De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een te voorziene stap of 'voorzienigheid'?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een te voorziene stap of 'voorzienigheid'?

Dr. J.J. C. Dee scheidt zich af van Hervormde Kerk

8 minuten leestijd

Direct nadat bekend was gemaakt, dat dr. J. J. C. Dee zich had afgescheiden van de Nederlandse Hervormde Kerk werd vanondergetekende commentaar geplaatst in dagbladen. In bijgaand artikel is datgene wat daarin werd gezegd nader uitgewerkt.

Dr. J. J. C. Dee, tot voor kort hervormd predikant te Twijzelerheide, heeft zich afgescheiden van de Nederlandse Hervormde Kerk en zich gevoegd bij de Gereformeerde Kerken (vrijg.). Dr. Dee acht het 'voorzienigheid', dat het zover is gekomen. Hij promoveerde immers op een studie over K. Schilder zijn leven en werk. Dat acht hij leiding Gods in zijn leven. Dat heeft zijn denken over de kerk sterk bepaald. Het bracht hem ook in aanraking met de Gereformeerde Kerken (Vrijg.). In September verschijnt nog een boek van hem onder de titel K. Schilder - oecumenicus. K. Schilder over  'het kerkelijk vraagstuk'. Schilder heeft hem laten zien, dat de enig-legitieme wijze om met het vraagstuk van de kerk bezig te zijn ligt in: 'terug naar het Woord van God, terug naar de kerkelijke belijdenisgeschriften'.

Wie Dee's 'Verantwoording van een keuze' leest, treft vele herkenbare dingen met betrekking tot het belijdend karakter van de Hervormde Kerk. Zaken, waartegen Dee zich keert, hebben in hervormd gereformeerde kring de jaren door dezelfde kritiek opgeroepen als die Dee geeft in het licht van Schrift en belijdenis. Terecht zegt hij — kritisch — dat de kerkorde van 1951 wel spreekt van 'gemeenschap' met de belijdenis en niet van 'overeenstemming met de door de kerk aangenomen belijdenis, de belijdenis als akkoord van kerkelijke gemeenschap'. Terecht spreekt hij over het voortbestaan van richtingsorganisaties, al heten ze dan modaliteiten. Terecht kritiseert hij de moderne theologie, die vaak leidinggevend was. Of het echter waar is dat het in de Nederlandse Hervormde Kerk in de loop van de 19e en 20e eeuw 'steeds minder duidelijk is geworden wat kerk-zijn naar Schrift en belijdenis dient te zijn' is een tweede. Ook vanuit kringen van de Afscheiding is toegegeven of zelfs betoogd, dat het totaalbeeld van de Hervormde Kerk vandaag bepaald anders, orthodoxer is dan in de vorige eeuw, toen het modernisme zijn verwoestend werk deed en de rechtzinnigen bij duizenden de kerk verlieten. Nochtans zeggen we, dat dr. Dee inhoudelijk op vitale punten gelijk heeft. De Hervormde Kerk herstelde zich niet tot een voluit gereformeerde kerk, al bleef ze overigens wel in de traditie van de gereformeerde Reformatie. En dr. Dee heeft ons aan zijn kant wanneer hij zegt, dat de kerkelijke ontwikkelingen in Samen op Weg zijns inziens verder afvoeren van de Schrift en de confessie. Wel blijkt één en ander maal, dat dr. Dee de belijdenis vooral massief juridisch hanteert, zonder voluit ook recht te doen aan de religie van de belijdenis.

Te voorzien

Nu mag dr. Dee voor zichzelf uitgaan van 'voorzienigheid' bij zijn kerkelijke ontwikkeling, zijn stap was intussen voor de buitenwacht te voorzien. Al jaren was het duidelijk, dat Dee op een volstrekt 'vrijgemaakte' lijn van denken zat inzake de kerk, in navolging van Schilder, namelijk: 'afscheiden van degenen die niet van de kerk zijn' (art. 28 N.G.B.). Zijn visie in deze heeft hij niet alleen in het Nederlands Dagblad uitgebreid verwoord maar ook mogen er verwoorden in het kerkelijke vrijgemaakte blad Nader Bekeken. De 'Verklaring' van Dee strookt dan ook geheel met de vrijgemaakte visie op de kerk. De zinsnede in de Nederlandse Geloofsbelijdenis (art. 29 N.G.B.), dat men zich niet mag afscheiden van degenen, die van de kerk zijn, interpreteert Dee bijvoorbeeld, overeenkomstig de visie van de vrijgemaakten, aldus: 'Juist omdat niemand het recht heeft zich van de ware kerk af te scheiden, is het voor een ieder de roeping te breken met een kerkgenootschap, dat door menselijke meningen en bij de kerk niet passende structuren wordt overheerst, en dat de kerk belemmert om als kerk van Christus te functioneren'. Men mag zich intussen wel afvragen of deze visie overeenkomst met die van Calvijn. Daarover heb ik in het verleden met Vrijgemaakten de degens gekruist. Leidt Calvijns visie op de kerk tot het beginsel van afscheiding? Naar mijn overtuiging niet. Dee heeft niet voor niets ook Kuyper in het rijtje personen staan, die hem hebben beïnvloed inzake zijn visie op de kerk.

In ieder geval leidt deze visie bij Dee tot een keuze voor de ware kerk, in casu de Gereformeerde Kerken (vrijg.). Het is dan ook niet verwonderlijk, dat Dee direct waardering oogstte bij de echte vrijgemaakten van het eerste uur, die van overtuiging waren, dat hun kerk 'de ware kerk' was (o.a. dr. W. G. de Vries).

Verbond

Wanneer ik zeg, dat de stap van dr. Dee was te voorzien, moet vooral ook worden gedacht aan zijn zicht op verbond en kerk. Dr. Dee heeft enige tijd van zich doen spreken toen hij inzake Samen op Weg deel uitmaakte van en leiding gaf aan de zogeheten 'negentien', een kring van evenzoveel predikanten uit hervormd gereformeerde kring, die zich, in het kader van de kritische opstelling van de Gereformeerde Bond in SOW, sterk profileerde. In Katwijk aan Zee werd toen een avond belegd voor de gemeente, waarvoor grote belangstelling bestond, met dr. Dee en ondergetekende als sprekers. Over de kwestie van de belijdenis en de praktijk in de Hervormde Kerk en over SOW verschilden we nauwelijks, afgezien van bovengenoemde hantering van de belijdenis. Wel verschilden we grondig over de kwestie 'verbond en kerk'. Bij Dee lag de nadruk vooral op onze gehoorzaamheid. Bij ondergetekende lag de nadruk allereerst op Gods trouw: 'Gods trouw is een ontrouw volk een eeuwigheid voor. De visie van dr. Dee op het Samen op Weg-proces viel in feite samen met zijn visie op de Hervormde Kerk. De overtuiging, dat deze kerk, vanwege Gods handelen in de geschiedenis — planting Gods en vaderlandse kerk — ons moet verhinderen af te scheiden vond bij Dee geen weerklank. 'Aanschouw het verbond' was voor Dee vooral een kwestie van: versta uw verantwoordelijkheid. Dat er binnen het verbond ook ongehoorzame kinderen (kunnen) zijn — tweeërlei kinderen des verbonds — en dat dit zichtbaar wordt in de praktijk van het kerkelijk leven, vond bij Dee ook geen open oor. En hier ligt toch de grond voor de bede, de inzet en zelfs de strijd voor kerkherstel? Want Gods trouw vraagt wel om gehoorzaamheid. Maar kerkherstel betekent voor dr. Dee: afscheiding. In Katwijk heb ik gezegd, dat de visie van dr. Dee moest leiden tot afscheiding van de Hervormde Kerk. Hij heeft dat toen niet ontkend.

Volkskerk

Dee noemt als één van zijn fundamentele bezwaren tegen de Hervormde Kerk 'het volkskerkelijke denken'. Afgezien van de vraag wat dit denken op zich inhoudt, zou ik er de vinger bij wülen leggen dat de kerk van de Reformatie hier te lande altijd volkskerk is geweest. Befaamde kerkhistorici hebben opgemerkt, dat nooit meer dan tien procent van het volk de gereformeerde religie aanhing, hoewel het volk grosso modo tot de kerk der Reformatie behoorde. Het is bovendien een caricatuur als dr. Dee suggereert, dat de volkskerk principieel, los van de belijdenis, wordt gelegitimeerd. Terugkeer naar de bronnen, naar de belijdenis is het blijvend devies. De volkskerk valt alleen te plaatsen in het licht van het semper reformanda: een gereformeerde kerk is gereformeerd om het telkens weer te worden. Wanneer de kerk der Reformatie dat devies zoveel jaren heeft volgehouden zonder afscheidingen, is te vrezen, dat afgescheidenen zichzelf tegenkomen wanneer ze afscheiding tot beginsel verheffen. ledere afgescheiden kerk gaat op den duur immers zelf ook trekken van een volkskerk krijgen. Geen kerk blijkt op termijn de 'zuiverheid' van het eerste uur te handhaven. En om dan nog de afgedwaalde schapen in het licht van Schrift en belijdenis erbij te houden of terug te brengen! Doorgaande 'reformatie' betekent dan intussen in vrijgemaakte visie doorgaande vergruizing van de kerk.

Afscheiding

Ik kom nu op het meest kritische inzake de overstap van dr. Dee naar de Gereformeerde Kerken (vrijg.). Dr. Dee nam zijn stap alléén. Het verdient daarbij niet de schoonheidsprijs, dat hij zijn kerkeraad zonder vooroverleg louter heeft meegedeeld tot afscheiding te zullen overgaan en vervolgens rechtstreeks is gaan verhuizen naar Bunschoten. Hij is daartoe kennelijk geprest van vrijgemaakte zijde. Zelf zou hij, als hervormd predikant, een beroep hebben willen afwachten vanuit de Gereformeerde Kerken (vrijg.). Die rust en dat overleg met zijn kerkeraad heeft men hem niet gegund. Hij moest een daad van afscheiding stellen en hééft dat ook gedaan. Daarmee heeft dr. Dee, met op de achtergrond de kerkelijke organen van de Gereformeerde Kerken (vrijg.), minachting aan de dag gelegd voor de hervormde gemeente van Twijzelerheide. Daar was dr. Dee immers rechtens beroepen. Naar die gemeente nam dr. Dee ooit een beroep aan, 'door de gemeente en mitsdien van God Zelf geroepen'. In die gemeente gaf hij zijn ja-woord voor God en de gemeente. Van die gemeente maakt hij zich nu opeens los. Hij scheidt zich van haar af met de vrome uitspraak dat hij kerkeraad, gemeente en classis oproept 'te ijveren voor herstel van de kerk naar de eisen van Schrift, belijdenis en gereformeerde kerkinrichting'.

Eigenlijk had dr. Dee zijn gemeente moeten oproepen met hem mee te gaan. Vanwege zijn verantwoordelijkheid voor de kudde. Wij zouden ook dan tegen een oproep tot afscheiding nee zeggen. Dat zo'n oproept geen effect gehad zou hebben of hoogstens een scheuring in de (volkskerk)gemeente Twijzelerheide zou hebben opgeroepen, is daarbij van tweede betekenis. Dr. Dee heeft nu echter een individuele daad van afscheiding gesteld, met miskenning van het gemeenschapskarakter van zijn gemeente, waarover hij als herder was gesteld.

Dr. Dee heeft zijn schapen nu in feite overgeleverd aan 'de huurlingen'. Want hij verklaart zijn gemeente te behoren tot 'degenen die niet van de kerk zijn'. Dat moet voor degenen, die het aangaat, een pijnlijke gewaarwording zijn. Zij zullen zich nauwelijks getroost weten met de uitspraak, dat ook in de Hervormde Kerk nog kinderen Gods gevonden worden. Gods trouw reikt verder.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1995

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Een te voorziene stap of 'voorzienigheid'?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1995

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's