De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Aernoud Walraed Karel Voet (1686-1753) (5)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Aernoud Walraed Karel Voet (1686-1753) (5)

4 minuten leestijd

A. W. K. Voet was een halfbroer van ds. Th. Voet te Lage Vuursche. Aernoud werd op 23 juni 1686 gedoopt te Helmond. Zijn vader was de rond 1624 te Dussen ter wereld gekomen Paulus Voet, die in 1650 rector van de Latijnse school, later ook ouderling in de kerk en in 1662 schepen in het Brabantse Helmond is geworden. De peters van Aernoud waren Walraad, graaf van Nassau-Ottweiler (1656-1705) en Arnoud de Jouwer, grootvader van A. W. K. Voet. De genoemde Paulus Voet en zijn derde vrouw Elisabeth de Jouwer waren op 24 september 1684 bevestigd en ingezegend in de kerk te Ommeren (Gld.). De ondertrouw was opgenomen in Beusichem.

Elisabeth kwam in 1655 ter wereld in Amsterdam. Haar ouders waren Aert Corneliszoon de Jouwer en Trijntje van Gaelen. Na het heengaan van Paulus op 16 februari 1698 te Helmond is Elisabeth hertrouwd met Jakob Page, vanaf 1693 predikant te Lommel, gelegen ten noorden van het Belgische Hasselt. In 1734 kwam het levenseinde van Elisabeth de Jouwer.

Aernoud ontving te Kuüenburg zijn geestelijke vorming van ds. Henricus Rhee, van 5 mei 1672 tot 6 juni 1708 predikant aldaar, tevoren in Everdingen.

A. W. K. Voet bezocht de Latijnse school en studeerde daarna theologie te Utrecht. Hij werd de zesde predikant van Ankeveen. Op 15 september 1709 werd hij bevestigd als opvolger van Johannes Busschof (1675-1764), die naar Breukelen was vertrokken. W. M. C. Regt (1867-1938) vermeldt in zijn bekende Handschrift, dat Lambertus Stapperts in 1590 in Ankeveen in bediening was. Deze geestelijke doorkruiste in dat jaar vanuit Ankeveen Het Gooi om te bevorderen, dat het rooms katholicisme zijn aanhang bleef behouden.

De hervormde gemeente van Ankeveen was van 1619-1628 gecombineerd met die van Nederhorst den Berg. Hoogstwaarschijnlijk werd de Ankeveense gemeente in 1619 geïnstitueerd. Anno 1628 is zij zelfstandig geworden.

Naburige predikanten hebben haar voor de duur van de combinatie gediend. Dit zal ook wel het geval zijn geweest in het tijdvak van 1888-1904, nadat de Ankeveense pastor dr. Herman Franssen (1860-1928) in 1899 gereformeerd predikant in Winterswijk was geworden. Het provinciaal kerkbestuur van Noord-Holland ontzette hem in dat jaar tevoren uit ambt en bediening. In 1904 is Franssen lid geworden van de eerste kamer der staten-generaal.

De ongehuwd gebleven A. W. K. Voet overleed op 28 december 1753 en is in Ankeveen begraven op 1 januari 1754 in de grafkelder, gemetseld in de binnenmuur van de kerk. Op de zerk komt een citaat voor van Ovidius (43 v.Chr. - ca. 17 n. Chr.): MoUiter ossa cubent, d.w.z. zacht rust zijn gebeente.

Theodorus van Toll (1724-1768) leidde de begrafenis. Op 4 juli 1751 heeft Voet voor het laatst gepreekt. In dat jaar is hij vermoedelijk geëmeriteerd wegens ziekte, o.a. hydropsie.

Van Toll werd per 16 januari 1752 door ds. Nicolaus Bakkerus Bopp (1703-1757) uit Nigtevecht bevestigd als adjunct van de ziek geworden ds. A. W. K. Voet.

Aernoud Voet heeft zijn broer Gijsbertus Paulus (1691-1733) bevestigd als predikant te Budel. G. P. Voet heeft de gemeente van 1714 tot zijn overlijden op 22 juni 1733 gediend.

Otto J. de Jong deelt mede, dat Aernoud door zijn afkomst het meest geestverwant is geweest aan Leydekker, die de richting van Voetius op wetenschappelijke hoogte in de jaren te Utrecht alleen heeft voortgezet.

De trouwe Voetiaan Melchior Leydekker (1642-1721) werd geboren te Middelburg. Hij studeerde in Utrecht en Leiden en was van 1678-1716 hoogleraar in Utrecht. Hij polemiseerde tegen de Amsterdamse Balthasar Bekker (1634-1698) en ds. Frederik van Leenhof (1647-1713), predikant te Zwolle.

In 1753, het jaar van heengaan van Aernoud, verscheen in twee delen zijn werk 'De Historische Beschryvinge van Culemborg (Utrecht 1753).

Zie ook Wegen en gestalten in het gereform protestantisme (Een bundel studies aangeboden aan prof. dr. S. van der Linde), Amsterdam 1976. Daarin heeft O. J. de Jong een studie gepubliceerd op de bladzijden 155-165 over Voetius' laatste naneef.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 april 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Aernoud Walraed Karel Voet (1686-1753) (5)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 april 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's