De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Wat zegt de Bijbel over de kerk? Mag afscheiden?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wat zegt de Bijbel over de kerk? Mag afscheiden?

9 minuten leestijd

Bijgaande lezing houdt ds. C. Blenk op de conferentie van het COGG in Putten op zaterdag 11 mei (in De Aker, 10.00 uur). Ieder is daar hartelijk welkom. Deze lezing is bedoeld als toelichting op, maar ook toespitsing van de zgn. ecclesiologische consensus, die het CPGG onlangs uitgaf. Prof. dr. W. van 't Spijker (Chr. ger.) en prof. dr. L. J. Koffeman (Ger.) zullen hierop reageren. Red

1. Was Pinksteren het 'geboorte-uur' van de kerk?

Sommigen noemen Pinksteren het 'geboorte-uur' van de 'kerk'. En daar lijkt het ook wel op: vele mensen van allerlei talen komen tot bekering, werden toen ook gedoopt en vierden avondmaal. En dat alles naast Israels tempeldienst! Als dat geen 'kerk' is! Wanneer laat je de kerkgeschiedenis beginnen? Voor de 'ecclesiologie' (leer over de kerk) is dat beslissend. Was Pinksteren het 'geboorte-uur'? Nee, toch niet. Dat veronderstelt een Afscheiding van Israël.

1. Waar vond het feest plaats? In Jeruzalem! Jezus had na de opstanding Zelf tegen Zijn discipelen gezegd, dat zij van Jeruzalem niet 'scheiden' zouden (Hand. 1 : 4, het woord voor echt-scheiding), maar dat zij zouden blijven wachten op de vervulling van de belofte. Op Jezus' eigen bevel dus geen afscheiding. Geen scheiding van dat Jeruzalem dat Hem gekruisigd had. Jeruzalem heet ook daarna nog 'heilige stad' (Matth. 27 : 53). Daar zou de Heilige Geest komen. Mogelijk in dezelfde opperzaal als waarin Jezus het Pascha had gevierd.

2. En wannéér vond het feest plaats? Op het Mozaïsche oogstfeest. God koos dus het Joodse Wekenfeest uit om Zijn Geest uit te storten, vijftig dagen na het Joodse paasfeest. Geheel naar Mozes' Wetgeving. Daarom waren al die pelgrims in de heilige stad.

3. En wat vond er toen plaats? Vervulling: de dag werd vervuld, het huis werd vervuld, de discipelen werden vervuld met de Heilige Geest. Geen nieuw begin dus, maar juist bekroning.

4. Voor wie was het bedoeld? De 120 waren al discipelen van Jezus, eendrachtig bijeen, dus in beginsel was de christelijke 'gemeente' er al; maar Petrus richtte zich tot 'het ganse huis Israels', tot de schare, geen heidense toeristen, maar Joden en Jodengenoten; Gods verbondsvolk, wie de beloften van Joel primair toekwamen, daarna voor allen 'die daar verre zijn'. Het huis Israels was de gemeente, de qahal, die wij al eeuwenlang in het Oude Testament tegenkomen: de 'ecclesia' in de woestijn, zegt Stefanus (Hand. 7 : 38). Heel Petrus' Pinksterprediking ademt grote bewogenheid met dit verbondsvolk, deze schare. Dezelfde bewogenheid die de Meester aangreep: in de Heilandsroep, bij de Intocht enz. De bewogenheid van de apostel is de bewogenheid van de profeten. Om deze bewogenheid voor het gehele verbondsvolk gaat het juist in de ecclesiologie. De bloedtekst is dus niet einde van het Joodse volk: Jezus' eerste kruiswoord bad al om vergeving, maar vooral Petrus Pinksterpreek bood vergeving. Met 'wordt behouden van dit verkeerd geslacht' kan zeker niet Israël, maar moeten de onbekeerlijken worden bedoeld: hiervoor en hierna geldt Israël juist als de eerst-geadresseerde. Uit dit verbondsvolk kwamen de 3000 bekeerlingen voort, met de 120 de eigenlijke eerste nieuwtestamentische 'gemeente'. Hier gaat Jezus' woord in vervulling: op deze petra zal Ik Mijn gemeente bouwen'.

Nieuw was, dat de bekeerlingen doop en avondmaal ontvingen. Jezus' doop-en avondmaalsbevel werden voor 't eerst uitgevoerd. De beschrijving van de eerste nieuwtestamentische gemeente is kennelijk fundamenteel: 'Zij bleven volharden in de leer der apostelen, in de gemeenschap, in de breeking des brood en in de gebeden'. De oorsprong van de gemeente is haar nieuwtestamentische vorm. Toetssteen voor de eeuwen. Kenmerken van de 'ware' kerk. Maar geen breuk met de tempel (hoewel het voorhangsel gescheurd was). De apostelen gaan ook hierna nog gewoon op naar de tempel op de ure des gebeds. Als de Messiaanse Joden nu zullen zij zich ook aan de besnijdenis, de sabbath en de feesten hebben gehouden. Maar de christelijke gemeente is ook geen 'modaliteit' binnen Israël, er zijn geen 'twee wegen' tot de Vader. Petrus zegt juist tegen het Sanhedrin: Er is onder de hemel geen andere Naam gegeven, door welke wij moeten zalig worden...

2. Schisma bij vervolging?

Een conflict ontstond en een schisma dreigde in Jeruzalem. De apostelen werden meermalen gearresteerd en voor het Sanhedrin gedaagd, maar toch weer vrijgelaten, m.n. op raad van Gamaliel: niet tegen God vechten. Een echt conflict ontstond pas tussen de Hellenistische (!) synagogen en de Hellenistische (1) 'diaken' Stefanus over de tempeldienst. Hij (door de Grieks-orthodoxe kerk als eerste bisschop gezien) werd de eerste martelaar. En toen werd de gemeente verstrooid. Als dat geen schisma is: vervolging, verstrooiing. Maar bracht deze vervolging sinds Stefanus de definitieve breuk? Ook niet. Want de groot-inquisiteur werd zelf bekeerd en ging zelfs in Jeruzalem preken. En dan staat er die cruciale tekst: de gemeente(n) door heel Judea en Samaria had(den) vrede' (Hand. 9). Ecclesia in het enkelvoud? Dan mag dat Woord ook voor een landelijk geheel gelden! De gemeente groeide ook. Later is er zelfs sprake van 'murioi' (tienduizenden) Messiasbelijdende Joden (Hand. 21 : 20): en allen zijn ijveraars voor de wet'.

Er was dus na het conclict een grote Messiasbelijdende gemeente in Israël, die de tempel niet afschreef en zich ook zeker hield aan besnijdenis en Pascha. Als dit zich doorgezet had: dan zou gans Israël Messiasbelijdend zijn geworden.

3. Zending 'geboorte-uur'?

Was misschien dan de zending het geboorte-uur van de kerk? Jezus' zendingsbevel zei immers: ga dan heen, onderwijs alle volkeren...' (Matth.). Dan moeten toch de grenzen van Israël overschreden worden. Maar volgens het zendingsverhaal in Hand. 1 is er de geleding in: gij zult Mijn getuigen zijn zowel te Jeruzalem als in heel Judea en Samaria, tot aan het uiterste der aarde'. Dus vanuit Israël, in het verlengde van Israël! In Handelingen zien wij het Evangelie dan ook geleidelijk de grenzen van Israël doorbreken: Pinksteren voor Samaria (Hand. 8), Filippus bij de kamerling uit Ethiopië (Hand. 8, maar dat was nog 'centripetaal'), Petrus bij Cornelius in Caesarea (Hand. 10). Pinksteren voor de heidenen (Hand. 10 : 45 'uitgestort). Maar alles nog binnen het land Israël. Maar dan komen de Cyprische en Cyrenaeische mannen, die het Evangelie voor 't eerst buiten Israël brengen: in de Romeinse wereldstad Antiochië! Hier wordt het zendingsbevel voor 't eerst echt uitgevoerd: gaat dan heen (centrifugaal). Historisch moment. Hier heten de gelovigen voor het eerst: christenen (Hand. 11). Een nieuwe naam, een spotnaam? Een nieuwe groep: geen joden, geen heidenen, een derde geslacht, tertium genus.

Maar een breuk van deze 'jonge kerk' met Israël? Nee! De 'gemeente in Jeruzalem' zond Barnabas (Hand. 11 : 22), om onderzoek te doen en te vermanen! Een breuk met de synagoge(n)? Nee! Barnabas en Saulus gaan op zendingsreis, maar overal gaan zij eerst naar de synagoge. Het apostelconvent (Hand. 15) besliste dat voor heidenchristenen besnijdenis niet verplicht is: weer een historisch moment. Een doorbraak! Maar geen breuk. Het wordt in Jeruzalem beslist. Doop i.p.v. besnijdenis? Ja, maar voor heidenchristenen. De kerk komt niet i.p.v. Israël, maar is in Israël ingelijfd (Ps. 87, Rom. 11). Merkwaardigerwijs gebruikt Paulus de naam 'christenen' nergens in zijn brieven: suggereert die toch een 'nieuwe religie', die dan geen 'religio licita' is? Suggereert die naam een breuk die Paulus niet wilde?

4. Het oerschisma in diaspora

Wanneer ontstond dan de fatale breuk? Buiten Israël. Op Paulus' zendingsreis in de diaspora. Met name op de tweede zendingsreis in Corinthe en op de derde zendingsreis in Efese. In Corinthe kwam een huisgemeente samen naast de synagoge (51 na Chr.), In Efese 'scheidde' Paulus de discipelen af (afoorizen): in een school naast de synagoge (53 na Chr.). Het zgn. oerschisma. Inderdaad. Eindelijk. Historisch moment. De enige plaats in de Schrift, waar afscheiding legitiem mag heten. Maar dan nog:1. alleen als de Naam van de Heere Jezus wordt gelasterd, bij verharding, en kwaadspreken van de weg. (Een synagoge kan 'een synagoge des satans' worden, een 'valse kerk'.) 2. Alleen plaatselijk: in volgende plaatsen ging hij weer eerst naar de synagoge, in Berea was geen afscheiding nodig. 3. Niet (alleen) om de 'getrouwen' te organiseren, maar juist om onder heidenen te evangeliseren, m.n. in grote steden! Het effect is juist: velen van de Corinthiërs geloofden...' en: alzo dat allen die in Asia woonden het woord van de Heere Jezus hoorden, beiden Joden en Grieken'. (Dus wel afscheiding, maar geen 'afgescheiden denken' - Judaïsten in Jeruzalem waren niet afgescheiden, maar verraadden wel 'afgescheiden denken'). 4. Geen definitieve afscheiding. Geen afscheiding zonder voortdurend hartzeer om het verbondsvolk en in verwachting van de bekering van Israël (Rom. 9-11). In de olijfboom zijn natuurlijke takken afgebroken en wij heidenchristenen als tegennatuurlijke takken ingeënt. Dus één boom, tweeërlei takken. God heeft hen niet gespaard. Hij zal ook ons niet sparen.

Maar Hij kan en zal ze weer inenten!

Was er een verband tussen de gemeenten? Geen georganiseerd kerkverband. Wel was er een geestelijke band: via dezelfde Apostel, onderling meeleven, en zelfs een collecte van Macedonië en Achaje (dus de Griekse kerk) voor Jeruzalem.

5. Maar geen schisma in de kerk

Na het oerschisma hebben de apostelen nooit tot een tweede schisma opgeroepen. Er zou o.i. reden genoeg voor wezen, juist bv. in Corinthe en Efese. In de gemeente Gods te Corinthe was 1. een geval van ergerlijke ontucht, waarover geen levenstucht werd uitgeoefend (1 Cor. 5). 2. Misstand rond het Avondmaal tot dronkenschap toe, wat volgens de apostel geen Avondmaal meer mocht heten (1 Cor. 11). 3. Een deel van de gemeente, dat de opstanding ontkende, tot de opstanding van Christus toe (1 Cor. 15). Over hen werd kennelijk geen leertucht geoefend. Dus alle drie de reformatorische kenmerken van de kerk waren in geding: prediking, sacramenten en tucht. Paulus fulmineert tegen de schending ervan. En toch riep de apostel de getrouwen niet op om zich af te scheiden. Juist in de Corinthebrief schrijft hij: is Christus gedeeld? De gemeente is en blijft het lichaam van Christus. Hij oefende in zijn brief wel de woordtucht en dreigde ook met de ban: hij hanteerde dus de beide sleutels, die onze catechismus noemt. Maar de gemeente kwam tot bekering en niet tot afscheiding. 'Scheidt u af' in 2 Cor. 6 slaat niet op de kerk maar op de wereld (Babel). Maar deze visie op de kerk heeft niets te maken met moderne tolerantie, is geen escape voor dwaling, is nooit een excuus voor leervrijheid, wil nooit een pleidooi zijn voor oeverloze pluriformiteit: wie een ander Evangelie brengt, al was het een engel, die zij vervloekt (Gal. 1). En Efese had volgens Johannes (Openb. 2) de eerste liefde verlaten: Christus dreigde ermee de kandelaar weg te nemen, als zij zich niet bekeerde. Maar: zo laat Hij schrijven aan de engel der gemeente, en Efese hoort bij de zeven gemeenten van Asia, de kerk in een regio, die Hij compleet in Zijn rechterhand hield.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 mei 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Wat zegt de Bijbel over de kerk? Mag afscheiden?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 mei 1996

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's