De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Expressie van een vakantie-impressie (2,slot)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Expressie van een vakantie-impressie (2,slot)

12 minuten leestijd

Het hart van Europa

Vorige week vertelde ik iets over de vakantiebestemming van ons gezin dit jaar. We waren inmiddels via de blik-lawine in Tsjechië aangekomen. De reisgids had ons al gemeld, dat we ons nu in het hart van Europa bevonden en we beloofden elkaar in dit tweede artikel op zoek te gaan naar wat dit hart kloppend houdt.

Bij de grensovergang meldden we al wel bij dit hart wat 'ruis' te horen, maar in welk land vind je dat niet? We genoten al wat van het mooie, glooiende landschap. De eerste benzinepomp werd uiteindelijk gevonden. Aangenaam tanken was dat.

We passeerden ook al wat kerken en kerkjes. En we beloofden elkaar: een volgende keer gaan we niet alleen langs die kerken, maar we gaan er ook in. Dat valt door-deweeks niet mee. Dat was een eerste tegenvaller. Vaak zitten ze op slot. En als ze niet op slot zitten, dan kun je er slechts door een hek heen naar binnen kijken. Zeker in de kleinere plaatsen. En... o die moeilijke taal. Zelfs al ben je gewapend met een woordenboekje, dan geef je de moed toch gauw op. Wat informatie in een andere taal is vaak nog niet voorhanden, maar dat zal over een paar jaar ook wel anders zijn.

Gods voetstappen

Maar natuurlijk hadden we het wel wat voorbereid. Tsjechië, dat is toch dat land van Johannes Hus? Hoe zat dat ook alweer? De reisgidsen schrijven over het 'beroemde Boheems glas' (waarvan je zeker iets moet meenemen naar huis), maar hoe zat dat ook alweer met die Boheemse en Moravische Broeders?

Johannes Hus werd eeuwen geleden in Konstanz om zijn geloof verbrand, en Jan Palach verbrandde aan het eind van de zestigerjaren in onze eeuw zichzelf, ... is er een lijn van het één naar het ander? Lopen er lijntjes van de 'Praagse Lente' uit de zestiger en zeventiger jaren (waardoor het ijzeren Gordijn nog harder ging roesten) naar de 'vóórreformator' Johannes Hus en wat vind je van dit lijntje nu nog terug?

Je kunt wel met genoegen gast zijn in zo'n goedkoop vakantieland, genieten van de mooie natuur en lage prijzen, maar wat vind je er nog terug vandaag van 'het goud dat niet vergaat' en dat 'om niet' te verkrijgen is? Je kunt er wel in een Tsjechische Bataschoen wandelen en je eigen voetstap in (niet zó geplaveid) wandelpad en 'restaurace' achterlaten, maar wat vind je er nog van Gods Voetstap terug? Kortom: een kleine kerkhistorische opfrisbeurt kan geen kwaad.

Johannes Hus

Hij werd geboren in de tweede helft van de veertiende eeuw. Ruim honderd jaar vóór Luther en Calvijn. In het kleine Husinec, niet ver van Prachatice kan zijn eenvoudige geboortehuis worden bezocht. Onder de meest armoedige omstandigheden wist hij de weg te vinden naar de universiteit van Praag. Begaafd met een groot verstand en een geweldig redenaarstalent werd hij in 1402 rector van deze universiteit en begon al vrij spoedig te preken in een Praagse kapel. Hij maakte daarbij gebruik van de landstaal, het Tsjechisch, waardoor zijn bereik al gelijk groot was. Soms worden de grote lijnen van de kerkgeschiedenis ook zichtbaar in de kleine lijntjes van liefde en vriendschap. De Engelse koning Richard II was getrouwd met een zuster van de Boheemse koning Wenzel. Daardoor waren er nauwe betrekkingen ontstaan tussen de Engelsen en de Tsjechen. Dat leidde tot het uitwisselen van studenten tussen Oxford en Praag. Hierdoor werden de opvattingen en geschriften van de Engelsman John Wycliff ook in Praag bekend. Rector Hus raakte er diep van onder de indruk en noemde Wycliff 'de evangelische doctor'. Hij vertaalde zijn geschriften en ook in de latere werken van de hervormer van Praag zijn heel wat citaten van Wycliff terug te vinden. Daarbij volgde Hus wel een eigen lijn, waarin hij, hoewel kritisch tegenover de R.K. kerk van zijn dagen, niet zover ging als later Luther en Calvijn.

Toch is wat de Praagse vóórreformator in 1413 schreef over het gezag van de Heilige Schrift voor die tijd wel heel opmerkelijk:

'Een christen moet onvoorwaardelijk de gehele waarheid van de Schrift geloven, en niet de uitspraken van de heiligen die buiten de Schrift omgaan. Evenmin behoort hij te geloven in pauselijke bullen, behalve als ze op de Schrift zijn gegrond. God kan niet bedriegen of bedrogen worden; de paus kan wel bedriegen en bedrogen worden.'

Johannes Hus ging niet zo ver in het verwerpen van het pausschap van zijn dagen als Wycliff en later Luther. Toch was één van de telkens terugkerende thema's in zijn gloedvolle preken (en als ik op een parkeerplaats Tsjechen met begerige ogen zag kijken naar onze dure, westerse luxe auto's moest ik daar weleens aarzelend aan denken): 'de arme Christus kwam rijdend op een ezelin, en het "kruisigt Hem" klonk op, maar de rijke paus komt hoog te paard gezeten, en zijn voeten worden door d menigte gekust".

De vijand slaapt niet.

Toen de invloed van Johannes Hus steeds groter werd, werden zijn tegenstanders steeds feller. Op allerlei manieren probeerde men de integriteit van Hus aan te tasten. Het zou hem meer om nationale onafhankelijkheid van Duitsland dan om geestelijke zaken gaan. Hij zou meer zijn 'eigen kerk' zoeken dan de R.K kerken willen terugdringen van onbijbelse dwalingen. Toen de paus in 1412 Hus in de ban deed, beriep deze laatste zich op een concilie. Dat werd het concilie van Konstanz van 1414. De keizer beloofde aan Hus plechtig hem een vrijgeleide te geven om zich op dit concilie te verantwoorden. Vrienden van Hus vertrouwden dat niet en drongen erbij hem op aan om niet te gaan. 'Het is beter goed te sterven, dan slecht te leven' was zijn antwoord.

Een leesbare brief

De keizerlijke belofte werd geschonden. Op pauselijk bevel kwam Hus in de gevangenis. Maanden van marteling en ziekte volgden. De keizer vond dat hij tegenover een ketter zijn woord niet hoefde te houden. De Duitsers wilden zijn onafhankelijke politieke koers afstraffen. De Engelsen hielden zich stil, omdat zij met Wycliff zaten. De Fransen... En zo had de één net een vrouw getrouwd en de ander een juk ossen en had weer een ander een nog aannemelijker 'excuus'.

In 1415 werd Johannes Hus levend verbrand. Kort voor de voltrekking van het vonnis werd hem vrijheid aangeboden in ruil voor herroeping van zijn Bijbelse opvattingen. Maar hij weigerde te 'liegen voor Gods aangezicht'. Toen men hem een papieren hoed op het hoofd zette met daarop de woorden 'aartsketter', was zijn antwoord: 'mijn Zaligmaker droeg een doornenkroon'. Boven het knetteren van het hout uit hoorde men hem de Apostolische Geloofsbelijdenis opzeggen en zijn geest in Gods hoede aanbevelen. Een getuige van Christus ging heen. Maar een leesbare brief laat zich niet verbranden. Zelfs in verbrand papier blijven letters, woorden en zinnen leesbaar.

Hussieten en daarna

Vaak is het bloed der martelaren het zaad der kerk. Diepe indruk heeft het getuigend leven en sterven op 45-jarige leeftijd van deze Godsgezant gemaakt. Een felle strijd brak uit. Adel en volk liepen te hoop tegen ­ dit Rooms-Habsburgse machtsvertoon. Een vriend en medestander, Hiëronymus ­ van Praag, volgde een jaar later dezelfde weg naar hetzelfde (tijdelijke) vuur. Maar helaas gingen allerlei groeperingen met een ander deel van deze profetenmantel op de loop. Onderlinge verschillen verzwakten het bijbels getuigenis.

De één legde zich toe op het 'utraque', dat wil zeggen dat bij de mis niet alleen het brood, maar ook de wijn voor ieder is. Op de protestantse begraafplaatsen vindt men ook nu nog de kelk als christelijk symbool terug!

Een ander probeerde weer de Bijbel een centrale plaats te geven in het volksleven. In een aantal kastelen van vroegere adellijke families vindt men deze opengeslagen Bijbel op allerlei manieren terug, zoals ook nu nog letterlijk op de protestantse begraafplaatsen.

Een ander deel organiseerde zich in de omgeving van Tabor rond het ideaal van 'ieder evenveel aards bezit'.

En weer elders in Bohemen ontstonden de Boheemse en Moravische Broeders, die later onder invloed van Von Zinzendorf en de Hernhutters in de achttiende eeuw ook in ons land hun rustige, sympathieke uitlopers kregen in Zeist

Een zoektocht

Een gezinsvakantie kan geen kerkhistorische reis zijn. Wie zijn kinderen parkeert op de grote recreatieterreinen om dan vervolgens zelf 'de handen vrij' te hebben, lijkt te vergeten dat je als ouders een dag-en nachttaak aanvaard hebt, waarvan geen vakantie valt te nemen. Opvoeden gaat ook in de vrije tijd door en je kunt dat niet uitbesteden aan onbekende mensen en machten, die naar het voorbeeld van Babel (Dan. 1) allicht op de alternatieve toer gaan. Dus moet zeker in de vakantietijd een gulden middenweg worden gezocht tussen strand-en museumdagen, eet-en kijkuitstapjes, genieten van de zon en zoeken naar Gods Lichtspoor in de historie. Bovendien is er ook heel wat vreugde te beleven in het gezamenlijk optrekken met een veelzijdig programma.

Slechts gewapend met de gemiddelde reisgidsen en wat opgefriste kennis van de kerkgeschiedenis gingen we op zoek naar sporen van de (voor)reformatie in dit hart van Europa. In een land, dat slechts voor acht procent protestants is, zouden we er wel even naar moeten zoeken, maar er zal toch wel iets van terug te vinden zijn?

Kerkdiensten

Omdat het hart van het Evangelie nog altijd het meest duidelijk klopt in de kerkdiensten, richtte zich daarop vooral onze zoektocht. Maar... die moeilijke taal... In de omgeving van Srni en Sucice vonden we geen protestantse kerken, en toen we er eindelijk één hadden gevonden, bleek daar niet elke zondag een dienst te zijn, dus stonden we voor een gesloten deur. De eerste kerkdienst, die we meemaakten was op een zondagavond in één van de kerkgebouwen van Sucice. Later bleek het een R.K. kerk te zijn, die ondanks de avonddienst heel goed bezet was. Al verstonden we er niets van, ons viel wel de grote ernst en betrokkenheid op bij alle onderdelen van de dienst. De mensen waren tijdens en na de dienst ook hartelijk, maar de taalbarrière was een duidelijke hindernis. Een tweede poging bracht ons dichter bij het beoogde doel. In Nove Mesto - niet ver van Zdar - maakten we op een zondagmorgen een kerkdienst mee, die in veel deed denken aan onze diensten. Een sober kerkgebouw, waarin de kansel centraal staat. Teksten aan de wand uit Psalm 103 : 2 en Luk 11 : 28 over het horen en bewaren van het Woord van God. Een eenvoudige liturgie, waarin afwisselend gezongen, gebeden, gelezen en gepreekt wordt. Een Evangelisch Liedboek, dat met de 150 Psalmen begint op melodieën gelijk aan de onze. Hoewel het kerkgebouw redelijk goed gevuld was met een (voor een deel) ook jonge gemeente, viel bij het zingen op, dat lang niet iedereen meezong. Blijkbaar moet het nog wennen om na jaren ingehouden zingen het nu 'uit volle borst' te kunnen doen. Van de preek en de gebeden hebben we bijna niets verstaan, maar het was duidelijk, dat Christus en Zijn werk centraal stond, en dat de vreugde om de herwonnen vrijheid èn de zorgen om voormalig Joegoslavië niet verzwegen werden. Avonddiensten kent men niet, dus zorgde het reisbureau voor de mogelijkheid van een Nederlandstalige dienst en de publiciteit daaromheen. (Blijkbaar hebben ze daar zelfs een abonnement op de Waarheidsvriend!)

Ik waag me niet aan de specifieke kerkordelijke kanten van deze zaak, zoals 'kan een touroperator doen wat des kerkvoogdij's is', 'houdt het ambtsdrager zijn op, wanneer men de landsgrens overschrijdt', 'is een organist gehouden om zijn eigen kerkelijke zangwijze ook in den vreemde uit te dragen', 'mogen gasten zich als gastheer gedragen? '... enzovoorts. Recentelijk lieten Koers en het R.D. daar al wat licht over schijnen.

Het was goed om 's morgens gast in hun dienst te mogen zijn. Het was ook goed om 's avonds in eigen taal de grote werken van God te mogen verkondigen.

Herkenning

Na afloop van de diensten hadden we ontmoetingen met de huidige en de oud-predikant van deze gemeente. Zij vertelden ons dat het hedendaags protestantisme in Tsjechië een verzameling van allerlei kerken en groepen uit het verleden is, en dat zich binnen de Hussitische kerk met een bisschoppelijke structuur verschillende stromingen bevinden zo breed als ongeveer in de Ned. Herv. Kerk.

Dus: herkenning.

Zoals er in hun diensten een aantal Hollanders waren (waarom niet allemaal? ), zo waren er in onze 'diensten' een aantal Tsjechen (ook lang niet allemaal). Dus: herkenning.

En voor mezelf kwam ik tot de aarzelende conclusie: Zal de geestelijke bewogenheid van Johannes Hus in deze eeuw een niet wat meer politieke vertaling hebben gevonden bij Jan Palach? Is de Praagse Lente van Havel en anderen toch niet wat anders geweest dan de 'opwekkingsbeweging' van de Boheemse Broeders indertijd? Dus - denkend aan sommige synodevergaderingen van onze kerk, waar de roep: 'geef ons Bogermannen' werd gehoord - opnieuw: herkenning.

De reisgids weer opgeborgen?

De vakantiespullen zijn alweer opgeborgen. Het gemeentewerk vraag weer veel tijd. Het gezamenlijk optrekken als gezin maakt weer plaats voor een gezamenlijke afmars na weekend of ontbijt. Reisbescheiden en vakantiegidsen zijn weer uit het zicht verdwenen. En met mijn beduimelde Bijbeltje op weg naar het zoveelste ziekenbezoek denk ik nog even aan mijn 'gemiddelde Tsjechische reisgids' en wat iemand als een vakantieherinnering er ooit eens over schreef:

Een reisgids kwam op weg een Bijbel tegen, ze zaten beide in een weekendtas. De reisgids was een tikkeltje beduimeld, de Bijbel of hij pas begonnen was.

'Zeg', sprak de reisgids aarz'lend tot de Bijbel - en uit zijn stem klonk zachtjes een verwijt - jij bent zo nieuw ondanks het vele reizen, terwijl ik bijna zienderogen slijt...

Ze moeten mij natuurlijk veel gebruiken op mijn gegevens kun je altijd aan, de mens zegt waar hij heen wil reizen, ik geef vertrek-en halteplaatsen aan.'

Toen sprak de Bijbel en zuchtte even: 'Ik ben de mensen niet zo naar de zin. Ik wijs wel de weg, maar, wat zij lastig vinden bij mij staan er geen aankomsttijden in!'

Naar ik hoop krijgen we weer een heel seizoen om vooral ook aan déze impressie ambtelijke expressie te gaan geven!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Expressie van een vakantie-impressie (2,slot)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's