Muur en deur
En niet kunnende tot Hem genaken vanwege de schare, ontdekten zij het dak.. Markus 2 : 5
Het Evangelie beschrijft ons de wijze waarop het eraan toegaat bij de genezing van de verlamde bijzonder levendig. We zien het voor onze ogen gebeuren. Aangrijpend is het bijvoorbeeld om de tegenstelling te zien tussen de vrienden van de verlamden enerzijds en de omstanders, de schare rondom Jezus anderzijds. Laten we vooral niet te negatief over die schare denken. Ze is echt niet gekomen voor het spektakel, om wonderen te zien of zo. Die zijn op dit moment niet aan de orde. We lezen dat Jezus het Woord tot hen sprak. En de schare luistert. Niet uit pure nieuwsgierigheid, want ze wisten daar in Kapernaüm allang wie Jezus was. Ze hadden zich immers verslagen over Zijn leer, heeft Markus al genoteerd. Dat zal er dus wel achter zitten, als ze zich hier zo massaal rondom Jezus verdringen. Machtig, zoals Jezus kon spreken over het Koninkrijk Gods. Best mogelijk dat velen opgekomen waren met een echt heilbegerig hart.
Dat kan dus kennelijk: dat wij om zo te zeggen te goeder trouw zijn in ons horen van het Woord — en tegelijk anderen beletten om tot Jezus te komen. Dat we ernstig en vol overgave bezig zijn in de dienst van de Heere, - regelmatig ook zelf een zegen mogen wegdragen onder de prediking. En ondertussen zonder dat we het ons bewust zijn toch een sta-in-de-weg zijn voor anderen. Anderen die weliswaar van verre staan, die het allemaal nog niet zo goed weten. Maar die er toch wel achter gekomen zijn dat ze in hun ellende bij Jezus moeten zijn.
Zo gaat het hier. Het zicht op Jezus wordt ontnomen door een muur van breedgeschouderde ruggen. Sta ik er ook tussen, de ogen zo strak op Jezus gericht, dat ik de ander nauwelijks meer zie? In feite is dat natuurlijk onbestaanbaar. Want genade maakt juist gunnende mensen. Mensen die hun ogen dus niet in de zak hebben, maar oog hebben voor elkaar. En voor wie buiten staan. Toch verontrust het mij wel eens, of ik misschien ook meer een muur ben die Jezus afschermt, dan een deur die toegang . tot Hem geeft. Misschien nog niet eens door mijn woorden, maar door mijn stilzwijgende houding. Zodat Hij uit het zicht raakt van een jongere of oudere, die misschien juist aarzelend en tastend de weg aan het zoeken is. Wij mensen nemen immers noodzakelijkerwijs een houding aan. Wij stralen altijd iets uit. Is het de zorg van God die ook naar de ander uitgaat? Of stralen we juist iets uit van: , voor jou zal 't wel niet zijn...?
Als de Geest ons komt te overtuigen van zonde, dan kan het zijn dat Hij ons ook deze zonde zo pijnlijk scherp bewust maakt: door mijn houding, mijn gedrag anderen eerder bij Christus vandaan gehouden dan tot Hem gebracht... In m'n gezin, op m'n werk, misschien zelfs in de kerk of waar dan ook: niet werkelijk oog en aandacht gehad voor wie daar toch echt om verlegen was. Meer een muur dan een deur geweest. Omdat ik eigenlijk steeds zo met mezelf in de weer was. Wat werken wij de Heere toch vaak tegen in plaats van dat we door het geloof met Hem mee leren werken. Wij zouden een ander er soms haast toe brengen om van elders in te klimmen. Dat alles kan een mens tot schuld worden.
Als dat zo is, laat het u dan niet tot wanhoop brengen! Ook hier geldt, dat wij niet in de zonde moeten blijven liggen. Het kan immers ook anders. Dat zien we aan de vrienden van de verlamde. Zij zijn niet voor één gat te vangen, en laten zich door de ondoordringbare menigte niet uit het veld slaan. Zij zeggen niet: dan zoeken we ons heil maar ergens anders. Of: we moesten morgen nog maar eens terugkomen. Wie weet was Jezus morgen immers wel weg. We lezen zelfs niet, dat ze zich ergeren aan de schare rondom Jezus. Hen drijft maar één ding: wij moeten hoe dan ook bij Jezus zijn, want Hij alleen kan ons helpen. Dat wil zeggen: Hij kan onze vriend helpen. Maar dat is voor hen eigenlijk hetzelfde, zozeer hebben zij zich met de nood van hun vriend vereenzelvigd.
Daar richten zij hun blik op het dak. Ze ontdekken en ontdekken het. Dat is nou wat je noemt de creativiteit van het geloof Geloof— zo zal Jezus het straks inderdaad benoemen. Van alle kanten wordt ons vandaag toegeroepen dat wij vooral 'creatief moeten zijn, beweeglijk en vindingrijk. Welnu, niets maakt zo creatief als het geloof Het ware geloof laat zich namelijk niet bij Jezus vandaan houden. Het laat zich niet verlammen door allerlei omstandigheden die de weg tot Jezus versperren. Het laat zich ook niet afhouden door mensen die in hun alleszins godsdienstige houding toch een obstakel vormen. Het beroept zich al helemaal niet op eigen onmacht of onwil, daarvoor is de nood veel te groot, nee het heeft geen rust voordat het Jezus gevonden heeft..
Het is als met water dat vanaf de bergen naar beneden stroomt. Wat er ook in de weg staat aan stenen en rotsen, het slingert zich overal omheen en vervolgt zijn weg. Sterk als de zwaartekracht is de aantrekkingskracht van Christus. Want dat moet toch wel het geheim heten achter deze geloofscreativiteit. De onweerstaanbare trekkracht van Christus. Soms zie je het vandaag nog gebeuren: dat mensen die buiten stonden zich niet eens laten weerhouden door onze traagheid en afstandelijkheid. Omdat het hen werkelijk om Jezus te doen is. Heerlijk is dat. Laat het ons troosten. Waar wij ons soms een blinde muur weten, daar zorgt de Heere zelf voor een geopende deur. En Hij wil ons daar nog weer bij inschakelen ook, door ons een geloof te geven door de liefde werkende. Zo brengt Hij Zijn volk langs de wonderlijkste wegen thuis, dat is: aan de voeten van Christus.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's