Uit de Pers
Onbetaalde rekening
Vroeger leerde je dat op de catechisatie: sekten zijn de onbetaalde rekeningen van de kerk. Nu lees je dat weer in de pers, maar dan wordt het o.a. toegepast op verschijnselen als waarvan de 'genezeres van Tiel' Jomanda het middelpunt is. Er wordt dan gezegd: de kerk heeft tijdenlang de dienst der genezing verwaarloosd. Mensen zoeken in onze tijd naar heling en vinden die niet in de kerken.
In de kerk zou weer meer aandacht moeten komen voor bv. handoplegging, ziekenzalving. Anderen spreken niet van een onbetaalde rekening van de kerk, maar veelmeer van de medische stand. De medische zorg is veel te veel alleen maar op het lichaam gericht. Ik kwam deze opmerkingen tegen in het Centraal Weekblad van 27 januari 1995. Uit één bijdrage willen we iets citeren en wel uit die van ds. B. H. Baakman, die schrijft onder de titel 'Leren onderscheiden van de geesten'. Hij is eind vorig jaar met een groep catechisanten van 16 jaar en ouder een keer naar Tiel geweest en getuige geweest van een sessie van Jomanda. Dit in het kader van een project in catechese en prediking, waarbij hij zijn jongeren en de gemeente heeft voorbereid en voorgelicht over alles wat met dit verschijnsel te maken heeft. Ds. Baakman acht het meer dan ooit nodig dat onze catechisanten, de volwassenen van morgen, weten en merken dat zij leven in een cultuur waarin nogal wat paranormale krachten zich aanbieden. In deze vaak zo onbeschermde, geseculariseerde cultuur moeten jongeren leren 'de geesten te onderscheiden'. Je moet het ze laten zien, aldus ds. Baakman, hoe mensen hun vrijheid verspelen en worden gebonden en uitgebuit door krachten die niet op hun behoud uit zijn. Na een grondige voorbereiding tijdens een aantal uren catechese, een preek inclusief bespreking over Deuteronomium15 werd op 15 december jl. de reis naar Tiel gemaakt. Tijdens de 'healing-service' vonden de nodige 'ontladingen' plaats, zoals dat dan heet.
Het is zeker waar dat 'een keertje ontladen' kan helpen. Wanneer je om een of andere reden niet al te lekker in je vel zit, kun je van een keer lekker uit je dak gaan behoorlijk opknappen. Maar ik heb mensen gezien die serieus in de problemen zitten. Bij hen mag je een ontlading alleen op gang brengen, wanneer je bereid en in staat bent mede zorg te dragen voor de verwerking van het vele dat er los komt! De mevrouw die op een wilde en bizarre manier met haar moeder in de weer was, stond, net als wij, om half tien op straat. Ze mag natuurlijk zoveel sessies bijwonen als ze wil, maar hulp bij de verwerking van haar verleden krijgt ze niet. Daarom is de onlading, die we bij deze vrouw hebben gezien, ronduit schadelijk voor haar gezondheid.
In wat we verder meemaakten die avond zaten heel veel kerkdienstachtige elementen. Stiltes (stil gebed), handoplegging (zegen), heilzaam water (doop), kaarsen (licht), overweging (preek), kaartenactie (diaconie) met bij het weggaan het Ave Maria. Eerlijk gezegd vond ik het net 'kerkje spelen'. Voor een aantal mensen is Tiel een soort bedevaartsoord aan het worden. Jomanda speelt in op religieuze gevoelens, maar ze geeft geen boodschap. De wijze waarop ze alles wat goddelijk is op één hoop gooit, is banaal. Wie in Tiel een religieuze levensoriëntatie denkt te vinden, gaat met lege handen naar huis.
Ds. Baakman vindt dat het 'medium' dat 'wonderen' doet niet veel meer is dan suggestie. De mensen werken tijdens zo'n bijeenkomst vooral aan zichzelf.
Bij veel psycho-somadsche klachten bestaat een deel van het ziek-voelen uit angst voor verslechtering van de situatie, waardoor mensen zich in feite zieker voelen dan ze zijn (veel hoofdpijn/rugklachten etc). Suggestie, je laten bewegen tot anders denken en voelen, je geest anders laten richten, kan werkelijk verlichting geven. Maar hier geldt weer precies hetzelfde als hierboven: wie echt ziek is, knapt van suggestie niet op, maar knapt erop af Van valse hoop wordt een mens alleen maar zieker. Maar Jomanda neemt als medium geen enkele verantwoordelijkheid. Sterker nog, ze bindt mensen aan zich, bijvoorbeeld door te zeggen dat zij 'ziet' dat iemand, een rolstoeler, ooit weer zal kunnen lopen. Wanneer dit vervolgens niet uitkomt, zit de rolstoeler met een gigantische kater en Jomanda wast haar handen in onschuld, want zij is immers maar een schakel, ze kan er ook niets aan doen.
Gebeurt er in Tiel iets paranormaals en raken de mensen in een occult krachtenveld verstrikt? Het paranormale acht Baakman mee te vallen, maar uit de hemel komt het zeker niet. Hij heeft zich eraan geërgerd dat de media bijna een jaar lang reclame hebben gemaakt voor deze vrouw. Uiteindelijk maakt ze meer kapot en zadelt ze mensen op met een geweldige voorraad angst en nachtmerries. Waar komt dit gat in de markt vandaan? Niet als een onbetaalde rekening van de kerk, acht ds. Baakman, maar veeleer als zo'n rekening van de medische stand.
De grote toeloop naar Jomanda heeft alles te maken met een bijna perfecte PR en verder met een tekort in de gezondheidszorg: Wat in Tiel gebeurt, is niet een onbetaalde rekening van de kerk maar van 'het ziekenhuis'. In ons land is de medische zorg vóór alles gericht op het lichaam. Je kunt de meest ingewikkelde operaties ondergaan, met chemokuren en bestraling en met uitgekiende medicijnen worden de ergste kwalen bestreden. Maar voor de angst, de geestelijke verwerking, heeft de dokter geen tijd. Daar heeft hij niet eens voor doorgeleerd. Met de angst, de stress, de onzekerheid als gangmaker bij het ziek-zijn wordt te weinig rekening gehouden, die worden volstrekt onvoldoende in de behandeling betrokken. De artsen moeten weer leren kijken naar 'heel de mens', naar lichaam èn geest! Omdat het in de medische praktijken te eenzijdig alleen om lichamelijke genezing draait, is er een groot gat in de 'zorgmarkt' ontstaan.
De catechisanten uit Doorn hebben via hun dominee goede en gezonde voorlichting genoten. Eindconclusie kan slechts zijn: wie werkelijk genezing begeert, heeft in de veilinghallen van Tiel niets te zoeken.
Enge dingen
Dat schrijft drs. H. Algra boven zijn bijdrage in het blad Opbouw van 27 januari 1995. Hoe ga je om met occultisme en hoe bereid je kinderen voor op occulte verschijnselen in de wereld om hen heen? We nemen zijn bijdrage in z'n geheel hier over.
Een voorzichtig belletje aan de voordeur. Achter het raam hangt een poster met een bijbeltekst. Even later gaat de deur open. Ik word vriendelijk binnengelaten. Dan komen er twee kinderen de hal binnen, een oudere kleuter en een peuter. Ze geven netjes een hand. De oudste vraagt meteen: Gaat enge dingen doen? U gaat toch geen enge dingen doen, hè? ' De angst en onzekerheid zijn voelbaar; de geruststelling is maar betrekkelijk.
Occultisme
Ook op de kamerdeur hangt een poster. Denk aan de gevaren van occultisme! Ik vraag belangstellend wat die gevaren precies zijn. De gastheer struikelt over zijn woorden, zoveel wil hij opeens vertellen. Ondertussen maant de moeder de kinderen om naar boven te gaan. Weer een keer stelt de oudste zoon de vraag: 'U doet toch niks engs, hè? ' Nee, ik zal niets engs doen. Of deze woorden hem geruststellen, is nog maar de vraag. In ieder geval vertrekt hij met zijn kleine zusje naar boven.
Het gesprek gaat verder. God heeft alles wat met occultisme verbonden is verboden. Onder dat occultisme vallen veel zaken, zoals de horoscoop, veel kinderboeken, televisieseries, yoga, helderziendheid, het glaasje draaien, iriscopie, homeopathie. De hele samenleving staat bol van de occulte zaken. Er wordt een compleet college ten beste gegeven. En of ik niet weet hoe gevaarlijk dat allemaal is. Ik ben het met mijn gastheer eens: spelen met occulte zaken is spelen met vuur. Toch is er iets wat mij in het gesprek hindert...
Dan begint de gastheer over de buurman. Deze blijkt ook al met occulte zaken bezig. Op bijna bezwerende toon vertelt de gastheer hoe erg het bij de buren allemaal is. En bij de buren aan de andere kant, daar is het nóg erger. Dagelijks vrije seks en occulte spelletjes. Het zou de gastheer niet verbazen als men in dit huis lid was van een satanskerk. Dan kraakt de trap bij de buren. Even komt het idee in mij op dat ik de duivel op kousevoeten naar boven hoor lopen...
Gezakt
'Er is een strijd gaande in de hemelse gewesten', zegt de gastheer. En die strijd woedt ook op zijn werk. De gastheer gaat nu fluisteren. Hij wil de mensen waarschuwen. Ze willen niet luisteren, zoals ze vroeger ook niet naar Noach wilden luisteren. Dat hij zakte voor zijn examen heeft ook met deze strijd te maken. De mensen willen zijn boodschap niet horen. Hij had het er tijdens zijn examen nog over gehad, maar de examinator had zijn boodschap afgestraft met een onvoldoende. Ze wilden hem dus weg hebben. Het was dus allemaal wel heel erg duidelijk. Hij zag het als een teken: dit had alles te maken met de strijd in de hemelse gewesten.
De duisternis wegjagen of het Licht aansteken?
Ik bedenk dat het geen wonder is dat het 5-jarig zoontje aan mij vraagt of ik enge dingen ga doen. De hele wereld om dit huis heen is immers tot besmet gebied verklaard. Overal loert de duivel. Iedereen die hem onbekend is, vormt voor deze kleuter een bedreiging. Iedereen kan dus enge dingen gaan doen.
Opeens realiseer ik me wat me in de sfeer van dit huis stoort. Aan een veilige basis lijkt het in dit gezin te ontbreken. De ouders zijn dag-indag-uit bezig de demonen te verjagen. Ze zijn er zó bang voor, dat ze lijken te vergeten om het Licht aan te steken (Else Vlug in 'Weid mijn lammeren'). De angst van de ouders hangt als een verstikkende nestgeur over het leven van de kinderen. Kinderen die nog veel te jong zijn om de draagwijdte van dit alles te beseffen.
Er komt een tijd dat dit angstige jongetje zélf op onderzoek uit zal gaan. De kans is aanwezig dat hij dan juist de dingen op zal gaan zoeken waar hij thuis zo bang voor is gemaakt. De angst zal hem er juist naar toe zuigen.
Kinderen moeten in het gezin niet bang gemaakt worden. Ze moeten wel weerbaar worden. Om weerbaar te worden, heb je geen angstige, maar juist een veilige basis nodig.
Drs. Algra geeft hier goed aan hoe het vooral niet moet: kinderen en jongeren waarschuwen voor het paranormale en occulte dat zich in onze maatschappij in bepaalde dingen en verschijnselen aandient.
Profetie en occultisme
In het net verschenen nummer van Bijbel en Wetenschap (jan./febr. 1995) staat een bijdrage te lezen van dr. M. J. Paul over Profetie in plaats van occultisme. Zijn stelling is dat de instelling van de profeten onder Israël Gods antwoord is op het afgewezen occultisme.
De bovengenoemde tegenstelling tussen profetie en occultisme blijkt ook uit andere gedeelten van het OT. Koning Saul gaat naar een waarzegster (spiritiste) te Endor, omdat God niet meer tot hem spreekt door dromen, de Urim, of de profeten (1 Sam. 28 : 6; 1 Kron. 10 : 13-14). Dezelfde tegenstelling komt ook duidelijk naar voren in Jes. 8 : 19-20: En wanneer men tot u zegt: raagt de geesten van doden en de waarzeggende geesten, die daar piepen en mompelen — zal een volk niet zijn God vragen? Zal men voor de levenden de doden (vragen)? Tot de wet en tot de getuigenis! Voor wie niet spreekt naar dit woord, is er geen dageraad.' Het bedrijven van waarzeggerij en wichelarij (tegen het verbod van Lev. 19 : 26, 31 en Deut. 18 : 9-14 in) is een van de oorzaken van de ondergang van het Tienstammenrijk (2 Kon. 17 : 17-18).
In de tijd van het NT is de tegenstelling nog even fundamenteel en wordt verklaard dat waarzeggerij tot het terrein van satan behoort. Mensen die boze geesten in zich hebben, zijn soms in staat bovennatuurlijke kennis mee te delen (IVIark. 1 : 23-24; Luk. 8 : 28 en Hand. 16 : 16), maar dit komt uit een andere bovennatuurlijke bron dan goddelijke profetie. Vanuit deze fundamentele tegenstelling heeft Jezus zijn discipelen macht verleend over de boze geesten en de opdracht gegeven deze uit te werpen (Luk. 9 : 1, 10 : 17-20 en Mark 16:17).
De profetie wordt als een bijzondere gave gezien: Zacharias, Simeon, Anna, Agabus. De verhoogde Christus schenkt profeten als gaven aan zijn gemeente (Ef 4 : 11-13; 2 : 20; 3 : 5). De gave van de profetie behoort tot de charismata die nagestreefd moeten worden (1 Kor. 14 : 1). Daarbij geldt wel, dat de profeten getoetst moeten worden of hun spreken wel van God afkomstig is (1 Joh. 4:1).
In de loop van de kerkgeschiedenis heeft de genoemde tegenstelling en het bijbehorende exorcisme een grote rol gespeeld, al heeft de protestantse traditie weinig oog gehad voor het exorcisme. Vanuit onze cultuur was er voorheen minder reden dan tegenwoordig om hiermee te rekenen. Met de toenemende invloed van het occultisme, ook in de christelijke gemeente, doen we er goed aan de fundamentele kloof tussen occultisme en profetie te beseffen. In de naam van Jezus Christus, onze hoogste Profeet en Leraar, mag de strijd gevoerd worden tegen de machten der duisternis. Hij heeft de gelovigen immers macht gegeven over de boze geesten.
In dit artikel van dr. Paul blijft de vraag naar profetie in onze tijd wat op de achtergrond, ook al geeft hij in een voetnoot aan, dat er verschillend wordt gedacht over de gave der profetie. Was ze alleen voor de tijd van het OT en NT? Of is ze er ook voor later tijd? Calvijn laat het ergens afhangen van de 'noodzakelijkheid der tijden', laat dr. Paul zien in een citaat uit de Institutie, anderen verdedigen de blijvende geldigheid van de profetische gave. Dat laatste krijgt ook onder ons meer steun dan over het algemeen gebruikelijk was.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's