Priesterlijke catechese (1)
Op donderdag 28 september jl. beleefde de HGJB een mooi moment. Sinds 1988 is er gewerkt aan het catecheseproject 'Leer ons geloven', een methode die de jongeren bij de Heidelbergse Catechismus wilde bewaren en de Heidelbergse Catechismus bij de jongeren. Na 7 jaar verschenen de beide laatste deeltjes die de serie completeren. Inmiddels heeft de methode op grote schaal aftrek gevonden. Ter gelegenheid van de presentatie van de nu complete methode sprak dr. W. Verboom over 'priesterlijke catechese'. Hij is de motor van het project geweest, gedreven door aanstekelijk enthousiasme. In twee afleveringen wordt zijn referaat in 'de Waarheidsvriend' geplaatst.J. Hoek, staflid HGJB
Inleiding
Je vraagt je bij zo'n moment als vandaag wel eens af: wat is nou het eigene van deze methode die we tot stand hebben gebracht als denkgroep, als schrijfgroepen? Wat bond ons samen in onze visie op jongerencatechese?
Ik zou dat het priesterlijke element in de catechese willen noemen. Graag wil ik in deze causerie uiteenzetten wat ik daaronder versta. Laat ik beginnen met te zeggen wat ik er niet onder versta.
Ten eerste bedoel ik niet dat catechese een zaak van de clerus zou zijn. Van het corps dat zich geestelijken mag noemen, de ingewijden, die de leken inleiden in de geheimen van de kerk.
Catechese is geen clericale aangelegenheid.
Ik bedoel in de tweede plaats ook niet dat het woord priester in zijn Latijnse versie een geschikt woord is om het eigene van de catechese aan te geven. Het Latijnse woord is pontifex. Dat betekent letterlijk: bruggebouwer. Nou, dat is toch mooi, denk je dan, in verband met de catechese. Zijn catecheten geen bruggebouwers tussen God en mens, tussen mensen en de leerinhoud, tussen mensen en mensen? Jawel, maar etymologisch staat de betekenis van pontifex allerminst vast. Vijf geraadpleegde lexica gaven vijf verschillende afleidingen. Een ervan was: het woord voor brug: 'pons', kan ook 'weg' betekenen. Dan zou het gaan om de weg van de mens naar de onderwereld, het rijk van de demonen. Een weg die de gewone mens niet mag gaan. Alleen de priester, de pontifex mag die weg gaan. Nu, dat lijkt me een verklaring van pontifex, waarmee je in de catechese niet veel kunt beginnen.
Wat we wel bedoelen is ooit door prof. Kremer in een inaugurale rede aan de Theologische Hogeschool te Apeldoorn van de prediking gezegd: 'Priesterlijke prediking is die prediking, die de kerkganger priesterlijk behandelt en benadert, in zijn nood, oog hebbend voor zijn situatie, onderscheidend, troostend, leiding gevend. Aan die priesterlijke, pastorale bevindelijke prediking is behoefte.' (Priesterlijke prediking, p. 8)
Nu, zo is het ook met de catechese. Zulke priesterlijke catechese hebben wij nodig. We hoeven ons bij een verdere bezinning op dit priesterlijke element in de catechese niet te laten leiden door een geclericaliseerde visie op catechese, noch door een heidense visie op de priester in het oude Rome. Laten we gewoon luisteren naar de Bron, de Bijbel. Daarin wordt ons het paradigma van priesterlijke catechese zomaar aangereikt. Wat is namelijk het geval?
Priesterlijk onderricht in Israël
In Israël ten tijde van het Oude Testament waren het de priesters die de taak hadden het volk te onderwijzen. Zij waren de nakomelingen van Aaron en vooral in de tijd voor de ballingschap hebben zij zich van die taak, die JHWH hen had opgedragen, gekweten. Trouwens ook na de ballingschap in de tijd van Ezra en Nehemia lezen we er nog over in het Oude Testament. Priesters hadden een veelzijdig werk te verrichten temidden van het volk, bij het heiligdom. Ze brachten de offers aan God in allerlei soort en vorm, ze waakten voor de geestelijke en lichamelijke reinheid en gezondheid van mensen. Ze raadpleegden de urim en de tummim om te weten wat de Heere God zou zeggen. En daar doorheen liep als een gouden draad hun taak om het volk te onderwijzen.
Aan de priesters viel de eer te beurt dat aan hen de Torah was toebetrouwd. Torah = onderricht, Weisung, die JHWH aan zijn volk had gegeven in de heilige Geschriften.
Torah is het onderricht dat gericht is op allerlei praktische situaties in het leven van de mens. Het huwelijk, het gezin, de arbeid, de vreemdeling, de cultus enz. enz. De priesters waren de mensen die de Torah moesten bewaken en die de Torah moesten kennen. Zij hadden de hoge opdracht ontvangen om het volk hierin wegwijs te maken. Zelf heilig, afgezonderd voor de dienst van de HEERE, was hun werk erop gericht het volk een heilig volk te doen zijn. Bestemd voor de dienst aan de HEERE. In dat kader stond hun onderricht. Het had soms collectief plaats (bV. op het Loofhuttenfeest als het volk bijeen was), maar meestal gebeurde het individueel, als iemand een offer kwam brengen. Dan ontving zo iemand onderricht in de aard van het offer, de dienst aan God, en het aan Hem gewijde leven.
Er staan heel wat gegevens in het Oude Testament over deze priesterlijke dienst. Ik noem er enkele:
In Lev. 10:11 lezen we dat Aaron en zijn zonen de kinderen Israels moeten leren al de inzettingen die de HEERE door de dienst van Mozes tot hen gesproken heeft.
In Deut. 33 : 10 lezen we dat de priesters Jakob uw rechten leren en Israël uw wet. In Jer. 18:18 lezen we dat de wet niet zal vergaan van de priester.
In Hosea lezen we dat het volk is uitgeroeid omdat het zonder kennis is. Dat wordt de priesters als daarvoor verantwoordelijke, personen zeer kwalijk genomen. (4 : 6)
En dan lezen we ook in bv. Nehemia 8:5-9 dat levieten het volk de Torah die Ezra heeft voorgelezen nader uitleggen.
Het mooie van hun taak om het volk te onderrichten in de Torah was dat die taak geïntegreerd was met andere taken. Hun onderricht nam geen geïsoleerde plaats in. Nee, priesters leerden mensen in concrete praktische situaties van het leven de weg te gaan die de HEERE wilde dat zij zouden gaan. Zo leerden ze mensen om hen na te volgen in het wijden van hun leven aan de HEERE God van Israël.
Priesters bekleedden een soort middelaarspositie tussen JHWH en zijn volk. Zij waren het die de Torah bij de mensen brachten en zij waren het die de mensen in hun vreugden, vragen en noden bij de HEERE brachten. Ze maakten een voortdurende pendelbeweging tussen die twee: Torah en mensen. Zij vertegenwoordigden JHWH bij het volk en het volk bij JHWH. Ook in hun gebed.
Al met al een cruciale taak in het bestaan van het volk van God. Daarin vulden zij de ouders aan in hun taak in het gezin. In het gezin in het Oude Israël was de vader de priester die zijn kinderen inleidde en inwijdde in de geheimen van het verbond. Priesters bij het heiligdom deden dat ook, zowel aan de ouders als aan hun kinderen. Zij overstegen om zo te zeggen de generaties.
Samenvattend mogen we zeggen dat de kracht van het onderwijs in Israël dat priesterlijke element was. Priesters waren ertoe gewijd. De olie waarmee hun vader Aaron was gezalfd, was teken en zegel van de Heilige Geest die hen riep en ook toerustte.
Latere ontwikkelingen
In de latere tijd van Israels volksbestaan is het onderwijs aan de priesters ontgroeid. Hoe dat is gegaan, weten we niet. Speelde de ballingschap daarbij een rol? In elk geval zijn in de plaats van de priesters de schriftgeleerden getreden. Die schriftgeleerden werden de specialisten in de kennis van de wet. Zij gingen zo op in het uitpluizen van de betekenis van wetten en wetjes, dat het gevaar van legalisme niet denkbeeldig was. Denk aan de wetgeleerde met wie Jezus te maken kreeg. Het onderricht raakte het priesterlijke kwijt. Dat is een ramp.
We moeten het optreden van Jezus dan ook zien onder andere als een correctie op het onderwijs van de schriftgeleerden in Zijn dagen. Hij leerde niet als de schriftgeleerden, maar als de profeet die ook de priester was. Daarin lag het geheim van zijn gezag, waardoor Hij als machthebbende leerde. Hij legde de Torah van JHWH uit, als het onderricht van Zijn Vader. Denk aan de bergrede, denk aan de gelijkenissen. Hij wendde zich tot mensen om te helpen, hen wegwijs te maken, hen van het dwaalspoor af te trekken, tot discipel te maken. Volgeling, op het rechte spoor. In methode en habitus van leren was Jezus bezig dat offer te brengen, dat straks aan het kruis voltooid wordt. Tot verzoening van gebroken mensenlevens.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 januari 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 januari 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's