Een unieke belevenis
In Hervormd Nederland van 4 februari jl. las ik een zeer interessant artikel over de enige 'Messiasbelijdende Joodse Gemeente' in Nederland, die op zaterdagmiddag altijd samenkomt in Amsterdam, Veluwelaan 20, gelegen dicht bij het RAI-gebouw.
De joodse voorganger van de gemeente is de heer Lion Erwteman. Hij kwam in het artikel ook uitvoerig aan het woord en maakte een aantal opmerkingen die mij ten zeerste troffen. Ik nam hierover contact op met ds. M. van Campen uit Waddinxveen met wie ik een bijzonder prettige samenwerking had bij de uitgave van onze serie 'Vergeten eerstelingen', een aantal Monografieën van Messiasbelijdende joden. Hij bleek reeds een keer contact gehad te hebben met de heer Erwteman. Het gevolg was dat wij afspraken samen eens een kerkdienst van deze Messiasbelijdende Joodse gemeente mee te maken.
Zaterdag 29 april was het dan zover. Hét gebouw waarin de gemeente samenkwam, bleek een kerk te zijn van de vrije evangelische gemeente van Amsterdam, een vrij grote ruimte met veel mogelijkheden. De dienst begon om 2 uur, maar we waren er natuurlijk een halfuur tevoren om ons eerst wat te kunnen oriënteren. Dat lukte wonderwel, want toen we aankwamen, gonsde het reeds van een aantal aanwezigen. We werden al gauw opgevangen door een vriendelijke ietwat grijs bebaarde man met wie we direct al een uitvoerig gesprek hadden waarin we veel informatie ontvingen op de meest ongedwongen wijze. Even daarna kwam mevrouw Erwteman op ons toe en begroette ons eveneens hartelijk.
Dat deed allemaal weldadig aan. Zij vertelde ons ook-nog het een en ander en zei dat haar man na afloop van de dienst ons graag te woord zou staan. Onze informanten vertelden ons o.a. dat in de dienst een en ander nogal spontaan en vrij toe zou gaan. Er zou o.a. ook 'gedanst' worden. Wij werden zeer nieuwsgierig.
Muziek en zang
Ondertussen hoorden we al verschillende muziekinstrumenten. Het geluid ervan werd uitvoerig getest door de heer Erwteman zelf via een paar microfoons, die op het podium opgesteld waren. Ondertussen liep het gebouw vol met bezoekers, ouderen, jongeren, kinderen. We kregen de indruk dat het een behoorlijk aantal joodse christenen waren en, misschien iets meer, christenen uit de volkeren, in dit geval dan Nederlanders, uit het zuiden, oosten en westen van ons land. We schatten het aantal aanwezigen tussen de 100 en 150 personen. De bezoekers gingen in de banken zitten of bleven tussen de banken nog een tijdje met elkaar staan praten.
Om even over twee ging de voorganger opnieuw voor de microfoons staan en verzocht ons nu allen plaats te nemen. We begonnen met veel te zingen. Er waren geen liedboeken maar alle liederen konden in grote letters via een overheadprojector van een scherm afgelezen worden. Het eerste lied was Ps. 133 : 1. De Hebreeuwse tekst kwam in Hollandse letters op het scherm en werd toen door vélen meegezongen. Daarna werd de tekst in het Hollands door allen gezongen. Ondertussen hadden zich in de zijpaden ongemerkt een paar zanggroepjes kringsgewijs en hand-in-hand opgesteld die al huppelende meezongen steeds 'in 't ronde gaand', volwassenen en kinderen. Nu eens huppelden ze zachtjes en rustig, dan weer enthousiast, al naar gelang van de woorden die gezongen werden.
Muziekinstrumenten begeleidden het een en ander, overheersten gelukkig niet. Van degenen die in de banken zaten, klapten velen in de handen, een aantal ook niet, sommigen hielden de handen omhoog, anderen niet. Ieder deed naar zijn aard. Alle drukdoenerige of gewilde show ontbrak, 't ging alles heel gewoon toe, maar wel vol bezieling.
We dachten aan Psalm 87: Zij zullen saam, de groten met de kleinen, dansend de harpen en cymbalen slaan en onder fluitspel in het ronde gaan', al 'zingend' (nieuwe berijming). En aan psalm 47 : 1: Volken, weest verheugd, jubelt, toont uw vreugd, prijst met handgeldap, s' HEEREN koningschap' of, oude berijming: Juicht, o volken, juicht, handklapt en betuigt onzen God uw vreugd'. Wij dachten: zij zingen het maar hier wordt het gedaan!
Na het zingen, eerst weer in het Hebreeuws, daarna in het Hollands, van nog een paar liederen, waarvan het merendeel letterlijke bijbelteksten waren, riep de voorganger de kinderen bij zich, sprak hen even toe - Jezus schonk immers ook altijd aandacht aan de kinderen - en zegende hen; de meisjes met, als ik het goed heb, de zegen uit Ruth 4 : 11: De HEERE make u als Rachel en Lea', de jongens met de zegen uit Gen. 48 : 20: De HEERE make u als Efraïm en als Manasse'. Zoals ook de gewoonte is in joodse gezinnen.
Daarna werden er weer een aantal liederen gezongen en las de heer Erwteman, die gedurende de hele dienst een keppeltje op het hoofd had en de gebedsmantel om - een aantal joden eveneens, anderen niet, ook hierin was weer vrijheid - het Sjema Israël, het 'Hoor Israël...', Deut. 6:4 w. Allen stonden hierbij.
Schriftlezing en preek
Nu vonden de aan de orde zijnde Schriftlezingen plaats. Ik schreef: de aan de orde zijnde'. Ik bedoel daarmee de lezingen die op die sabbat ook in de synagoge gehouden worden. Meermalen worden we in deze diensten trouwens aan de synagoge herinnerd. Nu waren dat Leviticus 16 : 7-10 en Ezech. 22 : 1-4. Tussen twee (): in de synagoge is op deze sabbat heel Lev. 16 gelezen plus de twee volgende hoofdstukken. De Schriftlezingen geschiedden in het Hebreeuws en in het Hollands door twee personen. Degene die de eerste lezing deed, las het Hebreeuws met moeite, die de tweede deed, met gemak. Daarna las de voorganger, nadat hij op het spreekgestoelte was gaan staan, de derde lezing: Openb. 1:1-8.
Thans begon de preek, ongeveer om tien voor 3. Ze zette in bij Lev. 6 : 4: de priester Aaron moet op de Grote Verzoendag, voor hij zijn dienst begint, zijn lichaam gewassen hebben in het mikwah, het rituele bad van de joden. Dit werd in verband gebracht met de doop, wel te verstaan: de volwassendoop, de enige die hier gepraktizeerd wordt. Tot onze grote voldoening werd die in verband gebracht met wat Paulus! zegt in Rom. 6 : 3 en 4, waar hij de doop ziet als een gestorven, begraven en opgestaan zijn met Christus. Die verbinding werd in de hele preek duidelijk vastgehouden. Ook werd beklemtoond dat allen die kiezen voor Jeshua = Jezus, nu priesters zijn, dat wij ook zeggen: met Jeshua gestorven en opgestaan zijn. Dit bracht de prediker tevens in verband met het opschrift dat de rabbijnen boven dit bijbelgedeelte geplaatst hebben, nl. 'achare moot', dat ik nu maar weergeef met: na het sterven. De priesters, dus wij allen moeten met Jeshua gestorven willen zijn en leven! Deze gedachte kwam in de hele preek, die ook bij Ezech. 22 : 1-4 en heel uitvoerig bij Openb. 2 en 3, de hoofdstukken met de brieven aan de zeven gemeenten, stilstond, telkens weer uit. Aan bepaalde uitdrukkingen in die brieven verbond de predikant hoe wij als priesters niet of wel moesten zijn. Naar de zoendood van Jeshua werd verwezen mede met een opmerking van rabbi Johannan ben Zakkai dat er vroeger op de Grote Verzoendag een rode draad hing bij de ingang van de tempel en dat deze wit werd als de bok Azazel daarlangs geleid werd om naar de woestijn te worden weggezonden.
Maar, zo vervolgde rabbi Johannan: dat wonder was 40 jaar voor de verwoesting van Jeruzalem - 70 na Christus - opgehouden. 'Dus na het verzoenend lijden en sterven van Jeshua' voegde Erwteman eraan toe.
College
De preek werd met grote aandacht gevolgd. Allen! hadden een huisbijbel, veelal een Hollandse, voor zich en sommigen maakten aantekeningen. Wij moesten wel alle aandacht erbij hebben, 't Was hier (!) wel goed dat de kinderen, ook al weer ongemerkt, de kerkzaal verlaten hadden, want ik zou de preek willen typeren als een college met praktische toepassingen. Wij moesten hier werken om te kunnen eten. Maar dat had ik al geleerd van prof. Schilder, die daarop nogal eens wees. En terecht. Trouwens, de voorganger had ook stevig gewerkt aan zijn preek.
Tijdens dit 'college' had de prediker al eens herinnerd aan het avondmaal, dat hij de seider1) van Jeshua noemde. Er stond nl. een tafel voorin de kerk met erop een aantal schalen met stukjes matses en bekers wijn. Na de preek gaf de voorganger een vrij uitvoerige uitleg daarvan. Hij begon met te herinneren aan de joodse paasmaaltijd en dat Jezus bij de derde beker plotseling afweek van de joodse liturgie daarbij. Hij sprak toen nl. de woorden: 'Dit is mijn lichaam, dat voor U', zo zei de voorganger, 'gebroken werd.' En bij het woord gebroken, brak hij, hoorbaar! een stuk matses.
Dat breken verbond hij dan opnieuw met het Hebreeuwse opschrift boven Lev. 16 : 'na het sterven' en dan van en met Jeshua.
Avondmaal
Na deze uitleg werden allen, die met Jeshua verbonden wilden zijn, uitgenodigd om groepjes van 10 a 15 personen te vormen en aan het avondmaal deel te nemen. Ondertussen hadden degenen die bij de ta fel stonden zich, elk met een schaal met stukjes matses erop, in de kerkzaal tot uitdeling van het 'brood' en de wijn opgesteld. Alles liep volkomen ontspannen èn eerbiedig. Wat deed die ontspannenheid gedurende de hele dienst toch weldadig aan. Na deze viering zongen we, eerst weer in 't Hebreeuws, dan in 't Hollands enkele liederen ter ere van het Lam, dat de zonden der wereld op zich nam, en ter ere van de Vader en de Geest. Al werd het woord Drieeenheid niet gebruikt, het God-zijn van Vader, Zoon (Jeshua) ('God wandelend op aarde') en de Geest kwam duidelijk tot uitdrukking.
Gewoon en bijzonder
De dienst werd hierna, om kwart over 4 beëindigd. De kinderen waren ondertussen - en opnieuw schrijf ik het - heel onopvallend binnengekomen. Trouwens, alles ging er heel gewoon aan toe en tegelijk was het heel bijzonder. De beëindiging bestond uit een zegenbede in het Hollands en, wie zou het anders verwachten, met de priesterlijke zegen van Num. 6 : 24-26 in het Hebreeuws. Dus: zonder het 'amen' alleen van de voorganger.Allen zeiden amen. Na de dienst mochten we nog een gesprek met de heer Erwteman hebben. Ter sprake kwam o.a. het houden van deze dienst op de zaterdag, los van onze kerkdiensten op de zondag en wij noemden daarbij de naam van ds. Rottenberg2) die nogal eens opmerkte dat 'de middelmuur des afscheidsels' is afgebroken, Ef. 2 : 14. Maar aan de andere kant kunnen wij dit apart samenkomen van deze joodse christenen begrijpen. Want zij ervaren in onze kerken weinig of geen begrip voor hun joodse wortels. Hun diensten kunnen zij daarentegen volop uit deze wortels vieren. En dat zij dit ook doen, zal de lezer uit dit verslag wel gemerkt hebben. Ter sprake kwam niet - dat bedachten we toen we naar huis reden - waarom ze geen kinderdoop hebben en geen verplichte besnijdenis. Kan zonder een van deze beide de verbondsgedachte wel voldoende tot gelding komen? Misschien komen we nog eens tot een verder gesprek. In ieder geval gevoelden wij een grote verbondenheid met deze Jezus als de Messiasbelijdende joden en niet-joden.
1) Paasmaaltijd
2) Ds. Johannes Rottenberg, een Poolse jood, was missionair predikant onder de joden in Chicago, Londen en Nederland. Hij stierf in 1942 in het concentratiekamp Mauthausen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's