Kerknieuws
BEVESTIGING EN INTREDE VAN KAND. W. G. VAN DEN TOP TE HAZERSWOUDE-DORP
'Laat het een hoge feestdag wezen. De naam des HEBREN wordt geprezen!' Deze woorden uit het Psalmboek zijn gezongen in de middagdienst van de hervormde gemeente van Hazerswoude-Dorp waarin ds. W. G. van den Top voorging als de nieuwe predikant na het vertrek van ds. J. B. Alblas naar IJmuiden-West. Deze psalmregels zijn bevestigd op zondag 14 januari 1996. Blij en dankbaar als een vacature vervuld mag worden en daarom een felicitatie richting gemeente en nieuw predikantsgezin.
In de morgendienst vond de bevestiging plaats door ds. C. H. Bax uit Ede. Het thema voor de prediking was: ..Herder met beperkte werktijd... n.a.v. 1 Petrus 5 : 2a en 4.
Deze tekst doorbreekt alle verwachtingspatronen. De kudde of de gemeente is een gevarieerd geheel. Je hebt als predikant de opdracht om de hele kudde te hoeden. Wie is de beste (predikant)? Wie de minste wil zijn. Johannes heeft als wegwijzer gefungeerd naar de Messias. 'Hij moet wassen en ik minder worden'. Een predikant als 'onderherder' gaat de kudde voor. Daarom is er tijd nodig voor Bijbelstudie en gebed, maar ook gebed voor de 'onderherders' (predikant en andere ambtsdragers) is onmisbaar bij het hoeden van de kudde.
's Middags was - evenals 's morgens - de gerestaureerde kerk vol met genodigden (familieleden, vrienden uit kerk en school, enz.) en gemeenteleden. We begonnen op de juiste hoogte voor nieuwe predikant en 'hele kudde': 'Mijn hart, o Hemelmajesteit, is tot uw dienst en lof bereid'.
De tekst voor de intrededienst was gekozen uit het gesprek van Jezus met de Samaritaanse vrouw: Ik, die met u spreek, ben het' (Joh. 4 : 26b). Het werd duidelijk dat de nieuwe predikant voor een priesterlijke benadering van het ambt kiest en dus het pastoraat bovenaan zet. Oog hebben voor elkaar zoals Jezus oog had voor deze vrouw met een 'verleden'. Het is en blijft de roeping van een predikant om Jezus te verkondigen als de Gever van levend water Hij ziet de mens achter de woorden. Hij neemt ons zoals we zijn. Als het tot een echte ontmoeting komt in de prediking, in het pastoraat onder de 'hele kudde', dan kunnen we de ontdekking 'Hij is het' niet voor onszelf houden. We worden dan een 'bron' in eigen omgeving! Met een 'doordenkertje' eindigde de pastorale prediking over het komen bij de Bron van het levende water: . .Dan kunt u uw kruik laten staan...
Na de prediking een persoonlijk woord van ds. Van den Top, dankbaar terugkijkend op een periode van godsdienstleraar in Barneveld en nu met enthousiasme beginnend aan het werk als 'onderherder'.
Daarna werd hem en zijn gezin een welkom toegeroepen namens Ring en Classis Alphen aan den Rijn door ds. J. Ouwendijk, namens de andere geloofsgemeenschappen door de gereformeerde collega ds. A. C. Poley en namens de hele hervormde gemeente door ouderling-kerkvoogd br. J. Karens.
BEVESTIGING EN INTREDE C. VAN DUIJN TE AMSTERDAM (NOORDERKERKGEMEENTE)
Waar haal je je inspiratie vandaan? Als je in de stad midden in de puinhopen van de Christelijke traditie leeft? Als je kerk in de steigers staat? Als je wijk feitelijk heel de stad is?
Op 7 januari jl. bevestigde ds. M. van Duijn uit De Bilt zijn broer ds. C. van Duijn als nieuwe predikant voor de wijkgemeente van de Noorderkerk. Ds. M. van Duijn, oud-vicaris van deze wijkgemeente, bepaalde zijn gehoor in een afgeladen Noorderkerk bij Hand. 18 : 10b: Want Ik heb veel volk in deze stad'. Als bemoediging van Godswege. Je merkt de teloorgang van de kerken in Amsterdam. Dat kan je wel eens somber stemmen, maar God roept hier juist op tot dit alles te zien vanuit een verticaal perspectief. Dat God vasthoudt en een geheiligde rest heeft, ook in een grote stad, mag je juist optimistisch stemmen. Voor de intrededienst had ds. C. van Duijn Zach. 4 : 6b gekozen: Niet door kracht, noch door geweld, maar door Mijn Geest zal het geschieden, zegt de Heere der heirscharen'. Onder het thema: kerk zonder steigers. Op zich een mooie, bemoedigende tekst, als je opziet tegen je nieuwe taak. De Heere zal er voor zorgen. Maar wat wil de tekst eigenlijk zeggen? De tekst komt uit een van de visioenen van Zacharia, een profeet ten tijde van de terugkeer uit de ballingschap. Een klein deel is maar teruggekeerd en wordt geconfronteerd met een verwoest Jeruzalem, een tempel in puin. Met de herbouw van de tempel wordt begonnen, maar de rek is er al snel uit. Men raakt moedeloos. Waar doen we het allemaal voor? Het werk , stokt. Kerk in de steigers, maar zonder bouwactiviteiten.
Maar juist in deze visioenen laat God steeds zien: Ik ben er. Ik laat je niet in de steek. Jeruzalem en de tempel zullen herrijzen. Het volk wordt van Godswege bemoedigd. Door middel van een visioen aan Zacharia. Ook voor ons zijn die visioenen betekenisvol. Zacharia is geen religieuze dromer, maar juist profeet van God, die exact de bedoeling van God met zijn lamgeslagen volk doorgeeft. Zacharia droomt niet van een ideale toestand. God laat hier een werkelijkheid zien. En dat impliceert dat een predikant hier ook geen fantasie, eigen ideeën of plannetjes presenteert. Dat bloedt dood. Als predikant moet je je gedachten in laten perken door Gods Woord.
Een engel laat Zacharia een gedetailleerd beeld zien van een gouden kandelaar met zeven lampen. Compleet met een soort oliereservoir en olijfbomen. Maar wat is daarvan nu de bedoeling, waarom ook deze tekst? Het antwoord van de engel aan Zacharia: Dit is het woord tot Zerubbabel licht een tipje van de sluier op.
Zerubbabel heeft, als politiek leider van het teruggekeerde volk, de leiding over de bouw van de tempel. En hier krijgt hij de boodschap dat de tempelbouw zal lukken. Door Gods Geest. De ballingen krijgen hun inspiratie niet door de peptalk van Zerubbabel. De Geest des Meeren, die maakt levend, die heeft kracht en geeft moed aan de teruggekeerde ballingen. Om de handen uit de mouwen te steken. Want de tempel moet weer herrijzen, als woning voor God in Jeruzalem. God moet je kunnen ontmoeten. God valt ook te ontmoeten. Ook in Amsterdam. Hier kan de ontmoeting met de God van je leven plaatsvinden, want God is niet iets vaags, ook geen idee van vroeger, of een God op afstand.
Dus daarom aan de slag, ook al is er nog zoveel tegenwerking. Ook bij de generatiegenoot Haggaï klinkt de bemoediging dat God met Zijn Geest Zijn volk zal leiden en steunen. Dat is dus het hart van de tekst: de tempel zal worden herbouwd, als plek om God te dienen.
Maar de spits van het visioen ligt dieper. De tekst is de uideg van een beeld. Zacharia ziet een kandelaar. Dat moet Zacharia hebben doen denken aan de menora in de tempel. Die bleef dag en nacht branden. Als teken van Gods wakende aanwezigheid. Van Zijn vriendelijk aangezicht. Dan gaat het hier niet simpelweg om de herbouw van de tempel. Alsof die een doel in zichzelf is. De tempel moet juist doorverwijzen naar de God van het verbond, de Schepper van ons leven. Dat brengt dus ook geen mens tot stand. Ook Zerubbabel niet. Alleen de Geest.
Ook het Nieuwe Testament spreekt van de gemeente als kandelaar. Als tempel Gods in de Geest. En in Openbaring wandelt Christus te midden van de 7 kandelaren. Als beeld van de wereldkerk. In concreto betekent dat voor de Noorderkerk, waar dé steigers in de kerk te zien zijn, dat een afronding van de restauratie pas het begin is. De afgebroken steigers betekenen het begin. Om als gemeente licht te verspreiden. Gods licht.
Bij Zacharia krijgt gemeente-zijn juist een diepere lading. Hiervóór wordt het visioen van het herstel van Jozua als hogepriester getoond. Als symbool voor het herstel van de dienst der verzoening. En dan volgt in dit hoofdstuk de oproep aan het volk om zijn roeping te verstaan. Zo verzoent God je schuld en roept Hij je tegelijk in Zijn dienst. Je kunt ook pas iets doorgeven als je zelf iets van licht in de duisternis hebt ontvangen.
Gemeente-zijn is kandelaar zijn, vanuit de verzoening gezonden zijn in deze wereld. De kandelaar en de gemeente zijn het licht niet, maar fungeren slechts als drager, als reflector van het licht.In je eigen leven kun je de duisternis, heel concreet, voelen. Je ondervindt vaak, hoe reëel de duisternis is in je leven. Maar nu schijnt het licht van Gods liefde. Wie licht ontvangt, mag dat ook weer doorgeven. Dat gebeurt niet in alle krampachtigheid. Nee, de gemeente verspreidt licht. Van Godswege in de stad. Als onze gezamenlijke roeping. Juist in Amsterdam.
Hoeveel lichten hier ook schijnen, hoeveel mensen leven er niet in het donker. Gedoofd. En dat nota bene in een tijd die zo sterk gestempeld is door de Verlichting. Maar aan den lijve ondervinden we de duisternis van ons denken. In het lege, het angstige. De duisternis, zo tastbaar aanwezig in ons land, onze stad. Soms slaat je, als je door Amsterdam fietst, de schrik om het hart. Je voelt de machteloosheid van de kerk. Hoe kan dat dan, een kerk zonder steigers? Kun je je kerkgebouw maar beter niet volledig barricaderen? Of als een Open Monument openstellen om eens naar binnen te lopen.
Bij Zacharia klinkt het visioen van het herstel door de Geest. Dat wordt getekend door de stilte. Er gebeurt niets. Zo, in het geheim van de stilte, in de oefening van de gebeden, voorkom je dat je jezelf voorbijloopt. De kandelaar blijft nl. branden door de aanvoer van de olie, als symbool van de Geest. En als er mensen zijn, bij wie het licht niet meer (helder) schijnt, dan mogen die in het pastoraat voor de dag komen. Om te kijken wat er aan schort om dat licht niet helder genoeg door te kunnen geven. Om weer bezield te worden door de Geest.
De omgang met de Geest voorkomt dat je gauw opbrandt. In het vervolg klinkt ook de oproep aan Zerubbabel om de dag der kleine dingen niet te verachten. Dat bevrijdt je van de druk van de vergelijking met vroeger en roept je op om voluit oog te hebben voor het werk van de Geest. Hoe klein ook. Tegelijk is daar ook het afhankelijke gebed: Spreek Heer Uw woord dat het Licht overwint.
Na zelf de spits te hebben afgebeten met een dankwoord werd ds. C. van Duijn toegesproken door de voorzitter van de classis Amsterdam, dr. R. Reling Brouwer namens de Centrale Kerkeraad, ds. Van Andel als consulent en predikant van de Jeruzalemkerk en drs. C. Boerhout als voorzitter van de wijkkerkeraad. Als zegenbede werd ds. Van Duijn en zijn gezin ps. 122 : 3 toegezongen.
GEDENKDAGEN PREDIKANTEN IN FEBRUARI
Ds. T. D. van Soest hoopt 4 februari te herdenken dat hij 45 jaar ervoor in Rijnsaterwoude als predikant werd bevestigd.
Ds. P. Vinke, wonend in Opheusden, hoopt 6 februari 70 jaar te worden.
Op 19 februari 1916 werd de nu in Velp wonende ds. J. Hegger geboren. Derhalve hoopt hij de 19e van deze maand zijn 80e verjaardag te vieren.
Vijf jaar ouder wordt op 22 februari ds. J. Batelaan in Voorschoten.
VERSLAG VAN DE AFSCHEIDSDIENST VAN DS. H. VELDHUIZEN VAN ZOETERMEER, D.D. 14 JANUARI 1996
Voorafgaand aan de dienst dankte ds. Veldhuizen in een persoonlijk woord ieder voor zijn of haar komst en voor al het goede dat hij en zijn vrouw in de gemeente gehad hebben. 'Ik was predikant van wijkgemeente 4, maar heb geprobeerd de hele hervormde gemeente te dienen', aldus de scheidende predikant. Hij benadrukte, dat hij aan de vele catechisatie-uren de beste herinneringen had.
Na de dienst werd ds. Veldhuizen toegesproken door ds. J. van Walsum namens de centrale organen en de meerdere vergaderingen, en door ouderling H. de Pijper namens wijkgemeente 4 en de wijkkerkeraad. Deze laatste liet de gemeente de vertrekkende herder en zijn gezin toezingen Psalm 134 : 3.
Ds. Veldhuizen stond in zijn preek stil bij 1 Korinthe 9 : 20-23, waarbij de samenvatting gevormd werd door vers 22b en 23: Allen ben ik alles geworden, opdat ik immers enigen behouden zou. En dit doe ik terwille van het Evangelie, opdat ik het mede deelachtig zou worden'.
Dit zijn, aldus de predikant, heel leerzame woorden, en ook heel bewogen woorden. Er is een beetje het gevaar, dat in deze afscheidsdienst de dominee vergeleken wordt met Paulus. Maar dat is niet de bedoeling. Het zijn woorden voor ons allemaal. Over hoe we in onze tijd, in onze wereld, gemeente moeten zijn, met name naar buitenkerkelijken toe. De gemeente is steeds meer een zendingsgemeente. Het gaat steeds meer lijken op de eerste christelijke tijd. Soms komt dat heel dichtbij, als eigen broers, zussen, kinderen de kerk verlaten. Óf als dat in onze eigen gemeente voorkomt.
Paulus doet ons een leerzame evangelisatiemethode aan de hand. Daarbij kunnen wel vragen rijzen. Zoals: is die houding van Paulus niet slap? Waait hij niet met alle winden mee? Is hij dan een marionet, of een kameleon? Enerzijds: ja! Maar, één ding blijft. En dat is het wezen van de zaak: het Evangelie. Paulus doet dit terwille van het Evangelie. Die goede boodschap, dat mensen horen, ophoren van Jezus Christus.
Vijf keer benadrukt Paulus, dat hij dit doet om anderen te winnen. Dat is, om anderen te behouden. Dan zijn ze gewonnen, dan is er sprake van eeuwige winst. Uit deze woorden van Paulus spreekt ernst, bewogenheid, geladenheid. Hij zegt: Wee mij, indien ik het Evangelie niet verkondig! De nood is mij opgelegd. Paulus is heel ver gegaan om mensen te winnen. Zowel letterlijk (denk aan zijn zendingsreizen) als figuurlijk. Van dit laatste spreekt het tekstgedeelte: de joden een jood, enzovoorts. En dat loopt uit op de samenvatting: allen ben ik alles geworden, opdat ik immers enigen behouden zou. Let op: dat is wat anders dan wat wij zo vaak willen, namelijk: sommigen iets worden om allen te behouden. Het doel van Paulus is: zielen winnen voor het Lam, 'opdat ik het Evangelie mede deelachtig zou worden'.
Paulus noemt drie groepen: de joden, of degenen die onder de wet zijn, dan degenen die zonder de wet zijn, en tenslotte de zwakken.
1. De joden, die onder de wet zijn. Dat houdt in: niet onder de genade. Israël is wel het volk van Gods verbond, maar niet onder de genade. Zij kennen Jezus Christus niet. Paulus kent een bijzondere liefde tot de joden. Hij wil hen winnen voor de Messias van Israël. Die liefde voor Israël mogen wij ook hebben. Paulus gaat zo ver, dat hij schrijft zelf wel verbannen te willen zijn van Christus als zij Hem zouden belijden.
Paulus nam joodse gebruiken in acht, zoals spijs-en reinigingswetten enz. Hij heeft zelfs Timotheüs besneden omwille van de joden. Terwijl hij zich in de Galatenbrief heel sterk verzet tegen de besnijdenis door christenen. Maar hij deed het terwille van het Evangelie: want Christus is het zo waard.
Een vraag: Is de kerk de joden als een jood geweest? De joden zijn door de kerk als Godsmoordenaars gescholden. Denk ook aan de kruistochten, de tweede wereldoorlog met zes miljoen door het christelijke West-Europa vermoorde joden.
De joden, die onder de wet zijn, winnen. Dat winnen is winst, eeuwige winst. Het is jezelf verliezen, en Jezus overhouden. Dat is het Evangelie.
2. Degenen die zonder de wet zijn. Dat komen wij veel tegen. Het zijn mensen, die niet bekend zijn met de Thora, met de Bijbel. In onze tijd zijn dat er steeds meer. Mensen, die niet weten wat bidden is. Die de Naam van God en Jezus alleen kennen als een vloek. Paulus gaat heel dicht bij hen staan.
Het zijn ook mensen die wetteloos zijn, die maar raak leven. God-loos: als in de dagen van Noach; eten, drinken en vrolijk zijn. Paulus wil ze graag winnen voor Jezus Christus. Hij zegt niet: ze gaan toch verloren. Hij is hen geworden als zonder de wet, hen dienend. Het is heel wat om zo gemeente te zijn. Denk aan wat destijds een bekend gezegde was: 'op z'n Korintisch leven', de bloemetjes flink buiten zetten. Paulus heeft hun taal gesproken, en heeft zich hun denken en hun gewoonten eigen gemaakt. Als hij het Evangelie kon bevorderen, heeft hij het overgenomen. Zoals de evangelist Hudson Taylor, die in China in Chinese kleding en met een staart in zijn haar tot een geweldige zegen is geweest. Paulus gebruikt in zijn brieven elf keer een voorbeeld uit het stadsleven. In Athene haalt hij heidense dichters aan, hij citeert geen psalmen. De vraag voor ons is: zijn wij bereid om in de huid van een ander te kruipen terwille van het Evangelie? Of werpen wij blokkades op?
Degenen die zonder de wet zijn winnen. Tegenover dit winnen staat verloren gaan. Mensen zijn verloren als God niet door Zijn genade in hun leven komt. Als we dat van onszelf weten, staan we ook naast een ander. Dat is het werk van de Heilige Geest, en de Geest schakelt mensen in om mensen te winnen. Niet winnen voor ? en kerk, maar voor de Heere Jezus. Winnen, behouden, redden door het Evangelie van de gekruisigde en opgestane Heere Jezus Christus. Uit de verlorenheid tot het behoud. We hoeven ons niet te generen voor de goede boodschap!
3. De zwakken. Daarbij horen degenen, die er nog allerlei wetten op na houden: raak niet, smaak niet, roer niet aan. Zulken zijn er ook in onze tijd. Mensen die allerlei regels kennen, en die ze ook anderen willen opleggen. Zij noemen zichzelf principieel, orthodox. Paulus noemt ze zwak, en hij gaat dicht bij hen staan om ze te winnen. Zij zijn nog niet gekomen tot de volle vrijheid, de volle ruimte van het Evangelie van Jezus Christus. Hiertoe rekent Paulus ook de beginnelingen, die nog zwak zijn.
Samenvattend zegt Paulus: Allen ben ik alles geworden. Als een Surinamer, als een Chinees, als een moslim, als een punker. Alles terwille van het Evangelie van Jezus Christus.
Om enigen te behouden, dat is de realiteit. Meestal zijn het er 'maar' sommigen. Maar het gaat om de velen: Er is blijdschap bij de engelen over één zondaar die zich bekeert.
Mensen winnen, mag dat wel? In onze tijd zegt men: Dat is te verticaal, veel te veel een over-de-streeptrekken. Maar Jezus zegt, dat we mensen moeten vangen: Ik zal u vissers der mensen maken. Het móet zelfs: mensen redden van het eeuwig verderf, van de verlorenheid.
Paulus doet het, opdat hij het Evangelie mede deelachtig zou worden. Zijn eigen zaligheid staat op het spel. Paulus volgt zijn Meester na. Die kwam binnen bij tollenaren en zondaren. En Hij werd erom gescholden: een vraat, een wijnzuiper.
Jezus had liefde voor zondaren: hij had een hekel aan het optreden van de Farizeërs. Hij kwam in de wereld en werd vervloekt. Hij werd een vloek, opdat degenen die in Hem geloven van die vloek vrijgekocht zouden worden. Dat is het hart van het Evangelie.
Wat is het geweldig om bij de gemeente te horen. Deze goede boodschap wil ons doen buigen bij kribbe en kruis van Jezus Christus: een volkomen verzoening.
Dit Evangelie is de afgelopen vier jaren ook gebracht, met gebrek, maar het is gebracht. Heeft het Evangelie wat uitgewerkt? Is het in uw leven vlees en bloed geworden? Hebt u Jezus Christus leren belijden als Heiland voor degenen die onder de wet zijn, voor hen die zonder de wet zijn, voor de zwakken? Dit Evangelie wil ons stellen in de vrijheid van de kinderen Gods. Zien we ook aan de gemeente als geheel iets van die gestalte van Paulus? De kerk leeft van de genade van de Dienaar, Die gekomen is om te dienen. Die Zijn leven gegeven heeft tot een losprijs voor allen, voor u en mij. Gelooft u dat?
ONTMOETINGSDAGEN EN - AVONDEN VROUWENBOND
De Bond van Ned. Herv. Vrouwenverenigingen op G.G. hoopt D.V. in de maanden februari, maart, april en mei opnieuw een aantal ontmoetingsdagen en - avonden te houden.
Het thema luidt: 'Groeien in het geloof'. Tijdens de ontmoetingsdagen houdt één van de sprekers de inleiding, 's Middags is er groepsdiscussie, waarna de plenaire bespreking volgt. De data en plaatsen waar de dagen worden gehouden zijn:
20 februari, Hoogeveen, 'De Goede Herderkerk', spreker: ds. A. A. Floor, Genemuiden.
22 februari. Putten, gebouw 'De Aker', spreker: ds. J. van het Goor, Stolwijk.
5 maart. Veen, gebouw 'Herv. Centnam', spreker: ds. J. van Dijk, Tholen.
19 maart. Nieuwe Tonge, gebouw 'Elim', spreker: ds. J. van Dijk, Tholen.'
21 maart, Barendrecht, Immanuëlkerk, spreker: ds. A. W. V. d. Plas, Waddinxveen.
21 maart, Apeldoorn, Eben-Haëzerkerk, spreker: ds. H. Westerhout, Zeist.
26 maart, Barneveld, gebouw 'Rehoboth', spreker: ds. A. A. Floor, Genemuiden.
28 maart. Woerden, Maranathakerk, spreker: ds. H. Visser, Katwijk.
11 april, Hardinxveld-Giessendam, Herv. Centrum, spreker: ds. A. W. v. d. Plas, Waddinxveen.
11 april, Wezep, Vredeskerk, spreker: ds. J. van het Goor, Stolwijk.
16 april, Zwolle, Sionskerk, spreker: ds. H. Westerhout, Zeist.
18 april, Stolwijk, gebouw 'Rehoboth', spreker: ds. H. Visser, Katwijk.
Voor alle ontmoetingsdagen geldt: aanvang 10.00 uur. Aanmelden bij het Herv. Bondsbureau, Beatrixstraat 20a, 3862 DB Nijkerk, tel. 033-2456699.
Kosten ƒ 10, - p.p. te voldoen bij de: Bond van Ned. Herv. Vrouwenver. op G.G., Jacob Catsstraat 97, 38.81 XN Putten, postrek.nr. 551047. Graag onder duidelijke vermelding van de dag die uw wilt bezoeken.
Data en plaatsen waar de ontmoetingsavonden worden gehouden zijn:
23 april, Capelle a/d IJssel, Nieuwe Westerkerk, spreker: ds. A. Beens, Urk.
25 april, Veenendaal, gebouw 'Eltheto', spreker: dr. G. V. d. End, Rijssen.
2 mei, Rijssen, Herv. centrum 'Sion', spreker; ds. A. Beens, Urk.
8 mei, Putten, Gebouw 'De Aker', spreker: dr. G. v. d. End, Rijssen.
9 mei, Gorinchem, Exoduskerk, spreker: ds. A. Beens, Urk.
Voor alle avonden geldt: aanvang 19.30 uur. De bijeenkomst wordt om 22.00 uur beëindigd.
Aanmelden bij het Herv. Bondsbureau, Beatrixstraat 20a, 3862 DB Nijkerk, tel. 033-2456699.
Kosten ƒ 7, 50 p.p. te voldoen bij de: Bond van Ned. Herv. Vrouwenver. op G.G., Jacob Catsstraat 97, 3881 XN Putten, postrek.nr. 551047.
Graag onder duidelijke vermelding van de avond die u wilt bezoeken.
COLLEGES VOOR BELANGSTELLENDEN
Zoals gebruikelijk organiseert de kerkelijke opleiding te Leiden ook dit jaar weer twee series colleges voor belangstellenden. Ze zijn in de eerste plaats bedoeld voor predikanten en pastores die op de hoogte willen blijven met wat er gaande is aan de academie, maar staan verder open voor elk die er belangstelling voor heeft.
De colleges worden gehouden in het Witte Singel-Doelencomplex, aan de Witte Singel te Leiden op vrijdagmorgen-van 9.00 uur (precies) tot 10.00 uur. Plaats: gebouw 1170, zaal 005. 2/2-8/3 dr. W. Verboom. Onderwerp: Leren in de gemeente.
Leren is een onmisbare functie om gemeente te zijn: leren als weten waarom het gaat, leren als bewustwording, leren als verandering. In de colleges staan we stil bij bijbels-theologische aspecten van het leren, bij een historisch model (het leren in de Hollandse vluchtelingengemeente te Londen in de zestiende eeuw) en trekken daarna enkele lijnen door naar de praktijk nu. Daarbij gaat het vooral om het verband tussen leren en gemeenteopbouw. Ook besteden we aandacht aan enkele recente publicaties op dit terrein, zoals van H. Dane (1995) en J. Hendriks (1995).
GEREFORMEERDE BOND AFD. MONSTER EN OMSTREKEN
Op D.V. woensdag 31 januari a.s. hoopf de plaatselijke afdeling haar jaarvergadering te houden in gebouw De Haven, waarvoor een ieder wordt uitgenodigd. Aanvang kwart voor acht.
Na een kort huishoudelijk gedeelte zal de weleerwaarde heer ds. P. Vermaat uit Maassluis voor ons spreken over 'De muziek in en buiten de Kerk'.
Het thema, dat zeker de jongeren zal aanspreken, luidt: 'Met de muziek mee? '
Ter voorbereiding op de lezing zou u kunnen opslaan Openbaringen 5 vers 6-10 of Psalm 42. Wij hopen op een gezegende avond met vele aanwezigen.
Komt u ook?
CONTIO PREDIKANTSVROUWEN OP G.G.
In 'Silvosa' te Bilthoven wordt D.V. dinsdag 23 april a.s. onze 4-jaarlijkse studiedag gehouden.
Vanaf 10.00 uur is er koffie en gelegenheid tot ontmoeting. Om 10.30 uur hopen we de dag te openen en om 15.00 uur af te sluiten.
Mevr. drs. W. A. Doornenbal zal spreken over het onderwerp 'Assertiviteit, over zelfhandhaving en zelfverloochening'.
Drs. W. A. Doornenbal studeerde klinische en sociale psychologie en is docent aan de Hogeschool 'De Vijverberg' te Ede.
De kosten voor deze dag bedragen ƒ 12, 50, te voldoen op de dag zelf. Zelf lunch-pakket meenemen. Voor koffie, thee en soep wordt gezorgd.
Opgave voor 15 april bij mevr. T. A. Veldhuizen-v. Rossem, Colijnlaan 5, 1272 GK Huizen, tel. 035-'5254350.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 januari 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 januari 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's