De Bijbel is Woord van God — een noodzakelijke positiebepaling (4)
De Bijbel norm voor de dagelijkse praktijk
Het is een onopgeefbaar uitgangspunt voor christenen dat de Bijbel normatief is voor heel dun denken en handelen. Soms wordt dit uitdrukkelijk verwoord in de statuten van een christelijke school of stichting, bijvoorbeeld als volgt: 'De Bijbel spreekt met absoluut gezag voor het hele leven, derhalve tevens voor de terreinen van opvoeding, onderwijs en wetenschap'. Nu zijn er, zoals we hebben gezien, tegenwoordig helaas vele woordvoerders binnen kerken en christelijke organisaties die dit uitgangspunt verlaten. Zij zoeken in de Bijbel nog wel een inspiratiebron, maar ze vinden daarin niet langer de hoogste norm en het enige fundament. Er wordt zelfs beweerd dat het 'onethisch' zou zijn om zich op de Bijbel als hoogste autoriteit te beroepen. Daarmee zou je niet-gelovige gesprekspartners immers buitenspel zetten of voor je eigen argumenten een kogelvrije zone claimen. Je zou daardoor de communicatie verbreken en je dus een ondeugdelijke gesprekspartner betonen in het moreel beraad waaraan iedereen in gelijkwaardigheid mag meedoen.
Problematisch?
Het probleem is duidelijk. We leven nu eenmaal in een zeer pluriforme en 'plurinorme' samenleving, waarin het beroep op de Bijbel nog slechts een minderheid wat zegt. Christenen zullen in een moreel debat zeker hun best moeten doen om argumenten aan te dragen, die ook voor nietgelovigen inzichtelijk zijn. Tot op zekere hoogte kan dat ook. Gods geboden zijn goed voor de mensen en dat kan ook zonder het citeren van bijbelteksten helder worden gemaakt. Denk bijvoorbeeld aan de zegen van de rustdag voor heel de samenleving. Of het belang van de bescherming van menselijk leven, zeker in fases van uiterste zwakheid en afhankelijkheid. Maar we komen er niet alleen met een beroep op het menselijk geweten en op redelijke argumenten en plausibele redenen. Er is naar christelijke overtuiging toch altijd weer het moment dat de Bijbel als unieke openbaring rechtstreeks en uitdrukkelijk in geding komt.
Beslist en tegelijk voorzichtig
Juist omdat de Bijbel Woord Gods is, overstijgt hij ook in zijn morele onderwijs alle culturele en historische begrenzingen. Er ligt een schat van eeuwige wijsheid in de Bijbel die geen enkele generatie straffeloos kan verwaarlozen. De Bijbel is voor christenen een lamp voor hun voet en een licht op hun pad. Naar hun besef zou het pas echt inhumaan zijn en onrecht doen aan gesprekspartners wanneer zij dit licht niet zouden laten schijnen. In zo duidelijk mogelijke eigentijdse taal brengen bijbelgetrouwe christenen gezichtspunten die aan de Schrift zijn ontleend in de discussies in, niet als één mening ten opzichte van vele anderen, maar met de overtuiging dat in de Bijbel de hoogste waarheid ligt. Overigens betekent dat niet dat christelijke opvattingen die hoogste waarheid zouden zijn. We hebben immers ook te verdisconteren dat ons menselijk verstaan, dat wat de Bijbel werkelijk bedoelt te zeggen, lang niet volmaakt is. Daarom past naast beslistheid van overtuiging ook voorzichtigheid en bescheidenheid. De Bijbel is helder en klaar, maar ons inzicht is onvolmaakt, zodat er op heel wat punten ook verschillen van opvatting bestaan tussen gelovigen die toch allemaal van het gezag van de Bijbel uitgaan. Maar deze verschillen betreffen niet de kernboodschap en evenmin de hoofdlijnen van het moreel getuigenis van de Schrift. Denk bijvoorbeeld aan de Tien Geboden, aan de Bergrede van Christus en aan de handreikingen die de apostelen doen met het oog op handel en wandel in deze wereld.
'Veilige Schrift'
Wie nu op allerlei bijbelgedeelten en teksten het etiket 'tijdgebonden' gaat plakken, omdat hij of zij er moeilijk mee uit de weg kan, maakt van de Heilige Schrift een 'veilige Schrift'. Veilig, omdat het Woord niet meer als een mes in ons vlees kan snijden en de scherpe kanten van het 'zwaard des Geestes' zijn af geveild (vergelijk Hebreeën 4 : 12). Maar dat is dan een verkeerd soort veiligheid, zoals wanneer het lancet van de chirurg bot is geworden en daardoor noodzakelijke en heilzame operaties niet meer verricht kunnen worden.
Tijdgebonden?
Het is zeker waar dat heel de Bijbel historisch gekleurd is en dat op elke bladzijde een bepaalde cultuur wordt weerspiegeld die de onze niet meer is. Dat is binnen de christelijke kerk dan ook nooit weersproken, maar juist met dankbaarheid erkend. Het eeuwige Woord van de eeuwige God is ingegaan in de geschiedenis. God openbaart zich in menselijke taal en spreekt ons aan in heel gewoon en normaal Hebreeuws en Grieks. Dus niet in een esoterische geheimtaal van enkele ingewijde of in extase gebrachte mensen. Mensen worden voluit in dienst genomen om de openbaring van Godswege te ontvangen en over te dragen. Zij zijn de geïnspireerde getuigen die in hun eigen taalveld en binnen hun eigen culturele horizon de boodschap die de Heilige Geest hen bekendmaakte op betrouwbare wijze hebben doorgegeven en vastgelegd.
Deze openbaringsgetuigen waren dus kinderen van hun tijd. Zij waren met heel hun denken, hun belevingswereld, hun taalveld en woordenschat verweven met en geworteld in hun eigen cultuur. Iedere bijbeltekst is dus historisch te dateren en cultureel te localiseren. De Bijbel is nu eenmaal niet in West-Europa en niet in de twintigste eeuw tot stand gekomen. De eerste adressanten van de Bijbel waren mensen die in heel andere omstandigheden leefden dan huidige bijbellezers doen. Het ligt das voor de hand dat de Bijbel gekleurd en gestempeld is door de gerichtheid en betrokkenheid op de primaire adressanten. Men kan dat de 'tijdbediendheid' of 'tijdbetrokkenheid' van de Schrift noemen. Daarmee wordt dat historisch karakter van de Schrift voluit erkend, maar tegelijkertijd de blijvende geldigheid onaangetast gelaten. De term 'tijdgebondenheid' kan beter worden vermeden, omdat deze juist vaak gebruikt wordt om te betogen dat de Bijbel grotendeels 'outdated', achterhaald zou zijn.
Hermeneutiek
Een woord dat in dit verband steevast opduikt is 'hermeneutiek'. Hieronder is te verstaan 'de theorie achter de praktijk van exegese en toepassing'. Bij elk literair document speelt hermeneutiek een rol. Het gaat er dan om niet allen de 'meaning' van een tekst te verstaan, dat wil zeggen te peilen wat de betekenis van een bepaalde tekst is geweest voor degenen die hem het eerst hebben gelezen of gehoord. Maar dan vervolgens ook de 'significance', de actuele betekenis voor lezers en hoorders hier en nu, te ontdekken. Hierbij is behalve een taalkundige vertaling ook een transculturele vertolking nodig. Als Paulus opwekt elkaar te groeten 'met een heilige kus' (1 Kor. 16 : 20), dan kan dit in onze cultuur concreet worden vertaald in een welgemeende handdruk.
Oppassen voor kortsluiting
Er treden kortsluitingen op wanneer het hermeneutisch proces wordt overgeslagen. Wanneer we bijvoorbeeld de brief van Paulus aan Filemon lezen, dan is de 'meaning' van dat epistel onder meer dat Onesimus door zijn meester goed moet worden behandeld en vanuit vergevende liefde als broeder in Christus moet worden aanvaard. Wanneer we daarbij blijven staan, ondernemen we een poging om als het ware over de schouders van Filemon, als eerste adressant van de brief, mee te lezen. We trachten ons dan in te leven in het oorspronkelijke communicatieproces tussen schrijver en ontvanger van de brief. Dat is van grote betekenis. Maar dan zal vervolgens de vraag onder ogen moeten worden gezien: wat is de 'significance' van deze brief vandaag? Hoe is de eigenlijke boodschap van de tekst weer te geven in het taalveld en over te dragen in de leefwereld van de hedendaagse lezer of hoorder? Een kloof van 19 eeuwen moet overbrugd worden. Als dat niet wordt gezien, zou men met een beroep op de apostel het instituut van de slavernij kunnen gaan verdedigen, hetgeen nog niet zó lang geleden inderdaad in christelijke kringen werd gedaan!
Noodzakelijk procédé
Belemmeringen die optreden door historische en culturele afstand en verschillen dienen in een vertolkingsproces te worden weggenomen. Zo is bijvoorbeeld in Palestina 'bouwen op zand' iets heel doms en onverantwoordelijks. De regen kan de zandlaag wegspoelen en het huis zal in de afgrond storten als het niet in de rotsgrond gefundeerd is. Maar in het venige en kleiige Nederland dient juist zand te worden gestort, voordat met bouwen wordt begonnen. In deze context heeft 'bouwen op zand' dus juist een heel positieve klank! Nog een voorbeeld: onder een volk dat niet weet wat 'brood' is en waar rijst het elementaire dagelijkse voedsel is, zou men zich kunnen voorstellen dat de vierde bede van het Onze Vader vertaald wordt als: 'Geef ons heden onze dagelijkse portie rijst'.
Aan dit vertolkingsproces kan en mag een gelovige zich niet onttrekken. Niemand zal er ook in slagen om dat consequent te doen, want dan zou hij of zij in een bijbels openluchtmuseum moeten gaan wonen. Maar het komt zeker nu op de eerbiedige grondhouding tegenover de Bijbel als Woord Gods aan. In het hermeneutisch procédé gaat het erom te bereiken dat de tekst dezelfde zeggingskracht krijgt voor ons hier en nu als hij deze heeft gehad voor de eerste lezers en hoorders toen en daar. Door intens luisteren zal duidelijk worden wat de wezenlijke boodschap is die de tekst bevat. Waar nodig wordt gezocht naar een 'cultureel equivalent' dat voor ons verstaanbaar is. Biddend en in afhankelijkheid van de Heilige Geest mag de kerk in de eigen tijd en cultuur komen tot een verantwoorde interpretatie en applicatie, uitleg en toepassing van het Woord. Deze kan boven de letterlijke betekenis van de tekst uitgrijpen, als het ware in het verlengde daarvan liggen (zoals ten aanzien van de afschaffing van de slavernij of de gelijkwaardigheid van de vrouw aan de man), maar de toepassing mag nooit tegen de wezenlijke betekenis indruisen. De 'significance' kan explicieter zijn dan de 'meaning', maar mag er niet haaks op staan. Hier liggen uiteraard spannende vragen (denk bijvoorbeeld aan de christelijke opvatting van het vierde gebod).
Historisch-bijbelse methode
Bij de uitleg van de Schrift past een historisch-bijbelse methode (zo Gerh. Maier, die deze in zijn boek Das Ende der historisch-kritischen Methode, Wuppertal 1978 (4e druk) onderscheidt van de 'historischkritische methode'). Het is van groot belang zich als bijbellezer zoveel mogelijk en met gebruikmaking van de beschikbare hulpmiddelen in te leven in de historische situatie van de oorspronkelijke lezers en hoorders van het bijbelwoord dat men bestudeert of waarover men mediteert. We mogen het zo zien dat het mede de rijkdom van het Woord uitmaakt dat het is ingegaan in de tijd. De Bijbel is geen tijdloos boek met abstracte formules, maar het is een bloedwarm, levensecht boek. Zo is het ook een Woord voor deze tijd en voor mensen van hier en heden.
Tegelijkertijd blijven we ervan doordrongen dat de woorden van de Schrift van de lippen van de eeuwige God zijn gevloeid en uit Zijn hart opgekomen. God is de eerste Auteur van elk woord, van elke letter van de Schrift. Mensen zijn door de Geest zo in dienst genomen dat ze voor iedere verkeerde of onjuiste inbreng zijn behoed. Het is dus beslist niet zo dat we bijvoorbeeld in de brieven van Paulus nu eens de feilloze stem van de Heilige Geest en dan weer de falende stem van Paulus zouden kunnen onderscheiden. Met volle inschakeling van de hele mens Paulus schonk de Geest ons in al diens brieven onfeilbare en volstrekt gezaghebbende woorden Gods.
Eeuwige waarheden
Elk in een bepaalde situatie gegeven schriftwoord is eeuwige waarheid, hetgeen dus iets anders is dan tijdloze waarheid. Dat van biddende en profeterende vrouwen volgens 1 Kor. 11 gevraagd werd een hoofdtooi te dragen, hing zeker samen met culturele omstandigheden die de onze niet meer zijn. Maar achter het concrete voorschrift moeten blijvende ethische principes worden ontdekt, bijvoorbeeld over de blijvende onderscheiding tussen man en vrouw (wel gelijkwaardig, niet gelijk) die in de scheppingsorde is gefundeerd en op de handhaving waarvan de engelen toezien. Elk bijbelwoord heeft mij dus wat te zeggen, sterker nog: door elk bijbelwoord moet ik mij laten gezeggen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's