Sarospatak: een teken
Theologische opleiding uit de as herrezen
Sarospatak, een dorp met 16.000 inwoners, verscholen tussen de wijnvelden aan de noordoostkant van Hongarije, vlak bij de grens van Unterkarpaten, Oekraïne. Intussen een dorp meteen indrukwekkende geschiedenis. Het zegel van Sarospatak is ontleend aan Openbaring 14:6, 7: De engel met het eeuwig Evangelie in de ene hand en een trompet in de andere hand, met als schrift 'Vrees God en geef Hem eer'. Toen de Russische bezetter het engelenbeeld ging slopen, redde een student het hoofd en nam het in een rugzak mee naar Engeland. Hij bracht het enkele jaren geleden terug. Het beeld zal weer gerestaureerd worden.
Sarospatak heeft een belangrijke rol gespeeld bij de doorwerking van de Reformatie in Hongarije. Ongeveer in het jaar 1000 waren de zeven stammen van de Magyaren gekerstend. Het jaar 1526 was vervolgens een gedenkwaardig jaar. In Mohacs brachte de Turkse troepen van Suleiman de Grote de Hongaarse koning om het leven, alsmede 28 prinsen, zeven bisschoppen, 500 edelen en 20.000 van de 27.000 Hongaarse soldaten. Het gebeurde in de tijd dat herauten van de Reformatie de vrije genade en de verlossing louter door de verdiensten van Christus verkondigden.
Handelaren uit Duitsland brachten de geschriften van Luther in Hongarije, die het vuur van de Reformatie ontstaken in de harten van de Hongaren. De historicus Merle D'Aubigne zegt ervan: 'Het was als bij donderslag dat de Reformatie in Hongarije begon... Edelen en stadslieden verklaarden zich voor de Reformatie; en ze deden het met de energie van hun nationaal karakter'. Een belangrijk, permanent instrument voor de doorwerking van de Reformatie vormden de scholen, die van meetaf werden gesticht.
De scholen werden de onderwijstuinen van de kerk. En intussen brak de Reformatie zonder noemenswaardige weerstand door. De dramatische gebeurtenissen in Mohacs hadden het verzet gebroken.
Collegiuin
Het eerste instituut waar predikanten werden opgeleid was het collegium in Sarospatak, in 1531 gesticht door Peter Perenyi. Het werd een school naar het model van Heidelberg en Wittenberg en de boeken van Melanchton werden als eerste gebruikt. Zeven jaren na de stichting van Sarospatak werden de steden Debrecen en Papa centra van de 'nije leer'. Andere scholen volgden. Van de 29 drukpersen in het land dienden er al spoedig 28 de Reformatie. Van de 275 boeken die tussen 1527 en 1600 werden gedrukt waren er 244 geschreven door protestanten, voornamelijk calvinisten. En van de 175 scholen waren er 130 gereformeerd. Tegen het jaar 1600 was 95 procent van de Hongaarse bevolking de Reformatie toegedaan.
Het instituut in Sarospatak had in deze ontwikkeling een belangrijke plaats. Tot grote bloei kwam het instituut toen Susanne Lorantffy de zorg over de school kreeg toen haar echtgenoot Jorge Rakoezi I, de kasteelheer van Sarospatak, overleden was. Haar standbeeld - met open Bijbel op schoot - vormt een blijvende herinnering aan de vrouw die haar volk wenste te maken tot 'volgers van God en vaderland'.
Contrareformatie
In die jaren ontstond de grote trek van Hongaarse studenten naar de universiteit van Franeker. Nadat de Hongaarse diplomaat Albert Szenczi Molnar een tour door Nederland had gemaakt, werden in één jaar tijd vijftig studenten in Franeker ingeschreven. Een aantal van hen, later in Engeland, tekende een verklaring dat ze kerk en vaderland zouden dienen in de geest van het Engelse puritanisme, met nadruk op doorgaande reformatie. Zo heeft het puritanisme niet alleen in Nederland, maar via Nederland en ook rechtstreeks in Hongarije, met name in Sarospatak, grote invloed gekregen.
De donkerste periode voor de Hongaarse hervormde kerk was die tussen 1671 en 1781, toen de Contrareformatie onder leiding van de Oostenrijkse Habsburgers, aangezet door de jezuïeten, toesloeg. De zwartste dag was 4 april 1674 toen honderden predikanten en leraren ter dood werden veroordeeld. Een deel van hen werd afgevoerd naar Italië. Dertig van hen werden verkocht aan de Spaanse vloot om als galeislaven dienst te doen. Zij werden bevrijd door ingrijpen van Michiel Adriaanszn. de Ruyter op last van de Hollandse Staten-Generaal.
Gedurende de Contrareformatie werd de school in Sarospatak verscheidene perioden gesloten. Maar ook als de school open was, werden leven en werken tegengewerkt en vaak onmogelijk gemaakt door allerlei bepalingen vanwege de overheid. Het percentage protestanten in Hongarije liep dan ook sterk terug. In 1825 was het percentage tot beneden de 20 procent gedaald.
Met het Edict van Tolerantie in 1781 kwam er meer vrijheid, maar het zou nog tot 1860 duren voordat men werkelijk vrij was van Habsburgse overheersing en roomse dwingelandij.
Ook gedurende de jaren van onderdrukking gingen studenten naar het buitenland. Vooral met Nederland werden sterke banden gevoeld. Gedurende anderhalve eeuw studeerden meer dan 3000 studenten in Nederland, van wie 1200 in Franeker.
Zij deden dit, zegt prof dr. M. Eugene Osterhafen uit Michigan in een geschrift over Sarospatak, waaraan ik deze gegevens ontleen, vanwege 'de overeenstemming in het gereformeerde geloof.
Waarom?
Waarom dit verhaal over Sarospatak geschreven een instituut immers zo ver van ons bed? Opnieuw maakte Sarospatak een moeilijke tijd door. Op 7 oktober 1948 raakte de Hongaarse hervormde kerk meer dan 1300 basisscholen kwijt, meer dan twintig hogescholen en verschillende 'kollegiums' voor hoger onderwijs. Vier hogescholen, drie lerarenopleidingen en de vier theologische seminaries bleven voorlopig buiten de nationalisatie. Maar vier jaar later moesten ook de lerarenopleidingen, twee van de hogescholen en twee seminaries, waaronder Sarospatak, eraan geloven. In een handomdraai werd het onderwijssysteem, gedurende eeuwen opgebouwd geëlimineerd. De kerkelijke scholen waren eeuwenlang bolwerken van het Hongaarse calvinisme. Deze scholen gingen in kwaliteit die van de staat ver te boven. Het was dus een ingrijpend gebeuren toen de scholen werden genationaliseerd.
Het is onmogelijk voor een buitenstaander, zegt Osterhafen, om te begrijpen wat de omslag naar het communisme voor het land als geheel en voor de school in Sarospatak heeft betekend. Het onderwijs in Sarospatak ging op een laag pitje verder, maar de oude geest was eruit. De ziel van de oude academie had het lichaam verlaten. Maar Sarospatak is uit de as verrezen. De indrukwekkende bibliotheek (300.000 boeken) bleef bewaard. Men treft er menige Nederlandse oudvader. Want studenten die naar Nederland gingen, moesten ten minste tien boeken mee terugbrengen.
De oude theologische opleiding functioneert er nu weer, samen met het gymnasium. Gedurende de dagen dat ik er verbleef, kwam ik onder de indruk van de oude geest die weer vaardig is geworden.
Daar komt bij dat Sarospatak niet ver van de Unterkarpaten ligt. Direct na de Wende waren daar nog slechts dertien predikanten. Nu zijn er 26. Nodig zijn voorlopig 104 predikanten om de bestaande gemeenten te dienen, maar het aantal gemeenten breidt uit. Momenteel studeren veertig jongeren uit dit arme, door het communisme verwoeste gebied, theologie.
Sarospatak speelt juist voor dit gebied ook een belangrijke rol.
Droom
Meer dan ooit kwam ik onder de indruk van het grote belang van de kerkelijke scholen voor de gemeenten in Hongarije. Wil er van opbouw van de samenleving maar ook van opbouw van de kerk sprake kunnen zijn, dan vraagt het onderwijs de eerste aandacht. Sarospatak kreeg op grote schaal steun van geestverwanten in Holland, Michigan, met name binnen de Reformed Church of America.
Het onderwijs in Hongarije is voorlopig op hulp vanuit het Westen aangewezen. Men kan zichzelf niet bedruipen. Zou er dan echt niet een soort 'christelijk Marshallplan' mogelijk zijn? De Nederlandse regering gaf enkele jaren geleden geld aan politieke partijen om politieke stand-by te verlenen in Hongarije. Zou het onderwijs aldaar echter niet prioriteit moeten hebben? In ieder geval is de herrijzenis van de theologische opleiding in Sarospatak de vervulling van een droom. Men had het niet meer voor mogelijk gehouden. Met een variant op een Nederlandse uitdrukking zeg ik: 'Sarospatak, een teken'. Een teken van het goede na de boze jaren na 1948. Maar dan ook een signaal, in positieve zin. Vandaag is het de kairos, Gods gelegen tijd, om in een traditie van eeuwen opnieuw te treden en de gereformeerde christenen aldaar ook nu bij te staan in de opbouw van het kerkelijke en maatschappelijke leven.
Osterhafen sluit zijn geschrift af met te zeggen dat vandaag de grootste nood een geestelijke nood is. 'De meest effectieve manier om op lange termijn de broeders en zusters in het geloof te helpen is de wederopbouw van de handhaving van de oudste school'. Over Sarospatak heen zeg ik er dan bij: én van het gehele onderwijs.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juli 1995
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juli 1995
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's