De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

2 minuten leestijd

Eigen Drewermann, Functionarissen van God, Psychologie van een ideaal, 339 blz., ƒ45, - , 1994, Meinema, Zoetermeer.

In 1989 liet Drewermann zijn polemische werk Kleriker verschijnen, een regelrechte aanval op het gezag dat de rooms-katholieke kerk en vooral haar dienaren pretendeerden uit te oefenen. De inhoud en de motieven van deze aanval op de kerk als instituut voor heilsbemiddeling en op haar functionarissen werd niet altijd begrepen, maar de schrijver raakte kennelijk iets wat leefde: Drewermann heeft veel vijandschap èn bijval losgemaakt. Maar in roomse kring kan gelden dat wie de kerk wil veranderen bij de geestelijkheid moet beginnen, omdat deze het is die de kerk belichaamt.

Belangrijke teksten uit 1989 zijn in dit boek herdrukt, en wel zo dat het een eenheid is gebleven. Het autoritaire denken wordt op de snijtafel van de dieptepsychologie gelegd, en het blijkt een doorlopende weg op te voeren. Er is geen enkele psychische of morele nood die langs deze weg kan worden opgelost. Noodzaak is dat men vanuit zijn diepste zelf de schoonheid en waarheid van het leven dat Jezus voor ogen stond, ontdekt en beleeft, en elr kaar op die noemer ontmoet en bijstaat. De geestelijken zijn dart diegenen die tot innerlijke rijpheid zijn gekomen, waardoor er van hun arbeid kracht uitstraalt. Zo worden zij tot de spil van de geloofsgemeenschap: een gemeenschap die leeft in de vrijheid.

Niets komt ongeschonden onder Drewermanns kritiek uit. De ideologische achtergronden die de kerkleer biedt niet, de hiërarchisering van het roomse leven niet, de leer niet, zonder ervaring als eraan gepaard gaat, de kloostergehoorzaamheid niet, de offerdienst niet, de ongehuwde staat niet. Alles moet plaats maken voor de innerlijke deemoed en een gehoorzaamheid waarin men niét afziet van eigen zelfstandigheid, maar juist vanuit de eigen vrijheid, de eigen diepste identiteit, kiest voor eigen zingevingen aan het leven, ook in vormen waaraan de kerk zo rijk is.

Men kan zeggen dat Drewermann met dit boek zijn beide boeken uit 1984 Dieptepsychologie en exegese en uit 1985 Exegese en dieptepsychologie (oorspronkelijk twee banden onder de titel Tiefenpsychologie und Exegese) tot een trilogie heeft voltooid. Afgezien van Drewermanns uitgangspunten zit er voor een protestant iets wrangs in wanneer men zich ter wille van een zaak zo kritisch moet richten op personen, in dit geval op ambtsdragers. Maar in deze opmerking verraadt zich een stukje levensgevoel van één die in een niet-clericale kerk leeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's