De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De voorjaarssynode en homoseksualiteit - enkele notities

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De voorjaarssynode en homoseksualiteit - enkele notities

6 minuten leestijd

1. In het blad Woord en Dienst van 24 februari jl. maakt Theo Klein het volgende, naar mijn smaak wat wrange, grapje: 'In komkommertijd zeggen kerkelijke journalisten weleens onder elkaar: 't wordt tijd dat de hervormde kerk weer eens iets over homo's zegt. De rel die daarop steevast ontstaat, geeft kopij te over'. Door zulke rellen wordt de kerk schade betrokkend en het lijkt mij het minst aangenaam voor de mensen die het 't meest aangaat: de homoseksueel gerichte gelovigen. Klein besluit zijn beschouwingen met de opmerking dat kerkbreed het gevoel leeft dat het hoofdstuk homo's nu echt een keertje afgesloten moet worden. Daar heeft hij volkomen gelijk in. De vraag is wel: hoe zou de hervormde synode tot zo'n afsluiting kunnen komen?

2. Synodelid dr. Bernard Luttikhuis doet in hetzelfde blad een duidelijk voorstel. Hij schetst eerst de inhoud van het 'homobesluit' van 19 november 1994. Dit was een soort protocol op basis van het beginsel 'leven en laten leven'. Een kerkeraad die moeite heeft met deelname van homoseksuelen aan het avondmaal, kan betrokkene(n) vragen voortaan in een andere gemeente deel te nemen. Eerst dus mensen afhouden van het avondmaal, vervolgens samen met hen zoeken naar een geschikte gemeente waar ze als gast-avondmaalgangers welkom zijn. Luttikhuis heeft geen goed woord voor dit besluit over en vraagt nu om een signaal dat voor geen tweeërlei uitleg vatbaar is. De synode moet gewoon klip en klaar zeggen dat homo's erbij horen aan de tafel van de Heere. Hij stelt de volgende formulering voor: 'De synode spreekt als haar oordeel uit, dat seksuele geaardheid en de daarmee verbonden leefwijze als zodanig geen reden kan zijn een gemeentelid van het Heilig Avondmaal te weren'.

Opmerkelijk is dat Luttikhuis eraan toevoegt dat zo'n uitspraak denkelijk niet zal stuiten op bezwaren van de zijde van de Gereformeerde Bond. Als kroongetuige voert hij dr. ir. J. van der Graaf aan die in de Waarheidsvriend heeft geschreven dat er ook in bondsgemeenten zeer zorgvuldig met deze zaken omgesprongen wordt, zodat mensen niet zondermeer om hun seksuele geaardheid buitengesloten worden. Nu ken ik Luttikhuis als een synodelid dat oprecht rekening wenst te houden met gevoelens en gevoeligheden binnen de hervormd-gereformeerde richting. Maar hier gaat hij toch te kort door de bocht en vliegt dan ook uit de bocht.

3. Mijn inschatting verschilt diametraal van die van Luttikhuis. In hervormd-gereformeerde kring zou grote verontrusting ontstaan door een uitspraak als door hem voorgesteld. De door hem gegeven formulering is aanvechtbaar omdat deze het hele terrein van de seksualiteit in al zijn verscheidenheid (dus bijvoorbeeld ook pedofilie en polygamie) van tucht zou vrijwaren. Als hij bedoelt aan te geven dat een leven in een door liefde en trouw gekenmerk­ te homoseksuele relatie geen reden kan zijn tot wering van het Avondmaal, dan zal dat in hervormd-gereformeerde kring niet minder hard aankomen dan indertijd het besluit de vrouw toe te laten tot alle ambten. In geding is dan een verstaan van de Schriften waaruit in geweten consequenties worden getrokken: geen homoseksuele relaties of geen vrouwen in de ouderlingenbank of op de kansel. Dat verstaan van de Schrift wordt dan kennelijk in de breedte van de kerk niet meer herkend, in elk geval niet gedeeld. Een verschijnsel dat weliswaar bekend is, maar dat door ferme synodale uitspraken bij meerderheid van stemmen pijnlijk geaccentueerd wordt. Dat roept gevoelens van vervreemding en verwijdering op.

4. Tegelijkertijd is het waar dat Van der Graaf geen woord teveel heeft gezegd over zorgvuldigheid ten aanzien van deze 'netelige kwestie' in hervormd-gereformeerde kring. Kerkeraden zullen zeker lang en intens in gesprek zijn met hen die vanuit hun verstaan van de Schrift menen een homoseksuele relatie in liefde en trouw te mogen aangaan en onderhouden. Ook wanneer de kerkeraad deze mensen niet kan volgen in hun keuze, zal hij de pastorale verbondenheid zo lang mogelijk tot uitdrukking willen brengen.

5. In Kontekstueel van januari jl. heeft prof dr. M. J. G. van der Velden behartenswaardige woorden geschreven over deze zaak. Hij wees erop hoe zwaar de ontzegging van het Avondmaal in de gereformeerde traditie weegt. Ontzegging van het Avondmaal betekent niets minder dan de waarschuwing dat iemand buiten het koninkrijk Gods staat en zolang hij of zij zich niet bekeert, verloren gaat. Hoe kan dan een kerkeraad die weet wat hij doet zoiets ingrijpends uitspreken en vervolgens actief meedenken met de geëxcommuniceerde(n) om in een andere gemeente avondmaalsviering voor hen mogelijk te maken? Liggen de grenzen van het koninkrijk Gods dan anders in gemeente A. dan in gemeente B.? Bovendien, en ook daarop heeft Van der Velden gewezen, mensen die in een homoseksuele relatie leven zullen over het algemeen zelf al veel eerder hebben afgehaakt van een gemeente waar hun leefwijze niet wordt geaccepteerd. In de praktijk komt het er dus vrijwel nooit van dat er om deze reden een conflict rond het Avondmaal ontstaat. Homoseksuele paren hebben er helemaal geen behoefte aan het Avondmaal te vieren in een gemeente die hun relatie niet aanvaardt.

6. Ontegenzeggelijk nemen homoseksueel gerichte mensen deel aan het Avondmaal in hervormd-gereformeerde gemeenten. Daar heeft ook niemand problemen mee. Het gaat dan om gelovigen die zeggen: 'Ik ben niet meer zo' of 'ik doe niet meer zo'. Mensen die met meer of minder moeite, met vallen en opstaan, de weg van onthouding gaan, omdat zij zelfde Schrift zo verstaan en daarin de weg zien waarop God hen roept. Ook mensen die getuigen dat God hen van homoseksuele gevoelens heeft bevrijd en zelfs sommigen die tot een gelukkig huwelijksleven zijn gekomen.

7. Wat zou de synode nu moeten doen? Naar mijn mening het volgende:

* De oproep tot grote terughoudendheid in tuchtoefening, zoals in 1989 gedaan, herhalen. Deze oproep laat ruimte voor de eigen verantwoordelijkheid van kerkeraden inzake tuchtoefening.

* Uitspreken het te betreuren dat het besluit van november jl. onbedoeld zoveel pijnlijke emoties heeft losgemaakt. Maar de intentie van dat besluit overeind houden, dus ook respect bewaren voor gewetensbezwaren inzake homoseksuele praxis.

* Er zorg voor dragen dat bij de bestudering van de ethische en pastorale vragen rond alternatieve relaties, zoals deze nu in Samen op Weg-verband wordt ondernomen, de Schriften als het gezaghebbende Woord van God als uitgangspunt gelden.

* Geen opzienbarende uitspraak doen, zeker niet in de door Luttikhuis aangegeven zin.

Ds. A. Treuren stelt zeer terecht in het genoemde nummer van Woord en Dienst: 'Te constateren dat wij het in de kerk radicaal oneens zijn inzake homoseksualiteit en dat we om die reden afzien van een gemeenschappelijke conclusie, lijkt mij beter dan een laakbaar compromis. Van een wond die openblijft, ervaart iedereen de pijn. Maar dekken we de plek toe, dan houden we elkaar voor de gek'. Velen ter linker-én rechterzijde vragen om een heldere uitspraak. Allerwegen is men mistige formuleringen zat. Maar ook de suggestie van Treuren leidt tot een heldere uitspraak. Een uitspraak die in zijn eerlijkheid de kerk siert, terwijl hij tegelijkertijd de onmacht van de kerk schrijnend tot uiting brengt!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De voorjaarssynode en homoseksualiteit - enkele notities

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's