De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Herstel van de vaderlandse kerk in gereformeerde zin

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Herstel van de vaderlandse kerk in gereformeerde zin

ds. W. P. van der Aa over S.o.W.

9 minuten leestijd

Alles is en blijft mogelijk inzake S.o.W.! Dit moet zo langzamerhand bestuurlijk ook wel eens benadrukt worden. Wie immers probeert te volgen wat er speelt in de ambtelijke vergaderingen van de drie S.o.W.-kerken en probeert te peilen wat er op het grondvlak leeft ontkomt niet aan de indruk dat de verwarring groeiende is. Met verwarring zijn we niet gedierid. Nog een ander gevoel bekruipt velen intussen — samen met mij — krijgen we het aan de mensen nog uitgelegd? En daar gaat het tenslotte toch allemaal om. Zeker voor hen die uit meer dan romantische of historische motieven de gereformeerde volkskerk lief is. Er leeft een diepe zorg over de voortgang van het S.o.W.-proces. De vraag naar de uitleg en uitwerking van de bestuurlijke, ambtelijke beslissingen in dezen wordt regelmatig gesteld. Daar is ook onlosmakelijk het draagvlak van en voor deze beslissingen mee verbonden tesamen met het vertrouwen dat het grondvlak, de gemeenten, kerkeraden en classes, er nog in heeft.

Nog een keer daarom: wat betekent het amendement Van der Aa voor de voortgang van het S.o.W.-proces? Niets meer en minder dan het toen bij aanname betekende: zekerheid voor alle ambtelijke vergaderingen, dat het stuur van het proces in hun handen is en van niemand anders. Niet van managers, stuurgroepen of projectgroepen. De kerk beslist en heeft nog niet definitief besloten. De kerkorde gaat weer voorop: K.O. in 2e lezing en ordinanties in Ie lezing eerst. Deze ordinanties zijn onmisbaar, zo betoogde ik toen en nu. Die regelen immers inhoudelijk de verhouding tussen de kerk en haar arbeidsorganisatie. Die twee moeten dicht bij elkaar blijven. Bestuur en beleid moeten in handen van de ambten en haar vergaderingen zijn. Ik wil geen ambtenarenkerk. Mijn amendement had en heeft altijd ook deze interpretatie. De uitwerking van de werkopdracht dient daar terdege rekening mee te houden en niet vooruit te lopen door te menen alvast in snelheid vooruit te zijn. Dit proces mag niet opnieuw los komen te staan van de ambtelijke vergaderingen en van het primaat van de Kerkorde en de Ordinanties. Het is dan ook — in deze geest — in strijd met mijn amendement om nu een kaderwet S.o.W. aan te nemen die samenvoeging van de arbeidsorganisaties alvast kerkordelijk mogelijk maakt. Dat kan pas na 1 oktober 1996. Eerst moeten we weten hoe het met het draagvlak in de kerk is o.g.v. 2e lezing K.O. en Ie lezing Ordinanties. Laten wij niet het groeiende wantrouwen stimuleren door optisch verdergaande stappen te nemen, maar eerst werken aan het draagvlak in het grondvlak. De uitspraak, dat de samenvoeging van de arbeidsorganisaties wenselijk is, laat onverlet het zeer breed toen en nu levende gevoelen: maar zo niet! Een samengevoegde arbeidsorganisatie die los van kerkorde en kerk en daardoor bepaald en daarvoor bekend beleid staat of komt te staan, vloekt met mijn amendement. Dan keert de wal het schip: of in termen van M&S: dan heeft de kerk straks geen afnemers, hebben de werkers geen werk en daarmee geen toekomst. Intussen bepaalt de arbeidsorganisatie als zelfstandige vrije kracht dan wel het beleid van de kerk. Een on-geestelijker kerk, los van de ambten is niet denkbaarder. Zo ga je ook niet om met je werknemers, die dan zeker noodzakelijkerwijs tussen de wal van het bedrijfsmatig denken en het schip der kerk terechtkomen. Dat is een absoluut ongewenste situatie voor de kerk, haar mensen en haar structuren. De buit van de verenigde arbeidsorganisatie is daarom niet los verkrijgbaar van Kerkordelijke Vereniging. Hoe die ook verloopt. En juist die Vereniging is nog steeds de grote vraag en zorg.

Een en ander mag echter geenszins betekenen dat ten koste van deze ambtelijke koppeling de werknemers van de kerk in de arbeidsorganisaties onnodig lang lijden onder een voortdurende onzekerheid qua positie en toekomst en onder een afmattende werkdruk van vele dubbele en onheldere functies. Vandaar ook de werkopdracht.

Nu wordt de werkopdracht uitgewerkt, en lag er daartoe een begrotingsvoorstel. Het geld moet gaan rollen, nadat het is vrijgegeven door de daartoe bevoegde ambtelijke vergadering, in casu de Kleine Synode in opdracht van de Triosynode. Het moet gaan rollen voor de uitwerking van de tekening van een eventueel samengevoegde arbeidsorganisatie. Dat wisten we toen en weten we nu. Het geloofsgeld ligt vast (een taakstellende begroting, geen cent meer), ligt ook koninklijk vast tot en met de huisvesting toe. Ook met deze mensen in deze organisatie gaan wij als kerk zorgvuldig en eerbaar om. Het is m.i. dan ook een kwestie van goed en consequent bestuur dat nu deze begroting voor de werkopdracht is aanvaard. De principiële strijd komt nu op het moment dat het grondvlak, de kerken vanuit de ambtelijke vergaderingen hebben gesproken en de reacties ons in de kerkelijke weg bekend zijn. De vele en diverse stemmen moeten daarbij beslist eerlijk en helder klinken vanuit de kerk. Maar de behandeling daarvan dient wel ordelijk en ambtelijk te verlopen. Gods Huis is een huis van orde.

Ik kan alvast enkele tips geven in deze ambtelijke en ordelijke weg, in deze principiële strijd.

• De tekening voor de toekomstige samenvoeging is te beschouwen als een röntgenfoto of zelfs CT-scan. Een doorlichting van de huidige bestaande organisaties is noodzakelijk voor de constructie van de gewenste samenvoeging. Ze is echter ook zeer wel bruikbaar voor de in eigen hervormd huis als jaren klinkende roep om herstructurering van de 'radenrepubliek'. Zo heb ik het ook letterlijk gezegd op de Kleine Synode. Zij die niet S.o.W.-minded zijn op deze manier, kunnen zich dit alles laten welgevallen en gebruiken op een andere manier. Als maar wel dit alles helder, en eerlijk wordt gezegd en van meet af aan bekend mag zijn en blijven. In die zin, als tegenstander van S.o.W. in zijn huidige vorm en gestalte o.g.v. de voorliggende kerkorde, heb ik geen moeite met het proces zoals het nu verloopt rondom de begroting en invulling van de werkopdracht, ik acht het bestuurlijk zelfs een plicht na oktober 1994.

• In de werkopdracht is vervat de respondering vanuit de classes en zo vanuit de kerkeraden. Daar is geld voor uitgetrokken. Het amendement spreekt van 'gehoord en verwerkt hebbende de opmerkingen in en uit ambtelijke vergaderingen'. Daar zijn de werkers aan de opdracht op af te rekenen. Laat dan uw stem ook horen! Dan valt er straks te verdienen! Men neemt de classes volstrekt serieus. Er kunnen eenvoudigweg in deze fase geen stappen worden gezet waarachter wij niet meer terug kunnen. Zo is ook ambtelijk ingevuld de maximalisatie van het amendement Van der Aa dat ook het definitieve besluit over M& S pas over anderhalfjaar valt. Niet alleen besluitvorming inzake vereniging van kerken is volledig onverlet (het woordje dus uit argument 1 bij de begroting laat ik weg, want die moetje nooit vertrouwen volgens mijn eerwaarde leraar Nederlands op het gymnasium) ook die inzake M& S als zodanig. Het gehele rapport komt in de besluitvorming terug. Het ja of nee kan zo voor 1 oktober 1996 maximaal duidelijk en onderbouwd worden.

Nog een andere bron van verwarring vormt intussen kennelijk de brief van het moderamen aan de CV. Daarin werd gevraagd om opheldering van de kerkordelijke procedures rondom de vereniging van kerken. Daar is op geantwoord. Dat antwoord is positief opgevat, althans wat betreft de interpretatie van 1986 en de nog lange kerkordelijke weg van het S.o.W.proces, getuige Trouw d.d. 3 maart jl. Inderdaad er liggen vele kansen, mogelijkheden voor diegenen die S.o.W. in zijn huidige vorm niet begeren op de weg van het in gang zijnde proces. Benut die ambtelijk, kerkelijk en creatief Natuurlijk kwam er geen helder antwoord op de vraag naar federatie. Dat ligt ambtelijk nog niet ter tafel, evenmin als dat ooit ter tafel werd gebracht in het verleden in de ambtelijke vergaderingen. In 1993 was niet de federatie aan de orde zoals heden ten dage wordt gesuggereerd en uitgedacht. Niet de federatie was daar aan de orde, maar de voorliggende concept kerkorde en de gedachten van vereniging aldaar verwoord. Nu mag en kan uit de classes het ja of neen tegen deze vereniging blijken. Alsdan zal de bezinning zich ook ambtelijk moeten voortzetten over de uitkomst daarvan. Nu reeds mag duidelijk zijn, dat geen zinnig en wijs kerkbestuur zal willen reageren d.m.v. 50 plus 1 of wat mij betreft zelfs 70 plus 1. Zo denk en handel je geestelijk niet! De Wijsheid van besluiten ligt in haar fundering in Schrift en belijden, of ze nu meerderheid of minderheid hebben. De wijsheid van besturen ligt in het beheren van dit gedachtengoed.

Wat overigens de federatie zelf betreft: daar ben ik persoonlijk een verklaard tegenstander van, niet in het minst omdat we dan niet uit de impasse komen, maar er nog dieper in geraken. Een federatie van kerken lost niets op. Het verwachte geloofsgesprek zal uitblijven, omdat de movitatie daartoe niet of onvoldoende aanwezig is. De eerlijkheid gebiedt dit te zeggen. Voor vele Bonders is de federatie een verlegenheidsoplossing. Niet voor niets wordt benadrukt —anders dan bij de CV — dat het daar waar nodig en mogelijk en gewenst is aan de orde is. In casu betekent dit: in het grootste deel niet. Om mijn rondgang door de kerk, via classes, kerkeraden en persoonlijke contacten blijkt dat. Laat de GB ronduit en eerlijk zeggen: Wij willen geen kerkelijke federatie; wij staan voor herstel van de vaderlandse kerk in gereformeerde zin! Nu de vraag is: vereniging of niet: een ondubbelzinnig nee. Voorlopig niet meer en niet minder! Dat komt de bestuurlijke helderheid zeer ten goede. Een federatie levert een kerkmodel van blijvend vechten en polariseren op. Ik denk niet zo positief en heb geen hoge verwachtingen van de mens en zijn kerkelijk geloof Ook hierin hebben wij het verbeurd en verzondigd. Berusten wij daar dan in? ! Nee. Wij bidden om de Heilige Geest, niet om groei in federatie, maar om bloei van het geloof op grond van de Schrift, naar uitdrukking en beleving van het belijden. Ik zie nog maar twee opties: stoppen in de huidige status quo of doorgaan met een Vereniging van de Nederlandse Hervormde Kerk met allen die naar Schrift en belijden zich willen voegen in een eventueel vernieuwde (kerk)orde van die kerk. In het laatste geloof ik van harte — hoe kan het ook anders als bonder die staat voor het herstel van de kerk door het gereformeerde belijden! En daar is wat mij betreft zo ook van harte plaats voor gereformeerden en lutheranen.

(Dit artikel is een Open Brief van de assessor secundus van het moderamen van de Generale Synode der NHK, ter nadere verduidelijking van de bedoeling van zijn motie, die op de Triosynode van oktober 1994 werd aangenomen.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Herstel van de vaderlandse kerk in gereformeerde zin

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's