De wet van het tarwegraan of de Vader verheerlijkt door de Zoon
'Nu is mijn ziel ontroerd; en wat zal ik zeggen ? Vader! verlos Mij uit deze ure! Maar hierom ben ik in deze ure gekomen. Vader! verheerlijk uw Naam!' (Johannes 12, vers 27 en 28a)
De wet van tarwegraan is ons bekend. Het geeft ons zelfs een gevoel van zelfsprekendheid. Natuurlijk; graan moet eerst in de donkere aarde vallen. De tarwegraankorrel zal eerst moeten sterven om te kunnen ontkiemen tot een nieuw leven om zo vruchtbaar te zijn. De wet van het tarwegraan heeft iets feestelijks in zich, omdat het leven uiteindelijk overwint. Het kan ook feestelijk zijn, omdat een graan het ondergaat als een natuurlijke vanzelfsprekendheid, gedachteloos.
Als zo'n woord evenwel komt uit de mond van de Zaligmaker Jezus Christus, opent zich een wereld van gedachten. De wet van het tarwegraan blijkt nl. van toepassing te zijn op Zijn sterven. Het heeft ook iets wetmatigs in zich. Zo zal het straks met de meeste vanzelfsprekendheid klinken uit kelen die een geopend graf zijn: 'Wij hebben een wet en naar onze wet moet Hij sterven'. Men kon Hem met het grootste gemak aan de dood prijsgeven. Het had ook iets feestelijks, evenwel niet vanwege de overwinning van het graan zelf, maar voor degenen die zaaiden op hoop van Zijn totale verderf. 'Weg met hem, weg met hem!!' Maar achter de zichzelf overschreeuwende massa, was het suizen van een zachte stilte: 'Gijlieden wel, gij hebt het ten kwade gedacht, maar God heeft het ten goede gedacht'.
Toch lijkt dat hier voor Jezus uit het gezichtsveld verdwenen. Zijn mens-zijn lijkt niet alleen op het onze, het is het onze, naar ziel en lichaam. De bijbel spreekt over mensen die al hun leven met de vreze des doods bevangen zijn. Sterven is geen peuleschilletje. Niet iets wat je even doet. De dood is een koning der verschrikking. Het is een zaak van eeuwig wel of eeuwig wee. De oplossingen die wij als sterfelijke mensen bedenken om dit te bedekken zijn legio. Het woord euthanasie heeft zoiets vergoelijkends in zich. Merkwaardigerwijs spreken juist zij erover voor wie de dood alles in zich heeft om niets goeds in petto te hebben. Immers alleen zij die in de Heere sterven, sterven een goede dood, een zalige dood zelfs. En toch, bij iedere stervende realiseer je je dat steeds weer opnieuw; de dood heeft alles met het onnatuurlijke te maken. Het 'doodgewone' blijkt absoluut ongewoon te zijn en ware het niet dat er in en door Christus eeuwig leven wacht voor hen die in Hem sterven, het ware beter niet geboren geweest te zijn. Maar zelfs zo'n opmerking verbleekt in het licht van het feit dat degene, die zoiets denkt of zegt, nu eenmaal behoort tot hen die in het leven zijn.
Nogmaals; de wet van het tarwegraan geldt ook Jezus. Het moet Hem vergaan als de tarwegraankorrel, wil Zijn sterven vrucht voortbrengen. Uit onze tekstwoorden blijkt dat Jezus zich dat terdege bewust is. Zijn ziel wordt ontroerd. Heen en weer geschud. Het diepste mens-zijn van Jezus wordt geraakt. Het ontroeren der ziel is zo herkenbaar. Dat diepe gevoel van binnenuit datje overkomt, zonder dat er je ook maar iets aan kunt veranderen. Het is hier niet alleen de dood die de ziel van Christus doet beven, Zijn dood staat niet op zichzelf. Het is een kwestie van de drinkbeker ledigen door de Vader Hem op handen gesteld en door Hem ten volle aanvaard. Immers daartoe was Hij in deze wereld gekomen. Des te dieper grijpt deze ontroering aan. U en ik zijn er omdat wij er nu eenmaal zijn. Keuzes waren niet mogelijk. Maar Hij kwam omdat Hij wilde komen. Hij zal lijden omdat Hij wilde lijden, Hij zal sterven omdat Hij wilde sterven.
Toch bemerken we hier, hoe het Gethsemané-lijden al ver tevoren Zijn ziel benauwt, immers Hij weet wat komen gaat. Voor en aleer Hij straks zingend de paaszaal zal verlaten om de donkere nacht van Zijn lijden in te gaan, wordt hier a.h.w. de drinkbeker, gevuld met de bitterheid van zonden, vloek, oordeel en dood levensgroot en levensecht voor Hem gesteld.
'Zulk een last van zonden en plagen niet te dragen drukt Zijn schouders naar beneen.'
Het Lam dat de zonden der wereld wegneemt, toont Zich hier hoe dan ook reisvaardig, maar wel in diepe smart en benauwdheid. De mens Jezus zegt in het aangezicht van Zijn offer: 'En wat zal Ik zeggen. Vader verlos Mij uit deze ure'. Ryle zegt: 'Het is het gebed van het lijden van vlees en bloed'. Benauwdheid en strijd mag dus. Dat wil ook heel wat zeggen. Je krijgt weleens het bange gevoel dat alleen zij die altijd blij zijn de beste christenen zijn. Jezus kende echter ook angst, benauwdheden, ontroeringen, zozeer zelfs dat Zijn zweet werd als grote druppelen bloeds die op de aarde afliepen. Dat ontroert Hem hier bij voorbaat. De dingen die Hij vreesde kwamen wel degelijk opdagen.
Maar toch, de ontroering moet plaatsmaken voor de vastberadenheid. Waar Zijn ziel een ogenblik wankelt ten dode daalt Gods kracht op Hem in zwakheid neer. En het klinkt overwiimend: 'Maar hierom ben Ik in deze ure gekomen. Vader verheerlijk Uw Naam'.
Daar ligt het diepste geheimnis van Zijn overwinning, het mag Hem om de verheerlijking van Zijn Vader te doen zijn. Daartoe was Hij immers in dit uur gekomen. Dat heeft Hij steeds voor ogen gehad. We weten hoe het verheerlijken van de Naam des Vaders het gehele lijden nodig maakte, want alleen in deze weg van het volmaakte offer kunnen volstrekt verloren zondaren behouden worden.
Maar dan is ook alleen het offer van Christus toereikend om als zondaar de hemelse Vader te verheerlijken. Gelukkig dat de Geest van Christus het uit Hem neemt om het ons te verkondigen en door en vawege die verkondiging zullen wij geloven in Jezus. Dat tarwegraan brengt vrucht wanneer het sterft. Een ieder die in Hem gelooft sterft met Hem. Dat zondige vlees wordt met Christus gekruisigd. Dat is een langzame dood. Het 'stervende zult gij sterven' uit Genesis krijgt zo een diepte die alleen door het geloof verstaan kan worden. Het eigen boze ik met al zijn vleselijke genoegens en ongenoegens, moet gestadig sterven. Zo lezen we ook in het doopsformulier. Het leven hetwelk niet anders is dan een gestadige dood. Eertijds was ik bang voor zulk een terminologie, nu mag ik er door genade blij mee zijn. Want zo alleen zal de eeuwige vrucht van dit plaatsvervangend lijden en sterven Jezus openbaar komen, nu in onvolkomen mate, maar straks in volkomenheid.
Zo wordt de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest verheerlijkt. Door te sterven voor en aleer het sterven wordt. Door Hem alleen om het eeuwig welbehagen!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 februari 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 februari 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's