'Per saldo'
'Van alles, wat gehoord is, is het einde van de zaak: vrees God, en houd zijn geboden, want dit betaamt alle mensen. Want God zal ieder werk in het gericht brengen, met al wat verborgen is, hetzij goed, of hetzij kwaad' (Pred. 12 : 13 en 14).
Voor veler gevoel begint de Prediker niet sympathiek. 'IJdelheid der ijdelheden; het is al ijdelheid'. Het lijkt alsof hij een pessimist en een doemdenker is. Want dat is wat; om te zeggen, dat de wereld één lange, zinloze bezigheid is! Toch is de Prediker geen pessimist. Op diverse plaatsen in zijn boek glanst er iets op van de hoop. De Prediker is God gelukkig niet kwijt. En dat komt, omdat God hem niet kwijt is. Met nadruk spreekt hij over het lichte leven der genade. Ook de ernstige Prediker weet wat hij aan God heeft.
'Van alles wat gehoord is, is het einde: Vrees God en houd zijn geboden'. Alle glans van wat wij op aarde doen en hebben, verdwijnt eenmaal weer. Ja, het leven zelf gaat voorbij. Wij vallen af als een blad. Wat is het daarom arm, als wij niet weten van een ander leven.
Prediker is op de hoogte van de unieke bestemming van wie voor God leeft. 'Zonder God', zegt hij, 'is ons leven een leeg leven'. En is het niet zo? ! Dat is Gods genade; als je God moet missen, maar Hem niet missen kunt! Dat is ook wat het pessimisme doorbreekt.
Deze wijze man bindt het ons op het hart: 'Vrees God en houd zijn geboden'. Dat is de slotsom. En dat is de kern. Het jaar is bijna voorbij. God is ons met zijn woord nagelopen. Sterk drong Hij er op aan: 'Mijn zoon, mijn dochter, geef Mij uw hart'. Er zijn onthutsende dingen gebeurd. Er zijn ook blijde dingen gebeurd. Tel dat allemaal maar eens op. Dan is de slotsom van al het gehoorde: 'Vrees God'. Maar 'Het gehoorde' is wel bij uitstek Gods woord. Waar heeft ons dat gebracht? Heeft het ons doen capituleren? Heeft het ons aan Jezus' voeten gebracht?
Maar God roept ons nog. Als de grote Herder van de schapen tekent de schrijver Hem. Hij heeft een scherp gepunte stok. De schapen wijst Hij daarmee terecht. De prikkels aan die stok zijn de woorden van God 'De.woorden der wijzen zijn gelijk prikkelen' (Pred. 12:11). Zij zijn wel scherp; maar zij zijn heilzaam!
En dan gaat het verder in vers 12 van het hoofdstuk van de tekst met 'En wat boven dezelfve is... wees gewaarschuwd, van veel boeken te maken is geen einde; en veel lezens is vermoeiing des vleses'. Dat betekent niet, dat je maar een beetje dom moet blijven. Het betekent, dat je de woorden van de grote Herder maar moet volgen. Dat je niet alles wat je weg zegt te wijzen naar de vrede, gehoor geven moet. Vandaag is het New Age en morgen is het toverwoord 'meditatie'. Maar Prediker zegt: 'Vermoei je niet met zulke dingen; loop die niet na. Volg alleen hef woord van de wijze Herder maar op.' Dat woord is een vriendelijk woord. Maar het is niet 'naar de mens'. Het zegt: 'Uw eigen deugd en gerechtigheid kunnen voor God niet bestaan'. Het zegt: 'Van genade moet u leven'. Prikkelend is dat wel. Dat doet ons vlees zeer. Maar het brengt een grote geestelijke vrucht voort. Trek het u maar aan. Buig er maar voor.
Het einde van alles is; ook de zin van alles is: 'Vrees God en houd zijn geboden, want dat betaamt alle mensen'.
Is het zo met ons? Maak de som eens eerlijk op. Wij kunnen God niet misleiden. Hem zijn alle dingen bekend. Hij weet mijn misdaad en schuld. Nu wij de rekening opmaken aan het einde van dit jaar komt God alles aan ons tekort. Maar nu zij onze bede: 'Is er enig middel om de straf te ontgaan?; Christus Jezus, bedek mijn zonden!' Dan zegt God, die zo rijk aan barmhartigheid is: 'Ik zal maken, dat gij Mij liefhebben zult!'. Wij brengen het niet verder dan te zeggen: 'Vergeef mij mijn zonden'. Maar dat is genoeg. Tegen uitgewerkten en aan-de-grond-gebrachten zegt Christus: 'Ik heb al uw zonden bedekt'.
De Prediker eindigt met: 'Want God zal ieder werk in het gericht brengen, met al wat verborgen is, hetzij goed, of hetzij kwaad'. Misschien dat iemand het er be nauwd onder krijgt. Onze kerkgang, onze gebeden, onze beste werken, onze belijdenis; er zitten zoveel vlekken en schaduwen op. En dat komt in Gods gezicht en gericht. 'God, enkel licht; voor wiens Gezicht; niets zuiver wordt bevonden, ...' Waar moet ik aankomen met alles wat ik misdreef?!
Maar God is een genadige God. Of weet u dat niet? In de klem brengt Hij mij; opdat ik mij tot Christus wende! Dit wijst heen naar Hem, die mijn misrekeningen voor zijn rekening nam. Die de dood voor zondaren is gestorven. En die dat dus ook echt zijn, die echt zondaren zijn. 'Kind, uw zonden zijn u vergeven'.
De laatste dag van het jaar. Deze laatste dag spreekt van de allerlaatste dag. Dat is een ontzettende dag voor wie zich verre houden van God. Maar ik hoop, dat het voor ons anders is geworden. Dan zijn we er al weer een jaar dichterbij gekomen. Die grote dag van Christus; wat een dag zal dat zijn! Wijd gaat de poort open. Een pelgrim komt thuis.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 1995
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 1995
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's