Opwekking vroeger en nu (1)
'Toon mij nu Uw heerlijkheid!' door dr. D. Martyn Lloyd Jonas
Bovengenoemd boek is door Lloyd Jones geschreven met het oog op de noodzaak van opwekking. De auteur (1899-1981) genoot grote bekendheid als prediker van de Westminster Chapel te Londen. Hij was diep doordrongen van het grote belang van een geestelijke opwekking in de kerk. Afkomstig uit Wales waar meerdere opwekkingen hebben plaatsgevonden, heeft hij een eeuw na de grote opwekking van 1858/1859 zich in alles rond opwekkingen verdiept. Via preken heeft hij dat verwerkt en deze zijn in boekvorm verschenen. Voor ons land bij uitgeverij Groen en-Zoon.
Diagnose
Lloyd Jones begint zijn boek met een hoofdstuk over het stellen van de juiste diagnose. Immers, als die niet gesteld wordt, dan kan de kwaal ook niet aangepakt worden. Waarschijnlijk speelt bij deze insteek ook nog mee het feit dat hij eerst medicijnen gestudeerd heeft en zelfs praktiserend geneesheer was met uitzicht op een heel goede medische loopbaan. Hij wist vanuit de medische wetenschap dat zachte heelmeesters stinkende wonden maken. Vandaar dit begin met het stellen van de diagnose.
Hierbij noemt hij meerdere dingen die het belang en de noodzaak van een opwekking onderstrepen. Hoofdzaak is wel de felle manier waarop de boze zich vandaag openbaart. Waren de doorsnee mensen vroeger nogal gemoedelijk in hun afwijzen van de bijbel als Gods woord, tegenwoordig ligt dat anders. Er is nu een uitgesproken anti-houding, waarin satan alles op alles zet om het werk des Heeren totaal af te breken.
Vandaar dat we niet licht moeten denken over de tegenstand die er is en die zal komen. We kunnen daarom ook niet toe met lapmiddelen. We zullen krachtige wapens dienen te gebruiken. De auteur verwijst hierbij naar het vasten en bidden waartoe Christus oproept in Marcus 9 : 29, wanneer Jezus daar zegt: Dit geslacht kan nergens door uitgaan dan door vasten en bidden'.
Niet in eigen kracht
Hierbij dient het onuitwisbaar diep in onze ziel gegrift te zijn dat onze eigen kracht het niet redt. Ook onze eigen rechtzinnige stoerheid niet. En alle moderne methodes van kerkelijk stuntwerk zeker niet. Enkel God Zelf kan het door Zijn Heilige Geest verrichten. We hebben niemand minder dan God Zelf nodig. Alleen wanneer Hij Zelf komt en Zijn heerlijkheid toont in reddend handelen door de krachtige werking van de Heilige Geest, kan het goed worden en vol. Vandaar de oproep tot een biddend en vastend leven, opdat alle machten van de hel zullen weggaan en de Heere door Zijn Geest intrek kan nemen. Wanneer we voortgaan om de Heilige Geest te bedroeven of tegen te staan, wanneer we alle ruimte blijven geven aan de machten uit de afgrond, kan er van een opwekking nooit sprake zijn. Natuurlijk, een opwekking is helemaal werk van God alleen. En toch tegelijk wil de Heere er ons als gelovigen bij inschakelen in de weg van vasten en bidden. En dan mogen we ons laten inschakelen in het vertrouwen dat God kan helpen, ook in de meest hopeloze momenten van het kerkelijk leven. Niets staat de Heere in de weg om via een opwekking krachtiger dan ooit te werken. Hij Die in het persoonlijk geloofsleven vijanden met Zichzelf verzoent en goddelozen rechtvaardigt, is ook bij machte om in een vijandige wereld vol goddeloosheid wonderen van genade te verrichten.
Om dit duidelijk te maken gaat de schrijver diep in op de geschiedenis van Izak die de waterputten van zijn vader Abraham opgraaft.
We vinden het beschreven in Genesis hoofdstuk 26. Vanuit deze geschiedenis trekt Lloyd Jones verschillende lijnen die het belang van een geestelijke opwekking onderstrepen. Kerngedachte is hierbij wel dat we altijd terug moeten naar de bron. Izak ging graven naar bronnen, en wel naar die welke vader Abraham ook reeds gegraven had. Het ging Izak dus om oude bronnen. Hij ging geen nieuwe graven. Opwekking wil ook altijd zeggen dat we terug moeten naar de oude bron nl. Gods woord en de genade van Christus. Een andere bron is er niet. Nieuwe bronnen ontdekken en aanboren is er in de Kerk niet bij. Wie dat wel doet is niet-oecumenisch bezig, hij verbreekt de band met de Kerk van alle tijden en aan alle plaatsen. Want die Kerk leeft uit die ene bron die God Zelf ons in Christus geopend heeft en die ons in Zijn heilig woord beschreven wordt.
Steeds hetzelfde
Daar hangt ook mee samen dat de problemen waar de Kerk mee worstelt ten diepste alle eeuwen door hetzelfde zijn. Mensen die de evolutiegedachte aanhangen nl. dat het in de wereld gaandeweg beter wordt, moeten daar niets van hebben. Doch Gods woord geeft een ander licht over de werkelijkheid van ons leven. Altijd weer is het hetzelfde oude probleem van zonde en satan dat ons parten speelt. De verpakking kan per eeuw verschillen, doch de inhoud blijft gelijk. Daarom is er maar één remedie nl. terug naar de bron, het oude en eeuwig blijvende woord van God met als centrale inhoud Gods genade in Christus. Doch die bron zit heden ten dage verstopt, net als bij Izak. Daar hadden de Filistijnen de oude bronnen dichtgegooid. Bij ons vandaag hebben de moderne Filistijnen met hun onbijbelse heidense filosofieën en gedachtenspinsels de oude bron van Gods woord dichtgesmeten. Het onbijbelse denken heeft de overhand gekregen. Dat betekent dat de Kerk de confrontatie aan moet gaan met alles wat onbijbels is. De Kerk moet zich niet bang in de hoek laten drukken door alle wetenschappelijk en semi-wetenschappelijk denken. Ook niet door alle niet-christelijke religies die meer dan ooit Europa en de wereld dreigend te overspoelen. De Kerk moet alles waarmee de bron van Gods heilig woord is dichtgegooid, opgraven en opruimen. Alle rommel moet eruit, net zolang tot de bron weer totaal zichtbaar is en helder levend water voortbrengt.
Rommel
Als rommel die opgeruimd moet worden noemt Lloyd Jones b.v. :
1. de ontkenning van de soevereine, transcendente (= onze werkelijkheid overstijgende), levende God;
2. de bewering dat God in alles aanwezig zou zijn (pantheïsme);
3. het deïsme dat stelt dat God Zich na de schepping nergens mee bemoeit;
4. de verwerping van het absolute gezag van de Heilige Schrift;
5. het afwijzen van de totale boosheid van de mens door de zonde.
Al deze ketterijen en meer nog, moeten als rommel opgeruimd worden, opdat er alle ruimte kome voor de fundamentele en centrale leerstukken van het eeuwig blijvende woord van God. En dit alles dient vanuit de Kerk te gebeuren. Daar moet het beginnen. Wordt die opgewekt dan gaan alle andere dingen in zekere zin 'vanzelf'. Dan zal er brede uitwaaiering plaatsvinden naar de mensen 'die nergens aan doen'. Grote evangelisatieacties hoeven dan niet meer gehouden te worden, want het werk des Heeren is niet meer te stuiten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1996
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's