Luisterend Dienen
Een beweging van christenen voor christenen met het oog op de nood van de wereld om ons heen Traditioneel is de eerste zondag van februari dè zondag, waarop we collecteren voor het Werelddiakonaat. Sinds de watersnoodramp van 1 februari 1953 weten we wat het betekent, dat hulp van de kerken uit andere landen voor de kerk van groot belang kan zijn. Indrukwekkend was het te zien hoe hulpverleners vanuit andere landen kwamen om te helpen. Ook om te zien hoe inzamelingen van hulpgoederen en geld door de gemeenten uit het gehele land tekenen van hoop en bemoediging waren voor de getroffen mensen op de Zeeuwse en Zuidhollandse Eilanden. Christenen helpen christenen... met het oog op de nood om hen (ons) heen. Een typering voor het Werelddiakonaat van onze kerk.
Met de verschrikkelijke beelden op ons netvlies en berichten in ons hoofd over de grote aardbeving in Japan, weten we plotseling weer heel onthutsend, hoe een acute noodsituatie een totale ontreddering teweeg kan brengen. Ook diepe kloven kan slaan in een volksbestaan. Zoveel doden, zoveel gewonden, zoveel totale vernietiging... waar moet een mens beginnen? Er zijn vele organisaties, die juist in acute noodsituaties inspringen, daar mensen en hulpgoederen naar toe zenden en met kleurrijke folders bij ons op de deurmat terecht komen. Met uiteraard de vraag om onze hulp in de vorm van geld.
Ook de kerken zijn in de acute nood aanwezig. Vaak niet door mensen te sturen, wel door ondersteuning van de kerken ter plaatse. Want: Werelddiakonaat is voor alles helpen waar geen helper is en loopt doorgaans van de kerk (hier) tot de kerk (daar). Christenen voor christenen... Speciaal voor rampen en vluchtelingen is voor Luisterend Dienen in het kalenderjaar 1995 een bedrag uitgetrokken van ƒ 250.000, —, gereserveerd voor acute noodsituaties. In totaal hopen we in 1995 1, 8 miljoen bijeen te krijgen. Ten dienste van onze 'verre' naaste.
Dat kan alleen, wanneer er in de kerken gecollecteerd wordt voor het werk van het Werelddiakonaat. Daarom wordt juist op de eerste zondag van februari doorgaans de diaconiecollecte bestemd voor het Werelddiakonaat. Een goede zaak.
Maar... een gemeentelid is meer dan een (goed gevulde) portemonnee!
Betrokkenheid
Op een avond zei iemand: 'Als ik naar de publikatieborden in ons kerkelijk centrum kijk, word ik moedeloos. Zoveel nood, zoveel projecten, die een appèl doen op mijn meeleven... en steeds weer heb ik de neiging naar mijn portemonnee te grijpen...
Eigenlijk, als ik de woorden van deze broeder goed begrijp, wil hij zeggen, dat er feitelijk een afvlakking heeft plaatsgevonden. Het is allemaal zo plat geworden in ons denken, dat het uitschrijven van de girokaart werkt als een soort gewetens-sussing. We hebben er ook wat aangedaan.
Dat nu zullen we moeten overstijgen. Want Werelddiakonaat... daar doe je niet aan als kerk maar het hoort bij het wezen van het kerk-zijn. Zorg en aandacht voor de naaste. Vooral dat woord aandacht... daar staat de Bijbel vol van. Als we denken aan de Heere Jezus, hoe Hij 'innerlijk met ontferming bewogen' was met de schare, omdat zij moe en afgemat waren, als schapen zonder herder (Matth. 9 : 35, 36). Hij peilt hun nood eri daarin hun diepste (hun geestelijke) nood. En daarin gaat de Heiland voorzien: oor de verkondiging van het Evangelie van het Koninkrijk van God en door hun zieken te genezen, de duivelen uit te werpen en de doden op te wekken. Want het Koninkrijk is een Koninkrijk van een andere orde, van de orde van God, waar geen ziekte, geen bezetenheid en geen dood een plaats kan hebben. Daarom zien we de tekenen, die de prediking van het Koninkrijk onderstrepen, zichtbaar maken. Vervolgens zien we in Matth. 9 en 10 dat het daar niet bij blijft!
Deze bewogen beweging is niet gestopt met het leven en werken van de Heiland. Hij betrekt Zijn volgelingen. Zijn leerlingen erbij. 'Bidt dan de Heere van de oogst, dat Hij arbeiders uitzende...!' Bidden... dat is spreken met God, zo leren wij onze kinderen. Hier worden de leerlingen van de Heere Jezus geleerd, dat in het gebed er plaats gemaakt moet worden voor de nood van de wereld om ons heen. En in Mattheüs 10 zien we dat deze bidders ingeschakeld worden. En hun opdracht is feitelijk niet anders, dan te gaan in het spoor van de Heere Jezus. Want ook zij moeten gaan om te prediken èn om zieken te genezen enz.
Deze bijbelse lijn uit Mattheüs zien we terug in verschillende andere gedeelten van de Bijbel. Denk maar aan de gelijkenis van de Barmhartige Samaritaan, aan het gebeuren in het huis van barmhartigheid (Bethesda). Zie naar de 'Handelingen der apostelen', waarin we ontdekken dat diaconaat niet een mindere plaats heeft binnen de gemeente, binnen het zendingswerk.
Duurzaamheid
Een naaste willen wezen... dat is iets meer dan even aandacht hebben voor de ander, omdat er acute nood is. Dan word je betrokken bij hun vragen en hun zorgen. Dan word ik op méér aangesproken dan dat alleen mijn financiële aandacht wordt gevraagd. Dit grijpt dieper in. En dat is niet een zaak, of ik dat wil of toelaat... maar eenvoudig een opdracht, een opgave (waar tegelijk ook het woord 'gave' in zit: en door God gegeven mogelijkheid!). Als wij ons als kerk door de Heere Jezus 'gezonden' weten ('Gelijk Mij de Vader gezonden heeft, zend ik ook u' — Joh. 20 : 21) dan is dit niet een luxe of gerecht voor fijnproevers (alleen voor hobbyisten)... maar een wezenlijke taak van de gemeente van onze Heere Jezus Christus.
Daarom zien we bij de projecten van het Hervormde Werelddiakonaat steeds weer een stroom van jaarlijks terugkerende projecten in het boekje vermeld staan. Duurzame contacten met de kerken in Indonesië, in Afrika en het Midden-Oosten... omdat zij de nood om hen heen dagelijks zien en zich daarbij.betrokken voelen. Daarom mogen wij niet anders dan duurzaam betrokken zijn bij hun vragen en zorgen. In woord en daad... biddend en hulp verlenend.
Werelddiakonaat is niet een beweging van voorbijgangers... maar van échte aandacht. Luisterend naar de vragen en noden van de bevolking en de kerken 'daar', om van de vele, ons geschonken gaven mee te delen met hen.
Delen
In Handelingen 6 zien we, dat de nood gehoord wordt. En niet in de zin, van gesignaleerd met daarbij het moedeloos makende gevoel: wij zijn maar met twaalf ambtsdragers en meer dan 5.000 gemeenteleden vragen om aandacht, zorg en vooral de pastorale bearbeiding. Hoe moet dat toch ooit tot ieders tevredenheid zijn?
Nee, niet zo! Maar daar zien we dat de nood creatief maakt: aar de nood van de armen (de weduwen!) de gemeente voor een probleem geplaatst heeft worden nieuwe dienaren benoemd, om het diaconale aspect van het gemeentewerk op te pakken. Daar zien we basislijnen voor het diaconaat ontstaan, die in 2 Corinthe 8 en 9 wereldwijde aspecten krijgen. Juist in de eerste christengemeente, maar ook in 2 Cor. 8 : 5 ('... gaven zichzelf eerst aan de Heere, en daarna aan ons...') zien we dat diaconaat meer is dan een collecte houden. Het is delen, waarin de gever zichzelf in de gave meedeelt aan de ontvanger. Door de toewijding aan de Heere, de God van het verbond.
Daarom liggen de lijnen van het Werelddiakonaat dieper getrokken. In duurzame betrokkenheid op de ander, de kerken en christenen in de andere landen, hopen we iets van dat delen te mogen (doen) ervaren. Zij van ons en wij van hen. In de zendings-terminologie heet dat: 'wederkerigheid'. Deze wederkerigheid krijgt handen en voeten doordat wij hen bezoeken vanuit Nederland en omgekeerd: wij krijgen delegaties uit Afrika en Indonesië enz. op bezoek in Nederland. De contacten over en weer bevorderen dat 'delen' zeer. Het is verrijkend om door de ogen van de ander eens naar mezelf te kijken, onze Nederlandse situatie te zien.
Halmahera
Het collecte-moment van de eerste zondag van februari 1995 kent een voorbeeld-project. Halmahera ligt op het grootste eiland van de Noord-Molukken in Indonesië. De aandacht van de kerken daar is vooral gericht op de 'inlandse bevolking', die in de binnenlanden nogal geïsoleerd leefde. Bij het open-leggen van het eiland, door de aanleg van wegen, zijn de stammen meer in het gezichtsveld gekomen. Het isolement wordt doorbroken, maar daarmee komen wel allerlei zaken naar boven, die vragen om echte aandacht en zorg, de van oorsprong nomadische jagers kun je niet plotseling als landbouwers hun leven laten invullen. Gevolg is, dat de vrouwen vaak met hun kinderen in de huizen bij de kerk en de school blijven wonen, terwijl de mannen vanwege hun oerdrift toch weer op trek gaan om te jagen. Daarom moeten vooral de vrouwen geholpen worden bij hun aanleg en onderhoud van tuinen, met als doel dat de mensen (weer) zelfvoorzienend worden. Naast dit aandachtsproject worden genoemd: de dove kinderen van Kaaga, Kenya; gehandicapte vrouwen in Zimbabwe en nieuwe immigranten in Israël.
De adviescommissie van Luisterend Dienen wil met deze publikatie van harte de collecteaandachtvan 5 februari a.s. onderstrepen. Wilt u meer aandacht voor Luisterend Dienen in uw gemeente bevorderen, neem dan contact op met D. van Dijk, de projectmedewerker van Luisterend Dienen (03438-23611). Ook is het zinnig gebruik te maken van de preekschetsenbundel 'Dienend Luisterend naar de Schriften' of de bundel vergaderopeningen 'Dienen door liefde', opdat onze gemeenten bewust worden van hun diaconale roeping.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 januari 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 januari 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's