De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

4 minuten leestijd

Bij uitgeverij Groen te Leiden verscheen een boekje van Eric Hayden, getiteld 'Hij won hen voor Christus', 'bekeringen onder de bediening van Spurgeon'. De bekeringen worden aangeduid als 'parels' (30 in totaal). Hier volgt 'Een parel in het concertgebouw': Toen zeide Nathan tot David: Gij zijt die man 2 Samuel 12:7

Toen Spurgeons Tabernakel in aanbouw was, preekte hij tijdelijk in het Surrey Gardens Concertgebouw. Uit alle rangen en standen stroomde het volk naar een - voor een godsdienstoefening - wat ongebruikelijk plaats. Soms kon men de minister-president in de gemeente zien en een biograaf schrijft, dat "er nooit een tijd geweest is, waarin zovelen uit de aristocratie kennis gemaakt hebben met niet-Anglicaanse erediensten". Regeringsleden, mensen van adel, voorname reizigers en veel geestelijken kwamen naar het Concertgebouw om Spurgeon te horen. Dat velen niet gewend waren naar een godsdienstoefening te gaan bleek wel uit het feit, dat een aantal de krant zat te lezen voordat de dienst begon!

"Zien op Jezus" was misschien wel de beroemdste en de meest vruchtbare preek. Vaak werd deze genoemd door bekeerlingen, die bij het horen van deze preek tot Christus geleid werden. Spurgeon kreeg steeds opnieuw de gave van, wat men tegenwoord noemt "een bepaalde voorkennis". Op een zondag bijvoorbeeld, zo vertelt hij ons, wees hij met opzet naar een man temidden van de talrijke schare en zei "De man, die daar zit, is schoenmaker; zijn winkel is op zondag open en hij was ook open op de ochtend van de vorige sabbat. Hij vroeg negen stuivers en daar zat vier stuivers winst op. Hij verkocht zijn ziel aan de satan voor vier stuivers!" Een zendeling, die in de stad werkte, kwam die man op zijn ronde tegen en zag, dat hij een van Spurgeons preken aan het lezen was. "Kent u ds. Spurgeon? vroeg de zendeling. "Nou en of ik hem ken!" antwoordde de man. "Ik ben hem gaan horen en onder zijn preek ben ik, door Gods genade in Christus Jezus een nieuw schepsel geworden." Hij vertelde toen aan de stadszendeling hoe hij naar het Concertgebouw gegaan was en hoe hij in het midden van een lange rij stoelen zat, toen Spurgeon naar hem keek en de gemeente vertelde, dat daar een schoenmaker zat die zijn winkel op zondag altijd open had. Hij zei, dat hij dat het ergste nog niet vond, maar wel dat de predikant ook nog ten aanhore van iedereen vertelde, dat hij die zondagochtend vier stuivers winst gemaakt had.

Hij was zich er terdege van bewust, dat het niet de predikant, maar God was die tot hem gesproken had en de-volgende zondag deed hij zijn zaak dicht. Hij vond het toch wel eng om Spurgeon de volgend week weer te gaan horen. Stel je voor, dat hij de gemeente nog meer over hem zou gaan vertellen. Daarom wachtte hij een paar weken alvorens weer te gaan. Maar toen hij weer ging, werd het een ontmoeting met de Heere en zijn ziel werd gered.

Spurgeon getuigde er dikwijls van, dat er letterlijk dozijnen van zulke gevallen waren. Hij wees naar iemand in het Concertgebouw zonder in het minst te weten of het wel waar was wat hij over hem zei. Toch geloofde hij, dat de Heilige Geest hem ertoe drong een bepaalde persoon aan te wijzen en hem liet zeggen wat hij over hem moest zeggen. Als de mensen het Concertgebouw uit gingen, zeiden ze tegen hun vrienden en kennissen: "Kom en zie een man, die gezegd heeft alles wat ik gedaan heb; is deze niet door God gezonden tot mijn ziel, anders had hij m nooit zo precies kunnen beschrijven". Ja heus, sommige mensen stootten hun buurman in de rij met de elleboog aan, omdat zij zo diep getroffen waren.'

'Lezingen over het gewone leven', aldus een op zich al lezenswaardige aankondiging In 'Persbericht van de Universiteit Utrecht'; handelend over 'werk, kerk en bed van onze voorouders':

'De suikerbieten hebben tijdens WO II het leven van enige honderdduizenden in West-Nederland gered; ­dat er massaal tulpebollen gegeten zouden zijn,is ­een mythe. De "echte" katholiek wiens hele bestaan aan God gewijd was en veelvuldig naar de kerk toog heeft slechts een of twee generaties bestaan. Dagloners waren in de 19e eeuw beter af dan wevers: voor­ beiden gold de geit als koe van de armen. Grote gezinnen komen pas in het begin van de 20e eeuw voor. als de huwelijksleeftijd daalt en de kindersterfte bedwongen wordt.

De vakgroep Geschiedenis van de Universiteit Utrecht presenteert er een reeks van zes lezingen over die nu eens niet gaan over de grote historisch mannen en feiten maar over de hele gewone dagelijkse gebeurtenissen door de eeuwen heen. De lezingenreeks "De geschiedenis van dagelijks leven, 1770-1945" is begonnen op maandagavond 15 mei. De lezingen worden gehouden door dr G. M. Trienekens. Hij is de auteur van "Voedsel en honger in oorlogstijd, 1940-1945. Misleiding, mythe en werkelijkheid" (1995) en "Een pront wijf, een mager paard en een zoon op het seminarie" (1993).'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's