De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Johannes Hus: voorloper van de Reformatie (1)

Bekijk het origineel

Johannes Hus: voorloper van de Reformatie (1)

11 minuten leestijd

Luther-herdenklng

Het is dit jaar, om precies te zijn op 18 februari, 450 jaar geleden dat Luther overleed. Onze meest oostelijke oosterburen, de bevolking van de voormalige DDR (want daar zijn de meeste steden te vinden die aan Luther herinneren) hebben dit feit aangegrepen om Luther weer eens voor het voetlicht te halen.

Weer eens! Want in 1983, 500 jaar na Luthers geboorte, gebeurde dat ook al. Toen diende de herdenking van de reformator om het afbrokkelend socialistisch systeem een face-lift te verschaffen. Wrang was het intussen wel om Luther getekend te zien als voorloper van Karl Marx.

Is 1996 uitgeroepen als Lutherjaar om recht te doen aan de geschiedenis die in 1983 zo verdraaid is?

Het lijkt er niet echt op. Dezelfde Luther die in 1983 de afbrokkelende Oost-Duitse heilstaat een socialistisch impuls moest geven, lijkt nu in de schijnwerpers te worden gezet om deze intussen failliet gegane heilstaat een kapitalistische injectie toe te dienen. Alles wat maar enigszins met Luther en véél wat met hem helemaal niet in verband gebracht kan worden, maar niettemin in één adem met hem wordt genoemd, zoals Luther-chocolaatjes, moeten dienen om honderdduizenden toeristen naar het voormalige Oost-Duitsland te lokken. Toeristen brengen immers geld in het laatje.

Ook in Nederland krijgt de 450e sterfdag van Luther de nodige aandacht. Woord & Dienst gaf in het eerste nummer van dit jaar al een voorschot onder de titel 'De warme vrolijke Luther'. In musea te Amsterdam, Gorinchem, Kampen en Nijmegen zijn in de weken rond Luthers sterfdag tentoonstellingen georganiseerd, doorgaans over de invloed van Luther en het lutheranisme in de betreffende regio.

Aan het begin van dit jaar waren er al de eerste aankondigingen dat ook onder ons aan het 450e sterfjaar van Luther aandacht geschonken zou worden: ngetogen en bezonnen. En dat is goed. Wie zal op Luthers betekenis als reformator willen afdingen? Begon het eigenlijk allemaal niet met hem? Als kinderen leerden we:31 oktober 1517 - Maarten Luther slaat zijn 95 stellingen aan de deur van de slotkapel in Wittenberg. En met die hamerslagen bracht hij de kerk van Rome een slag toe die ze eigenlijk nooit meer echt te boven is gekomen.

Duistere Middeleeuwen?

Ja, met Luther is de Reformatie begonnen. Daarvóór heersten de duistere Middeleeuwen met hun velerlei soorten angst en bijgeloof, nietwaar?

Waren die Middeleeuwen eigenlijk wel zo duister als we dachten? In de loop van de tijd ontving dat wat al te massieve beeld enige bijstelling.

We hoorden van Wyclif, die rond 1380 in Engeland zorgde voor een Bijbelvertaling in de volkstaal.

In diezelfde tijd trok door ons land als rondreizend prediker Geert Groote. Krachtig trad hij op tegen allerlei volkszonden en hij predikte niet alleen de navolging van Christus, maar bracht die ook zélf in praktijk.

Zo deed ook de legendarische pater Johannes Brugman een 80 jaar later en de mensen hingen aan zijn lippen als hij van briefjes, die hij uit de zak van z'n pij te voorschijn haalde, vragen oplas die zijn luisteraars hem gesteld hadden kunnen hebben. Om vervolgens (nog echt rooms) een crucifix te tonen, waarop hij vroeg: 'Wie wil Hem volgen die hierop staat afgebeeld? ' Voorwaar een vraag waar menig geestelijke van die dagen in zijn preek niet aan toe kwam - als hij al aan praten toe kwam. Doorgaans had hij het te druk met andere dingen of kon hij het eenvoudig niet en bleef zijn sermoen beperkt tot het vertellen van verhalen over heiligen.

Wat zullen we nog meer verhalen? Van Thomas a Kempis (± 1379-1471) die in het klooster op de St. Agnietenberg bij Zwolle zijn tot op vandaag veel gelezen boek 'De navolging van Christus' schreef? En van de 'broederschappen des gemenen levens', die door hun eenvoudige, bijbelse vroomheid zonder scholastieke franje èn door hun aandacht voor de geestelijke behoeften van de mensen, ook al bleven zij trouwe zonen van de heilige moederkerk, onbewust de bodem mede hebben toebereid waarin het zaad van de Reformatie wortel kon schieten? Het is in dit verband veelzeggend dat de eerste belijders van de nieuwe leer in de Nederlanden gezocht moeten worden onder deze broeders des Gemenen Levens.

Waren de duistere Middeleeuwen wel zo duister als veelal werd (wordt) aangenomen? In het verlengde daarvan rijst de vraag of Luther wel zo eenzaam staat aan het begin van wat wij de Reformatie noemen?

Wie zich verdiept in de eeuwen die aan de Reformatie vooraf zijn gegaan, ontmoet weliswaar geen reformatoren van de statuur van Luther en later Calvijn. Maar hij komt wel mensen tegen die gepoogd hebben de Bijbel weg te halen onder de vracht van leringen die geboden van mensen zijn. Om die reden kunnen zij met het volste recht voorlopers van de Kerkhervorming genoemd worden. Ongetwijfeld hebben zij meegeholpen dat machtige werk van de Reformatie voor te bereiden. Zonder hen zou Luther, menselijk gesproken, geen reformator geworden zijn.

Desondanks komt het ons voor dat deze voorlopers van de Kerkhervorming wel eens wat te veel blijven in de schaduw van de man die eigenlijk op hun schouders staat. Daarom lijkt het ons zinvol in dit jaar waarin Luther zeker aan belangstelling geen gebrek zal hebben, eens aandacht te schenken aan een voorloper van de Reformatie. Een man bij wie Luther tot zijn eigen verbazing veel van zijn eigen gedachten terugvond: Johannes Hus.

Johannes Hus

Op één uitzondering zijn de hiervoor ge­ noemde voorbeelden van voorlopers van de Reformatie alle in de Nederlanden te vinden. Alleen Wyclif tekent voor Engeland. Maar hoe is het in andere landen geweest?

Er zijn nog veel meer voorbeelden te noemen. Als Guido de Brés in artikel 27 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis aangaande de kerk belijdt '... deze heilige Kerk wordt van God bewaard (...) tegen het woeden der gehele wereld; hoewel zij soms een tijdlang zeer klein en als tot niet schijnt gekomen te zijn; gelijk zich de Heere gedurende de gevaarlijke tijd onder Achab zevenduizend mensen behouden heeft, die hun knieën voor Baal niet gebogen hadden...' dan heeft hij dat ongetwijfeld neergeschreven vanuit zijn geloof dat Christus als Koning van zijn Kerk niet zonder onderdanen zijn kan. Maar ook de kennis van de 'duistere' Middeleeuwen, die aan de Kerkhervorming zijn vooraf gegaan, zal hem dat hebben ingegeven.

Voor het antwoord op de vraag hoe de stand van zaken in dezen in andere landen is geweest, kijken we echter nu alleen naar het tegenwoordige Tsjechië, het vroegere Bohemen (en Moravië). Daar wordt in het dorpje Hussinec, waarschijnlijk in het jaar 1369, ene Johannes geboren, die zich later naar zijn geboortedorp Johannes Hissinec en vanaf ongeveer 1396 gemakshalve Johannes Hus zal noemen.

Zijn ouders behoren tot het Tsjechische volk en zijn waarschijnlijk welgesteld. Maar of Johannes Hus nu van eenvoudige afkomst is of dat zijn ouders welgesteld zijn - in beide gevallen zal de overgang van het eenvoudige dorpje aan de voet van het Boheemse Woud naar de Praagse universiteit voor de nog jonge Johannes een hele stap zijn geweest.

Tijdens de regering van de Boheemse koning Karel I (dezelfde als de Duitse keizer Karel IV, 1346-1378) bloeit er in Bohemen een rijk cultureel leven op. Ook in economisch opzicht bevindt het land zich in een stijgende lijn. Dit alles is gevolg van het streven van koning Karel om het politiek, cultureel en economisch zwaartepunt van het Duitse rijk te verleggen naar zijn erfelijk koninkrijk Bohemen. De culturele betekenis van zijn rijk bevordert Karel door in Praag in 1347 (of 1348) een universiteit te stichten, die wordt opgezet naar het voorbeeld van de Parijse universiteit en na deze en die van Oxford de derde van Europa is. Spoedig mag de Praagse alma mater zich in een geweldige toeloop verheugen, vooral van studenten uit alle delen van Duitsland.

In dit gunstige klimaat ontwikkelt Praag zich tot één van de mooiste en belangrijkste steden van het Europa van die dagen. Aan deze Karel-universiteit, bruisend middelpunt van toenmalig cultureel en wetenschappelijk leven, studeert Johannes Hus eerst in de zogenaamde vrije kunsten en daarna volgt de studie in de theologie. Overeenkomstig het middeleeuws gebruik doceert Hus, die zich inmiddels magister mag noemen (zijn volgelingen zijn hem altijd zo blijven noemen), aan zijn eigen universiteit. Hij is dan 29 jaar oud. Kennelijk verkrijgt hij door dit docentschap bij het wetenschappelijk corps zoveel vertrouwen en achting dat hij aan de Praagse universiteit de ene na de andere functie ver­vult, waaronder die van rector in de jaren 1402/1403.

Voor Hus zelf vormt z'n langdurig verblijf aan de Karel-universiteit de basis van zijn verdere wetenschappelijke vorming met name op filosofisch gebied. Hij verdiept zich vooral in de filosofische geschriften van Wyclif. Pas enkele jaren later neemt hij ook kennis van diens theologisch gedachtengoed. Die rangorde spoort intussen met de volgorde waarin Wyclifs geschriften in Praag bekend zijn geraakt: eerst zijn filosofische en daarna zijn theologische werken.

Relatie Praag-Oxford

Wyclif doceerde aan de universiteit van Oxford. Hoe konden zijn gedachten dan bekend worden aan de Praagse universiteit? Ook op dit punt behoeft onze voorstelling van de Middeleeuwen enige bijstelling. Er is veel meer internationaal verkeer geweest dan wij bij de beperkte reismogelijkheden van die dagen voor mogelijk houden.

Om alleen maar bij de wetenschappelijke wereld te blijven: studenten in die dagen bezochten veel vaker dan hedendaagse studenten, met hun afgepaste studietraject, een buitenlandse universiteit. Het kwam regelmatig voor dat studenten een rondreis maakten langs verschillende buitenlandse universiteitssteden.

Van zulke studenten werd verwacht dat zij van de universiteiten die zij bezocht hadden, minstens één boek meenamen naar hun alma mater. Zo werd de bibliotheek van de universiteit van herkomst voorzien van buitenlandse wetenschappelijke literatuur.

Wie ooit de bibliotheek van de theologische hogeschool in Debrecen (Hongarije) bezoekt en zich afvraagt hoe toch de folianten van Nederlandse oudvaders daar zijn terecht gekomen, heeft in het verschijnsel van rondtrekkende studenten het antwoord op zijn vraag. Waarbij moet worden aangetekend dat de relatie tussen Hongarije en Nederland op een bijzondere manier tot stand gekomen is door de bevrijding van tientallen Hongaarse predikanten die gevangen zaten op galeien. Een staaltje waarbij de naam van 'onze' Michiel de Ruyter in Hongarije tot op vandaag met ere wordt genoemd. Op een andere manier was er ook sprake van een bijzondere relatie tussen Bohemen en Engeland. Behalve het feit dat de Praagse universiteit met die van Parijs en Oxford aan de top stond van de wetenschappelijke wereld in die tijd, waardoor onderlinge contacten voor de hand lagen, was er ook een verbinding tussen de koningshuizen van Bohemen en Engeland. In 1382 huwde Anna van Luxemburg met koning Richard II van Engeland. Deze Anna van Luxemburg was de dochter van de hiervoor genoemde Boheemse koning Karel I en zuster van de latere Boheemse koning Wenzel (1377-1410). Van de laatste zullen we nog meer horen. Hij heeft meer dan eens een vooraanstaande rol gespeeld in de verwikkelingen die zich rond Johannes Hus hebben voorgedaan.

Door het gelijke wetenschappelijke niveau en door de band tussen de beide vorstenhuizen bezochten Praagse studenten ook de universiteit van Oxford. Hier kwamen zij in aanraking met de leringen van Wyclif die zij vervolgens bij hun terugkeer in hun vaderland verbreid hebben. Aanvankelijk waren dat vooral diens filosofische ideeën. Daarna volgden zijn theologische geschriften.

Iemand die er onder meer voor heeft zorg gedragen dat Wyclifs theologische gedachten in Praag bekend werden, was Hieronymus van Praag: een goede vriend en medestander van Hus. Na zijn studie in Praag zet hij die, leergierig als hij is, voort in Oxford. Hij is één van de eersten (we schrijven dan 1398) die Wyclifs theologische werken in Praag introduceert. Ongetwijfeld zal Hus wel als één van de eersten deze boeken hebben ingezien en zo maakt hij, na eerst in aanraking te zijn gekomen met Wyclifs filosofische gedachtengoed, vervolgens kennis met diens theologie.

Deze invloed van Wyclif zal, zoals we verderop zullen zien, ingrijpende gevolgen hebben voor de verdere ontwikkelingen van de Praagse universiteit en niet minder op de verdere ontwikkeling van Hus tot was hij geworden is: voorloper van de Reformatie.

Tenslotte noemen we als belangrijke oor­ zaak voor de geestelijke ontwikkeling van Hus dienst benoeming tot prediker van de Bethlehemkapel in Praag. Een rijke Tsjechische koopman heeft deze kapel in 1391 laten bouwen met de bedoeling dat het Woord van God er in de volkstaal wordt gepredikt. In deze kapel hebben zo'n drieduizend (!) mensen jarenlang van zondag tot zondag geluisterd naar de bezielende prediking van Hus.

Het voortdurend onderzoek van de Schriften, waarom deze preekarbeid vroeg, is van grote betekenis voor het geloofsleven van Hus. Maar niet minder voor het groeiend verlangen naar reformatie, dat gewekt wordt door de voortdurende omgang met de Schriften, samen met de bestudering van Wyclifs geschriften.

Beide kanten van zijn arbeid, die aan de universiteit en die als prediker van de Bethlehemmkapel, vormen samen de bakermat voor zijn geestelijke vorming. We zien hierdoor bevestigd dat God de mensen die Hij inschakelt bij het middel of het middel bij de mensen brengt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Johannes Hus: voorloper van de Reformatie (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's