Pastoraat en hulpverlening
Verhouding pastoraat en hulpverlening (3)
'Doch God, Die de nederigen troost, heeft mij getroost door de komst van Titus.'
In het vorige artikel hebben we gezien dat door allerlei omstandigheden in het leven van mensen er een beschadiging kan optreden in hun gevoelsleven. Met name moeten we dan denken aan een tekort aan liefde en een teveel aan trauma. We hebben gezien dat het gevoelsleven juist een terrein is waar hulpverlening en pastoraat elkaar kunnen ontmoeten.
Over klaagvrouwen en de stichting P.P.H.
In dit artikel willen we kijken naar één van de manieren waarop dit in de praktijk gestalte kan krijgen. Ik wil u hiervoor wijzen op de stichting voor Psychopastorale Hulpverlening, afgekort als P.P.H. Zij werd in 1992 opgericht en heeft als doel het verrichten van psychopastorale hulp. Het initiatief tot het oprichten van deze stichting kwam o.a. voort uit de ervaring die ik in mijn psychiatrische praktijk had opgedaan met een ex-patiënte, die als ervaringsdeskundige betrokken werd in de behandeling van patiënten. Het bleek nl. dat deze vrouw na het doorwerken van een rouwtherapie vanwege het overlijden van twee van haar kinderen, haar ervaringen graag dienstbaar wilde maken door het bieden van troost en steun aan mensen met emotionele problemen. Langzamerhand kwamen er meer van deze zgn. klaagvrouwen hulp bieden en het bleek dat dit door patiënten erg gewaardeerd werd en hun behandeling zeer ten goede kwam. Geleidelijk aan rijpte bij de stichting het idee dat ze niet alleen in een psychiatrische praktijk ingezet zouden kunnen worden, maar ook in de plaatselijke gemeente.
Deze klaagvrouwen kunnen na voldoende toerusting als vrijwilligsters in de gemeente ingeschakeld worden in situaties, waarin de pastor of de ouderling geen tijd voor of ervaring heeft. Intussen is de stichting begonnen met deze toerusting, die zowel een theoretisch als een praktisch aspect heeft. Het theoretische gedeelte bestaat uit een cursus van 10 zaterdagen, waarop zowel een predikant als een psychiater de basisbegrippen bijbrengen die van belang zijn voor het voeren van psychopastorale gesprekken. Enkele onderwerpen die behandeld worden zijn: mensbeeld en godsbeeld; huwelijk en seksualiteit; homoseksualiteit; depressie, angst; incest; rouwverwerking; demonen en engelen; charismata. Omdat bij het helen van het beschadigde gevoelsleven twee punten van belang zijn, nl. het bieden van troost en het helpen verwerken van traumatische eryaringen, wordt aan beide aspecten aandacht besteed bij de opleiding tot deze klaagvrouwen. Het bieden van troost en steun is een belangrijk facet van het werk van deze klaagvrouwen; dit kan gepaard gaan met samen bidden en een stukje uit de Bijbel lezen.
Troosten
Dr. W. ter Horst heeft in zijn boek: 'Over troosten en verdriet' behartenswaardige dingen gezegd over het bieden van troost. Hij schrijft bv.: 'Juist in mijn leed heb ik de ander wezenlijk nodig. Gemeenschap is een randvoorwaarde om met verdriet te kunnen leven. Buiten gemeenschap doet men er beter aan niet verdrietig te worden!' En elders vraagt hij zich af: 'Wat kunnen mensen doen als ze elkaar iets heel belangrijks mee te delen hebben zoals liefde, leed, geborgenheid en uitzicht? ' En als antwoord geeft hij: 'Aanraken is de meest oorspronkelijke vorm van menselijke omgang. Het is het eerste waarmee de ouders het pasgeboren kind kunnen laten weten dat het welkom is en geborgen. Aanraken is de eerste vorm van troost. Een verdrietig kind wordt in de armen genomen, gekust en geknuffeld totdat het weer stil is'.
We kunnen ons afvragen waar in deze wereld beter troost verschaft kan worden dan vanuit de christelijke gemeente. Is een van de unieke verschijnselen van het christelijke geloof niet de agapè, de gevende en zichzelf wegcijferende liefde? Door deze liefde en troost te geven kunnen mensen bemoedigd worden en ervaren ze soms voor het eerst van hun leven wat echte liefde is. Het geven van deze troost vraagt natuurlijk veel van de klaagvrouwen; het is belangrijk dat grenzen getrokken worden om te voorkomen dat een te grote afhankelijkheid zal ontstaan of verkeerde gevoelens. Wijze, ervaren vrouwen kunnen door de gemeente uitgezocht en begeleid worden daarin. De steun van een (psychopastoraal) team dat achter hen staat en waarmee ze kunnen overleggen indien nodig, lijkt mij van groot belang. In dit team kunnen naast bv. twee klaagvrouwen de pastor zitten, een ouderling, een diaken en een arts of verpleegster. Als de pastor of ouderlingen op hun huisbezoek of anderszins ernstige problemen zouden tegenkomen van psychosociale aard, zouden ze dit aan het team kunnen melden waarna de klaagvrouwen een gesprek aangaan met de betreffende perso(o)n(en) om een indruk te krijgen van de aard van de problematiek en te bezien of zij in staat zijn om hier wat aan te doen. Is er bv. bij een depressieve persoon sprake van onverwerkte rouw? alchololproblemen? huwelijks-of gezinsproblemen? Ligt de oorzaak van de problemen in het verleden of in het hier en nu? In hoeverre is medische of psychiatrische deskundigheid nodig (medicijnen)? Met hun levenswijsheid en hun toerusting zouden ze m.i. heel veel kunnen betekenen en heel wat aan kunnen. Als na enkele gesprekken zou blijken dat de problematiek te zwaar is, zouden ze in het ideale geval om professionele begeleiding (niet: overname) moeten kunnen vragen, hetzij eenmalig, hetzij regelmatig.
Deze vorm van psychopastorale hulpverlening door middel van goed opgeleide klaagvrouwen (en ondersteund door een goed psychopastoraal team binnen de gemeente) zou zowel voor het pastoraat als voor de hulpverlening van grote waarde, kunnen zijn. Voor het pastoraat: omdat zij de dominee en ouderling kan ontlasten; en voor de hulpverlening: omdat zo binnen de gemeente veel opgelost kan worden wat anders doorverwezen werd naar de professionele hulpverlening.
De tijden veranderen
Vrijwel de gehele medische zorg, die in Nederland nu wordt aangeboden, is in principe nog steeds voor iedereen, minder of meer verdienend, werkend of niet-werkend, in dezelfde mate toegankelijk. Ook de kwaliteit van de aangeboden zorg is in principe voor iedereen gelijk. In de komende jaren kan daarin geleidelijk aan verandering komen. Naast lange wachttijden voor behandelingen bestaat de kans dat psychosociale activiteiten die niet tot de kern van de medische activiteit worden gerekend, doorgestreept worden. De vraag is of de zorgzame samenleving zo zorgzaam zal blijven in de toekomst. Daarmee zouden er voor de kerk en de christelijke gemeente geweldige uitdagingen en mogelijkheden kunnen komen, zowel voor leden, van de gemeente als voor mensen daarbuiten. Het is m.i. alleen maargoed als we dit opmerken en ons voorbereiden op en laten toerusten tot deze mogelijkheden.
Dat dit biddend dient te geschieden en in gehoorzaamheid aan de Bijbel zijn twee belangrijke voorwaarden daarvoor. Onze Heere Jezus waarschuwt ons in Matth. 24 : 12 dat er een tijd komt dat de ongerechtigheid vermenigvuldigd zal worden en dat dan ook de liefde van velen zal verkouden. Merken we niet aan veel dingen dat wij in zo'n tijd leven? Is het daarom niet meer dan ooit nodig om elkander vurig lief te hebben uit een rein hart? (1 Petr. 1:22)
Een brief tot slot
Tot slot wil ik een brief plaatsen, die door een patiënt geschreven is welke door een klaagvrouw begeleid is bij de verwerking van haar traumatische verleden. Ik plaats deze brief om te illustreren bij welke patiënten een klaagvrouw in onze praktijk ingezet wordt, maar ook als een bewogen oproep aan slachtoffers om op tijd aan de bel te trekken bij de pastor en ouderling. De brief is geschreven door iemand, die weet wat het is om jarenlang met een beschadigd gevoelsleven rond te moeten lopen. Ik plaats deze brief om de gemeente te laten zien wat er in kerkelijk meelevende gezinnen gebeuren kan. Tenslotte plaats ik deze brief opdat pastores en ouderlingen met een bewogen hart en open ogen rond zullen kijken in hun gemeente om de pastorale zorg zo goed mogelijk gestalte te geven.
'Ik als incestslachtoffer, die ook op latere leeftijd verkracht ben en bedreigd met een mes richt me via deze brief tot alle meisjes, vrouwen en misschien ook wel jongens om als zij soortgelijke dingen meegemaakt hebben, zo gauw mogelijk hulp in te roepen bij je ouders, bij de kerkeraad, de dominee. Ik wil jullie toeroepen: zeg het en houd het niet voor je. Ikzelf heb dertig jaar lang gezwegen en ben nu onder behandeling bij een psychiater en een klaagvrouw nadat ik een reeks van opnamen in de psychiatrie achter de rug had. Nu zijn wij elke week bezig om het verleden te verwerken.
Hoe langer je het voor je houdt, des te verder stop je het weg en terug in je leven, dat weet ik uit eigen ervaring. Ga, meisjes en vrouwen, roep de dominee, dat hij je helpt; doe het, want je gaat er mee onder door. Ik schrijf dit aan jullie omdat er zoveel onbegrip is over deze dingen; vaak word je niet geloofd, ook en vooral niet door kerkmensen, want die vinden dat de vuile dingen maar niet naar boven gehaald moeten worden. Maar ze vergeten het slachtoffer, die dit alles heeft meegemaakt.
De mannen die dat doen moeten gestraft worden. Er zijn in onze kringen rechtzinnige kerkmensen met nette pakken aan, maar onder dat pak zit de vuiligheid. Die willen er niets over horen.
Ik schrijf aan jullie mannen, die deze dingen doen of gedaan hebben. Zijn jullie, mannen soms bang voor de vinger die naar je gewezen wordt? Maar weet één ding: de Heere kijkt door je voorname positie en je nette kleding heen. Hij kijkt in dat smerige hart. Hij ziet daar een broeinest van etter en smeer.
Ik schrijf aan jullie, kerkmensen. Als jullie iets weten of doorhebben, praat met hen, help hen, let op de signalen die ze uitzenden. Als ik aan kerkmensen schrijf, richt ik me tot kinderen van God, want er zijn ook kerkmensen, die de helpende handen van een ouderling of dominee wegslaan, die in plaats van het slachtoffer te helpen het vuil in de wond liever willen laten zitten. Mensen, o, mensen, let op je kinderen dat hun dat niet overkomen zal, want hun hele leven is kapot als ze zoiets meemaken. Het is als bloemen die in de knop staan, maar dan komt er een man die de knop afbreekt nog voor deze open kan gaan. En daarna slaan ze de vaas ook nog stuk.
Laten wij veel voor hen bidden en ook degenen die hen helpen in plaats te trappen op de helpers. Bidt voor hen. Laten wij met ons gebed als een muur om de slachtoffers heen staan. Ik spreek uit ervaring en weet wat het is om met angst en pijn te leven en niet begrepen te worden, maar het gevoel te hebben door iedereen verstoten te worden. Mijn gebed is steeds: Heere, help mij en degenen die mij bijstaan. Ik ben wel ellendig en nooddruftig, maar de Heere denkt aan mij.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's