Tussen pastoraat en principe
De hervormde synode over de perforatie
het nummer van 14 december bent u onder de titel: 'Om de leer of om de sfeer' al ingeleid in de resultaten van een onderzoek naar de praktijk van de perforatieregeling. Het rapport ademde het kenmerk van een sociologische studie. D.w.z. er is geregistreerd hoe perforatieaanvragen zijn verwerkt en welke wensen gemeenteleden hadden. Theologische vragen zijn niet gesteld. De onderzoekers merken zelf op dat dat hun opdracht niet was. Kritiek was er van de kant van de KOA dat niet was onderzocht hoe de ver opgerekte perforatievoorwaarden naar hun bedoeling kunnen worden toegepast.
Op de vraag waarom dit element niet was meegenomen luidde het antwoord van het moderamen dat zij dit wel had geconstateerd, maar er geen reden in vond om het rapport niet te aanvaarden.
Sociologie contra theologie
Het rapport zou in bepaalde opzichten vergeleken kunnen worden met een markt-en consumentenonderzoek. Wat wordt gewenst, hoe voldoe je daaraan?
Begrijpelijk dat er verruiming en vereenvoudiging werd voorgesteld van de huidige regeling. Immers Provinciale Kerkvergaderingen voeren niet alle hetzelfde beleid maar zuchten wel alle onder de extra werkdruk. Het beleid in centrale kerkeraden, die over de wijkgemeenten oordelen, is divers. Dan valt zelfs de uitdrukking: rechtsongelijkheid.
Tegen dit alles verzette zich de KOA. Kernvraag is: wat is de Kerk, hoe ziet de bijbelse gemeente eruit? Bewust is in de kerkorde van 1951 gekozen voor de plaatselijke gemeente op grond van het geografisch principe. Alleen individuele knellende situaties dienen door de perforatieregeling te worden opgelost. Handhaaf daarbij strikt(er) de oorspronkelijke regels en laat de eigen (wijk)gemeente haar karakter behouden.
Het verwijt van rechtsongelijkheid is onjuist. Immers de situatie in de ene (centra le) gemeente kan geheel verschillend zijn van die in een andere. Er dient, zoals de kerkorde uitdrukkelijk noemt, gewaakt te worden over de belangen van de (wijk)gemeenten. Er is pas sprake van rechtsongelijkheid indien in een gemeente gelijke gevallen ongelijk worden behandeld.
Rekkelijken en preciezen
Het geconstateerde verschil in toepassing van de regels in provincies en centrale kerkeraden wilde de KOA zo veel mogelijk opheffen door terug te gaan naar de oorspronkelijke formuleringen.
In de synode tekenden zich twee fronten af. Wat gekscherend gezegd het sociologisch front van de rekkelijken en het theologisch front van de preciezen. Ieder synodelid zal zich overigens in deze typering zeker niet herkennen. Opvallend was dat het behoudende deel van de synodeleden met de KOA meegingen. Amendementen op het besluitvoorstel tot verregaande verruiming en vereenvoudiging van de perforatie haalden het niet.
Ds. B. van Vreeswijk
Hieronder volgt de toespraak van ds. B. van Vreeswijk (Veenendaal) over deze kwestie. Een amendement zijnerzijde om de criteria te handhaven werd namelijk aanvaard.
'Het voorwoord van het rapport Tussen pastoraat en principe (een onderzoek van De Vijverberg inzake perforatie, red.) vermeldt een beperkte onderzoeksopdracht nl. het analyseren van de huidige praktijk van de perforatieregeling met het accent op de procedure.
Daartegenover meldt de KOA (Commissie Kerkordelijke Aangelegenheden) in haar advies n.a.v. dit rapport dat zij betreurt dat, anders dan door haar geadviseerd, in het onderzoek niet is meegenomen de vraag of er wegen zijn om de criteria, die in de perforatieregeling genoemd zijn, wel tot gelding te laten komen. Waarom is het KOA-advies bij de opdracht tot onderzoek niet nagevolgd?
(Antwoord later van de praeses is dat dit wel binnen het raam van de opdracht lag en vanuit de ter hand gestelde stukken door de onderzoekers had kunnen worden afgeleid. Kennelijk was dit niet begrepen. Ook het moderamen heeft dit element gemist, maar toch het rapport aanvaard.)
De KOA constateert dat de PKV-en in de huidige omstandigheden kennelijk niet in staat zijn te komen tot een inhoudelijke toetsing van de perforatieaanvragen. Vanuit de oorspronkelijke bedoeling van de regeling, dat het bij perforatie dient te gaan om individuele knellende situaties, adviseert de KOA om blijvend te toetsen aan de in de kerkorde vastgelegde criteria. Daarvoor kunnen provinciale commissies in het leven geroepen worden.
Mijn vraag is: zal het dan beter gaan? Wordt er dan ook gedacht aan een scherp omschreven instructie?
Is het de bedoeling dat de provinciale commissies onderling coördineren?
Daarbij mag in het kader van bezuiniging op de kerkelijke financiën ook het kostenaspect wel gewogen worden.
In de huidige praktijk zijn inderdaad de criteria voor de toepassing van de perforatieregeling ver buiten de aanvankelijke bedoeling opgerekt. Dit wordt èn in het rapport èn door de KOA geconstateerd.
Het rapport heeft daarin bij de PKV-en onderlinge verschillen geanalyseerd. In klassiek kerkelijk spraakgebruik zou ik het willen typeren als: er zijn precieze en rekkelijke PKV-en.
Maar we kunnen stellen dat ditzelfde geldt van de overwegingen van centrale kerkeraden in hun beslissing om wel of niet perforatie toe te staan. Of ook in welke mate perforatie moet worden toegepast.
Dat pleit voor beleidsafstemming op elkaar en het vaststellen van stringente regels om gevoelens van rechtsongelijkheid niet te verdiepen en zo mogelijk weg te nemen.
Het rapport spreekt van rechtsongelijkheid als het gaat om het beleid van verschillende centrale kerkeraden. De KOA bestrijdt dit vanuit de weging van de plaatselijke situatie en de toepassing van het ordinantieartikel dat de belangen van een (wijk)gemeente niet mogen worden geschaad. Alleen verschillende behandeling van gelijkwaardige gevallen in een gemeente is als rechtsongelijkheid aan te merken.
Wat betreft de aanbevelingen van het rapport kan ik alleen instemmen met de eerste aanbeveling, namelijk dat de inhoud van de regeling, zoals die verwoord is in de ordinanties ongewijzigd kan blijven.
De tweede aanbeveling, namelijk dat de procedure heroverweging behoeft, waarbij de belangen van de gemeenteleden op het gebied van het gewenste pastoraat grotere nadruk verdienen, wijs ik af. Ik volg daarin het advies van de KOA, dat wijst op de overwegingen bij de invoering van de perforatieregeling waarbij voor de gemeente het geografisch principe geldt.
Zorg blijf ik houden, ook bij het KOA-voorstel om provinciale commissies in te voeren, die zullen waken over het belang van een betrokken gemeente bij de uitvoering van het perforatiebesluit.
Mijn vraag is of die commissies daarop wel voldoende zicht zullen hebben, zeker indien er spanning bestaat tussen een plaatselijke kerkeraad en de gemeente.
Daarom heb ik ook aarzeling bij de gedachte, dat in een centrale gemeente bij een wijkkerkeraad van voorkeur een verzoek tot perforatie kan worden gedaan en dat dan de geografische wijk in kennis wordt gesteld. Daarboven ziet dan de centrale kerkeraad toe.
Welke spanning kan dat oproepen in een centrale gemeente, bij interne problemen in een wijk, of als de CK in meerderheid geen perforatie wenst en een of twee wijkgemeenten dat wel willen?
Besluit
Hier volgt de letterlijke tekst van het besluit:
1. het rapport 'Tussen pastoraat en principe' in ontvangst te nemen en de opstellers te danken voor hun arbeid;
2. in principe in te stemmen met de door de Commissie KOA aan het slot van haar advies gedane suggesties tot herformulering van ordinantie 2-1 en 2-10;
3. aan het moderamen op te dragen een voorstel tot wijziging van ordinantie 2-1 en 2-10, in de zin van het door de Commissie KOA uitgebrachte advies, te doen voorbereiden;
4. de gehandhaafde criteria voor de toepassing van de regeling alsmede dit besluit voorzien van een duidelijke uitleg op korte termijn aan de gemeenten ter kennis te brengen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 1995
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 1995
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's