'lachend en brullend' op de grond. Ze raken geheel in extase. Dit moet dan kennelijk een manifestatie zijn van het feit, dat ook vandaag het Evangelie iets uitwerkt. Naar het mij voorkomt is het zó, dat ook hier het opzienbarende overtuigen moet, als een óver-reactie op de secularisatie en de Godsvervreemding. Zo gebéúrt er immers nog eens iets! Maar het is wel een gebeuren waar de Schrift zó niet van weet. In de Schrift is het gewone bijzonder.


Maar ook waar opwekking niet zo uitdagend en opzienbarend aan de orde is, worden nochtans wel vaak het grootschalige, het massale of verschijnselen, die met uiterlijke tekenen breed om zich heen grijpen, benadrukt.
We mogen echter niet vergeten de gewone voortgang van de Evangelieverkondiging, met vruchten, die dáárin openbaar komen, dat er telkens weer een jonge generatie is, die de fakkel van de ouderen overneemt. Het mag een wonder van Gods onderhoudende trouw en genade heten, dat ook vandaag weer jonge mensen staan aangetreden om in het spoor van het voorgeslacht te gaan, omdat het Woord hen in beslag nam en te sterk werd.

Met dankbaarheid mag ook worden geconstateerd, dat het Woord Gods jonge mensen zó in beslag nam en neemt, dat ze zich geroepen weten dit Woord te gaan verkondigen. De 'dwaasheid gekroond'! We moeten vandaag zelfs spreken van een aanbod, dat vandaag groter is dan de vraag. Dat kàn en màg natuurlijk niet in de gemeente des Heeren. De velden zijn wit om te oogsten, zeker in een ontkerstenende samenleving. Daarom kunnen er eigenlijk geen dienaren teveel zijn. Is er niet de zegen van de Woordverkondiging, omdat nog telkens dienaren worden uitgestoten in Gods wijngaard? De kandelaar is er nog.


De kerk is – dat wil ik met name zeggen – door de eeuwen heen nog altijd de grootste en voort-durende opwekkingsbeweging, waarin geldt 'niet door kracht, noch door geweld maar door Mijn Geest zal het geschieden'. En dat werk gaat door.
Kortom: er zijn nog goede dingen in Juda.

Gerichtheid
Het is daarom dunkt me van fundamentele betekenis welke kant we vandaag als christenen opkijken. Zien we naar de verschijnselen in de wereld, naar de ontwikkelingen in eigen samenleving, naar ontwikkelingen in de kerk zèlf, dan is er weinig reden om te zeggen 'er is hoop'. Eerder slaat dan de verlamming toe.
We mogen ons echter niet door een nameloos arme wereld laten verlammen en zeker ook niet de boodschap zelf erdoor laten bepalen en op den duur er door laten ontkrachten. Want hoop komt toch van de Andere Zijde!
Het gaat bovendien uiteindelijk ook vandaag niet om de aantallen maar om de kracht van de Evangelieboodschap, die zich uitwerkt in harten van mensen.


Daarbij vallen wel twee dingen op te merken. Alleen de prediking van het volle Woord Gods zal zegen hebben. We zien vandaag dáár de kerk, liever nog de gemeente verder inkrimpen, waar alles aan de orde is behalve het Evangelie van Kruis en Opstanding, van verzoening en verlossing en vergeving. We zien anderzijds dat alleen dáár het Woord blijvende uitwerking heeft bij mensen, waar het nog gaat om het heil voor de mens, in diens persoonlijke verhouding tot God.

En in de tweede plaats: verootmoediging zal de grondtoon zijn en geen triomfantelijkheid. De weg van de verootmoediging is de lage weg, die de gemeente van Christus vandaag ook gaan zal.
Verootmoediging naar binnen toe, vanwege het gehalte en de gestalte van de gemeente zelf.
Verootmoediging naar buiten toe, omdat de tekenen van Christus één voor een uit de samenleving verdwenen zijn. Op zelfverzekerd christendom is de wereld ook uitgekeken. Ootmoedig christendom zal echter ook solidariteit tonen in de schuld en begrip opbrengen voor het feit, dat zonen van de verloren zoon geen antenne meer hebben voor het Evangelie. Alleen langs de weg van verootmoediging is er hoop.


Maar intussen verachten we de dag van de kleine dingen niet: 'de goede dingen in Juda'.
Het vraagt soms zèlf-verloochening om die 'goede dingen' bij anderen te zien.
Heerlijk als de éne voorganger die goede dingen weet op te merken in de arbeid van zijn collega.
Heerlijk wanneer we binnen de éne kerkelijke gemeenschap die goede dingen op weten te merken in andere kerkelijke gemeenschappen.
Heerlijk als ouderen zegen willen zien en erkennen in werk onder jongeren, ook als het soms in andere vormen gestalte krijgt dan men gewend is.
We moeten ons niet in het defensief laten drukken. Want er is hoop, omdat Jezus Christus onze Enige Hoop is. En van tijd tot tijd geeft Hij vandaag ook tekenen ervan, dat die hoop gegrònde hoop is.

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Weg uit de neerwaartse spiraal

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1994

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's