De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Reactie op 'Dromen van een kerk'

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Reactie op 'Dromen van een kerk'

6 minuten leestijd

Zondagmiddag 18 februari 1996... voor mij lag de Waarheidsvriend nr. 7 van dit jaar A.D. 1996. De inhoudsopgave vermeldt: 'Dromen van een kerk'. Mijn interesse is gewekt, want dat overkomt me regelmatig, dat dromen van een kerk. Nee, niet ver weg in exotische streken, in landen waar verre vakanties gehouden worden. Maar gewoon in mijn dagelijkse gang. Al jaren... eerst als jongere in het dorp waar ik ben opgegroeid. Waar ik liefde voor het Evangelie heb overgeleverd gekregen van mijn ouders, van de clubleiders, van de predikanten. Waar ik heb geleerd dat een mens uitsluitend van genade kan leven en de liefde van God voor zondaren zo groot is geweest, dat Hij daarvoor Zijn eniggeboren Zoon naar de aarde heeft gezonden. Daar heb ik geleerd dat het hier beneden niet is, heeft een predikant ons geleerd, dat we 'Een vreemd'ling hier beneên' zijn. Daar heb ik geleerd om te dromen van een kerk, omdat we met reikhalzend verlangen mogen uitzien naar de komst van het Koninkrijk der hemelen.

Later ben ik blijven dromen van een kerk... en soms moest ik tot mijn ontnuchtering bekennen, dat mijn dromen wat dichter naar de realiteit gebracht moesten worden. Want als evangelist (ik werkte toen als evangelist namens de Hervormde Bond voor Inwendige Zending in Zwolle) zou je het zo graag willen, dat elke kerkganger evangelist was. Daarmee was ik overigens in goed gezelschap, ontdekte ik, want het was Mozes reeds, die verzuchtte: Och, of al het volk des Heeren profeten waren, dat de Heere zijne geest over hen gave'. (Numeri 11 : 29).

Blijven dromen van een kerk... blijkbaar overkomt het ook anderen. En samen mogen we dromen dromen. Was dat het wat de profeet Joel bedoelde? Of heeft dat toch meer te maken met het Koninkrijk der Hemelen, en niet zozeer met de terk...

Toch dromen

Dromen van een kerk, die een belijdende kerk is. Die haar profetische roeping verstaat en missionair van gestalte is. Moeten we dat zoeken in een ambtelijke vergadering te Dordrecht, te Den Haag en te Amsterdam? Of mogen we het ontdekken in het werk, dat aan de basis van het gemeente-zijn plaatsvindt? Als een evangelist bezig is met het deur-aan-deur bezoekwerk? Of wanneer hij/zij bezig is de medewerkenden toe te rusten om te werken aan het diaconale en missionaire werk van de gemeente. Zien we er iets van oplichten, wanneer een maaltijdgroep zich bezint op hoe het Woord hoorbaar wordt rondom de open maaltijd. Waar de vereenzaamde mensen, de 'alleen-lingen', de zwervers, dak-en thuislozen een warm plaatsje zoeken, dat stukje aandacht en menselijkheid vinden. Komt hier' iets openbaar van het missionaire van de kerk? En het profetische geluid... is het niet plotseling zichtbaar, wanneer een kerkeraad een brief schrijft aan de directie van die grote fabriek, die van plan is om volcontinudiensten te gaan instellen? Of waar in de gemeente een bezinningsgroep bijeenkomt rondom het thema 'de 24-uurs economie, het sabbatsjaar en het jubeljaar'. Of waar een Provinciale Kerkvergadering een bezinningsdag belegt aangaande het thema 'geloof en economie' (1995)?

Is het niet zo, dat er vanuit de Generale Diakonale Raad voortdurend de vinger aan de pols gehouden wordt en dus intensief geluisterd naar alle besluitvorming van onze regering aangaande 'de vreemdeling in ons midden'. Als ik de Bijbel goed begrepen heb, dan zal hij (de vreemdeling dus) onder ons zijn als een van ons (Lev. 19 : 33, 34). Met de wetenschap en kennis van deze gegevens doet het mij bijzonder pijn te horen hoe mijn eigen broeders en zusters in Christus spreken, wanneer het gaat over Turken, Marokkanen, asielzoekers... Wat goed, dat de vinger aan de pols gehouden wordt... ook als het in eigen vlees snijdt. Het is uitermate bijzonder om mensen te spreken, die nauw betrokken zijn bij de kerkelij­ ke presentie in asielzoekerscentra. Ik mocht het meemaken in Kampen, toen ik daar evangelist was, ik maak het nu mee in onze Classicale Diaconie Commissie van de classis Gouda.

Dromen van een kerk, die dicht bij de belijdenissen leeft. Hoe herkenbaar is dat in de prediking, in de liederen die we zondags met elkaar zingen tot eer van God. In het vieren van de sacramenten. In de gebeden. Steeds weer ligt daar de voedingsbron voor het bezig-zijn van maandag tot en met zaterdag in het werk van het kringenwerken en de catechese, in het evangelisatiewerk en de zendingscommissies. In de diaconale werkvormen en de opvoeding van onze kinderen. Dromen van een kerk...

Is de realiteit zo anders?

Aan het einde van het genoemde artikel lees ik: 'Na een droom wordt men wakker. De werkelijkheid van de kerk vandaag is anders. Is de kerk niet te stoffig en te verdeeld geworden om nog voluit belijdend, profetisch en missionair te kunnen zijn? '

Misschien zit het 'm wel in het woord 'voluit'. In mijn geboorteplaats heb ik een liedje geleerd, dat ik op vele plaatsen aan anderen leer: 'Jezus zegt, dat Hij hier van ons verwacht, dat wij zijn als kaarsjes, brandend in de nacht... jij in jouw klein hoekje, en ik in 't mijn.'

Zaterdag 17 februari was er een Luisterend Dienen zangavond in de Grote Kerk van Harderwijk. De kerk was overvol... en daar sprak een broeder uit de GKST (de kerk van centraal Sulawesi). Hij vertelde, dat hij bijzonder getroffen was door de kerkverlating en hoe wij daar mee omgaan. Zo berustend, zo onmachtig en daarmee temeer geslagen. Hoe zullen we dat tij keren...? Daarmee typeerde deze broeder onze houding. Maar daarbij bleef het niet. Hij stak ons een hart onder de riem. En sprak over de hoop, die in ons is. De hoop op de komst van het Rijk van gerechtigheid en vrede, waar de kerk getuige van mag zijn. Als genadegave vanwege onze Heiland en Zaligmaker. Bij deze woorden begon ik weer te dromen...!

Daarom deze reactie op het artikel in de Waarheidsvriend van 15 februari jl. Laten we niet te hoog dromen van de aardse verschijning van de kerk. Maar getrouw bezig zijn in die heel gewone dingen van elke dag, profetisch, belijdend en missionair. Elk in de eigen situatie: als dominee, als ouderling of diaken, als evangelist en diaconaal consulent, als vrijwilliger in een van de vele werkgroepen van de gemeente, bij clubwerk, zondagsschool, evangelisatiecommissie en maaltijdgroep, als koffiebarmedewerker of in het schenken van een kopje koffie in het aanloopcentrum. Er zijn zoveel 'hoekjes' waar we als een kaarsje mogen zijn, dromend van het grote Licht, dat gekomen is, en komen zal om de duisternis definitief te verdrijven.

Als een ieder, die op zondag samenkomt rondom Woord en sacrament zo zijn/haar taak zal verstaan, en we al onze energie hierin leggen. Daarin gaan ontdekken wat ons samenbindt (in plaats van wat ons scheidt)... wat zou er een krachtig getuigenis uitgaan van die kerk... of droom ik nu weer?

D. van Dijk,

diaconaal consulent in de kerkprovincie Zuid-Holland

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 februari 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Reactie op 'Dromen van een kerk'

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 februari 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's