De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uw Naam worde geheiligd... (1)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uw Naam worde geheiligd... (1)

Het Onze Vader

8 minuten leestijd

Een goede naam is veel waard. Op weinig dingen zijn mensen zo zuinig als op hun naam. Daar is ook reden voor, want in onze naam zijn wij kwetsbaar. Hoe vaak gebeurt het niet dat een politicus het veld moet ruimen, omdat zijn naam in verband gebracht wordt met een of ander duister zaakje. En een zakenman wiens naam op negatieve wijze in de publiciteit komt, kan in de meeste gevallen de boel wel sluiten. Een goede naam is van het allergrootste belang. '

Dat geldt niet alleen van mensen. Ook God is zuinig op Zijn Naam. Vandaar dat in de Tien Woorden nadrukkelijk gezegd wordt: Gij zult de Naam van de Heere uw God niet ijdel gebruiken. In het jodendom neemt men dat gebod zo letterlijk, dat het zelfs verboden is om een bijbeltekst met de Godsnaam als wandversiering te gebruiken. En kaarten om rond te sturen met de Naam van God erop zijn al helemaal ondenkbaar. Waarom worden Thorarollen in de synagoge zo zorgvuldig bewaard? Omdat de Naam van God niet mag worden besmeurd of verscheurd. Hitler wist dat. Daarom liet hij schoenzolen maken van de heilige boekrollen. Lopen op de Naam van Israels God. Grover lastering is voor een jood niet denkbaar. Wie de Naam van God bezoedelt, letterlijk of figuurlijk, tast God in Zijn eer aan.

De hoogste prioriteit

Als een echo op het derde gebod heeft Jezus ons leren bidden om de heiliging van Gods Naam. Gebod en gebed liggen in elkaars verlengde. Wat God ons opdraagt in zijn wet, mag biddend van Hem gevraagd worden. 'Geef wat Gij beveelt, alleen dan kunnen wij doen wat U van ons eist. Geef voor alle dingen dat Uw Naam door ons worde geheiligd...'

Het mag ons niet ontgaan dat juist deze bede voorop gaat in het Onze Vader. Dat is geen toeval. De volgorde van de verschillende beden is niet willekeurig. Wat het eerst genoemd wordt, is tevens het belangrijkste. Niet alleen wanneer wij letterlijk het volmaakte gebed bidden. Het Onze Vader is immers ook en vooral een voorbeeld, een paradigma voor al ons bidden. Steeds wanneer wij onze handen vouwen, dient de heiliging van Gods Naam de prioriteit te hebben.

Of dat in de praktijk ook altijd het geval is? Dat kan ieder alleen voor zichzelf beoordelen. Maar het ergste valt te vrezen. Hoe vaak beginnen onze gebeden niet met onze eigen vragen en verlangens? En niet zelden eindigen ze er ook mee. We stellen onszelf en onze zaakjes zo gemakkelijk voorop in ons gebedsleven. Er is niet minder dan een bekering voor nodig, een dagelijkse bekeing om de rang-en volgorde van het Onze Vader metterdaad te praktiseren.

Dagelijkse bekering

Eén ding staat als een paal boven water. Hoe meer betrekking we hebben op Gods Naam, des te meer zal de heiliging van die Naam ons ter harte gaan. En des te rijker en voller zal ons gebedsleven daardoor ook worden. Dan wordt ons bidden als vanzelf een aanbidden. En in de aanbid­ ding worden we opgetild boven alles wat ons drukt en benauwt. De aanbidding verwijdt ons hart en opent perspectieven waar we eerst geen hand meer voor ogen zagen. Een betrekking, een relatie. Van God uit is die er allang. Toen we gedoopt werden, heeft God Zijn Naam aan onze naam willen verbinden. Toen is die Naam over ons uitgesproken en aan ons voorhoofd verzegeld. Voelt u maar eens, dan merkt u dat uw hand nat wordt. Het doopwater droogt immers nooit op. En hoe vaak werden we in die Naam niet begroet aan het begin van de kerkdienst? Evenzo vaak werden we in de Naam van God gezegend als we huiswaarts keerden. Van God uit is de betrekking er. In ons gebed mag blijken of dat omgekeerd ook het geval is. Of de relatie wederzijds geworden is. Of Gods Naam ons lief is, ons een en al. Dat spreekt niet vanzelf Daar is niet minder dan een bekering, een dagelijkse bekering voor nodig. Hoe meer die Naam ons waard is, des te ernstiger en inniger bidden wij het onze Meester na: Uw Naam worde geheiligd.

Een Naam vol belofte

Over welke Naam gaat het eigenlijk? Misschien goed om die vraag ook even te stellen. Wie de berijming van het Gebed des Heeren leest, kan namelijk op een dwaalspoor worden gezet. Geheiligd word' Uw Naam! Ai geef, dat elk waar hij op aard leev', die Vadernaam erkennen moog. Zo zingen wij 't nogal eens in de kerk. Maar helemaal juist is dat niet. Het volmaakte gebed bidt niet zozeer om de heiliging van Gods Vadernaam, maar van Zijn eigennaam. De naam waarmee Hij zich bekendgemaakt heeft, geopenbaard heeft. Jahwe, Jehovah, de Naam die in de Statenvertaling met hoofdletters staat aangegeven. In die Naam heeft God Zich leren kennen. Die Naam zegt Wie Hij is en hoe Hij is. De Wezende, vertalen sommigen. Maar dat is niet krachtig, niet duidelijk genoeg. De God die is, die erbij is, die met Zijn volk mee optrekt. Daar moest Mozes het mee doen, toen hij geroepen werd om het volk uit de slavernij van Egypte te voeren. Daar kon hij het ook mee doen. Want Gods Naam ging mee. God Zelf was erbij. De Naam des Heeren is een machtige belofte, een stevig houvast, een schuilplaats voor ieder die deze Naam vreest. Hij is een Sterke Toren; de rechtvaardige zal daarheen lopen, en in een Hoog Vertrek gesteld worden (Spr. 18:10).

Vertrouwen, eren, prijzen

Uw Naam worde geheiligd. Wat bidden we daarmee eigenlijk? Dat Gods Naam door ons steeds een beetje heiliger gemaakt zal worden? Heiliger dan deze al is? Wie is in staat om vanaf de aarde de temperatuur van de zon te regelen? Hooguit kunnen wij de stralen van de zon verduisteren. Precies daarom vragen wij: dat wij aan de heiligheid van Gods Naam niet tekort zullen doen. Die Naam niet belasteren of bezoedelen. Die Naam niet misbruiken of ongebruikt laten liggen, alsof God er eenvoudig niet is. Maar integendeel, die Naam goed gebruiken, gebruiken waarvoor deze gegeven is. Op die Naam bouwen, daarop al on­ ze hoop stellen voor heden en toekomst. Die Naam liefhebben, eren, bezingen. Daar gaat het om. Het Oude Testament is er vol van. De profeten hebben het volk opgeroepen niet te vertrouwen op mensen of machten, maar op de Naam des Heeren. De Psalmisten hebben die Naam uitbundig geprezen, die Naam zo groot en heilig en goed. Het hele volk, de ganse aarde wordt aangespoord om met die lofprijzing van Gods Naam in te stemmen. 'Geloofd zij de Naam van Zijn heerlijkheid tot in eeuwigheid en de ganse aarde worde met Zijn heerlijkheid vervuld' (Psalm 72 : 19). Met groot verlangen wordt onder het oude verbond uitgekeken naar de vervulling van Gods beloften, naar de dag dat zelfs op de bellen van de paarden geschreven zou staan: heiligheid des Heeren (Zach. 14:20). En in het Nieuwe Testament is het niet anders. Vol verwondering en aanbidding heeft Maria het gezongen: de Heere heeft grote dingen aan mij gedaan. Hij, Die machtig is en heilig is Zijn Naam... (Lukas 1 : 49). En in het laatste bijbelboek klinkt het machtige lied bij de glazen zee:groot en wonderlijk zijn Uw werken, Heere, Gij almachtige God, rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen. Gij Koning der heiligen. Wie zou u niet vrezen, Heere, en Uw Naam niet verheerlijken: want Gij zijt alleen heilig...' (Openb. 15 : 3, 4).

Verlegenheid

Hebt u er ook weleens last van? Van sleur in uw gebedsleven? Dat is het grootste gevaar bij het bidden van het Onze Vader. Het automatisme. Het ritualisme.

Realiseren we ons ook wat we bidden? Wie ook maar even de eerste bede tot zich laat doordringen, kan zich wel wegschamen. Hoe vaak en hoe erg wordt Gods Naam ontheiligd. In de wereld om ons heen. De secularisatie heeft Gods Naam ver naar de rand van onze samenleving gedrongen en in veel opzichten erbuiten. Hoe zwaar weegt de heiliging van Gods Naam in 's lands vergaderzalen? Wanneer komt Gods Naam in de media ter sprake, anders dan om die bespottelijk te maken? Maar laten we dichter bij huis blijven. Wat komt er van de heiliging van Gods Naam terecht in ons eigen leven? Ligt in die Naam onze kracht? Of vertrouwen we toch liever op onze eigen mogelijkheden, op de grote namen en idolen van onze tijd? Noemen we Gods Naam bij de geboorte van ons kind, als we genezen mochten van een ziekte? Durven we die Naam te belijden, op ons werk, in onze vrije tijd? Of schamen we ons ervoor om iets goeds te zeggen van Gods Naam? Heeft de lofprijzing een plaats in ons leven? Of steken we onze energie liever in het bekritiseren van Praise-avonden voor jongeren? Hoe meer dergelijke vragen ons in verlegenheid brengen, des te indringender wordt ons bidden: Uw Naam worde geheiligd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Uw Naam worde geheiligd... (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's