De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Huisverzorgers Gods

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Huisverzorgers Gods

De ouderling-kerkvoogd

5 minuten leestijd

Bekleedt de ouderling-kerkvoogd een soort vierde ambt, zoals o.a. door dr. W. J. op 't Hof te Nederhemert recent in een Open Brief werd betoogd? Op deze vraag gaat ds. G. D. Kamphuis in bijgaand artikel in. Terecht pleit hij voor afschaffing van de benaming kerkvoogd. Waarom zou de nu zo geheten ouderling-kerkvoogd, die alle rechten en plichten van de ouderling heeft, niet een ouderling met bijzondere opdracht voor het gemeentelijk beheer heten? Red.

De afgelopen weken klonk van menige kansel de vraag: 'Wat is hierop uw antwoord? ' Ambtsdragers werden (her)bevestigd. Voor God en voor Zijn heilige gemeente gaven ze hun ja-woord. Al deze broeders in de dienst van de Heere wens ik veel genade en vreugde toe om in Gods koninkrijk te dienen.

Ouderlingen-kerkvoogd

Onder deze broeders waren ook verschillende broeders die bevestigd werden tot ouderling-kerkvoogd. In verschillende gemeenten waar onlangs tot aanpassing is besloten moet nog voorzien worden en heeft dus ook de bevesting nog niet plaatsgevonden. Maar tussen twee haakjes: wanneer worden we eindelijk eens van dat woord 'kerk-voogd' afgeholpen? De bevoogd-ing, die aan de regelementenbundel herinnert blijft ons op deze wijze achtervolgen. Wat denkt u van de omschrijving 'beheer-ouderling'. Daarmee wordt zelf uitgedrukt dat beheren een onderdeel is van het regeer-ambt. Een andere mogelijkheid zou zijn 'ouderling-huisverzorger'. Met het woord 'huisverzorger' is de lijn naar Titus 1 : 7 getrokken. Ik pleit er nadrukkelijk voor dat de naam ouderling er een plaats in blijft behouden vanwege het gevaar dat de kerkvoogd anders expliciet een vierde ambt zou bekleden. Dat is nooit de bedoeling geweest, dat zou ook volstrekt onjuist zijn. Want een ambt wordt niet gevormd 'uit de eigen volmacht van de Kerk', maar rust in 'het besluit, de raad, de wil Gods'. Op ook dit punt moet de praktijk nadrukkelijk worden getoetst en bewaakt vanuit de Schrift en de belijdenis.

Ambtelijke opdracht

Het gaat in het kerkvoogdij werk om het welzijn van de gemeente van Christus. Daarin staat meteen het kerkvoogdij werk in het perspectief van de heiliging van Gods Naam, de komst van Gods Koninkrijk, het geschieden van Gods wil. Ook het beheer is een geestelijke aangelegenheid en is dienstbaar aan de opbouw van de gemeente. Financieel beheer in een gemeente kan nooit alleen maar stoffelijk beheer zijn. Financieel beheer is ook een voluit geestelijke zaak. Het gaat kort gezegd in het financieel beheer om niets minder dan om de voortgang, in de gemeente, van de eredienst, die dienst is aan de Koning van de Kerk.

Het gaat om de voortgang van de Evangelieverkondiging, om de voortgang van de hantering van de sleutels van het Rijk der hemelen. Om de voortgang van het gemeentelijk leven. Op die wijze heeft beheren ook alles met regeren, met het koninklijke ambt te maken. Ook daarom is in de synodale voorstellen voorafgaande aan 1951, ondanks veel aandrang daartoe, niet voor een vierde ambt gekozen. Omdat men nergens in de Heilige Schrift een spoor kon vinden dat de Heere God of de Heere Christus een ambt instelde voor de stoffelijke verzorging van de Gemeente als afzonderlijk ambt. Tegelijk leefde de overtuiging dat het beheer niét onttrokken mocht blijven aan het regeerambt. Vandaar de koppeling ouderling-kerkvoogd. De ouderling draagt immers ook de taak van de verzorging van de eredienst.

'Voorzover er in de Nieuwtestamentische tijd iets te regelen viel, hebben de apostelen dit gedaan, en toen ook de oudsten en anderen. In ieder geval blijkt uit de bijbel, dat het beheer van de stoffelijke goederen, die nodig waren voor de instandhouding van de eredienst, als een geestelijke zaak beschouwd werd waarvoor de ambtsdragers der kerk zich verantwoordelijk wisten' ('Het kerkelijk ambt' van de commissie Van Ruler-Dokter).

Deze huisverzorgers Gods waken over het 'goed Gods'. Onze gaven geven voor de dienst aan God, voor de instandhouding van de eredienst heeft alles te maken met leven naar Gods wil. Het is een vrucht van het leven uit Christus. Juist de ouderling 'vraagt naar vrucht'! En hij vermaant als deze vrucht achterwege blijft. De ouderling-kerkvoogd draagt op die wijze zijn roeping voor Gods Aangezicht in het midden van de gemeente.

Bevestiging

Dat heeft ook consequenties voor de wijze waarop deze broeders in het ambt worden bevestigd. Daarvoor is het klassieke formulier voor de bevestiging van ouderlingen en diakenen te gebruiken. Als het alleen om de bevestiging van ouderlingenkerkvoogd gaat kunt u het gedeelte dat over de bevestiging van de ouderlingen gaat gebruiken. Ook deze broeders worden als 'mederegeerders toegevoegd', ook zij dragen zorg voor 'wel welstand en de goede orde van de kerk', ook zij zijn geroepen 'zichzelf gedurig te oefenen in de overlegging van de verborgenheden des geloofs'. Ook zij dragen 'met grote nauwgezetheid zorg, dat de noden, zorgen en geheimen van de schapen van hun kudde bij hen veilig zijn'. Om daarbij ten volle recht te doen aan hun bijzondere opdracht is het aan te bevelen om na het ten derde uit het formulier ook een ten vierde te lezen. U vindt in het tweede formulier uit het dienstboek daar een voortreffelijke formulering voor:

'Als huisverzorgers Gods waken zij voor de instandhouding van de openbare eredienst; zij zullen daarom niet alleen de geestelijke maar ook de stoffelijke belangen der gemeente behartigen, opdat er vol­doende plaats zal zijn, waar het evangelie gepredikt, de sacramenten bediend en de Naam des Heeren in het openbaar wordt aangeroepen'.

In de derde vraag laat ik het opnieuw terugkeren: 'Belooft gij uw ambt gelijk dit hier beschreven is, volgens deze leer getrouw naar uw vermogen te bedienen, gij ouderlingen in de regering der kerk samen met de dienaren van het Woord, gij ouderlingen-kerkvoogd als huisverzorgers Gods...? '

Op deze wijze komt het ouderlingschap tot zijn recht, maar ook de bijzondere opdracht van het 'huisverzorger Gods' zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 januari 1996

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Huisverzorgers Gods

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 januari 1996

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's