De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

4 minuten leestijd

A. van den Beukel, Met andere ogen, uitgave Ten Have, Baarn, 226 pag., ƒ 34, 90.

Prof. Van den Beukei maakte naam met zijn boek 'De dingen hebben hun geheim', waarin hij aangaf dat, hij als Schriftgelovig mens voluit wetenschapper kon zijn. Hij gaf aan binnen welke grenzen de (natuur)wetenschap diende te blijven wilde zij echt wetenschap zijn. Hij gaf ook aan, dat er meer is tussen hemel en aarde dan wat de wetenschapper op het spoor komt. Er zijn de wonderen, er is de stoet van geloofsgetuigen de eeuwen door, die het geloof in de Onzienlijke hebben doorgegeven.

In dit boek gaat Van den Beukel nog eens in op wat hij in het eerstgenoemde boek te berde bracht. De vragen passeren de revue, die hij ter beantwoording kreeg voorgelegd tijdens lezingen, alsook de antwoorden die hij gaf Aardig overigens te lezen dat Van den Beukel in het blad Church Times, door een Engelse mevrouw als volgt werd getypeerd: Wij hebben hier te maken met een gefrustreerd wetenschapper, die beter predikant, toneelschrijver of adviseur in huwelijksmoeilijkheden had kunnen worden'.

In dit boek gaat Van den Beukei verder expliciet in op de door Charles Darwin ontworpen evolutietheorie. Darwin heeft er geen twijfel over laten bestaan, zegt hij, dat het hoofddoel van zijn theorie was 'de Schepper uit het wereldbeeld te verwijderen'. Van den Beukel zegt: 'Natuurwetenschap beperkt zich tot "feiten" die relevant zijn in het (zoek)licht van de heersende theorie' (p. 75). 'Wie dat niet deed was Darwin, die slechts hoopte dat de feiten die hij nodig had nog te voorschijn zouden komen.' Met dit laatste is bedoeld, dat Darwin en zijn volgelingen ervan uit gingen, dat de gaten (gaps) in de bewijsvoering, die duiden moeten op een evolutiereeks, in de toekomst wel zouden worden opgevuld door natuurwetenschappelijke vondsten. Het heeft nu al wel erg lang geduurd en nog steeds zijn de gaten niet opgevuld, zegt Van den Beukel. Daarmee is de evolutietheorie hypothetisch (niet gebaseerd op feiten) gebleven. De evolutietheorie hult zich dan ook in de kleren van de keizer uit de sprookjes van Andersen. Ieder moest zeggen, dat ze mooi waren om voor vol te worden aangezien. Maar een klein meisje riep al: 'hij heeft niets aan'. Dit alles brengt Van den Beukel tot de opmerkingen, dat uitspraken van sommige wetenschappers hem 'in niets aan wetenschapsland' herinneren maar wel aan iets heel anders: 'aan godsdiensttwisten zoals die zich binnen orthodoxe geloofsgemeenschappen afspelen'. Meedogenloos gispt Van den Beukel hier een 'Leids bioloog', 'bij het romanlezend publiek beter bekend onder de naam Maarten 't Hart.'

Dat de verschillende organismen 'in volgorde van steeds toenemende complexiteif, na elkaar in te tijd te voorschijn komen, 'is iets waar niemand problemen mee heeft, het staat ook al in Genesis 1, en zelfs ongeveer in de goede volgorde', maar de problemen beginnen pas bij 'de interpretatie van de evolutie'. Er zijn echter biologen, die aan die interpretatie niet toegeven. Hier neemt Van den Beukel zelfs de 'creationisten' in bescherming, 'die vanwege hun dwaze godsdienstige vooroordelen niet serieus genomen hoeven te worden' (in de ogen der evolutionisten).

Ook dit boek van Van den Beukel heb ik met grote belangstelling en instemming gelezen. Van den Beukel slaagt er in in heldere stijl en in beeldende taal gelovigen in de wetenschap te bemoedigen en andersdenkenden tot nadenken te stemmen. In mijn bespreking van zijn eerste boek zei ik, dat ik met hem van gedachten wilde wisselen omtrent zaken, die in de Schrift aangaande de schepping worden gemeld. Nu zeg ik, dat ik met hem zou willen nadenken over de historische feit-elijkheid van Genesis 1. Daarin is Van den Beukel niet zo helder. Wellicht komt daarvoor nog een geschikt moment.

In het eerste boek voerde Van den Beukel drie geloofsgetuigen op: zijn vader, de melkboer en prof dr. C. C. de Bruin. In dit boek sluit hij af met een kostelijk hoofdstuk over zijn moeder. Vooral lezen dit boek!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 september 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 september 1995

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's