De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De hele wereld zou boeken niet kunnen de geschreven bevatten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De hele wereld zou boeken niet kunnen de geschreven bevatten

6 minuten leestijd

Of Johannes geweten heeft van de belangrijke biblotheek in Alexandrië, die in zijn dagen 900.000 boekrollen bevatte, valt te betwijfelen. Zeker heeft hij niet geweten van onze universiteitsbibliotheken, waar in eindeloze rijen boeken staan en evenmin van de nog veel omvangrijker boekenschatten in het buitenland.

En wat wist hij van de grootte van de wereld? Zijn wereld was die van 'de gehele wereld', die voor Jezus' geboorte op bevel van keizer Augustus moest beschreven worden. Al treft het. wel, dat de apostel voor wereld een ander woord gebruikt dan Lucas in het kerstevangelie. Hij bezigt een woord, dat de grootst denkbare ruimte aanduidt, die mensen kunnen bedenken.

Wanneer wij nu lichtelijk eigenwijs zouden gaan zeggen, dat er andere werelddelen zijn, waarvan hij geen vermoeden had en dat de wereld veel groter is dan hij dacht, zou hij dit geen reden hebben gevonden om zijn uitspraak terug te nemen of althans bescheiden te beperken. Ik vermoed, dat hij van onze woorden allerminst onder de indruk zou zijn gekomen, als hij al naar ons zou geluisterd hebben en dat hij wat hij gezegd had met een stille glimlach van verwondering zou hebben herhaald.

Waarom? Omdat hij zo groot dacht van zijn Heere en van Zijn daden.

Het doet denken aan de uitspraak van een leerling van een jongere tijdgenoot van Johannes, de rabbi Eliëzer ben Hyrkanos. Deze schreef: ls alle zeeën inkt, alle rietstengels schrijfstiften waren en alle mensen schrijvers, zo zouden zij niet kunnen opschrijven wat de Schrift heeft geleerd. Zo heeft Johannes 20 : 30 al geschreven, dat Jezus nog veel andere tekenen heeft gedaan in tegenwoordigheid van de discipelen, die hij niet heeft beschreven in zijn. Evangelie. In hoofdstuk 21 : 25 herhaalt hij met andere woorden dezelfde gedachte en onderstreept die met de opmerking, dat als alles in het bijzonder zou geschreven worden, de wereld die boeken niet zou kunnen bevatten.

Rondom Kerst

We beperken ons nu tot de gebeurtenissen rondom het kerstfeest. Johannes zwijgt over de verschijning van de engel Gabriel aan Zacharias en van de geboorte van Johannes de Doper, hoewel daarover veel werd gesproken in het gehele gebergte van Judea - Luc. 1 : 65. Ook de geboorte van Jezus in de stal, de engelenboodschap in de velden van Efratha blijft onvermeld, terwijl we lezen, dat de engelen alom bekend maakten, wat hun van dit Kindeke was gezegd - Luc. 2 : 17. Al haast ik mij om er bij te schrijven, dat hij wel het kerstevangelie brengt met de heilige boodschap, dat het Woord vlees is geworden en onder ons heeft gewoond en dat zij Zijn heerlijkheid hebben aanschouwd als die van de Eniggeborene van de Vader vol van genade en waarheid. Maar aan de voorstelling in de tempel gaat hij voorbij evenals aan de woorden van Simeon, dat God de zaligheid heeft doen zien, bereid voor het aangezicht van alle volken - Luc. 2 : 31. - AI deze woorden en voorvallen, die naar het getuigenis van Lucas wijd om zich heen gegrepen hebben, blijven ongeschreven in de verkondiging van Johannes. Een nalatigheid? Om alles te beschrijven zou de wereld die boeken niet kunnen omvatten!

Voorevangelie

In strijd daarmee — maar voor ons zo begrijpelijk — is, dat men in de eerste eeuwen na Christus' geboorte veel meer heeft geschreven. Ik beperk mij daarbij ook nu weer tot de boodschap rondom het kerstgebeuren. Er is bijvoorbeeld het 'Voorevangelie van Jacobus', de broeder des Heeren.Een boek, dat voor het jaar 200 al bekend was en tot in 1300 in de kerken van het Oosten werd gelezen.

Van Maria wordt verteld, dat zij in de tempel zou zijn opgevoed. Toen zij twaalf jaar was geworden, zocht men voor haar iemand, het moest een weduwnaar zijn. Veel mannen, die hun vrouw verloren hadden, kwamen met hun staf, ook Jozef, maar zijn staf bleek anders dan die van de andere mannen: uit zijn staf vloog een duif op. Zo werd hij aangewezen als 'beschermer' van Maria. Van Maria wordt verteld, dat zij naar de waterput ging met haar kruik en dat zij toen een stem hoorde, die haar aanwees als de gezegende onder vrouwen. Maria schrikt en vlucht naar huis. Daar verschijnt haar de engel Gabriel. Later trekken zij naar Bethlehem. Onderweg ziet Jozef dat Maria nu eens droevig kijkt en dan weer lacht. Waarom? Zij ziet, wat Simeon later zal verwoorden, dat haar Kind tot een val — vandaar haar verdriet — en opstanding zal zijn — daarom haar lach. In de kerstnacht ziet Jozef, dat de vogels onbeweeglijk in de lucht blijven hangen, dat de schapen, die voortgedreven worden, stil staan en de herder, die ze wil slaan met zijn staf, zijn hand niet beweegt. Zo gaat het verhaal verder en vele andere eveneens. Vaak zijn ze meer wonderbaarlijk dan vol verwondering en naderen zij soms tot een sproke. Iemand schreef ervan, dat we door deze verhalen te lezen te meer onder de indruk komen van de sobere eenvoud en majesteit van wat de evangeHsten hebben geschreven.

We leren te meer tevreden te zijn met wat ons in de vier evangeliën is gegeven. Meer echte evangeliën zijn er niet en de Kerk des Heeren leeft daaruit al wat tot haar zaligheid nodig is.

Geen fantasieën

We keren terug naar de woorden van Johannes en laten alle fantasie achter ons. Maar is het waar, dat de wereld, als alles beschreven was die boeken niet zou kunnen bevatten? Rustig en nuchter zeggen de kanttekenaren van onze statenbijbel, dat dit een figuurlijke manier van spreken is om 'een overgrote menigte' aan te duiden. Calvijn zegt, dat Johannes een vaak voorkomende manier van spreken gebruikt om de uitnemendheid van Christus uit te spreken. Ons spreken is een 'stamelen' bij zoveel heerlijkheid. Maar — zegt professor Smelik — ons mag niet ontgaan de dubbele zin van 'bevatten'. De ruimtelijke wereld zou het vereiste papier nog wel kunnen bergen, maar er is geen pen, die dit leven kan beschrijven naar waarde. Anders gezegd: het is geen zaak van breedte maar van diepte. De hemel der hemelen kan God niet omvatten — 1 Kon. 8 : 27 — zo zijn alle boeken samen te gering om dit te omvatten. Maar wat geschreven is, is genoeg om te leiden tot geloof, dat Jezus de Christus is, de Zoon van God — Joh. 20 : 31.

We loven op de Kerstdag de Heere, die in de wereld kwam om zondaren zalig te maken. We verwonderen ons in dank en aanbidding over het grote werk, dat Gods Zoon aanvaardde en volbracht heeft: zo groot dat als alles beschreven was, de wereld de boeken niet zou kunnen bevatten. Daar is de wereld niet groot genoeg voor. Daar is ons hart te klein voor.

Daar is de eeuwigheid te kort voor. o, de hoogt', lengt' en diepte van Zijn liefde zonder peil! O, de volheid van verlossing, onderpand van 't eeuwig heil.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1995

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De hele wereld zou boeken niet kunnen de geschreven bevatten

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1995

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's